Het vreemde is de vijand

RECENSIE - Waarom beslist de toevallige plek waar we geboren zijn zo definitief waar we recht op hebben? Een nieuw boek over het koloniale verleden van het westen en de hedendaagse consequenties daarvan.

Achille Mbembe (1957) is een politiek filosoof uit Kameroen. Hij is opgeleid aan de Sorbonne en nu als docent geschiedenis en filosofie werkzaam in Zuid-Afrika en de Verenigde Staten. Zijn boek Kritiek van de zwarte rede is een bijdrage aan het debat over racisme, slavernij en het koloniale verleden van westerse landen. Mbembe plaatst zichzelf in de traditie van Frantz Fanon, wiens Verworpenen der aarde in de jaren zestig en zeventig populair was in de Derde Wereldbeweging. Mbembes boek werd twee jaar geleden wisselend ontvangen. Hij schreef ‘een pijnlijk precieze deconstructie van het rassenbesef’ volgens Peter Vermaas in de NRC. Carel Peeters in VN geloofde niet in zijn oproep tot verzoening: ‘hij stort bakken onverzoenlijk verwijt uit over Europa’.

Een politiek van vijandschap is het nieuwste boek van Mbembe. Nu verbindt hij het oorspronkelijke geweld van de koloniale machten aan actuele conflicten in de westerse samenleving, het terrorisme en de migratiecrisis.

Wij en zij

De kerngedachte in Mbembes filosofie betreft de wegkwijnende universaliteit van waarden, normen, onderling respect. Politiek ontaardt in wat de omstreden Duitse filosoof Carl Schmitt zag als eerste opgave: het onderscheid tussen ons en onze tegenstanders. Scheiding en afscheiding tussen de eigen groep, de -superieure- soortgelijken, en de anderen, de vijanden ‘die het op ons gemunt hebben’ zien we in de geschiedenis van het kolonialisme evenzeer als in die van het fascisme en nazisme. Met de concentratie- en vernietigingskampen als uiterste consequentie. Afstanden tussen groepen werden gemaximaliseerd om de onverschilligheid ten aanzien van het geweld en de onderdrukking door de veroveraars, de bezetters en de dictaturen te bevorderen.

‘…zoals de liberale democratieën het nog niet zo lang geleden nodig hadden de mensheid op te splitsen in meesters en slaven, hangt hun overleven in onze tijd af van het opsplitsen van de mensheid in een kring van soortgelijken en niet-soortgelijken, ofwel vrienden en ‘bondgenoten’ en vijanden van de beschaving. Zonder vijanden kunnen ze zichzelf maar moeilijk overeind houden. Of dergelijke vijanden in feite al of niet bestaan, doet er weinig toe. Het is voldoende dat ze worden gecreëerd, gevonden, ontmaskerd en aan het licht gebracht.’ (p.80)

Uitzonderingstoestand

De veiligheids- of controlestaat die de liberale democratieën hebben ontwikkeld doet volgens Mbembe afbreuk aan de democratie. Steeds vaker wordt een beroep gedaan op een uitzonderingstoestand waarin mensenrechten worden genegeerd als het om anderen, ‘vijanden’, gaat. Internationale wetgeving gebaseerd op universele mensenrechten staat onder druk. Het doet denken aan de praktijk van het kolonialisme waarin de ‘inboorlingen’ geen beroep konden doen op rechten die hun ‘meesters’ hadden. In feite stonden ze buiten de wet en konden ze zonder restricties met alle geweld gedisciplineerd en onderworpen worden. Wat in koloniale tijden gold, geldt nog steeds, waarschuwt Mbembe:

‘Men kan niet het thuis tot ‘beschermd gebied’ verklaren en intussen ver weg, bij de ander, chaos en dood aanwakkeren. Vroeg of laat zal thuis worden geoogst wat in den vreemde is gezaaid.’ (p.62)

Zoektocht

Mbembe’s boek is bepaald niet gemakkelijk. Ik heb het lezen ervaren als een zoektocht door een ondoorgrondelijk woud van abstracte filosofische beschouwingen, met verwijzingen naar Franse denkers zoals Foucault en Bataille, afgewisseld met regelmatig verrassend heldere inzichten. Niet alleen over het kolonialisme en de apartheidspolitiek maar ook over de politiek van Israël in de bezette gebieden. Daar is de ruimtelijke en wettelijke afscheiding tussen mensen tot in het absurde doorgevoerd. Veel verder dan tijdens het apartheidsbewind in Zuid-Afrika, meent Mbembe.

‘Aangezien de verstrengeling van de verschillende raciale segmenten de regel was geworden kon de dialectiek van nabijheid, afstand en controle nooit de ongekende hoogte bereiken die in het geval van Palestina nu is waar te nemen.’ (p. 69)

Schuldcomplex

Een politiek van vijandschap is een belangrijke bijdrage aan het politieke debat waarin heden en verleden op een originele en scherpzinnige manier aan elkaar zijn verbonden. Het is wel buitengewoon jammer dat Mbembe zijn betoog niet wat toegankelijker heeft gemaakt voor het grote publiek. Delen van zijn beschouwingen vond ik niet alleen abstract maar soms zelfs volstrekt duister en raadselachtig. Met wat meer moeite kun je het ook wel eenvoudiger verwoorden, lijkt mij. Anderzijds vind ik het ook wat slordig als hij ‘de liberale democratieën’ als mensen opvoert met eigen gedachten, een eigen wil en (‘haat-‘)gevoelens. Zijn stelling dat ‘de democratie de kolonie in zich draagt’ is op z’n minst discutabel. Het kolonialisme was een zaak van elites binnen nauwelijks gedemocratiseerde samenlevingen. De anti-koloniale beweging heeft sinds de 19e eeuw daarbij een belangrijke rol gespeeld, eerst bij de afschaffing van de slavernij en later in het dekolonisatieproces. Mbembe moet nu niet iedereen in het westen een schuldcomplex aanpraten. Dat kan er toe leiden dat lezers zijn waardevolle inzichten voor reflectie op hedendaagse politieke conflicten ook gemakkelijker terzijde leggen. En dat zou jammer zijn.

  1. 1

    Lijkt me een interessant boek. Dank voor de bespreking.

    1) Het is wel buitengewoon jammer dat Mbembe zijn betoog niet wat toegankelijker heeft gemaakt voor het grote publiek.

    Het voordeel daar dan weer van is, dat, als het waarde heeft, er over gepraat, geïnterpreteerd en toegelicht moet worden. Dat draagt bij aan de verspreiding van dat gedachtegoed. Simpel formuleren voor de massa doen de journalisten maar, dan wordt het ook weer snel vergeten. Simpel formuleren is trouwens meestal te simpel en dus fout.

    2) Zijn stelling dat ‘de democratie de kolonie in zich draagt’ is op z’n minst discutabel.

    Inderdaad. Het lijkt er meer op dat de massale democratisering het kolonialisme heeft vernietigd al ging dat traag over de afgelopen twee eeuwen. Ook historisch is het kolonialisme meer een zaak van rijkdom vergarende elites en fascistoïde samenlevingen. Ik denk dan aan de Romeinen en Grieken – die echt niet democratisch waren of slechts heel kort – maar zeker ook het oude Midden-Oosten en Egypte. China zou me ook niet verbazen als je dat koloniaal mag noemen. Kort: overal waar veroverd is, is men bijna per definitie koloniaal.

  2. 2

    @1: Nederland was een onafhankelijke staat vanaf einde 16de eeuw. En was van begin af aan al een koloniale staat. VOC is opgericht in 1602. Het was een NV waar mensen aandelen in konden kopen en dat waren niet enkel elitaire lieden. De democratisering van Nederland heeft niet tot einde van het kolonialisme geleid maar was het direct effect van de Tweede Wereldoorlog.
    En wat zijn in godsnaam “fascistoïde samenlevingen”.
    En het democratische Athene was vlg jou geen koloniale staat? Als er 1 polis koloniaal was dan was het wel Athene.

  3. 4

    @2:
    1) NL is niet echt als democratisch te karakteriseren. Pas vanaf begin 20e eeuw begint het er een beetje op te lijken. Toen was het ook snel gedaan met het kolonialisme

    2) Fascistoïde: Het antieke Rome bv. Maar je mag al die oude beschavingen er ook onder rekenen hoor. Die zijn iig niet democratisch.

    3) En de oude Grieken waren naar mijn mening idd niet democratisch. Een kort experiment in Athene daargelaten. Maar Athene was relatief klein en het heeft maar iets van 100 jaar geduurd. Dus nee hoor, democratie heeft daar echt geen eind aan het kolonialisme gemaakt (in die zin ben ik het dus met je eens). Eigenlijk had die democratie daar niet veel te betekenen, dat we daar in het westen nu nogal hoog over opgeven staat daar los van.

    Ik blijf dus gewoon bij de mening dat de democratiseringsgolf van na de Amerikaanse en Franse revoluties inderdaad de kolonisatie heeft weggedrukt en uiteindelijk laten verdwijnen. In de VS is dat begonnen door te winnen van Engeland. In Europa door de acties van Napoleon. Verschillende restauratiepogingen kunnen dat wel hebben vertraagd, maar na WOII idd is het allemaal voltooid.

    Dat de VS weer een autoritaire samenleving wordt en de kolonisatie opnieuw maar anders vorm geeft, staat er verder los van.

  4. 5

    @4: Dus elke staat die niet democratisch is, is fascistoïde. Een nogal povere en niets zeggende dichotomie.
    Hoe karakteriseer je de Nederlandse republiek van de 17de eeuw dan?

    Athene was relatief klein zeg je, maar je vergeet dan toch de Delische Bond, instrument waarmee Athene binnen de Griekse wereld een imperium vestigde. De Atheners zouden ons systeem zonder lotingen, zonder juryrechtspraak, zonder gekozen of geloote ambten, zonder schervengericht, ook niet als democratisch beschouwen.

    Nederland heeft toch niet op een democratische manier een einde gemaakt aan zijn koloniale rijk in Azië? De democratisering van Nederland heeft toch niet tot het eind van het kolonialisme geleid.

    VS was een antikoloniale macht maar ook een koloniale macht, denk aan de verovering van Noord-Mexico en de Filipijnen.

    En naast formeel kolonialisme heb je ook informeel kolonialisme, landen zijn dan vrij maar als je iets verkeert doet heb je je grote broer op bezoek.

  5. 7

    De invloed van het kolonialisme wordt door dit soort activisten consequent zwaar overdreven, men doet consequent of Afrika een vredig paradijs was voordat de blanken daar voet aan land zette. Oorlog, moord, discriminatie, landverovering en slavernij waren daar in werkelijkheid al eeuwen heel normaal. De voorouders van Mbembe hebben Kameroen veroverd op de pygmeeën (Baka) dat ging er echt niet zachtzinniger aan toe dan bij de blanken. Sterker de Baka worden tot op de dag van vandaag nog onderdrukt in Kameroen, alleen komt Mbembe dat natuurlijk niet zo goed uit in zijn slachtofferrol.

    De blanken waren slechts een klein deel van die geschiedenis, alleen vielen zij meer op omdat ze een andere huidskleur en meer welvaart hadden. Na de dekolonisatie is dat in grote Afrikaanse gebieden trouwens niet heel veel beter geworden. Vaak zelfs slechter, de periode van de koloniën kenden een relatieve rust, welvaart en stabiliteit niet voor niets dat vele Afrikanen zo graag naar Europa willen.

    Bij Israel speelt een heel ander verhaal, die zijn zelf slachtoffer van discriminatie door hun eigen regionale buren. Een beschermd gebied creëerden is hier pure noodzaak om niet uitgemoord te worden, net als dat was in Bosnië en destijds in Libanon (nu bijna weer). Dat dat geen loos gevaar is weten we inmiddels uit de slachtpartijen van ISIS in het buurland en de aanslagen bij ons in Europa. Ook wij ontkomen daar niet aan, de betonblokken die overal in de grote steden opduiken zijn daarvan helaas het grimmige bewijs.

  6. 8

    @6: + De slavernij; wat een soort intern koloniaal systeem opleverde
    + Jim Crow – de Amerikaanse apartheid die duurde van eind 19de eeuw tot jaren 60 in wellicht op dat moment het meest democratische ter wereld (voor als je wit was)

  7. 9

    @5: Nederland heeft toch niet op een democratische manier een einde gemaakt aan zijn koloniale rijk in Azië? De democratisering van Nederland heeft toch niet tot het eind van het kolonialisme geleid.

    Het gaat er ook niet om of NL op democratische wijze een einde heeft gemaakt aan de kolonisatie. Het is de mondiale democratisering geweest die onder druk van de toenmalige democratische macht VS de kolonisatie heeft beëindigd.

    En verder geloof ik het wel. Je predikerachtige inquisitionele bevraging zonder enige poging in te gaan op wat er verder geschreven wordt heb ik het wel mee gehad. Ajuu.

  8. 10

    @5 Je maakt enorme statements als ” historisch is het kolonialisme meer een zaak van rijkdom vergarende elites en fascistoïde samenlevingen.” Ik weet echt niet wat fascistoïde samenlevingen zijn, terwijl democratische samenlevingen als de Franse derde republiek of de VS eind 19de eeuw/begin20ste eeuw toch ook behoorlijk koloniaal bezig zijn geweest. Nederland voltooide zijn Nederlands-Indie eind 19de eeuw, toen de meeste kabinetten liberaal waren en niet fascistoide.

    Maar het blijft staan dat democratisering in Nederland niet tot einde van het kolonialisme heeft geleid. Dat past toch niet in de uitspraak dat ” Ook historisch is het kolonialisme meer een zaak van rijkdom vergarende elites en fascistoïde samenlevingen”. Een koloniale erfenis wordt dus niet verworpen door democratische samenlevingen , integendeel ze zijn er bereid dienstplichtigen (na een grondwetherziening; twee derde meerderheid) er naar toe te sturen om die te verdedigen.

    Vervolgens kom je met het begrip ” de mondiale democratisering” maar is dat niet wat problematisch begrip als je weet dat de meeste postkoloniale samenlevingen niet echt democratisch waren.

  9. 12

    Daar is de ruimtelijke en wettelijke afscheiding tussen mensen tot in het absurde doorgevoerd. Veel verder dan tijdens het apartheidsbewind in Zuid-Afrika, meent Mbembe.

    Bedoelt Mbembe het apartheidsbewind van de blanken of dat van de zwarten?

  10. 13

    Ik weet niet zo goed wat ik met deze recensie aan moet. #0 Noemt het een ‘belangrijke bijdrage aan het politieke debat waarin heden en verleden op een originele en scherpzinnige manier aan elkaar zijn verbonden.’ Maar dat komt niet naar voren uit de citaten die worden gegeven, die vooral de punten illustreren waar de recensent het niet mee eens schijnt te zijn. En, Jos van Dijk, wat betekent het als je zegt dat de manier waarop hij het verwoord ‘origineel en scherpzinnig’ vindt, terwijl je eerder zei dat je het boek ervoer als een ‘ondoorgrondelijk woud’. En wat is de relatie met Kants ‘Kritiek van de zuivere reden’ en/of Sloterdijks ‘Kritiek van de cynische rede’? De titel ‘kritiek van de zwarte rede’ heeft overduidelijk de wortels in Kants werk.

    Met een aantal dingen kan ik wel een eind meegaan: hoe de wortels van huidige misstanden in het verleden liggen, en hoe er parallellen kunnen zijn tussen het heden en het verleden, maar een aantal ideeën komen me toch onjuist voor. Ik vind het ver gaan om te zeggen dat politiek ‘ontaardt’ in wij-zij denken, dat lijkt me namelijk inherent aan mensen. Dát liberale democratieën het nodig hadden/hebben om de mensheid op te splitsen in meesters en slaven. Of dat de apartheid in de door Israël bezette gebieden erger is dan in Zuid-Afrika onder de Apartheid, ik kan begrijpen dat de kwaadaardigheid van discriminatie zich niet altijd op dezelfde manier uit en dat de uitingsvormen veranderen met de tijd, maar -ondanks al het onrecht dat daar gebeurt- ik vind de vergelijking erg veel van mij vragen.

    Ik vind het prima als de Afrikaanse intelligentsia met een eigen discours komt, zelfs één die botst met het westerse of eurocentrische (kolonialistische, postkolonialistische) discours, maar ik blijk me steeds te storen aan de rode draden in dat vertoog, iets wat zeer duidelijk wordt in de mondige reacties van de ‘African American community’ in de VS, maar echt niet alleen daar. Een aanhoudende focus op het leed dat Europeanen hen aan hebben gedaan; het ‘slachtofferdenken’. Een behoefte aan het benadrukken van strijd en onenigheid. Een belangrijke rol voor ‘identiteit’. Maar ook een misplaatst gevoel van trots en prestatie. (Uit de voorgaande link:) “[Orunmila] is eigenlijk de grondlegger van quantumfysica. Filosofie in het Westen is zogenaamd toonaangevend, maar loopt al eeuwen achter.” Je moet maar het lef hebben om dat over iemand te zeggen, van wie het onzeker is dat die ooit bestaan heeft, geen geschriften heeft achtergelaten, direct, noch indirect, en van wie enkel orale kennis beschikbaar is; alsof je historische waarde toekent aan Menelaos of Noach. En je moet het maar durven beweren: ‘westerse filosofie loopt eeuwen achter’; de westerse filosofie heeft geleid tot de wetenschappelijke methode, tot natuur- en menswetenschappen, het heeft geleid tot technologische vooruitgang, tot minder ziekte en meer leven…

    Laatst las ik ook een interview metKishore Mahbubani in Trouw. Die komt ook met een niet-westerse manier om het over situaties te hebben, maar die legt de nadruk op veel andere plekken dan de Afrikaanse Oluwole en Mbembe. Macht speelt zeker een rol, maar niet per se op een repressieve manier. In plaats van strijd te benadrukken, benadrukt hij harmonie. ‘Wraak’ lijkt verdacht onderbelicht in de filosofie van Mahbubani, terwijl het een belangrijk element lijkt te zijn in het werk van Mbembe (al is het niet zozeer het motief). En waar trots en prestatie (al dan niet misplaatst) belangrijk lijkt te zijn in het denken van Oluwole, lijkt nederigheid, erkentelijkheid en het kopiëren van, en inspireren door anderen belangrijk in het denken van Mahbubani. “Het wordt tijd te gaan luisteren naar de rest van de wereld.” klinkt heel anders uit de mond van Mahbubani, dan uit de mond van een Mbembe of Oluwole.

  11. 14

    @13: De boekbespreking is niet het boek. Lees dat voor je Mbembe veroordeelt, zou ik zeggen. Ik heb in mijn bespreking aangegeven dat ik er veel originele en scherpzinnige inzichten in heb gevonden *naast* ook ondoorgrondelijke delen. De citaten zijn voorbeelden van die inzichten waar ik juist wel achter kan staan, anders dan je vermoedt.

    Ik ken de schrijvers en teksten niet uit de African American Community. Mbembe is in mijn ogen geen ‘slachtofferdenker’. Wel een aanklager. Zoals Frantz Fanon. Maar dat vind ik wel een iets andere invalshoek. Wat bedoel je trouwens met dat ‘prima dat ze een eigen discours hebben, *zelfs* als het tegen het westers denken ingaat…? Dat ‘zelfs’ klinkt mij wat dubieus.

    Het interview met Mahbubani heb ik ook gelezen. Vond ik een goed verhaal. Ik zag er geen nederigheid of erkentelijkheid in (zou absoluut geen aanleiding voor zijn). Eerder goede raad: Europa kijk naar je eigen kracht, zorg voor harmonie met je buren (Rusland, Midden-Oosten) en laat je niet leiden door Amerika. Ben ik het geheel mee eens.

  12. 15

    @14
    Bedankt voor je antwoord.

    De boekbespreking is niet het boek.

    Natuurlijk, daar ben ik me van bewust. Ik wil wel aan jou vragen: denk je dat je -ondanks dat ondoorgrondelijke woud- een evenwichtige bespreking hebt kunnen geven? Ik ga ervan uit dat dat jouw bedoeling is, maar is het jou gelukt? (En dat is niet als kritiek bedoeld: ik heb het boek niet gelezen, en ik geloof je als je ‘ja’ zegt.)

    Wat bedoel je trouwens met dat ‘prima dat ze een eigen discours hebben, *zelfs* als het tegen het westers denken ingaat…? Dat ‘zelfs’ klinkt mij wat dubieus.

    Goed dat je dat ‘zelfs’ aanstipt. Ik heb het bewust opgeschreven, maar ik zie nu dat het tegengesteld geïnterpreteerd kan worden. Ik merk dat ik alsnog worstel met woorden om het uit te leggen. De voor de hand liggende interpretatie is dat ik het toelaat, toesta, goedkeur dat ze met een eigen discours komen, waarbij ik ook de kritiek op ‘mijn’ discours zou toelaten, vanuit een superieure positie; alsof ze het fiat moeten hebben van mij, of hun (voormalige) kolonisators/overheersers! Zo heb ik het juist niet bedoeld! Ik probeerde juist wat afstand te nemen van het eurocentrische discours en vanuit die positie het vormen van een eigen discours aan te moedigen. Ik heb bewust niet het woord ‘juist’ in plaats van ‘zelfs’ gebruikt, omdat het dan juist lijkt alsof kritiek op het eurocentrische discours centraal zou moeten staan, maar dat zou weer onnodig het eurocentrische discours tot centrum maken van een Afrikaans discours. Ik hoop dat het zo wat duidelijker is, ondanks dat het mij niet lukt veel afstand te nemen van het eurocentrische discours.

    Het interview met Mahbubani heb ik ook gelezen. Vond ik een goed verhaal. Ik zag er geen nederigheid of erkentelijkheid in

    Ik zeg dat deels in vergelijking met het interview met Oluwole, relatief gezien dus (en ik trek hier een lijn: in dit topic moet de bespreking van het boek van Mbembe centraal staan, niet twee denkers die niets met hem te maken hebben). Ik heb het dan ook niet over een ‘kruiperige’ nederigheid of erkentelijkheid, maar die twee eigenschappen als deugden. Als voorbeeld van nederigheid: ondanks (of dankzij?) zijn opvoeding die door sommigen als ‘vernederend’ ervaren kan worden, is hij niet haatdragend naar het westen toe. Daar was echter genoeg aanleiding toe: zijn familieverhaal wordt gekenmerkt door evenementen die vrij gemakkelijk toe te schrijven zijn aan kolonisatie en dekolonisatie en de rol van Groot-Brittanie daarin. Persoonlijk zou hij genoeg reden moeten hebben om het westen te verfoeien, en vanuit de omgang van koloniale mogendheden in Azië, zou hij dat ook voor ‘broedervolken’ in Azië kunnen stellen. Dat doet hij niet, dat gebeurt niet: ‘Wees niet bang: Azië is niet uit op wraak. Jullie mogen ons twee eeuwen lang gedomineerd hebben, wij zijn niet van plan jullie te gaan domineren.’ Het is vergevingsgezindheid, maar ook nederigheid om nu, in een situatie waarin Aziatische landen veel meer macht hebben, niet aan te sturen op vergelding.

    Wat betreft erkentelijkheid: Mahbubani noemt Japan en hoe dat nieuwe concepten introduceerde. De Amerikaanse vrije markt, de Franse Code Napoleon, de Duitse legerdiscipline; allemaal waren ze vreemd voor de Japanners. Hij noemt ook het bouwen van de Rotterdamse haven als inspiratie voor Singapore. Dat bedoel ik met erkentelijkheid: weten en toegeven dat bepaalde concepten uit andere culturen en landen komen, zonder daarvoor een verhaaltje te verzinnen hoe het ‘eigenlijk’ uit de eigen cultuur komt, of het pertinent af te wijzen en te vernietigen. Ik heb het idee dat die neiging er wel is bij Afrikanen, cultureel kijk ik bijvoorbeeld naar Oluwole, die quantumfysica wil framen als iets Afrikaans, maar ik denk ook aan verwaarloosde en vernietigde infrastructuren. Zowel de fysieke infrastructuren (wegen, spoorwegen, waterwegen, elektriciteitslijnen), alsook immateriële infrastructuren: onderwijs, overheden, planningen.

    Ik ben het met je eens dat het verhaal van Mahbubani ook een goede raad is, dat betekent niet dat ik er geen culturele waarden in kan zien.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

| Registreren