Veroordeling raadslid is slecht voor de democratie

Raadslid Louis van der Kallen uit Bergen op Zoom werd maandag door de rechtbank in Breda schuldig bevonden aan het lekken van geheime gegevens over een groot bouwproject. Met deze uitspraak wordt het nog moeilijker voor burgers en de pers om te controleren of gemeenten veel risico’s nemen met bouwprojecten. Want aan gemeenteraden kan je zoiets niet overlaten.

Op het moment dat het in een gemeenteraad om bouwprojecten gaat, schieten veel gemeenten in een kramp. Op verzoek of zelfs voorwaarde van de wethouder wordt een vergadering besloten verklaard en wordt pers en publiek verzocht het pand te verlaten. Ik ben in mijn rol als verslaggever heel wat keren, in verschillende gemeenten, de raadszaal uitgestuurd zonder dat een raadslid bezwaar maakte.

Want dat is het grote probleem bij bouwprojecten: het gebrek aan democratische controle. Formeel is het er wel, omdat onze gekozen vertegenwoordigers toch op de hoogte gesteld worden over grondexploitaties, verkoop en contracten met ontwikkelaars en bouwers. Maar door gebrek aan kennis bij de raadsleden – tenslotte geen professionals – heeft een wethouder die gesteund wordt door een apparaat aan ambtenaren, altijd de bovenhand. Gesteund door kloeke rapporten, ingewikkelde doorrekeningen, mooie plaatjes en ambitieuze marketingonderzoeken is het een fluitje van een cent om goedbedoelende, maar veelal weinig kritische raadsleden over de streep te trekken. En maar al te vaak worden de luizen in de pels, de raadsleden die kritisch zijn over bepaalde bouwontwikkelingen, op besloten vergaderingen door de meerderheid als “lastig” of “populistisch” beschouwd, of wordt hen verweten “de integriteit van het gemeentebestuur in twijfel te trekken”.

Kijk voor de resultaten van dit soort politieke cultuur nog eens naar de minidocumentaire van Ad van der Stok. Dan begrijp je ook het mechanisme van grote bouwprojecten en de rol van grote, professionele investeerders die gemeenten onder druk kunnen zetten. Die processen spelen zich af buiten de waarneming van de gemeentelijke volksvertegenwoordiging, en de meeste raadsleden hebben sowieso geen flauw idee hoe ze een dergelijk project moeten inschatten. In veel gemeenten komt een bouwproject van tientallen miljoenen maar 1 keer in hun politieke carriere voorbij.

Aan de ene kant is het begrijpelijk dat een gemeentebestuur zich niet teveel in de kaarten wil laten kijken bij het onderhandelen met commerciele partijen. Als een ontwikkelaar weet wat de budgetten of inschattingen van de gemeente zijn, dan kan hij daar in de onderhandelingen van profiteren. Maar aan de andere kant is de grens tussen tactische geheimhouding en politieke truukjes of zelfs doofpotten erg dun. Veel gemeenten slaan dan ook volledig door als het om geheimhouding gaat, en verklaren iedere raadszitting waarin bouwprojecten ter sprake komen off limits voor pers en publiek. Het is voor het gemeentebestuur van belang om de ophef over grote projecten, en dus het politieke risico, zo klein mogelijk te houden. Daarbij is het handig om het kringetje van ingewijden zo klein mogelijk te houden. Maar de keerzijde is dat eventuele fiasco’s pas veel te laat aan het licht komen en dat achteraf blijkt dat de wethouder al veel eerder had moeten worden teruggefloten. Maar ja, wat weten die raadsleden nu eenmaal als er verder niemand iets over mag zeggen?

In deze tijd van economische malaise zijn grote bouwprojecten extreem risicovol voor de gemeentelijke schatkist. Veel bouwprojecten worden afgeblazen door gebrek aan ontwikkelaars, terwijl gemeenten de grondverkoop nog met optimistische cijfers in de begroting zetten of zelf, als partner, grote investeringen hebben gedaan. Bergen op Zoom is een voorbeeld, maar het speelt in bijna alle gemeenten. Deze discrepantie in opbrengsten kost de burger veel geld, want het gaat om zeer grote bedragen. Zo verliest Bergen op Zoom zo’n vijftig miljoen euro op een woningbouwproject, best fors voor een gemeente van 66 duizend inwoners. Een dergelijk fiasco zou de kop moeten kosten van een voltallig gemeentebestuur. In plaats daarvan schuift men de schuld op een raadslid. Met dank aan de rechter. Een raadslid zal zich nu wel drie keer bedenken voordat hij lekt uit vertrouwelijke stukken. En wij horen pas van de financiele drama’s als het veel en veel te laat is.

  1. 2

    Vreemde uitspraak, ik mis de argumentatie van de rechter waarom hij nu schuldig is bevonden.

    Los daarvan: uiteraard zit er een hoop techniek in het ontwikkelen van vastgoed, maar het is in beginsel ook weer niet zó ingewikkeld: kosten, opbrengsten en tijd. Wat het ingewikkeld maakt is het verwarren van ambitie (willen: investeren, nemen van risico) met realiteitszin (kunnen: haalbaarheid, lopen van risico). Ik heb het al te vaak gezien dat de kritische blik van bestuurders en raadsleden wordt verblind door ambitie. Daarnaast is de afgelopen jaren bij veel gemeenten -net zoals bij ontwikkelaars- te makkelijk geld verdiend, terwijl de afgelopen drie jaren het speelveld sterk is veranderd.

    Het geheim houden van deals of onderhandelingsmarges is dus niet het probleem (het is logisch dat je dat niet op straat wil hebben, dan gooi je je geld het raam uit).

  2. 3

    Voor de rechtstaat is openbaarheid belangrijker dan kiesrecht. Wat heb je aan kiesrecht als er onvoldoende toetsingmogelijkheid is? Stemmen op basis van vage beloftes van onbekende peronen is niet meer dan een loterij.

    Met de openbaarheid is het droevig gesteld. (onderzoeks)journalistiek is wegbezuinigd en vervangen door een voorlichtersleger. Streberige bestuurders lukt het zo steeds beter om raden het zwijgen al of niet met geheimhouding op te leggen. Raadsleden die hun taak (te) gemakkelijk opvatten, bevorderen dit ook nog!