Verkiezingen en ambtelijke macht

ANALYSE - In een vorig stuk probeerde ik het stemmen te relativeren. Ons bestuur is nogal vastgelopen, door politiek en door ambtelijk onvermogen. Je kunt denken dat je via het rode potlood de koers van onze samenleving kunt veranderen, maar dat is nogal betrekkelijk.

Kunnen we fundamentele dingen veranderen door een andere bureaucratie?

De politiek bepaalt de richting, het doel, maar ambtenaren moeten er middelen bij leveren, in de vorm van geld (via belasting) of via regelgeving (wetten, regels). Als de politiek het laat afweten, kan de uitvoering dan helpen?

Het openbare debat

Het politieke proces vindt in openheid plaats, het parlement debatteert en de TV camera registreert. Het Binnenhof is dicht bevolkt met journalisten, die voor tips afhankelijk zijn van de informant, die wat “lekt”. Ook lobbyisten zijn actief: zij proberen niet alleen politici te overtuigen, maar beïnvloeden ook ambtenaren.

In mijn vorige verhaal stond de trias politica centraal: de vraag naar de verhouding tussen wetgevende, uitvoerende en rechterlijke macht. De socioloog Max Weber ziet een voortdurend zoeken naar een balans tussen de trias.

De rol van de media bij het belichten van die balans tussen onderdelen van het openbaar bestuur is ongetwijfeld veranderd. De aandacht van de TV was al groot. Daar is de betekenis van internet, twitter, etc. nog bij gekomen. Het heeft de publiciteit gedemocratiseerd. Iedereen kan over informatie beschikken. Maar het risico van bubbles van alleen maar gelijkgestemden is vergroot door het zoeken naar verwante opinies.

De uitvoering

Uitvoering van beleid moet volgens Weber rechtsstatelijk, formeel en onpersoonlijk. In die zin is bureaucratie voor Weber een ideaaltypisch fenomeen. Hij vond de bijdrage van ambtenaren van groot belang, maar een “Beambtenherrschaft” was ook een risico. Nu in de V.S. een president is gekozen, die weinig op heeft met aantoonbare realiteiten en via twitter wil besturen, wordt het spannend. Gaat ambtelijk Amerika gewoon zijn werk doen? Wie Trump ziet vechten met zijn agencies krijgt hoop. De analogie met Frankrijk en Nederland ligt er. Ook Wilders twittert graag en het recht is er vooral voor hem.

Op de ambtelijke organisatie is niet iedereen erg gesteld: ambtenaren zouden kostbaar zijn en zij produceren moeizame regels volgens velen. De overheid moet misschien kleiner, maar hoe dan? Ondanks dure adviseurs wil het niet zo lukken. Om de complexiteit van regelgeving en de overvloed er van aan te pakken, is medewerking van de ambtenaren zelf vereist, zeggen optimisten. Maar de Raad van Economische Adviseurs vond: “De primaire verantwoordelijkheid voor het bestrijden en doorbreken van bureaucratisering en overregulering kan niet worden toevertrouwd aan ambtenaren, die daarmee immers zelf verknoopt zijn.” (Advies REA, 19 mei 2005)

Dat is een zin uit een betekenisvol advies. De REA wilde een eindigheid van vijf jaar voor alle regels als principe, de sunset clausule. Nog een voorstel: voor elke nieuwe regel moet minstens een oude worden afgeschaft. Die is dubieus: niet het aantal, maar kwaliteit en effectiviteit van regels moeten bepalend zijn. Weer een betere: de minister president wordt baas van de deregulering. De minister wordt immers belangenbehartiger van zijn sector. Alleen de MP heeft voldoende afstand en autonomie.
Wat met het advies gedaan is, weet ik niet: de REA bestaat niet meer.

Mijn conclusie: de ambtelijke onderdelen van het openbaar bestuur kunnen zichzelf niet veranderen. Een winkelier breidt uit, krimpt in, heft zich op, als de markt verandert. Maar het beleid/het openbaar bestuur heeft daar grote moeite mee.

Ervaringen

In mijn werk heb ik in de Haagse bureaucratie lange tijd veel respectabele en harde werkers ontmoet. Hun product (ordelijkheid, onpersoonlijkheid, betrouwbaarheid) is waardevol, voor een samenleving die orde en rechtvaardigheid wenst.

Toch is er een probleem. Kissinger schreef ooit: “The nightmare of the modern state is the hugeness of the bureaucracy, and the problem is how to get coherence and design in it.” In onze bestuurskundige instituten kraken de zolders onder het gewicht van de studies om de overheidsorganisatie aan te passen, maar we doen veel minder dan we opschrijven en bestuderen. Als de politieke realiteit van een formatie daarom vraagt, wordt VRO ineens VROM, (jaren tachtig) om vervolgen te verdwijnen in I&M en BZK.
(jaren 2010) Waarom andere departementen niet net zo goed of beter hadden kunnen worden opgedoekt, staat nergens. Systematisch handelen past niet bij de politieke opportuniteit van een formatie.

Kleiner dan: onder tijdsdruk zat ik ’s avonds thuis te werken, om de volgende dag met een tas vol huiswerk naar het departement te trekken. Dan was ik de hele dag bezig, om ‘s avonds te merken dat wat gisteren urgent leek, de hele dag niet uit de Samsonite koffer kwam. Het systeem is ingesteld op reageren op de politiek-ambtelijke realiteit, die van belang wordt geoordeeld en wel 24/7. Antropologen noemen dit semi-autonome systemen die hun eigen interne regels, beslissingen en symbolen genereren.

Dagen werk voor een speechende bewindsman, ergens buiten. Dan wordt de minister naar de Kamer geroepen. Vervolgens gaat een schokgolf door alle bazenagenda’s: de SG vervangt hem, maar de SG had ook een externe afspraak. Dan moet de directeur maar naar de afspraak van de SG. Die directeur ook, dus een afdelingshoofd moet hem vervangen. Ik heb die agenda-schokgolven altijd idioot gevonden, maar het systeem niet: ‘wij zijn er toch voor het parlement’.

Tijd om te denken

Hebben jullie wel eens tijd om na te denken, vroeg ik als nieuweling aan collega’s. Het antwoord was eigenlijk ‘neen’. Waarvoor zijn we dan? ‘Om niet op ons donder te krijgen, om de baas te bedienen en de bewindsman uit de problemen te houden’.

Maar gaat het dan nergens om? Nou, het proces is eigenlijk minstens zo belangrijk als de inhoud. Kissinger: “serving the machine becomes a more absorbing occupation than defining its purpose.” Als ik dat eerder had geweten, was mijn ambtelijke loopbaan glanzender geweest. Ze vonden het wel mooi dat ik leverde, de secretarissen, stafhoofden en voortgangsmannen, die met hun lijsten langs kwamen als ik zwetend zat te werken.

Zegt dat iets over het product en de kwaliteit van de bureaucratie? Omdat de politieke schijn en het proces zo belangrijk zijn, is het gemakkelijker door te gaan met een programma dat niet werkt dan het te schrappen en falen te erkennen. Dat is een vrij schokkende bekentenis. Gaan we dan willens en wetens door met iets dat niet werkt?

Ik beken dat mij wel eens is bevolen mijn kop te houden over iets dat mij onzin leek. Als je daar al jaren miljoenen aan uitgeeft, kan een wijsneus vrij vervelend zijn. Ik had er niets mee te maken en mocht er niet over adviseren.

Complexiteit en verandering

De besluiten over de bouwregelgeving zijn wel boeiend. VROM en de VNG vochten er om waar die regelgeving moest komen. De modelbouwverordening van de VNG leek te winnen, maar het was leuk werk voor het departement. De gemeenten hadden in de bouwregelgeving geen standaard afgesproken, waardoor de rechtsgelijkheid in het geding was. Dus kwam er uiteindelijk een rijks bouwbesluit. Zie mijn eerdere citaat van de REA: overregulering kun je niet laten bestrijden door ambtenaren die daarmee zelf verknoopt zijn.

Gemeenten hebben nu door de decentralisaties in het sociaal domein nieuwe taken en middelen, maar de regels worden niet echt eenvoudiger. De reden daarvoor heb ik hier eerder genoemd: Den Haag vindt de bewindslieden ‘systeemverantwoordelijk’. Als je voor alles naar de Kamer moet, is het noodzakelijk dat je alles weet. Dus moet een informatiestroom naar de ministeries worden vormgegeven. Die stroom leidt weer tot administratieve lasten bij burgers en bedrijven, die dezelfde politici ongewenst vinden. Dan geeft het Haagse belang de doorslag.

Dat vraagt complexe regels en verplichtingen tussen bestuurslagen. Van een echte interesse of aanpak van de mechanismen die complexiteit veroorzaken in het regelwoud is tot nu toe niets gebleken. De partijprogramma’s hebben het daar niet over. Maar misschien komt het nog. Wel is er al decennia lang aandacht voor administratieve lasten – een uitingsvorm van die complexiteit –, maar die aandacht is nooit ordelijk in de reguleringspraktijk neergedaald.

Verkiezingstijd en de centrale vraag

“Alle rationele kiezers stemmen op u. Ja, maar het is niet genoeg, ik wil een meerderheid.”
Deze beschouwingen zijn voor de rationele kiezer: de richting van de samenleving wordt bepaald door het politieke klimaat dat het parlement tot uitdrukking brengt. Het stemmen levert daarin een beperkte sturing.

Die richting wordt vervolgens sterk bepaald door de uitvoering van de ambtenaren: de complexe regels, de circulaires, de bestuursorganen, de lagere overheden. Dat zit nogal vast in een status quo.

Kunnen we die bestuurlijke stagnatie veranderen? Ik vind het de centrale vraag voor deze verkiezingen. Ik zou zeggen: denk over een regime voor experimenten, beteugel de angst voor bestuurlijke en juridische problemen, verklaar waarom de bureaucratie steeds weer onweerstaanbaar groeit. We hebben daarvoor de ambtenaren zelf wel nodig, maar ook een onafhankelijke derde die vooraf kan toetsen in een soort zero-base benadering. Het advies van geleerde economen pleit daarvoor. Het is inmiddels tien jaar oud.

  1. 1

    Ik heb wel eens gedacht: de eerste partij die mijn stem krijgt is die partij die nu eens wetten gaat intrekken i.p.v. maken dus een partij die nu eens de vrijheid van de burger vergroot i.p.v. verkleint. Want uiteindelijk wil elke bestuurder – links of rechts – maximale controle over de massa (zoals een autobestuurder maximale controle over de auto wil) dus minimale onvoorspelbaarheid dus minimale vrijheid voor de burger. Links wil A aanpakkken, dus de vrijheid van de burger op punt A inperken, rechts wil B aanpakken dus de vrijheid op punt B inperken, zodat links of rechts een kwestie is van door de hond of door de kat worden gebeten…

    En de moderne Staat heeft daarom zeker de innerlijke drang om steeds groter en machtiger te worden. Daarbij wordt alles waar de ambtenaren op worden gezet automatisch een eindeloos utdijend probleem die alsmaar meer ambtenaren vereist: als men bv. kindermishandeling of uitkeringsfraude wil aanpakken dan kan dat alleen maar efficiënt gebeuren door iedereen ervan te verdenken en elk signaal te interpreteren als mogelijk misbruik omdat anders gevallen zouden kunnen worden gemist. Om geen daders te missen moet je eindeloos veel mensen eindeloos diepgaand onderzoeken. Misschien dat daarom linkse mensen intuïtief goed aanvoelen dat je beter niet kunt spreken over de problemen binnen groepen met een immigratieachtergrond want zoals bij de terroristenlijst is gebeurd groeit zo’n lijst verdachte personen alleen maar eindeloos naarmate je er meer aandacht aan besteedt zodat uiteindelijk iedereen moet worden uitgeplozen wegens verdenking…

  2. 2

    Het is een mooie analyse, maar … over welk probleem gaat dit eigenlijk ? Wat bedoel je precies met bestuurlijke stagnatie ? Ik heb niet echt het idee dat de politiek moeite heeft om het gewenste beleid te implementeren, eigenlijk. De problemen zitten wat mij betreft al ver voor het implementatiestadium. Het huidige dwangarbeidsysteem in de bijstand, bijvoorbeeld, is op zich prima geimplementeerd. Het probleem zit hem niet in de uitvoering; het probleem is het hele idee zelf.

    Natuurlijk gaan er ook dingen mis in de uitvoering, maar heel vaak ligt dat vooral bij de politiek, niet bij de ambtenarij. Voor het PGB debacle was uitgebreid gewaarschuwd; het was de politiek die besloot om er toch mee door te gaan. Hetzelfde geldt voor de reorganisatie bij de politie, of het afschuiven van verantwoordelijkheden naar gemeentes toe. Een heleboel van de problemen die we nu zien zijn het directe gevolg van politieke keuzes, niet van een vastgelopen bureaucratie.

    Overigens, natuurlijk zijn er allemaal institutionele factoren waardoor het voor organisaties heel moeilijk is om te veranderen, en natuurlijk is de bureaucratie op sommige plekken volledig ontspoort. Maar ik heb niet het idee dat dat nu, anno 2017, in Nederland, echt de problemen zijn waar mensen echt mee zitten.

  3. 3

    Het probleem van de ongebreidelde complexiteit, die vooral door politieke en ambtelijke sturingsdrift wordt gevoed, is het centrale probleem.
    Ik zou daarin een beweging willen zien. Maar kijk eens naar de belastingdienst en verbaas je over de narigheid: de politici doen niets anders dan ingewikkelder en verfijnder maken, terwijl ze de mankracht van de belastingdienst terugbrengen. Wat zou het gevolg zijn, b.v. voor de belastingmoraal?
    Of veiligheid op scholen en beleid tegen pesten: als een scholier de hand aan zichzelf slaat, zijn we weer even heel verdrietig. Daarna komen de circulaires en de regels uit Den Haag, maar die lossen helemaal niets op. Maar we denken dat beleid dat doet.
    De politie noem je zelf. Soortgelijk probleem.
    Elke dag zie ik dit type vastlopers in de krant. Natuurlijk speelt de politiek daar een hoofdrol in, daarover mijn vorige stuk, maar de ambtenaren kunnen er ook wat van, vooral in het verzet of liever het onmogelijk maken van de verandering.
    Daarover heb ik het. De mensen liggen er niet van wakker. Maar juist daarom belicht ik dit onderwerp maar eens een beetje. Als iedereen zich van elk probleem bewust was, zou het allemaal gemakkelijker zijn. De verstarring van de bestuurs-juridische orthodoxie; daar zouden we het eens over moeten hebben.
    In de zorg heb je naast een departement ook nog talloze ZBO’s en Colleges, die zich met de “vrije markt” bemoeien. Ik wilde ook wel dat het wat simpeler was.

  4. 4

    @3: Ja, maar als ik naar de belastingdienst kijk dan zie ik opnieuw een politieke keuze die ten grondslag ligt aan de ellende. Zonder Rutte en Dijsselbloem’s bezuinigingsideologie zou het heel anders gelopen zijn, want dan zou die hele vertrekregeling er nooit zijn geweest.

    Op zich vind ik het heel goed dat je hier aandacht aan besteed trouwens, begrijp me niet verkeerd. Je hebt volkomen gelijk dat er veel te weinig aandacht is voor het soort institutionele zaken die je hier aanstipt. Maar het is heel lastig om hier echt oplossingen voor te bedenken. En, belangrijker nog, het is ook niet meteen duidelijk hoe mensen precies last krijgen van deze problematiek. Ik vrees, dat dit politiek gezien simpelweg geen belangrijk issue is.

    En ik denk, dat je dit soort issues ook helemaal niet zo breed bespreekbaar moet maken. Ik ben me ervan bewust dat dat een hele gevaarlijke uitspraak is, trouwens. Maar verreweg de meeste burgers hebben echt geen enkele interresse voor het soort beleid- en beheer discussies die zullen volgen als je die institutionele problemen gaat aanpakken. Verder, het is eigenlijk wel een partij-overschrijdend issue; dit is iets waar elke partij gewoon last van heeft. Het is dus geen geschikt verkiezingsitem; het boeit mensen niet, en partijen kunnen het niet gebruiken om zich tegen andere partijen af te zetten. Dit soort problematiek kan je alleen maar aanpakken door langzaam achter de schermen met betrokken verbeteringen te realiseren, volgens mij.

    Maar, nogmaals, het blijft wel een belangrijk issue.

  5. 5

    @4: hierin staan we dicht bij elkaar. Een van mijn kritische lezers zei: het wordt pas spannend als je je richt op het concrete: de tarieven in de zorg, de strijdigheid in de bouwvoorschriften, het bewind van brandweer.
    Het is waar. Maar als ik juridische voorschriften lees, zie ik dat bestuurjuristen elke innovatie afremmen, omdat zij bang zijn voor de complicaties die ze niet zelf doordacht hebben.
    Of ik zie een goed bedoelde poging om met de bijstand te experimenteren, die veel kritiek krijgt omdat de ambtenaren zoveel problemen opwerpen dat er niet veel mogelijk is.
    Of ik zie de belasting elke vernieuwing fnuiken, omdat de fiscus bang is voor elke beleidsvernieuwing een rekening te krijgen.
    Kortom, het is voor iedereen van belang.
    Maar je hebt gelijk: ook in de partijprogramma’s kom je dit probleem weinig of helemaal niet tegen.
    Daarom wilde ik er over schrijven.

  6. 6

    @Tom

    Je vindt me vast een ontzettend vervelende zeurpiet, maar volgens mij mis je opnieuw een belangrijk punt. En het gaat opnieuw over beeldvorming, en over een ontwikkeling die niet binnen de wereld van politiek en bestuur heeft plaatsgevonden, maar daar buiten.

    Als er ergens iets misgaat met de uitvoering van een overheidstaak, of het nu een project is dat helemaal fout gaat, kosten die uit de hand lopen, een toezichthouder die iets niet tijdig heeft opgemerkt, of een omgekochte ambtenaar, duikt daar altijd meteen een leger Captain’s Hindsight bovenop. Pers, echte en vermeende deskundigen, politici van oppositiepartijen (en zeker niet alleen de populisten) weten achteraf allemaal heel goed wat er fout is gegaan, hoe dat te voorkomen was geweest en vooral: wiens schuld het allemaal is.

    Het is volkomen logisch hoe overheidsdiensten daar op reageren: ze gaan zich steeds meer richten op het voorkomen van fouten, in plaats van op het oplossen van problemen. Fouten voorkom je met regeltjes, procedures, extra controles, ofwel: bureaucratie.

    Er zit een merkwaardige spagaat in hoe de maatschappij tegenwoordig naar overheid en politiek kijkt. Enerzijds willen we een terugtrekkende overheid, anderzijds is het altijd de schuld van diezelfde overheid als er iets fout gaat. En het wantrouwen tegen de politiek gaat samen met de onrealistische verwachting dat de overheid zo’n beetje alwetend en onfeilbaar is. Sterker nog: die onrealistische verwachting lijkt een voedingsbodem te zijn voor dat wantrouwen.

  7. 7

    Het lijkt wel of de belangrijkste taak van een beleidsambtenaar is zijn meerdere uit de windje houden. Samen met een reflex dat problemen worden onderzocht en vervolgens doelgelden of subsidies worden aangewend om het probleem te verhelpen. Met de subsidies voor werkeloosheidsprojecten van deze regering als treurig hoogtepunt, er is geen werk, maar we gaan werkelozen stimuleren en scholen zodat ze werk kunnen vinden.

    Als consultant heb ik regelmatig in Den Haag aangeschoven, en heb ik de term “onderuitputting van budget” leren kennen, het geld moet op.

    Toch werd er hard gewerkt door bezielde ambtenaren, vraag is nu hoe we dit efficiënter laten werken zonder de bezieling te verliezen. Misschien is de eerste stap de hijgerige berichten over miststanden te negeren, en alleen op echte problemen te reageren. Maar wat zijn dan weer echte problemen…

  8. 8

    @6: welnee, dan had ik een andere hobby moeten kiezen dan stukken voor Sargasso schrijven.
    Wat me intrigeert is waarom je bij mij van die blinde vlekken ziet, terwijl je betoogje nu weer eigenlijk laat zien dat we het eens zijn.
    Ik beweer dat beleid (doel) en uitvoering (middel) door elkaar heen lopen en dat m.n. het bestuursrecht de uitvoering compliceert. Hoe je dat beter krijgt, weet ik ook niet precies want de waarborgen die het bestuursrecht moet bieden voor de burger zijn prima. Ook daardoor ontstaat die spagaat, die ik herken en die jij ook ziet. Vandaar mijn remedie: probeer beleid en uitvoering in de politieke procedures uit elkaar te trekken, want de discussie wordt steeds ingewikkelder.
    @7: de uitputting van het budget is weer een mooie; daarover zou ik nog veel verhalen kunnen vertellen.
    Maar je hebt gelijk: problemen vermijden voor de bestuurder is belangrijk. En de arbeidsmarkt een probleem: zie mijn stuk over de vernedering, van een twee weken geleden.
    Ik pleit ook voor politiek debat over wat die echte problemen dan zijn: ik vind vernedering van mensen zonder baan een probleem, maar een uitvoeringskwestie. Het echte probleem is de beschikbaarheid en verdeling van werk.
    Of: kunnen we het hebben over de verdeling van de welvaart en dat een beetje los maken van de arbeid?

  9. 9

    @8

    Wat me intrigeert is waarom je bij mij van die blinde vlekken ziet

    Wat ik herhaaldelijk constateer is een volledig naar binnen gerichte blik in jouw verhalen: het gaat alleen maar over beleid, uitvoering en politieke procedures, dat soort dingen. En dat bevestig je maar weer eens in je antwoord aan mij.

    Waar ik je op probeer te wijzen is dat je er daar niet mee komt. Omdat veel van wat er gebeurt in de politiek en de ambtenarij een gevolg is van, vaak zelfs een reactie op, maatschappelijke ontwikkelingen. En dat beeldvorming daarbij bijvoorbeeld een heel belangrijke factor is.

    Dan kun je wel zeggen dat jij daar wel degelijk oog voor hebt, maar in jouw stukken zie er hooguit af en toe anderhalf bijzinnetje over. Waarna de blik meteen weer strak op de bestuurlijke navel wordt gericht. Mijn overtuiging is en blijft dat je op die manier nooit een oplossing zult vinden voor wat dan ook.

  10. 10

    @8

    Toevoeging. Ik wijs in #6 op de onrealistische, misschien zelfs onmogelijke, verwachtingen die men nogal eens heeft van de politiek en de overheid. Zou je me uit willen leggen hoe je dat op zou kunnen lossen door: “beleid en uitvoering in de politieke procedures uit elkaar te trekken”?

    Volgens mij zijn die onrealistische verwachtingen namelijk vooral het gevolg van een maatschappelijke ontwikkeling. We vinden dat alles altijd maar goed voor ons geregeld moet zijn. En we kunnen steeds moeilijker tegenslagen accepteren. Als je denkt dat met zoiets als “politieke procedures” op te lossen, ben je zelf onderdeel van het probleem. Want dan heb jij ook onrealistische verwachtingen van de politiek.

  11. 11

    Wat ik herhaaldelijk constateer is een volledig naar binnen gerichte blik in jouw verhalen: het gaat alleen maar over beleid, uitvoering en politieke procedures, dat soort dingen.

    ha ja, mijn gedachten precies.

  12. 12

    @Hans, ik gun je je wereldbeeld en je oordelen en vooroordelen. Als je denkt dat ik geen oog heb voor beeldvorming dan zul je het niet hebben gelezen.
    Ik denk dat ik juist een heel praktisch aangelegd mens ben, met theoretische bagage. Het is een manier van in de wereld bezig zijn, die lastig volgbaar is, soms ook voor mijzelf.
    Maar ik heb 12 jaar ervaring in de lokale politiek, 25 jaar gewerkt in departementale omgevingen. Dus vertel me nou niet dat beleid een reflectie is van wat er in de samenleving gebeurt, want precies op die grens heb ik geleefd.
    Ik probeer de wereld daarover te informeren, dat is alles. Doe er je voordeel mee, voorzover mogelijk.

  13. 13

    @12

    Vooroordelen? Nogmaals: ik reageer gewoon op wat jij schrijft. En nogmaals: hoeveel oog je ook beweert te hebben voor wat er in de maatschappij gebeurt, en voor beeldvorming, ik zie er zo bar weinig van terug in je teksten. Zelfs als ik je daar op wijs (#6), is je antwoord (#8) weer volledig naar binnen gericht.

    Ik kon lang geen goede omschrijving vinden van jouw benadering, maar ik denk dat ik er nu wel eentje heb die behoorlijk in de buurt komt: bestuurskundig-technocratisch. En het zou me niet verbazen als die benadering nu juist het gevolg is van het feit dat je zo lang midden in de ambtenarij en de politiek hebt gezeten.

    Een bestuurskundig-technocratische benadering zou best goed kunnen zijn bij het realiseren van een visie, bij het omzetten van die visie in beleid en bij de uitvoering van dat beleid. Maar het kan nooit in plaats komen van een visie, en bij het ontwikkelen van een visie zit het volgens mij ook alleen maar in de weg.

    Mijn advies: gooi open die luiken! Probeer eens een maand lang (of zo) blogstukken te schrijven waarin niet één zin of bijzin over politieke procedures, overheidsstructuren, ambtelijke organisaties en aanverwante zaken gaat. Wie weet gaat er een wereld voor je open!

  14. 14

    @13: het is wel amusant. Ik ben politicoloog van mijn vak. Ik denk dat ik moet proberen bijdragen aan het openbaar debat te leveren vanuit vakkennis en ervaring. Dus dat je denkt dat ik bestuurskundig-technocratisch schrijf kan ik wel volgen. Maar dat betekent niet dat mijn luiken dicht zitten.
    Ik heb me vandaag bemoeid met vrijwilligerswerk voor moeilijk opvoedbare kinderen, ik heb gisteren mijn leerlingen bijgeschoold in menselijke factoren, die te pas komen bij het besturen van vliegtuigen, morgen komt het bestuurlijk technocratische onderwerp aan bod, waarover ik hier schreef: experimenten als breekijzer voor verandering. Overmorgen probeer ik in mijn gemeente een project op te starten voor werkgelegenheid voor vluchtelingen.
    Ik weet niet precies wat je bedoelt met luiken open gooien. Maar welke wereld er voor me open moet gaan? Bij alle onderwerpen zijn politieke en bestuurlijke dingen aan de orde.
    Ik ben oprecht geïnteresseerd in het probleem dat je hebt met mij of met mijn teksten. Maar dat ik het snap kan ik niet zeggen.

  15. 15

    Ik weet niet precies wat je bedoelt met luiken open gooien.

    Zie jouw bestuurskundig-technocratische reactie (#8) op #6. #6 ging over een maatschappelijke ontwikkeling die van buitenaf politiek en bestuur beïnvloedt, jouw antwoord was volledig naar binnen gericht.

    Zie ook het feit dat je geen antwoord geeft op de vraag die ik stel in #10. Op die vraag is nou net geen bestuurskundig-technocratisch antwoord mogelijk.

    Wat ook opvalt is dat je me nogal eens verwijt af te gaan op vooroordelen, terwijl ik alleen reageer op wat ik schrijf. En dat je me zo nu en dan woorden in de mond legt. Dat doet nogal denken aan de trucs die het menselijk brein heeft – we hebben er allemaal wel eens last van – om een lastige tegenargumenten te ontwijken. Motivated reasoning. Het doet vermoeden dat die bestuurskundig-technocratische benadering jouw “comfort zone” is.

    Ik probeer je uit te dagen om uit die “comfort zone” te stappen. Omdat ik vanuit die “comfort zone” geen werkelijke oplossingen verwacht. Laat ik het zo zeggen: als de stukken die jij hier schrijft onderdeel zouden zijn van een programma van een of andere gevestigde politieke partij, zouden populisten die teksten dankbaar aangrijpen om te laten zien dat de “oude politiek” het contact met de maatschappij helemaal kwijt is. En dat die politiek alleen maar met zichzelf bezig is.

    “De luiken open” zou kunnen betekenen: de blik eens helemaal op de maatschappij richten, weg van politiek en bestuur. En daarbij je vakkennis en ervaring gewoon eens opzij te zetten.

  16. 16

    @Hans, een antwoord op de vraag die je stelt is niet moeilijk maar ik gaf hem niet omdat bij jou een luik nogal dicht zit.
    Wat is de klacht over de politiek? Dat het systeem is vastgelopen, dat het zich niet bezig houdt met het volk, toch?
    Hoe zou dat komen? Voor een oordeel daarover moet je eens op een raadstribune gaan zitten en kijken wat ze doen.
    Mijn antwoord: het gaat wel over wensen en doelen, maar nog veel meer over details van uitvoering, want dan wordt het lekker concreet en kan iedereen mee zwatelen.
    Mijn stelling: politiek is discussie over doelen, bestuur is discussie over efficiënt gebruik van middelen. Haal dat uit elkaar.
    Heb ik niet verzonnen; sinds de ‘dualisering’ is het “stellen van kaders” een onbereikt ideaal. Dat is bestuurskundigentaal, ik weet het, maar Google of Wikipedia helpt.
    Je reactie onder 6 is redelijk te volgen. Ik schrijf daar ook over: het systeem moet risico voor de baas vermijden, juridische procedures horen daar zeker bij.
    Kortom, ik gun je je beeld van de wereld van harte. Het is nog redelijk bij de tijd. Maar van de problemen en de oplossingen heb je weinig kaas gegeten. De politiek is alleen maar met zichzelf bezig en oplossingen heb jij ook niet.
    Mag je allemaal vinden. Maar een superieur inzicht is het nu ook weer niet. Ik probeer als oude ervaringsdeskundige (70+) wat overwegingen aan te bieden op dit vlak.
    Daarnaast schrijf ik over andere dingen, zoals geschiedenis, de emancipatie van de Koerdische vrouw in Noord Syrië, de volkshuisvesting, de internationale betrekkingen en nog zo wat. Dus ga mij niet vertellen dat ik mijn blik eens op de maatschappij moet richten.