Tweeduizend ‘verweesde’ asielkinderen alsnog verblijfsvergunning

DATA - Tweeduizend ‘verweesde’ asielkinderen krijgen alsnog een verblijfsvergunning. Dat blijkt uit een analyse van de nieuwste cijfers van het aantal asielaanvragen over 2013. Het gaat hier om kinderen die in eerste instantie geen toegang tot Nederland kregen –door een uiterst streng toelatingsbeleid. Dat beleid was in 2009 ingesteld door Albayrak (PvdA), maar werd eerst door Leers (CDA) en vervolgens Teeven (VVD) versoepeld.

De Kinderombudsman (KO) schreef in juni vorig jaar een vernietigend rapport over de situatie waarin kinderen verkeerden die niet naar hun ouder(s) mochten:

Het Verdrag voor de Rechten van het Kind schrijft voor dat een kind het recht heeft om op te groeien bij de ouders, tenzij dit niet in het belang van het kind is. De Nederlandse overheid heeft onder dit verdrag de verplichting om aanvragen tot gezinshereniging met spoed, menselijkheid en welwillendheid te behandelen. De Kinderombudsman constateert dat aan geen van deze verplichtingen is voldaan.

Dat is niet mis en ronduit beschamend voor ieder land en helemaal voor een land als Nederland. Het was het door Albayrak (PvdA) ingezette beleid dat tot deze situatie heeft geleid, zoals blijkt uit de volgende cijfers van de KO:

t1

Op grond hiervan concludeert de KO:

Het steeds aangescherpte beleid heeft geleid tot een onaanvaardbaar hoog risico dat de 3910 kinderen die sinds 2008 een aanvraag voor gezinshereniging hebben ingediend, en zijn afgewezen, mogelijk onterecht gescheiden zijn gebleven van hun ouder. Hun recht om zich te herenigen met hun ouder wordt op die manier met voeten getreden.

Het overgrote deel van de kinderen die problemen ondervonden, kwamen uit Somalië. Overigens heb ik dit probleem twee jaar geleden al aangekaart.

Inmiddels hebben zowel Albayraks opvolger Leers als de huidige staatssecretaris, Fred Teeven, het rigide beleid aangepast, zo weet Ariane den Uyl van de Vluchtelingenwerk mij te vertellen. Het beleid werd door Albayrak ontwikkeld omdat er sprake zou zijn van grootscheepse fraude, waarvoor, aldus Den Uyl, nooit enig bewijs is geleverd.

Somalië

Al jarenlang bestudeer ik de aantallen asielzoekers die naar ons land komen. De rapportages van de IND blinken echter niet uit in duidelijkheid, om het maar mild uit te drukken. Het is onduidelijk om wat voor mensen het gaat, of het volwassenen zijn of kinderen, of het om direct meegekomen partners en kinderen gaat of dat er sprake is van partners en/of kinderen die naar ons land komen in het kader van gezinshereniging.

Vaak duurt de afhandeling van een aanvraag lang en soms zijn er meerdere vervolgaanvragen nodig die samen met de eerste aanvragen de asielinstroom vormen- voordat een verblijfsvergunning wordt verleend. Daarna komen eventueel nog partners en kinderen nog in Nederland aan, de zogenaamde nareis, waarvoor dan ook weer een eerste aanvraag wordt ingediend. Degene van een familie die hier als eerste komt heet in ambtelijke taal de referent.

Aan de jaarcijfers is dus vaak moeilijk te zien hoe de ontwikkelingen zijn: er loopt te veel door elkaar. De asielcijfers die het CBS verstrekt, maken het echter mogelijk om een verdeling te maken naar leeftijd en geslacht.

Vaak komen hele families naar ons land, waarbij iedere individu telt als een aanvraag. Soms melden zich alleenstaande vrouwen met kinderen, maar de referent is meestal een man. Ik maak dan ook een verdeling van volwassen mannen, van vrouwen en van kinderen en dat geeft de volgende cijfers over Somaliers vanaf 2007:

t2_3
Bronbron

We kunnen de theorie van referent en nareis, die ik heb geschetst, toetsen aan de echte cijfers. In 2009 vroegen er 2.800 mannen van 18 jaar en ouder een eerste keer asiel aan, tegenover 1.300 vrouwen. Het jaar daarna was het aantal mannen sterk gedaald naar 500.

Het aantal vrouwen daalde ook, maar een stuk minder: naar 700. Nog duidelijker is het beeld van de kinderen, want hun aantal steeg van 1.800 in 2009 naar 2.100 in 2010.

In 2013 was het aantal volwassen mannen 300, net als in 2012. Het aantal kinderen in 2012 was 300. Logisch, maar het afgelopen jaar was dat aantal 2.200 en dat is niet met elkaar te rijmen, want die 2.200 was zelfs hoger dan het topjaar 2010. Ook het aantal volwassen vrouwen is licht gestegen: van 300 naar 600 afgelopen jaar.

De laatste twee kolommen hierboven geven een cumulatief totaal aan tot en met 2012 en 2013. Wat opvalt, is dat er duidelijk meer aanvragen zijn voor jongetjes dan voor meisjes (4.600 om 4.000). Een directe verklaring heb ik daar niet voor. Misschien gaan (puber)jongens wel vaker met hun vader (referent) mee en scoren ze daardoor meer afwijzingen.

Somaliërs ingeschreven in bevolkingsregister

Ik heb ook nog een tabel 3 toegevoegd (zie boven), waarin het aantal eerste generatie Somaliërs in ons land, dat ingeschreven staat in het bevolkingsregister. Cijfers per 1 januari 2014 zijn er nog niet.

Op 1 januari 2013 waren er in totaal 24.600 mensen in ons land die geboren zijn in Somalië en die tenminste een ouder hebben die ook in het buitenland is geboren, zoals de officiële definitie van een 1ste generatie allochtoon, in dit geval afkomstig uit Somalië, luidt. Dat waren er net zoveel als een jaar eerder.

De toename is met 11.600 vanaf 1 januari 2007. Dat is aanzienlijk minder dan de 17.300 van het totaal aantal eerste aanvragen. Daarbij moet worden aangetekend dat ook in Nederland geboren kinderen een verblijfsvergunning nodig hebben zolang hun moeders -of vaders onder voorwaarden- niet de Nederlandse nationaliteit hebben. Die kinderen zitten in die eerste aanvragen.

Helaas ontbreken in de rapportages cijfers daarover. Volgens Den Uyl moet er voor die tijdens de asielprocedure geboren kinderen ook een asielaanvraag worden ingevuld, en als de asielzoeker een verblijfsvergunning heeft, een reguliere vergunning. Ik heb hierover ook nog een vraag uitstaan bij het CBS.

Er worden natuurlijk ook aanvragen afgewezen en er verlaten ook mensen ons land die eerder wel een verblijfsvergunning kregen. Niettemin wijst het aantal van 11.600 in het bevolkingsregister vermoedelijk op een hoog toekenningspercentage van de asielaanvraag.

Dat heeft duidelijk te maken met de slechte situatie in Somalië, maar wordt ook veroorzaakt door het feit dat het percentage mannen, dat alleen komt, hoog is en doordat alleen de eventuele vrouw met kinderen overkomen van die mannen, die een verblijfsvergunning krijgen.

Die aanvraag voor nareis moet gedaan worden in het buitenland (de zogenaamde MVV-nareis) en pas na goedkeuring mag men naar Nederland komen, waar dan een eerste aanvraag wordt ingevuld die in principe altijd wordt toegekend. Dat geeft dus totaal een laag aantal eerste aanvragen en een hoog toekenningspercentage, mede doordat Somalische gezinnen nogal kinderrijk zijn.

 Alle herkomstlanden

Tabel 4 laat zien hoeveel er in totaal aan eerste asielaanvragen per land zijn ingediend en hoeveel daarvan kinderen betroffen. Verder zien we de aanvragen van mannen ouder dan 18 jaar. De cijfers gaan over 2011, 2012 en 2013 en is gesorteerd op die landen waarvandaan de meeste kinderen kwamen die een eerste aanvraag indienden.

t4
Bron

In totaal werden er 14.400 eerste aanvragen ingediend (inclusief een x aantal ten behoeve van hier geboren kinderen), zoals blijkt uit de totalen op de onderste regel. Dat is een stijging van 4.700 – 50% – ten opzichte van 2012.

Van die 4.700 zijn er 2.800 kind. Van die 2.800 zijn er hoogstwaarschijnlijk een 2.000 Somalische kinderen die alsnog na jaren weer recht op hebben gekregen om bij hun ouders te zijn.

De Kinderombudsman komt op een mogelijk totaal van 3.900 waar mogelijk wat mis mee is. Het overgrote deel daarvan is Somalisch. Ik ben dan ook benieuwd of in 2014 nog meer verblijfsvergunningen worden verleend aan deze groep.

Op de tweede plaats komt Syrië met 800 kinderen en dat is een stijging met 700. We zien dat het aantal mannen van boven de achttien jaar is toegenomen van 200 naar 1.300. Veel hoger dan het aantal vrouwen boven de achttien, dat toenam van 100 naar 600. Het toekenningspercentage zal vermoedelijk hoog zijn en dat betekent dat we nogal wat nareis kunnen verwachten.

Op de derde plaats staat Irak, maar de aantallen dalen. Uit Eritrea kwamen vorig jaar duizend mensen naar ons land, waarvan de helft bestond uit mannen van achttien jaar en ouder, wat een verdrievoudiging is ten opzichte van 2012. Het aantal asielzoekers uit Irak, Afghanistan en Iran daalde licht naar 700 in 2013. Voor het overige zijn de aantallen klein.

Het aantal Russen daalde sterk, daar heb ik vorig jaar augustus al over geschreven.

Behalve Syrië stelt het aantal asielzoekers uit de landen van de Arabische opstand maar weinig voor. Van de totale migratie van eerste generatie allochtonen uit die landen tot en met 2012 nog een plaatje zonder dat ik het verder bespreek:

f1

Conclusie

Onder de vluchtelingen die in 2013 naar ons land zijn gekomen (14.395 min een x-aantal hier geboren kinderen) zitten tweeduizend Somalische kinderen die ten onrechte, door beleid van staatssecretaris Albayrak (PvdA), in de jaren 2009 tot en met 2011 geen verblijfsvergunning hebben gekregen. Deze ‘verweesde’ kinderen hebben het jaren moeten stellen zonder ten minste één ouder. Hierdoor hebben ook drie- tot vierhonderd moeders alsnog een verblijfsvergunning gekregen.

Het aantal Syrische asielzoekers is zeer sterk toegenomen in september vorig jaar, maar bleef daarna redelijk stabiel op een aantal van 375 aanvragers per maand. Je hoeft er niet voor gestudeerd te hebben om te zien dat de situatie in Syrië niet zo één, twee, drie zal verbeteren en dat –samen met nareis- kan in 2014 zorgen voor een toename van het aantal asielzoekers dat naar ons land komt.

En dan nog dit:

In dit (pdf) NExit-stuk van de PVV van afgelopen week lees ik:

Het simpele stopzetten van ‘niet-westerse’ immigratie in het kader van gezinshereniging en asiel (verplicht volgens de richtlijnen van de unie m.b.t. gezinshereniging en kwalificatie) zou de Nederlandse belastingbetalers bijvoorbeeld direct € 4,0 miljard besparen voor elke jaarlijkse uitgesloten immigratiegolf.

Wil de PVV nu helemaal asiel afschaffen voor mensen geboren in het ‘verkeerde’ land? En willen ze ook het Verdrag van de Rechten van het Kind opzeggen? Iedere dag gaat de PVV weer een stap verder.

  1. 1

    Beeld van kinderen na jaren van gedwongen scheiding eindelijk weer terug bij moeder e.d., doet bij Nederlanders hun immer latente ooievaarsgevoel fel oplaaien. Welk laaghartig type zou het daarna nog durven bestaan zo´n hereniging te beletten of zelfs maar te belemmeren? Je moet er als fatsoenlijk Christenmens niet aan denken!

    In deze oververhitte toestand kan de antropologie met haar universele kennis van gezin en familie van advies dienen en voor welkome afkoeling zorgen.

    NL kent in hoofdzaak het nucleaire gezin: man+vrouw+ een handjevol kinderen. Maar in niet-Westerse culturen vind je zeer vaak ´extended families´, bestaande uit meerder gezinnen en/ of meerdere generaties. Een kind wordt er niet specifiek door zijn biologische ouders opgevoed. Zo is op West-Sumatra de vorming van de kinderen (anak-anak) niet de taak van zijn vader (verwekker), maar van hun moeders broer.

    Een aspect dat Westerlingen nog al eens bedriegt, is het begrip ´klassificatorische verwantschap´. Vraag ergens in Melanesia een daar inheems kind om zijn moeder noemen, en geeft hij antwoord, zul je er bij nader onderzoek achter kunnen komen dat hij moeders zuster opgaf. En hij loog niet. ´Mutatis mutandis´ geldt deze ´verwarring´ ook voor begrippen als ´moeder´, ´vader´, ´grootvader´.*

    Van deze culturele confusie gevoegd bij een lapidaire Burgerlijke Stand zal duidelijk zijn dat zij alles heeft om een Westerling ´beet te nemen. Welke kinderen van ginds worden ons als die afkomstig van vluchtelingen in de schoot geworpen? Houden ze de beste, de leukste daar zelf en zenden ze de ons de zieken en zieksten? Of sturen ze juist de sterksten die het hïer ook voor hen dáár moet gaan maken? Straks. Familiebanden en erfrechten blijven.
    En hoort het echte kind wel bij de echte moeder? En komen er meer meisjes dan jongens? We moeten opletten en beslissen.

    Onze regering heeft het moeilijk. Die ombudsman heeft een te grote mond. Het volk wordt bedrogen.

    * De HOPI, pueblo-Indianen in het Noord-oost van Arizona, tellen zo’n 30 tot 40 matrilineaire clans. De clan is de enige verwantschapsgroep waarvoor zij een term hebben: nya’mü. Van een jongen zijn alle vrouwen van een hogere generatie zijn moeder, iñu’ü en alle mannen zijn oom, i’taha. Alle meisjes van zijn eigen generatie zijn oudere- of jongere zuster, i’qöqa respectievelijk isi’wa, en alle jongens zijn óf oudere óf jongere broer, i’vava of itü’pko.