Soldateska in de 21ste eeuw

OPINIE - De Nederlandse krijgsmacht toont zich de laatste jaren allerminst een degelijk en betrouwbaar instituut.

Het woord “soldateska” komt uit het Italiaans en betekent zoveel als “losgeslagen krijgsvolk”. Het stamt uit een tijd dat in de meeste Europese legers soldij allerminst een gegeven was, en discipline dus ook niet. De Tachtigjarige Oorlog, de Engelse Burgeroorlog en vooral de Dertigjarige Oorlog bieden voorbeelden te over van woeste horden soldaten die plunderend, verkrachtend en brandschattend rondtrokken.

Soldateska is in Syrië en in de Congo een akelig actueel begrip, maar hier behoort het tot het verleden. We hebben nu een keurige, gedisciplineerde krijgsmacht die zich nooit aan zulke duistere praktijken schuldig maakt. Toch?

Was het maar waar. Hoewel elke vergelijking met de historische voorbeelden hierboven mank gaat, is de Nederlandse krijgsmacht ook anno 2013 zeker niet het braafste jongetje van de klas.

Natuurlijk, geen enkele instantie heeft een volkomen smetteloos blazoen. Rijkswaterstaat, de politie, de Belastingdienst: overal hebben wel eens figuren rondgelopen met heel wat minder nobele doelen voor ogen dan het dienen van Koningin en Vaderland. Maar de krijgsmacht maakt het wel heel bont.

Paradepaardjes

We kennen de affaire-Fred Spijkers, die zich vanaf medio jaren ’80 voortsleepte tot diep in het vorige decennium. Spijkers kwam erachter dat een bepaald type landmijn dat de Koninklijke Landmacht gebruikte, niet deugde – een constatering die zijn superieuren al jaren onder de pet hielden. Hij weigerde hieraan mee te werken, met als gevolg dat Defensie hem achttien jaar lang op alle mogelijke manieren het leven zuur maakte. Een ondankbaar vak, klokkenluider.

En de laatste jaren zijn er nog heel wat schandalen bovenop gekomen. Sergeant eerste klasse en turnwonder Yuri van Gelder bleek verslaafd aan cocaïne. Kapitein Marco Kroon runde een café waar nogal wat louche types over de vloer kwamen. Een tijdlang had het er zelfs de schijn van dat hij net als Van Gelder aan het witte poeder had gezeten. Goed, dat bleek uiteindelijk niet te kloppen, maar hij werd wel veroordeeld voor verboden wapenbezit (ergens wel ironisch, voor een militair).

Wat deze zaken extra pijnlijk maakte, was dat beide zondaars vóór hun val paradepaardjes van Defensie waren geweest. Van Gelder belichaamde als topsporter het ideaal van de fitte, fysiek sterke militair, en Kroon had in 2009 de eerste Militaire Willemsorde sinds de Korea-oorlog gekregen. Deze twee demasqués waren dus ook twee klappen voor het prestige van de krijgsmacht als geheel. Maar goed, het ging hier nog wel om individuen, niet om hele organisaties die niet wilden deugen. Dat was wel anders bij de zaken die daarna aan het licht kwamen.

Vrije jongens

Want ondertussen heersten in de Frederikskazerne de echte Haagse “vrije jongens”. Snoepreisjes met de dienstauto? Stelen van de zaak? Handel in alles wat God verboden had? Bij de Defensie Materieel Organisatie gebeurde het allemaal, en niet kinderachtig ook. Jacobse en Van Es zouden trots zijn geweest.

Hun collega’s in Den Helder konden er ook wat van. Ook bij CAMS Force Vision (een onderdeel van de DMO dat computersystemen ontwikkelt voor de marine) werden dienstauto’s misbruikt en computers van de zaak gestolen. En jezelf af en toe een extra bonus of vrije dag geven, dat moest toch ook kunnen? Net als in de affaire-Spijkers kregen de klokkenluiders in deze zaak het zwaar te verduren. Zorreg dat je d’r bij komt, zullen we maar zeggen.

In Breda ging nog een derde beerput open: de officiersopleiding aan de Koninklijke Militaire Academie. De Turks-Nederlandse cadet Ismail Selvi werd het mikpunt van racistische pesterijen door instructeurs en mede-cadetten. Toen hij hierover hogerop zijn beklag ging doen, werd dat weggewuifd: hoort erbij, word je hard van. Maar ja, de KMA was dan ook ‘een Arisch instituut,’ zoals Selvi van een instructeur te horen kreeg. Toch een geruststellend idee dat er zo lang na de val van het Derde Rijk nog steeds streng toegezien wordt op de raszuiverheid van het Nederlandse officierskorps!

“Wij tegen de rest”

Incidenten kun je het niet meer noemen, daarvoor zijn het er te veel in te weinig tijd: behalve de affaire-Spijkers speelden al deze zaken tussen 2009 en 2012. Nee, er moet iets structureels scheef zitten in de organisatiecultuur bij Defensie. Lees je over de cultuur van onderlinge “dekking” in de Frederikskazerne, of de klokkenluiders bij CAMS Force Vision die voor ‘verraders’ en ‘dissidenten’ werden uitgemaakt, dan zoek je al snel in de richting van een “wij tegen de rest”-mentaliteit. De krijgsmacht heeft nu eenmaal de neiging om zich sterk te profileren tegenover de rest van de samenleving. Dan is het nog maar een kleine stap naar een cultuur waarin saamhorigheid (veel) belangrijker is dan fatsoenlijk met je bevoegdheden omgaan.

Maar misschien zijn er wel hele andere oorzaken. Zouden die ooit gevonden worden, en zou een gericht hervormingsbeleid ze kunnen verhelpen? Of zou iedere krijgsmacht, hoe grondig hervormd ook, altijd een paar trekjes blijven vertonen van de plunderende zootjes ongeregeld uit vroeger tijden?

  1. 1

    met als gevolg dat Defensie hem achttien jaar lang op alle mogelijke manieren het leven zuur maakte.

    Dat ligt niet zozeer aan defensie, maar aan een ambtelijk geloof in de eigen onfeilbaarheid, ook al is de werkelijkheid anders. Willem Oltmans was daar ook al het slachtoffer van.

  2. 2

    Het drugsgebruik van Van Gelder en het vermeende drugsbezit van Kroon is natuurlijk niet te wijten het leger en ze horen dan ook niet als voorbeelden in dit artikel thuis. Niet als slechts individuen of incidenten, gewoon helemaal niet. Het was hooguit een demasqué van deze personen, niet van het leger.

    Het verhaal van Selvi is schrijnend maar helaas wel erg eenzijdig en oncontroleerbaar. Als klokkenluider is het nou eenmaal niet voldoende om beschuldigingen te uiten, je moet ze hard kunnen maken. Bovendien komt een klokkenluider die alleen voorbeelden heeft die over hemzelf gaan niet geïnformeerd en belangeloos over.

    Alleen de voorbeelden over Spijkers en DMO zijn relevant maar hebben weer niets met elkaar te maken. Het liedje van Dorus is uit 1958.

    Dat klokkenluiders niet welkom zijn in een organisatie en als verraders worden gezien is geen karakteristiek van het leger maar voor elke organisatie. Als dat niet zo was had het hele fenomeen klokkenluider niet bestaan.

    Dit artikel is mislukt. Het is een opsomming van los zand feitjes zonder verhaal. De noodzakelijke vragen ontbreken: hoe is de verzwijgcultuur uit het Spijkersprobleem aangepakt, hoe representatief is de DMO-bedrijfscultuur voor Defensie? De opening en afsluiting met de plunder- en moordvoorbeelden uit de middeleeuwen zijn grotesk en missen elke relevantie.

  3. 3

    @2: Dat klokkenluiders niet welkom zijn in een organisatie en als verraders worden gezien is geen karakteristiek van het leger maar voor elke organisatie.

    Zo is dat. Bij de maffia weten ze wel hoe je dat soort figuren moet aanpakken.

  4. 4

    Zucht.
    Spijkers op laag water zoeken.
    Plunderen , moorden?
    Ik denk dat je een stukje van het filmrolletje hebt gemist…