Slappe thee

Theedrinken is in Nederland een linkse hobby, het liefst bedreven door slecht geschoren politici die de boel bij elkaar houden. Het laat bij een kleine 15% van de Nederlandse burgerbevolking een bijzonder vieze smaak na onder hun boze tongen.

Aan de andere kant van de oceaan is het thee drinken juist een rechtse hobby. De thee wordt hier niet gedronken door politici, maar juist door boze burgers. Met de nodige symboliek verwijst de hedendaagse Tea Party naar de historische Boston Tea Party, gehouden op 16 december 1773. “Taxed Enough Already”, riepen de kolonisten tegen de Britse overheersers en de Amerikaanse onafhankelijkheidsstrijd brak los.

Deze geschiedenis is een mythe geworden, stelt de historica prof. Jill Lepore (Harvard) in haar onlangs verschenen boek The Whites of Their Eyes: The Tea Party’s Revolution and the Battle over American HistoryHaar collega, historicus Jeff Riggenbach, bespreekt dit boek (podcast, duur 15m35, zie onderaan):

“If there is any overarching argument to The Whites of Their Eyes it would seem to be this: the members of the contemporary tea-party movement believe, according to Lepore, in a version of American history that she dismisses as “a fantasy,” an 18th century with no slavery, poverty, ignorance, insanity, sickness, or misery … only the Founding Fathers with their white wigs, wearing their three-cornered hats, in their Christian nation, revolting against taxes, and defending their right to bear arms.” (fragment op 1m18 – 1m50)

De geschiedenis wordt altijd gelezen met ogen uit het heden. Ook in Nederland worden de ongemakkelijke passage uit de nationale geschiedenis eenzijdig mooi voorgespiegeld, zoals blijkt bij de discussie rondom het standbeeld van de 17e-eeuwse held/massamoordenaar J.P. Coen in Hoorn en de epische uitglijder van J.P. Balkenende die terugverlangde naar die VOC-mentaliteit (“..toch?!”). In onze tijd heeft de emotionele beleving meer gewicht dan de feitelijke waarheid, zowel in Nederland als in Amerika. Toch heeft het nauwelijks zin om als Harvard professor de waarheid prediken, vindt Riggenbach: “You can lead a horse to water but you can’t make it drink.”

  1. 1

    “Die VOC-mentaliteit! Nederland kan het weer!”

    (Ik voorspel trouwens dat het een kwestie van dagen zal zijn voordat in de rangen van onze eigen variant op de tea party – ik heb het natuurlijk over domrechtse blogs – wordt opgeroepen Step Vaessen te executeren wegens landverraad na die ‘anti-Nederlandse’ reportage voor al Jazeera…)

  2. 2

    Een mythe historisch te lijf gaan, getuigt van onwetendheid omtrent wat zij is: een sterk Verhaal. Zij is een onmisbare fictie waarzonder geen samenleving kan bestaan. Denk in dit verband eens aan het concept van de ‘legale fictie’. De Mythe hangt dus niet van ons, wij wel van de Mythe.

    Lepore’s (Harvard!) weerlegging van de fantasie van de TPM als ‘maar een fantasie’ slaat dus de plank volledig en hilarisch mis. Haar uithaal laat zich slechts politiek verstaan. Als ze geen USA-Democrate is, eet ik mijn hoed en mijn schoenen op. Wat zijn die toch – zonder het zichzelf te bekennen – onder de ondruk van die TMP. Zo genuien, te genuien. Daar kunnen ze niet tegen, daar hebben ze niet van terug. Lelijk maken en manipulatie van de Geschiedenis moeten uitkomst bieden.

    Verder dienen c.s. L. er elementair op te worden gewezen dat geen (vroegere) maatschappij in alle opzichten als goed of geheel slecht is aan te merken, en dat het erfgenaam-samenlevingen vrij staat uit het verleden te kiezen uit wat daar toen goed en slecht was. ‘The tea party’ van toen lijkt mij niet slecht.

    Wij verwerpen de Atheense democratie toch ook niet omdat er in diezelfde tijd daar slavernij heerste?
    .