Zijn salafisten onze bondgenoten?

OPINIE - ‘Moslims zijn bondgenoten in de strijd tegen het jihadisme’. Onder die kop plaatste het NRC Handelsblad onlangs een opiniebijdrage van Tom Zwart, hoogleraar ‘crosscultureel recht’ in Utrecht (NRC Handelsblad, 22 augustus). Zwart komt op voor de rechten van de ‘haatimam’ Fawaz Jneid, een man die in moslimkringen bekendheid geniet vanwege zijn grove bek en eeuwige geruzie, en daarnaast landelijke bekendheid geniet vanwege zijn al even grove opmerkingen over Wilders, Van Gogh en Hirsi Ali.

Minister Blok heeft hem nu een gebiedsverbod opgelegd voor twee Haagse wijken, de Schilderswijk en Transvaal. Dit uiterst bescheiden verbodje maakt het Jneid, volgens Zwart, ‘onmogelijk om bijeenkomsten met de leden van zijn geloofsgemeenschap te hebben.’ En dus is zou zijn recht op vrije meningsuiting zijn aangetast.

Blok heeft te kennen gegeven dat hij het verbod heeft afgekondigd omdat Jneid ‘een intolerante boodschap’ verkondigt en zo kan bijdragen aan de radicalisering van jongeren. Maar Zwart ziet hierachter een duister complot. Volgens hem heeft ‘het kabinet’ het gemunt op de hele salafistische beweging en heeft het besloten de activiteiten van salafisten te verstoren.

Om dat aan te tonen geeft hij twee voorbeelden. De Haagse burgemeester Krikke heeft besloten dat een boekhandel van Jneid geen gebedshuis is. En Sander Dekker heeft onlangs geweigerd een islamitische middelbare school te bekostigen omdat hij (op basis van signalen) twijfelde of de leerlingen daar wel goed burgerschap werd bijgebracht. Eén burgemeester en onze hyper-enthousiaste Sander. Meer geeft Zwart niet. Daarachter steekt dus geheim kabinetsbeleid.

Zwart spreekt pompeus van ‘de verstoringsstrategie’ die juridisch niet door de beugel kan: ‘onze Grondwet biedt geen enkele grondslag voor zo’n verstoringsbeleid.’ Nu bestaat er heel veel ‘verstoringsbeleid’ in Nederland, gebaseerd op creatief gebruik van wetgeving. Daarvoor bestaat uiteraard geen ‘grondslag’ in de Grondwet. Daar is de grondwet niet voor, om creativiteit te stimuleren.

Maar nu de kern van Zwarts betoog. Volgens hem wordt met dit soort maatregelen ‘een groep moslims ten onrechte als verdacht weggezet’. Een uitgebreid citaat, uit het slot van het artikel:

Het is waar dat salafisten streven naar de vorming van een islamitische samenleving. Maar zij proberen dit doel te bereiken met vreedzame democratische middelen. Daarin verschillen zij van de jihadisten. De opvattingen van de salafisten wijken ongetwijfeld af van die van de meerderheid, maar dat geldt bijvoorbeeld ook voor die van Jehova’s Getuigen, mormonen en zevendedagsadventisten. Wat telt is dat salafisten geweld en terrorisme veroordelen, zoals Fawaz Jneid dat enkele malen publiekelijk deed. (…) Om de strijd tegen het terrorisme effectief te kunnen voeren is het belangrijk dat moslims niet als de ander worden neergezet maar juist als bondgenoten worden erkend.

Een paar puntjes. Let op dat ‘publiekelijk’. Zwart houdt hier een veelzeggende slag om de arm.

En dan nog iets. Het feit dat salafisten zeggen dat ze met democratische middelen streven naar hun heilstaat, maakt ze nog geen vrienden van de democratische samenleving. Zoals alle islamitische fundamentalistische stromingen beschouwen ze de democratie als westers en on-islamitisch, bedacht door ongelovigen die weigeren in te zien dat God de enige echte wetgever is. Voor dergelijke stromingen (denk aan het wahhabisme, salafisme, islamisme, en vrijwel alle nationale bewegingen voortgekomen uit de Moslimbroeders) is democratie niet meer dan een middel om de boodschap te verkondigen, die luidt dat de democratie vervangen moet worden. Zwart probeert ons wijs te maken dat salafisten, omdat ze de democratie fijn vinden, ook automatisch voorstanders van democratie zijn. Maar zo simpel ligt het dus niet.

Hij probeert ons ook wijs te maken dat de vijanden van onze vijanden onze vrienden zijn. Maar helaas, ook dat ligt wat ingewikkelder. Het feit dat het salafisme geweld en terrorisme afwijst, betekent absoluut niet dat salafisten staan te springen om met de politie en inlichtingendiensten samen te werken in de strijd tegen terrorisme. Integendeel. Contacten leggen met deze ‘ongelovigen’ is volstrekt haram. Politie en justitie stuiten in dat soort kringen op een muur van stilzwijgen – en daar komt bij dat salafisten gewone moslims pressen om hetzelfde te doen: je gaat toch geen moslims verraden aan ongelovigen!?

Maar het meest opmerkelijk aan Zwarts redenering is de verdraaiing. Eerst is er het gebiedsverbod voor de querulant Jneid. Zwart maakt daarvan dat dit onderdeel uitmaakt van een plan om ‘ een groep’ weg te zetten als verdacht. Die groep blijkt de salafisten te zijn. En aan het slot van zijn betoog blijkt die groep gegroeid tot ‘moslims’ in het algemeen. Die moeten we als bondgenoten zien. En dat terwijl het overgrote deel van de moslims niks van het salafisme moet hebben – laat staan van de grofgebekte ruziezoeker Jneid.

Het overgrote deel van de moslims zijn bondgenoten in de strijd tegen het terrorisme. Geen mens twijfelt daaraan. Menige bezorgde ouder of imam weet tegenwoordig de weg naar de instanties te vinden. Het probleem zijn juist de salafisten die dat soort contacten afwijzen. Justitie zou hen graag als bondgenoten hebben, maar hun anti-westerse ideologie verbiedt hen om samen te werken. En ze zetten ‘andersdenkende’ moslims daarbij ook nog eens onder druk om te zwijgen.

Het zou de hoogleraar crosscultureel recht sieren als hij zijn loze verwijten richting de overheid voortaan achterwege laat en de salafisten oproept mee te werken aan het slechten van de muur van stilzwijgen. Dan laten ze zien dat ze écht tegen geweld en terrorisme zijn.

  1. 1

    Kleine opmerking:

    Om dat aan te tonen geeft hij twee voorbeelden. (…) Meer geeft Zwart niet

    Hij geeft nog een voorbeeld aan:

    Een andere tactiek is het verplicht stellen van een tewerkstellingsvergunning voor moskeeën die buitenlandse imams uitnodigen voor een gastlezing. Dit instrument, dat bedoeld is om verdringing op de arbeidsmarkt door buitenlandse werknemers te voorkomen, wordt zo een middel om voorgangers met onwelgevallige opvattingen buiten de deur te houden.

  2. 2

    De complotgedachte is niet zo gek. Ook op de site van het NRC staat een artikel over de resultaten van de anti-terreurmaatregelen. Daarin staat onder andere:
    “Het zit op het randje van de wet, maar het gebeurt toch: het ontregelen van jihadistische netwerken. Het gaat om het agressief volgen, hinderen en opjagen van leden van zulke (beginnende) netwerken die nog niets gedaan hebben, maar bij wie wel kwade bedoelingen worden vermoed. Een studie van 178 Spaanse jihadisten door radicaliseringsexpert Fernando Reinares, gaf aan dat de netwerken een zeer belangrijke schakel zijn tussen betrekkelijk onschuldig jihadisme enerzijds en terroristische gewelddadigheid aan de andere kant. De tactiek van ontregeling geldt als effectief antiterreurwapen, zegt Rob de Wijk, juist omdat de diensten niet elk mogelijk doelwit elke dag 24 uur lang kunnen volgen.
    Advocaat Michiel Pestman, die in de loop der tijd jihadverdachten bijstond, zoals de teruggekeerde Laura H., bevestigt het beeld. „Al mijn cliënten hebben er last van”, zegt Pestman. „Dan vraagt de politie om de haverklap naar het rijbewijs, een id-kaart, of komt ineens een paar keer de kinderbescherming langs. Het signaal dat autoriteiten willen geven is: ‘We hebben je in de gaten en we houden je in de gaten.’” Uitermate hinderlijk en vervelend voor zijn cliënten, zegt Pestman. „Ik ken gevallen waarbij betrokkenen naar het buitenland zijn verdwenen, omdat ze zich hier niet meer welkom voelden. Als dat de bedoeling was van het verstoren, dan is die bedoeling geslaagd.”
    De strekking van het artikel van Zwart is dat deze methode – waaronder ook het gebiedsverbod – over het randje van de wet is.

  3. 3

    Blok heeft op verzoek van burgemeester Krikke het gebiedsverbod opgelegd omdat Jneid ‘een intolerante boodschap’ verkondigt en zo kan bijdragen aan de radicalisering van jongeren. Zonder tussenkomst van een rechter is dit een klassiek voorbeeld van censuur. Jneid kan in een rechtszaak veroordeeld worden op grond van uitspraken die strijdig zijn met de wet (discriminatie, haatzaaien, opruiing). Hij kan ook nog op grond van de openbare orde door de burgemeester belemmerd worden midden op de weg zijn boodschap te verkondigen. Maar een bestuurlijk gebiedsverbod op grond van de inhoud van een boodschap is inbreuk op de vrijheid van meningsuiting en de vrijheid van godsdienst.

    Het is ook een nogal potsierlijke symbolische maatregel, want buiten het gebied kan Jneid gewoon zijn gang gaan. Vindt de overheid de intolerantie elders wel acceptabel?

    Ik denk dat hier iets wordt uitgeprobeerd. Hoe ver kun je als overheid gaan bij het conflict tussen het terugdringen van de invloed van radicale imams en de vrijheid van godsdienst?

    Los hiervan heeft Zwart wel degelijk een punt dat je met dit soort maatregelen het risico loopt fundamentalistische moslims tegen je in het harnas te jagen. Als salafisten contacten met de overheid afwijzen en in hun eigen kring niet veel meer doen dan bidden en de koran lezen, wie kan daar tegen zijn? Maar laten we wel voorkomen dat getergde moskeebezoekers de koran de koran laten en de grens van gewelddadig activisme oversteken.

  4. 4

    Ik meen dat ook voor de SGP de parlementaire democratie alleen een middel is om doelen te bereiken.
    (De SGP wil bijv. artikel 1 van de grondwet niet naleven, want hij wil het kiesrecht voor vrouwen afschaffen).

    En dat is geen probleem, zolang de SGP zijn doelen op legale wijze nastreeft.
    (Het wordt een ander verhaal als SGP’ers de nederlandse wet gaan overtreden, en daarom vind ik de “weigerambtenaar” een smet op de overheid.)

  5. 7

    @6: Denk je dat als ze gekozen zijn ze zich onthouden van stemming in parlement of gemeenteraad? Staat volgens mij ook nergens in hun programma dat ze kiesrecht voor vrouwen willen afschaffen.

    SGP heeft uiterst conservatieve en domme standpunten waar ik niet onder wil leven maar heeft wel de democratie en de rechten van anderen omarmd. De vergelijking met salafisme, dat de parlementaire democratie alleen een middel is om doelen te bereiken, gaat mank.

  6. 9

    @7: Natuurlijk kun je de SGP niet vergelijken met het salafisme. Je zou ze moeten vergelijken met de Staatkundig Salafistische Partij. Omdat die niet bestaat lukt dat niet. Je kunt -afsplitsingen daargelaten – wel de gereformeerde leer met die van het salafisme vergelijken. Bij geen van die beginselen is het zelfbeschikkingsrecht voor vrouwen een vanzelfsprekendheid.

  7. 13

    @12: Een politieke partij op basis van geloof is ook een ideologie. Natuurlijk zijn er overeenkomsten maar salafisme bestaat uit gelovigen die rechten hebben en ongelovigen die als derderangs rechteloos burgers worden gezien. Dat soort opvattingen heeft de SGP niet.

  8. 14

    @13: Natuurlijk is een politieke partij een ideologie en een geloof niet. Dat is precies mijn punt waarom jende twee niet kunt vergelijken. De betreffende opvattingen leven wel bij de gelovigen maar niet bij de partij. Het enige dat je de salafisten kunt verwijten is dat ze geen plotieke partijen hebben.

  9. 15

    @14: Geloof is ook een ideologie:

    Een ideologie is een geheel van ideeën over de mens, menselijke relaties en de inrichting van de maatschappij, dat leeft binnen een maatschappelijke groep

    Salafisten hebben ook politieke partijen alleen (nu nog) niet in Nederland.

  10. 16

    @5: in uw wikipedia-artikel staat:
    Janse zegt het eens te zijn met alle punten in het beginselprogramma van de SGP, uitgezonderd artikel 10, dat stelt dat vrouwen ‘niet geschikt zijn voor het regeerambt’.
    Ze werd ook pas kandidaat, nadat geen enkele man zich verkiesbaar wilde stellen.
    Blijkbaar geldt bij de SGP “nood breekt wet”, of zijn er verschillende stromingen.

    Maar ik loop inderdaad achter, want de SGP is blijkbaar niet tegen het stemrecht van vrouwen.

  11. 17

    @11:
    in uw link staat:

    Maar het principe van volkssoevereiniteit wijst de SGP af, omdat de overheid haar gezag niet aan het volk ontleent, maar van God ontvangt.

    Dat betekent m.i. dat voor de SGP het parlement ondergeschikt moet zijn aan religieuze heersers (want wie vertegenwoordigt anders god?)

    Ze hebben overigens een standpunt waarmee ik het van harte eens ben:

    Als internationale verdragen naar letter of geest strijden met de Nederlandse Grondwet, hoort eerst de Grondwet aangepast te worden. Is daar geen steun voor, dan treedt zo’n verdrag niet in werking.

    Ook vind ik dit een goed democratisch standpunt:

    Wijziging van het kiesstelsel door bijvoorbeeld het invoeren van een kiesdrempel of het tegengaan van lijstverbindingen ondergraaft het goed functioneren van onze democratie.

    (Ik weet natuurlijk niet of de SGP aan dit standpunt vasthouden zou als hij een grote partij zou zijn.
    M.b.t. het verkiesbaar stellen van vrouwen is de SGP van zijn standpunt afgeweken toen dat beter uitkwam.)

  12. 18

    @17:

    Dat betekent m.i. dat voor de SGP het parlement ondergeschikt moet zijn aan religieuze heersers (want wie vertegenwoordigt anders god?)

    Welke religieuze heersers? Zwarte kousen hebben voor zover ik weet geen paus.

    Ik geloof niet dat de SGP afwijkt van standpunten omdat dit beter uitkomt, daarvoor zijn ze te fundamentalistisch en te bang om daarover boven verantwoording af te moeten leggen. Voor de jaren ’60 was de positie van de vrouw in onze maatschappij niet veel anders dan die bij de SGP nu, de emancipatie loopt daar 50 jaar achter.

  13. 19

    @18: Beginselprogramma SGP ” Artikel 3
    De overheid is als dienaresse Gods in haar ambt onvoorwaardelijk onderworpen aan Gods Woord en Wet,
    waarnaar zij geoordeeld zal worden. Bij de uitoefening van haar ambt dient zij zorg te dragen voor de
    inrichting van de samenleving overeenkomstig de in Gods Woord geopenbaarde normen en voor de naleving
    van die normen.
    Regerende bij de gratie Gods en gebonden aan Zijn wetten is de overheid geroepen de eed te eisen. ”

    Pure theocratie, in de Islam is ook geen paus overigens.Je krijgt een soort gehoorzaamheid aan de mannenbroederschap die op hun lekenmanier de bijbel interpreteert (lijkt wel beetje op de Salafisten).

    Lees verder hier:
    http://pubnpp.eldoc.ub.rug.nl/root/beginselprogramma/sgp2000/

    En wat vrouwenemancipatie ze lopen100 jaar achter/
    “Art. 10
    De opvatting van het vrouwenkiesrecht voortkomend uit een revolutionair emancipatiestreven, strijdt met
    de roeping van de vrouw. Dat laatste geldt ook voor het zitting nemen van de vrouw in politieke organen,
    zowel vertegenwoordigende als bestuurlijke.
    De vrouw zij in haar eigen consciëntie overtuigd of zij haar stem kan uitbrengen met inachtneming van de
    haar door God gegeven plaats. “

  14. 20

    @19: Dat klopt allemaal maar het punt was @4:

    Zelfs een mannenbroederschap kan emanciperen en dat gebeurd ook tergend langzaam. Anders dan salafisten heeft de SGP de democratie wel omarmd en mogen afvalligen en ongelovigen niet doodgeknuppeld worden.

  15. 21

    @20: Het punt is dat de SGP volgens #4 middels democratische middelen bepaalde verankerde waardes wil veranderen en salafisten ook, toch?

  16. 22

    Geen mens twijfelt daaraan.
    Dan mag je toch de comments hier wel eens lezen, om het over wilders en geenstijl maar helemaal niet te hebben.