Ruimte voor echte vernieuwing

OPINIE - Een urgent punt voor de kabinetsformatie.

Het ging in de campagne vrijwel niet over de kwaliteit van ons openbaar bestuur, de vernieuwing van het huis van Thorbecke, de overzichtelijkheid van het bestuur, het  niveau van samenwerking tussen politiek en ambtelijke organisatie.

Kunnen politieke partijen en ambtelijke organisatie nog een professionele relatie met elkaar hebben?  De politieke fragmentatie vertaalt zich in onnuttige complexiteit van regelgeving, want elk politiek compromis moet in de beleidsuitvoering tot zijn recht komen.

Als een proces binnen bepaalde waarden blijft, spreekt de cybernetica van homeostasis: een soort dynamisch evenwicht waarin niets verandert. De verkiezingscampagne leek daar op: er gebeurt van alles en toch verandert er niks.

Wat is zo onbehaaglijk en verontrustend? Is het oog van de beschouwer het probleem? Of ben je niet gek en is de omgeving dat wel? Zo kwam ik terecht bij “Slow politics”, zes uren van interviews in de Balie. In het derde blok zat Tjeenk Willink aan tafel.

Risico beheersen

Ineens zei Herman Tjeenk Willink iets boeiends: “De politiek kent zijn eigen functie niet meer. Dat is het voortdurend bepalen en herformuleren van het algemeen belang.” Vervolgens toonde hij zich knorrig over de onderwerpen in de verkiezingsstrijd.  Het verschil tussen politiek en bestuur is verloren gegaan, zei hij en “de politiek toont zich een slecht medebestuurder.”

Coen Teulings, ooit directeur CPB, viel hem bij door de algemene bestuursdienst ter sprake te brengen. Had men een idee wat de functieomschrijving is van een directeur generaal? Die hoefde geen visie, fantasie of creativiteit te hebben, maar moest vooral een risico beheerser zijn….

Ook de kunde van het ambtelijk apparaat kwam ter sprake: door de scheiding tussen beleid en uitvoering, de privatiseringen, de verzelfstandigingen, de voortdurende bezuinigingen, is de kwaliteit en inhoudelijke deskundigheid van de organisatie uitgehold. Natuurlijk: hier spreekt de oud-regeringscommissaris, meer nog dan de voormalige vicepresident van de Raad van State. Alleen: gelijk heeft hij wel: onnodig complexe en averechts werkende regels zijn overal.

Maar ineens dacht ik: hoe kunnen we van departementen verwachten dat zij de veranderingen in de samenleving sturen, conditioneren en faciliteren, als die departementen vooral risico moeten beheersen en beperken? Als dat is wat we verwachten, scheppen we een logge overheid, die vooral het bestaande in stand houdt en verdedigt. Geen wonder dat spannende hervormingen en anticipatie op veranderingen uit blijven. De politiek bevordert dat sterk door te praten over beleid en niet over wenselijkheden en richtingen.

Ruimte voor experimenten

Naast beperking van de aandacht voor risico, zou ook een regime helpen dat ruimte schept voor experimenten. De laatste tranentrekker is het “Tijdelijk besluit experimenten Participatiewet.” (Staatsblad 69; 22-02-2017) Ik spreek over een tranentrekker, omdat het een besluit is dat vooral angst uitstraalt. De gemeente verzoekt, artikel 5 regelt de inhoud, artikel 6 de vorm, artikel 7 de verplichtingen voor gemeenten, artikel 8 de beëindiging van het experiment. De toelichting legt uit dat in het micromanagement vooral de evaluatie en de rechten van de deelnemers geregeld moesten worden.

Maar misschien zou het een goed idee zijn als 100 bloemen mochten bloeien? Is dat niet experimenteren? Is de gemeente nog een beetje autonoom?

Natuurlijk kun je niet zo maar alle wetten aan de kant schuiven, omdat je een andere werkwijze een goed idee lijkt. Maar dit is het omgekeerde: als je bestuursjuristen experimenten laat vormgeven, wordt de wereld secuur dichtgetimmerd. En die wereld zit vol met goedbedoeld beleid, dat niettemin averechts, onbedoeld of negatief effect heeft. Veel daarvan blijft bestaan, omdat het aan de formele vereisten voldoet, volgens de juiste procedures is ontstaan, is goedgekeurd door parlement of gemeenteraad.

De Tijdelijke Beschikking is een dramatisch voorbeeld van micro-management door een bange overheid, die eigenlijk geen experimenten wil en de doelstelling (de beleidstheorie achter de Participatiewet) tot achter de komma  bewaakt en beschermt. De wetenschappelijke evaluatie van een experiment, tot in details in de Beschikking voorgeschreven, getuigt van een wantrouwen en regeldrift, die niet past in moderne interbestuurlijke verhoudingen: alsof gemeenten zelf niet kunnen bedenken aan welke wetenschappelijke eisen een evaluatie van een experiment moet voldoen.

Politiek en bestuur opnieuw inregelen

Politiek en ambtelijke uitvoering houden elkaar gevangen in een kleverig web van stagnatie. Het probleem is oplosbaar, maar er moeten wel een paar dingen anders worden geregeld. Een openbaar debat over de kwaliteit van de ambtelijke bureaucratie is hoogst nodig, meent Tjeenk Willink. Misschien is dit een bijdrage daar toe.

We moeten terug naar een zuiver politiek en bestuurlijk rollenspel: daarin is de politieke leiding richting gevend en doelen stellend, heeft de ambtelijke dienst een volgende rol, maar de ambtenaar is ook professioneel adviseur. De ambtenaar moet zijn baas vertellen wat mogelijk en verstandig is.

Kan dat wel, als je het politiek niet eens bent? Ja, dat kan heel goed. En als de politieke baas dan een oplossing kiest, die inhoudelijk niet klopt, of die politiek onverdraaglijk is, dan moet de ambtenaar beslissen of hij wil blijven of opstappen. In de V.S. wordt, met het intrekken van Obamacare, dat probleem helder geïllustreerd.

Als politiek en bestuur opnieuw zijn ingeregeld, is er nog een tweede invalshoek: een regime voor experimenten vestigen dat de ruimte schept voor vernieuwing, door organisatie en toetsing van die experimenten op afstand van de heersende macht te zetten. Experimenten zijn een goed instrument voor verandering. Ze toetsen draagvlak, effecten en complicaties van beleid, benutten “policy windows”. Dat is niets bijzonders: in de huisvesting is decennialang zo gewerkt, met goede resultaten. Als je echt vernieuwing wilt, moet je ruimte scheppen voor die vernieuwing, dus niet bang zijn voor strijdigheid met bestaande regels of voor de ongelijkheid die afwijking daarvan brengt.

(In)formatie

Is de periode waarin een nieuwe coalitie moet worden gebouwd geschikt voor zo’n fundamentele herijking? Op het eerste gezicht misschien niet. Maar ik herhaal de zinsnede uit het begin: de politieke fragmentatie vertaalt zich in een heilloze complexiteit van regelgeving. De belastingwetgeving is er de mooiste illustratie van.

We zullen die stagnatie moeten doorbreken. Alle politieke snoeverij over “hervormingen” kan niet verbergen dat er door de laatste coalitie weinig ingrijpends is verricht. De economie draait weer en de woningmarkt is vlot getrokken, zegt men. Maar het herstel van de economie heeft veel te maken met het stimulerend beleid van de ECB. De markt voor koopwoningen gaat een nieuwe oververhitting tegemoet, terwijl de huurwoningmarkt voor circa drie miljoen huurders er slecht bij staat. De huurders betalen het gelag.

De arbeidsmarkt laat ook geen juichtonen toe, de pensioenen evenmin. De nieuwe coalitie heeft veel te doen; ideologische hoogstandjes moeten maar even niet. Maar dat betekent niet dat hervorming niet urgent is. De combinatie van partijen die voor de hand ligt, wijst richting kleurloosheid en halve maatregelen, zelfs als het kaartspel van Bos en Kamp wordt vermeden.

Wat moet wel? Ik opper een paar vragen en aandachtspunten:

  • Hoe gaan we beter gebruik maken van kennis die er al is? (minder ideologie, meer waarheid)
  • Hoe gaan we burgers meer laten participeren? (politieke partijen als probleem, maar referenda zijn geen oplossing.)
  • Hoe gaan we verouderd beleid opruimen?
  • Hoe gaan we fundamentele keuzen voor nieuw beleid verkennen? (Onderzoek basisinkomen?)
  • Hoe gaan we slimmer beleid maken? (afstand van politieke compromissen vergroten, etc.)
  • Hoe beperken we grijze compromissen, onnodige complexiteit en uitvoeringsbureaucratie?

Het zou goed zijn als in het komende regeerakkoord daar een paragraaf aan zou worden besteed.

  1. 1

    Het lijken mij hele goeie aandachtspunten.

    [Dit is de beste] Hoe gaan we beter gebruik maken van kennis die er al is? (minder ideologie, meer waarheid)

    “Een maandje in het laboratorium scheelt een middagje in de bibliotheek.”, grappen wetenschappers wel eens. Meer huiswerk doen en meer onderzoeken en evaluaties lezen. Door meerdere bestuurders tegelijk, als een studieclubje, bij wijze van sociale controle—dat iedereen zijn huiswerk goed blijft doen en er geen broddelwerk geleverd wordt.

    Hoe gaan we burgers meer laten participeren? (politieke partijen als probleem, maar referenda zijn geen oplossing.)

    Is gebrek aan betrokkenheid van burgers bij het besturen van een land dan een probleem? Is het nodig om alle vakantiegangers meer te betrekken bij de navigatie van de Queen Mary II? Als het volk gaat morren kunnen bestuurders door midden van transparantie en gedegen motivatie hun handelen verantwoorden—voor, tijdens en achteraf. Al is het natuurlijk wel heel vervelend om als dierentuinverzorger constant die ‘expertise’ en ‘ik heb een suggestie voor je’ van de toeschouwers te moeten aanhoren als je zo transparant bezig bent: https://www.youtube.com/watch?v=lyWdwizXKm4

    Hoe gaan we verouderd beleid opruimen?

    Ervoor zorgen dat er aantoonbaar beter alternatief beleid is. (Verder, afhankelijk van de textuur van het oude beleid, een stevige laars aantrekken en dit beleid een rotschop geven, of in de toiletpot kieperen en doorspoelen terwijl de Marseillaise galmt vanuit een cassetterecorder.)

    Hoe gaan we fundamentele keuzen voor nieuw beleid verkennen? (Onderzoek basisinkomen?)

    Fase I-, II- en III-experimentjes/proefballonnetjes, zoals in de farmaceutische industrie?

    Hoe gaan we slimmer beleid maken? (afstand van politieke compromissen vergroten, etc.)

    Mensen inhuren die complexe problemen kunnen terugbrengen tot een overzienbare set waarover de mens controle heeft, mensen met een groot denkraam zoals systeemanalisten en computerpogrammeurs? (Niet van die types die libraries bij elkaar scharrelen en er een lappendeken van breien, maar die echte algoritmes kunnen bedenken.) Misschien een aanleiding om een nieuw beroep in het leven te brengen: Bene Gesserit, ofzo.

    Hoe beperken we grijze compromissen, onnodige complexiteit en uitvoeringsbureaucratie?

    Op het autoritaire af besluit-gewicht geven aan bestuurders die zich op dat gebied in het verleden meerdere malen hebben bewezen (een autoriteit zijn op dat gebied, als het ware) en waar iedereen maar gewoon naar heeft te luisteren—omdat ze het zeggen. Met de nodige transparantie, natuurlijk: “Maar waaróm mag ik dan geen K3-koekjes?” – “(i) Omdat de krengen om marketingtechnische redenen drie maal zo duur zijn als merkloze koekjes van vergelijkbare kwaliteit, (ii) omdat jij ADHD-technisch gezien een gluten-overgevoeligheid hebt, (iii) omdat je nu wel zo ongeveer alle verstopplekken van de koekjestrommel kent en ik dat gestuiter helemaal zat ben.”

    Geen idee in hoeverre een en ander in de politiek al bekend is c.q. toegepast wordt, natuurlijk.

  2. 2

    Heel veel vragen die ik niet zo snel kan beantwoorden. Heb ook even naar het gesprek met Tjeenk Willink geluisterd. Dat is inderdaad heel interessant.

    Neem je eerste vraag waarbij je de afweging wilt maken tussen ideologie en waarheid (een vreemde tegenstelling overigens, maar dat ter zijde). Tjeenk Willink vertelde dat door outsourcing en privatisering kennis was verdwenen uit het staatsapparaat. Dat is een mooi voorbeeld van verzwakking van de staat door het neoliberale beleid van van de afgelopen jaren. Het wordt voor de staat steeds moeilijker om ‘waarheid en fictie’ te onderscheiden, om het naar jouw termen te vertalen.

    Willink zegt ook wat interessants over ons begrip ‘staat’. Daarvoor gebruiken wij vaak liever het woord ‘overheid’. Het is of staat een vies woord geworden is. Als er een ideologie dominant is in Nederland dan is dat wel de liberale ideologie, met een neoliberale kern (want liberaal in naam, neoliberaal in praktijk)

  3. 3

    @1: leuk, je aantekeningen prikkelen. Freeman Dyson beschrijft een “shotgun seminar”: iedereen doet een visite kaartje in een doos, degene wiens kaartje getrokken wordt houdt de inleiding.
    Door het risico dat je spreker bent, is iedereen prima voorbereid en ontstaat een echte confrontatie van kennis, zonder gezapigheid.
    Beter participatie van de burger betekent niet persé dat je moet helpen de Queen Mary te navigeren, wel dat je door ‘rating’ zegt wat je van een dienst vindt en dat dit dan ook effectief is.
    Verouderd beleid en nieuw beleid: ik deel je sentiment, maar dit is lastig. Beleid wordt zelden gefundeerd op kennis, maar vooral op politieke opportuniteit en terugkomen op mislukt beleid is het lastigste wat je kunt vragen.
    @2: wat zit je dwars? Ideologie is per definitie niet waar of gedeeltelijk waar, een geloofssysteem met politieke bedoeling. Waarheid is respect voor feitelijkheden, onderzoek, etc.
    Kijk naar de Trump regering: de baas vindt dat hij alles kan doen en zeggen, hij gelooft dat je de wereld kunt besturen als aanbieder op een markt. Dat is ideologie.
    Waar is dat je als public servant te maken hebt met partijen, die niet weggaan, zich niet laten afbluffen of vervangen. Daar heb je dus mee te maken en zul je iets zinnigs mee moeten doen.
    Tjeenk Willink bekommert zich al decennia over deze materie. Als politiek en ambtelijke uitvoering nog sterker worden verknoopt, wordt de transparantie nog slechter. Denk aan de beleidssoep van Kingdon waar nu en dan een gelegenheid voor vernieuwing komt langs dobberen.
    Dan kunnen we klagen over marginaal prutswerk in plaats van serieuze hervormingen, maar dat klagen gaat ook niet helpen. De wereld verandert sterk, zo sterk dat het marginaal prutsen niet meer voldoet. Dat is de urgentie van dit verhaal.

  4. 4

    @3: Dat van die ‘shotgun seminar’ kende ik niet maar wat mooi. Ja, als je mensen zo bij de politiek zou betrekken. Ik heb eerder geschreven dat democratie meer is dan alleen maar stemmen en dat het geen markt voor beleid is. Die manier van denken maakt van burgers passieve consumenten die boos worden als ze een kat in de zak hebben gekocht en dat afreageren door op de PVV te gaan stemmen. Democratie is ook meedenken en actief betrokken zijn bij het bestuur op elk niveau, landelijk en lokaal, publiek en privaat.

    De beelden van @1 framen bestuur en democratie op een wel heel negatieve manier. Het beeld van de Queen Mary maakt er een dictatuur van: er één kapitein is die alles beslist en zijn officieren moeten dit direct uitvoeren – als ze dat niet zouden doen strand het schip immers. Alleen als de kapitein duidelijk dronken is mag hij door de scheepsdokter afgezet worden. Elk beeld dat @1 oproept roept bij mij de associatie op van deskundigen en helderzienden (Bene Gesserit) die autoritair een dierentuin of kleuterklas (K3!) besturen.

  5. 5

    @3: Ik had dit gemist: Wat mij irriteert, vraag je.

    Als je ideologie tegenover waarheid zet dan suggereert dit dat het om gelijke categorieën gaat. Hiervan is natuurlijk geen sprake. Het stelt ideologie gelijk met onwaarheid conform de negatieve manier waarop tegenwoordig over ideologie wordt gedacht. Ideologieën zijn niet ‘waar of onwaar’, het zijn – zoals je zelf ook stelt – geloofssystemen met politieke bedoelingen. Het is dat politieke aspect waar het me om gaat. Politiek wil zeggen: er worden keuzes gemaakt.

    Met andere woorden, jou tegenstelling suggereert dat onze problemen opgelost kunnen worden door deskundigen, dat het een kwestie is van kennis (waarheid). Het negeert dit tweede, minstens even belangrijke aspect: het maken van keuzes. Dat is wat me irriteert.

  6. 6

    @4 en 5: ik snap wat je zegt. Ik bedoelde niet te suggereren dat deskundigen onze problemen kunnen oplossen, want dat lijkt me niet juist.
    Het verschil is denk ik kentheoretisch van aard. Ideologie en waarheid verschillen in mijn beeld niet zo veel.
    Ideologie is een geloofssysteem met politieke bedoelingen, dat delen we. Waarheid, of liever streven naar waarheid, is alleen in die zin afwijkend dat het zich opent voor debat en dat het voorschriften voor het benaderen heeft.
    De ideoloog stopt bij bevestiging.
    De waarheid is per definitie tijdelijk en altijd vatbaar voor rationele toetsing, aanvullend onderzoek en bewijsvoering.
    Kijk naar Trump: de man is niet geïnteresseerd in de waarheid, of een rationele toets van zijn leugens. Hij kiest conform zijn ideologie, maar de waarheid (statistiek, wat hij gisteren zei) heeft daar geen invloed op.
    Daarmee maak je mensen gek, verziek je processen.

  7. 7

    Kijk naar Trump: de man is niet geïnteresseerd in de waarheid, of een rationele toets van zijn leugens. Hij kiest conform zijn ideologie, maar de waarheid (statistiek, wat hij gisteren zei) heeft daar geen invloed op.

    Nou, nee. Trump is een opportunist, die helemaal niet kiest confrom zijn eigen ideologie. Hij kiest (schijnbaar) voor een bepaalde ideologie die hij het beste kan gebruiken, of misbruiken, om zijn enige echte doel te bereiken: macht.

    Dat cynische opportunisme heeft niets te maken met een oprechte ideologische overtuiging. Trump heeft net zo weinig op met ideologie als met feiten.

  8. 8

    @7: ik heb niet het idee dat we iets moeten verhelderen aan elkaar. Trump mag opportunist zijn, een wonderlijke verhouding tot de realiteit om hem heen hebben. Ik denk dat het een samenhangend geheel vormt: een bully, die er van overtuigd is dat nooit opgeven, altijd inzet verdubbelen, intimideren enzovoort werkt. Dat noem ik ideologie.
    De waarheid dienen is een open denkkader, onderzoeken, toetsen aan je eigen beweringen en stellingen, die van anderen.
    Maar dat hij helemaal niets gelooft, jouw cynisch opportunisme, dat geloof ik niet. Hij heeft wel de oprechte ambitie America great again te maken.

  9. 9

    @8

    De oprechte ambitie (of illusie) van Trump lijkt mij: de geschiedenisboekjes halen als de president die America great again maakte. Ofwel: het gaat hem niet om Amerika, het gaat hem om Trump.

    Een ideologische basis voor politiek vloeit in mijn ogen voort uit een bepaald wereldbeeld. En wie denkt en handelt vanuit ideologie is (tot op zekere hoogte) consequent en zijn argumentatie is (tot op zekere hoogte) consistent. Je weet dus (tot op zekere hoogte) waar je met zo iemand aan toe bent, en op basis daarvan kun je een debat met hem voeren, of zelfs afspraken maken.

    Bij Trump is van dat alles geen sprake. Die is enkel en alleen stelselmatig op zoek naar mogelijkheden om van te profiteren. Dat heeft niks met ideologie te maken. En ik ben er van overtuigd dat het succes van Trump mede veroorzaakt is door de onderschatting (door Democraten, door media, door het publiek) van dat van elke ideologische inhoud ontdane opportunisme. En ik mag hopen dat we hier niet dezelfde fout maken. Want de verkiezingsuitslag van vorige week mag dan misschien meevallen, ik ben er absoluut niet van overtuigd dat het populisme daarmee verslagen is.

  10. 10

    @9: Je hebt zeker gelijk als je zegt dat hij door zijn tegenstanders is onderschat. Het is onmogelijk om te weten wat precies zijn motieven zijn – is het alleen maar een cynisch gevecht om de macht? – maar Trump is wel degelijk het product van een politieke stroming die voor het eerst zichtbaar werd in 1964 met Goldwater. Toen was de tijd nog niet rijp en werden ze verslagen, maar ze hebben in de loop der jaren de Republikeinse partij overgenomen. Reagan was de eerste die het tot President bracht. In 1994 nam Gingrich de partij in het Congres over. Bush, Tea Party en nu Trump passen ook in deze ontwikkeling. Hiervoor hebben ze al die jaren gevochten. Het is lelijk, grotesk, en radicaal en de vertegenwoordigers laten geen middel onbenut om te winnen. Ik denk dat ook dat onderdeel is van deze radicale vorm van conservatisme.

  11. 11

    @10

    Ik ben het grotendeels met je eens. Alleen is mijn indruk dat ideologie in de loop der tijd steeds meer plaats heeft gemaakt voor opportunisme. En Trump is het eindresultaat van die ontwikkeling: opportunisme ten top, van ideologie is niet of nauwelijks nog sprake.

  12. 12

    @11: Dat is zeker zo, maar ik denk ook dat wij naar hen kijken door onze eigen ideologische bril. Wat wij zien komt ons voor als cynisch opportunisme. Neem bijvoorbeeld de verheerlijking van de markt. Wat wij zien is is hebzucht, maar voor hun is dat onderdeel van het systeem. Strijd is daar een essentieel onderdeel van en zwakheid tonen is geen optie. Ik moet ook altijd denken aan Carl Schmitt’s defintie (pdf) van soevereiniteit: Souverän ist, wer über den Ausnahmezustand entscheidet. Dat wil zeggen: regels zijn voor sukkels, de echte heerser maakt regels.

  13. 13

    @12

    Wat je schrijft geldt zeker voor een deel van de Republikeinse partij en achterban. Maar, daar ben ik nog steeds van overtuigd, niet voor Trump. Die gebruikt die ideologie alleen maar om macht te verwerven.

    Maar de hamvraag is in mijn ogen: vanwaar die ontwikkeling van ideologie naar opportunisme bij de Republikeinen? Het voor de hand liggende antwoord: de ideologie is te bestrijden met feiten en argumenten, maar het opportunisme niet.

  14. 14

    @8: Als ik lees:

    Ik denk dat het een samenhangend geheel vormt: een bully, die er van overtuigd is dat nooit opgeven, altijd inzet verdubbelen, intimideren enzovoort werkt. Dat noem ik ideologie.

    dan denk ik gelijk: de disassociatie tussen de woorden en de dingen nemen steeds verder toe. De discussie daarna begrijp ik ook niet. Voor Trump is ‘rijk zijn’ gewoon het bewijs dat je weet hoe de wereld ‘werkt.’ Dat is voor hem equivalent aan ‘kennis.’ Dus het einde van wat voor ideologie dan ook. Misschien hebben de heren iets aan de woorden van Paul Jay van therealnews:

    Capitalism has lost its dynamism. Too few people own far too much. More profits are generated from parasitical speculation than productive investment. The elites who revel on the deck of the Titanic have next to no interest in the well-being of the majority of people.

    Trump’s major billionaire backer Robert Mercer made his fortune in high frequency stock trading, gaming the stock market using advanced algorithms and data analysis to create unprecedented profits.

    Mercer’s daughter Rebecca helps run the Trump transition team, and key Trump advisors Kellyanne Conway and Steve Bannon both worked for Mercer.

    Another major backer is Sheldon Adelson, who made his billions owning Las Vegas casinos. Adelson, a close ally of Israeli PM Netanyahu, reportedly gave Trump twenty-five million dollars.

    From climate disaster to the destructive orgy of unrestrained finance, the billionaire class and their political minions are not even capable of dealing with threats to the very system that made them so wealthy. It’s the whole of humanity that will pay the price.

    The ruling elites are dysfunctional. Their answer in times like these has always been war. They are not fit to rule.

  15. 15

    Trump is bij mij een voorbeeld, meer niet. Ideologie is een zekere mate van samenhang van overtuigingen, die verder niet meer worden onderzocht of getoetst.
    De waarheid moeten we allen dienen. Als rationele toetsen en consistentie met wetenschap en eerdere verklaringen niet meer nodig zijn, regeert de chaos.
    Ik herinner aan mijn stuk over Dugin, die chaos inclusief noemt en logos exclusief. Als je chaos schept, heb je volgelingen.
    Een ideologie is geen wetenschap of beschrijfbare leer: ook ordinaire opvattingen (nooit excuus maken, altijd inzet verdubbelen, beledigen) kunnen ideologisch zijn.
    Het is dus allebei: er is een enge radicaal conservatieve en fundamentalistische lijn, die teruggaat tot Goldwater en Reagan, gevolgd door het apolitieke radicalisme van de Teaparty. Daar zit de Republikeinse partij vol mee.
    Er is ook een narcistische sociopathologie te zien, die een dubieuze verhouding tot de werkelijkheid veroorzaakt bij Trump, met pathologisch liegen als gevolg.
    Maar de discussie dient om op het spoor te komen welke vertekeningen van de realiteit wij geloven: dat de oude coalitie goed werk heeft gedaan met “hervormingen”, bijvoorbeeld.
    Wat we geloven, wordt waar in zijn gevolgen.

  16. 16

    @15: Het gaat dieper, beste Tom. Maar ik ben niet van plan om de bomen in je woud te kappen via de laatste pagina’s van Foucault’s ‘De woorden en de dingen.’

  17. 18

    Kijk eens naar Robert Reich op youtube, overtuig je van de gestoordheid van Steve Bannon, die gelooft in een apocalyps binnen vijf jaar en dolgrag Iran binnen wil vallen.
    Reich noemt een editorial van Wallstreet Journal, die Trump een wanhopige dronkaard noemt, die zich vasthoudt aan een lege fles, de leugens over wiretapping herhalend. De Dow Jones staat boven de 20.000 punten, dus de achterban wordt nerveus.
    Hopelijk wordt Pence snel opvolger, voordat de V.S. oorlog maken met Iran.
    Misschien zie je nog meer bomen in mijn brein, die het zicht op het bos belemmeren?

  18. 19

    @18: Tom, ik kreeg in de jaren ’90 van sociaal-democraten nogal wat complimenten omdat ik vaak iets van Robert Reich citeerde uit zijn ‘De wereld aan het werk.’ Het boek begint al goed met een citaat van ene Samuel Johnson:

    In een beschaafde wereld zijn we allemaal van elkaar afhankelijk (1791)

    waarbij Reich direct al te kennen gaf niets te zien in (hyper)individualisme die zit opgeborgen in de contra-ideologie die meestal wordt aangeduid als neoliberalisme. Paars 1 kwam moeizaam tot stand en was zonder de aanwijzing van koningin Beatrix waarschijnlijk niet tot stand gekomen. Ik behoor niet tot degenen die het Wim Kok kwalijk nemen voor de totstandkoming van dat kabinet. Integendeel. Om meerdere redenen die hier verder niet echt ter zake doen.

    Net zo min als dat ik Reich iets kwalijk kan nemen voor ‘unfettered capitalism’ waarvoor de dwaze Bill Clinton later in hoge mate voor verantwoordelijk was door een aantal desastreuze acts of law te ondertekenen (niet zijn enige grote fout overigens). Waar het op neerkomt is dat het gezonde sociale besef van Reich over afhankelijkheid werd vervangen door een opgelegde afhankelijkheid via de financiele sector. Details daarover had ik graag voor de verkiezingen gezien van onze Michel i.p.v. een diepe analyse van politieke stromingen die ook nog eens ‘intertwined’ zijn.

    Wat ik de sociaal-democraten wel kwalijk neem is dat zij ons in het ongebreidelde kapitalisme afhankelijk hebben gemaakt van bankiers die nauwelijks nog door wetten in de weg worden gestaan en zonder veel protesten hebben toegestaan dat we na de crash in 2008 tot vrij onbeschermde ‘lenders of last resort’ (beter, victims of last resort) zijn gedegradeerd en nog steeds geen agenda hebben aangeschaft over hoe dat in de toekomst te voorkomen. ‘Kan niet fout gaan,’ gekscheerde een advocaat werkzaam in de omgeving van de A10 zuid. ‘Totdat het wel fout gaat,’ stelde eenzelfde type. Terecht, na een kwartiertje veel info over financiering. Geen verjaardagsfeestje verstoren. Reich heb ik al te vaak bekeken via Youtube. Kok zwijgt, Reich niet. Mijn politieke positie zit ergens tussen Chris Hedges en Robert Reich: https://www.youtube.com/watch?v=qnPnnkOmmXk

    Natuurlijk is een vertaalslag nodig naar de Nederlandse politieke situatie en het is wel de bedoeling dat het zo blijft.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

| Registreren