Relletje Giel Beelen legt zelfvoldaanheid mediamakers bloot

COLUMN - Relletje op de radio: Giel Beelen moest zo nodig nog even zijn gelijk halen ten koste van muzikant Tim Knol, en trakteerde de singer-songwriter tijdens een optreden in Beelens radioprogramma ongevraagd op een striptease-act.

Aanleiding? De uitlatingen die Knol eerder had gedaan over een vergelijkbaar akkefietje dat zangeres Maan was overkomen in de studio bij radio 538. Volgens Beelen kende de zanger & gitarist, die destijds de betreffende radio-DJ’s op twitter had uitgemaakt voor een stelletje ‘ongelofelijke prutsers’, de achtergrond onvoldoende dus had deze daar z’n klep over moeten houden.

Bovendien vormde de exposure dat het programma bood al een hele gunst. ‘Weet je, dat is twee keer kritiek op mensen die radio maken, maar (…) hoezo? Je mag toch überhaupt blij zijn dat je hier staat?’

Volgens Beelen had Knol iets teveel noten op z’n zang in z’n kritiek op radiomakers. Hij besloot de 28-jarige zanger daarom een lesje te leren door eens even lekker over diens grenzen heen te gaan. Grapje man! Moet kunnen. Hé, waarom loop je nou weg? Wat flauw. Doe eens even gewoon lekker mee. Lachen toch? Ach, jij kunt ook nergens tegen!

Mislukt kruisverhoor

Het deed me denken aan het mislukte kruisverhoor dat moest doorgaan voor een interview dat Volkskrant-verslaggeefster Margriet Oostveen had afgenomen met Enis Odaci. Dit naar aanleiding van de online campagne met een stripfiguurtje in de vorm van een wereldwijze en mondige moslima, Nora. Die moest allerlei islamofobe uitlatingen van repliek voorzien.

Daar vallen inderdaad allerlei kritische vragen bij te stellen, maar Oostveen gaf al van voren af aan te kennen haar oordeel klaar te hebben. Dat Odaci geen zin heeft verantwoording te moeten afleggen aan een willekeurige journalist, laat staan in een als vraaggesprek verkapt verhoor. Daar nam Oostveen echter geen genoegen mee. Ook hier sijpelde de aanmatiging van de mediamaker aan de oppervlakte, zodra de ‘gast’ te kennen gaf het spelletje niet mee te willen spelen.

En zo verlies ik mijn geduld. Ik zeg dat in Nederland de journalist de vraag bepaalt.

Wat ik daarmee bedoel.

Dat we hier niet in Turkije zijn, zeg ik. Uh-oh. Het land zonder persvrijheid, bedoel ik.

‘Het is schokkend hoe raciaal jij denkt’, zegt Enis Odaci, zoon van een Turkse gastarbeider.

Merk even op hoe de journalist degene die zij geacht wordt te bevragen hier even reduceert tot een karikatuur van z’n etniciteit. Turkse afkomst, dus zal nog wel met z’n hoofd en onderbuik in Turkije zitten zoals al die andere Turken hier te lande; en die zijn overwegend op hand van Erdogan, een autocraat, dús zal Odaci ook wel…

Zelfvoldane poortwachters

Nu ken ik Odaci een beetje van social media, en dat is dus geen chauvinistische, laat staan nationalistische of autocratisch denkende Turk. Voor zover Odaci patriottisch gezind is, laat ‘ie zich kennen als op Nederland betrokken. Dus wat Turkije met dat online stripfiguurtje of Odaci’s attituden te maken heeft, is mij volstrekt onduidelijk.

Wel duidelijk is dat Oostveen kennelijk een bepaald beeld van Odaci heeft, waar ze hem op vast wil prikken. En als ‘ie daaraan niet meewerkt, en haar vertrekpunt ter discussie stelt, wordt ‘ie alsnog geframed – ook al ligt er geen interview, en resteren enkel de vooronderstellingen waarmee Oostveen aan het vraaggesprek begon.

Het stuk verheldert weinig tot niks over Odaci en welke overwegingen aan de inzet van dat online stripfiguurtje hebben gelegen; maar des te meer over de journaliste en de zelfvoldane houding van waaruit deze vertrekt: als zij u een al dan niet brandende hoepel voorhoudt, dient u er doorheen te springen.

Want zo werkt dat als je poortwachter bent ‘bij de media’. Dat iemand dat weigert en de vinger legt bij de vooringenomenheid die in de vraagstelling besloten ligt, verblijft kennelijk überhaupt niet in het voorstellingsvermogen.

Wilders/Baudet

Deze houding, en wat daar achter steekt, wordt des te schrijnender zichtbaar wanneer we haar vergelijken met de fluwelen handschoenen en welwillendheid waarmee journalisten populistische politici bejegenen, die demagogie, xenofobie en paranoia weten te munten tot electoraal succes. Die worden namelijk steevast met fluwelen handschoenen aangepakt.

De verhoudingen met de media zijn daar dan ook omgekeerd. Politiek verslaggevers en interviewers weten dat hun toegang tot deze politici afhangt van  welwillendheid, en Geert Wilders en Thierry Baudet beseffen maar al te goed gewilde items te zijn, van wie journalisten afhankelijk zijn voor toegang. Beiden buiten dat dan ook maximaal uit.

Dat levert bij Wilders TV-items over zijn poezen op met één van ’s lands bekendste TV-presentatrices, en bij Baudet flirterige interviews boven een goed glas wijn. Geen ondervrager die zo’n gesprek op het scherpst van de snede zal voeren, want men weet: dat is eens, maar nooit weer. Zoiets word je nog jaren nagedragen. Toegang kwijt.

Podium

Waarom stellen die journalisten nooit écht kritische vragen aan Wilders of Baudet, klinkt het vaak. Nou vooral ook daarom dus.

Maar zonder sterrenstatus waar men nog eens een gunst van nodig heeft, zal men zich elke schrobbering moeten laten welgevallen. Bij voorkeur glimlachend, want anders ben je voortaan je toegang tot het podium kwijt.

Het valt te prijzen in Tim Knol dat hij nou eens niet in dat spelletje mee gaat. Dat zouden meer mensen moeten doen. Een dikke middelvinger opsteken: u zoekt het maar lekker uit.

Dan maar geen ‘exposure’ van lieden die denken dat het hun recht is hun gasten te vernederen omdat ze toevallig ‘voor de media’ werken.

  1. 5

    Het is in de consternatie w.s. niemand opgevallen: was er een prangende reden om die tieten te blurren? Bedoel, in het licht van het oprekken van de vrije meningsuiting? Of is dit ook het gevolg van de Rechts Liberale Verpreutsing en het daarmee gepaard gaande volslagen gebrek aan gevoel voor humor die in elke vezel van onze samenleving lijkt te zijn geïnfiltreerd? Of de Vrije Meningsuiting heeft stuivertje gewisseld….of IK begrijp het niet meer.

    //Phil Bloom R.I.P.

  2. 8

    @5

    YT is preuts. Kennelijk heerst daar de Amerikaanse, evangelische geest. Maar als ik langs de commerciële zenders zap, dan vliegen de vagina’s en penissen mij om de oren. (Geen idee hoe dat programma heet) Merkwaardig genoeg maakt niemand zich er druk over.

    Maar een striptease-act op de radio(!) is kennelijk weer iets om je over op te winden. Ik ben ergens de weg kwijt geraakt in de seksuele revolutie denk ik. Vroeger lagen de zaken eenvoudiger. Hiërarchisch rechts was tegen vrije seks en wij deden gewoon wat we wilden.

  3. 9

    @8: ’t Is denkik niet zozeer dat het een strip-act was, maar dat een optreden doelbewust werd verstoord. Stel je voor dat iemand je vraagt een staaltje kalligrafie ten beste te geven, en eenmaal bezig gaan er iemand aan je schouder trekken.

  4. 10

    Wat een enorm zwakke vergelijking : terechte journalistieke kritiek met open vizier gespuid, op een mallotig, door de overheid gesubsidieerd islamitisch stripfiguurtje aan de ene kant en een miljoenen verdienende, van zelfoverschatting overlopende DJ wiens houdbaarheidsdatum al lang is overschreden die een talentvolle jonge artiest meent sexistisch te moeten pranken met een ranzige strip-act.

  5. 11

    Ik weiger overigens nog langer mee te werken aan een open discussie over Vrije meningsuiting als tegelijkertijd tieten en laat me uitpraten, hier nota bene tentoongesteld in “een achter-de-schermen-filmpje”…dus dan vraag je er zelf om, zonder enige waarschuwing vooraf zomaar tieten weggeblurred worden. Nou vraag ik U? Zijn we dan niet verkeerd bezig?

  6. 12

    .. terechte journalistieke kritiek met open vizier gespuid…

    @10 Het gaat er mij niet om dat je geen kritiek zou mogen uiten op de vorm en insteek van die campagne ‘Nora Spreekt’. Die heb ik zelf ook.

    De manier waarop Oostveen Odaci echter benadert en afschildert verraadt echter haar eigen vooringenomenheid en dedain: Odaci moet zich maar even een kruisverhoor laten welgevallen, en meewerken aan zijn eigen ‘trial by media’ en het hof der publieke opinie overtuigen, waarbij de journalist zich opstelt als rechter, aanklager én griffier.

    En als iemand dan laat blijken daar geen trek in te hebben, doet ze ’t voorkomen alsof het allemaal aan hém ligt. Ja, dá-háág!

    Odaci is niet de eerste die dat overkomt, en hij zal ook niet de laatste zijn, vermoed ik zo.

    Herinnert iemand zich dit akkefietje tussen Peter R. de Vries en Sven Kockelmann nog? De laatste dacht namelijk ook in de schoenen van Jeremy Paxman, Tim Sebastian en Stephen Sackur te moeten kruipen.

  7. 13

    Maar een striptease-act op de radio(!) is kennelijk weer iets om je over op te winden.

    @8 Punt is dat het een grap is ten koste van een studiogast, die daar gratis met z’n maten komt optreden. Terwijl die gast luid en duidelijk heeft laten kennen daar niet van gediend te zijn – nee, ómdat die gast dat heeft laten kennen, want daar zijn de mediameneren en -mevrouwen weer niet van gediend, van repliek.

    Moet je maar eens opletten hoe gepikeerd Jeroen Pauw reageert als iemand in zijn programma metacommuniceert óver de wijze waarop het programma wordt ingevuld en de frames die worden gehanteerd: je moet wel je plek kennen en door de hoepeltjes springen die de presentator uitzet, begrijpt u?

    Voor muzikanten als Maan en Tim Knol geldt ook nog eens een keer dat ze voor bekendheid aan het product dat ze aan de man proberen te brengen (een nieuw album, een nieuwe single, een toernee) afhankelijk zijn van dit soort programma’s, en dat wéten die DJ’s.

    Dat verzin ik niet, dat laat Beelen duidelijk blijken: Knol heeft 2x kritiek geuit op radiomakers, terwijl hij ‘blij mag zijn’ dat ‘ie in dat programma staat. Maar zonder optredens als dat van Knol zou dat programma een stuk minder zijn.

    Beelen heeft die artiesten net zo goed nodig om z’n programma divers en amusant te houden. Hij zou zo’n kutgeintje waarschijnlijk ook niet flikken bij Adèle, want hij weet dat ‘ie allerlei internationale artiesten dan niet meer hoeft te vragen.

    Maar over de grenzen van zo’n Knol denkt ‘ie even doodleuk heen te kunnen gaan. Foute houding, vind ik. En eentje die niet voorbehouden is aan dikbetaalde radio-DJ’s.

  8. 15

    @13 en @14 helemaal mee eens. G. Beelen toont zich van z’n ranzige en geborneerde kant en dat maakt hem tot een sneu mannetje. Mooie cover die Tim Knol deed trouwens, Heart of gold, waarom, waarom, dat nummer vandaliseren met een stripper en de artiest bruskeren cq aanranden?

  9. 16

    @12: De manier waarop Oostveen Odaci echter benadert en afschildert verraadt echter haar eigen vooringenomenheid en dedain:

    Was jij niet de persoon van “dat staat er niet”, “dat heeft niemand letterlijk gezegd”, “dat is een stropop”, etc.?

  10. 17

    @16 Volgens mij citeer ik Oostveen in bovenstaand stuk letterlijk.

    Als u een andere interpretatie van haar woorden bent toegedaan: tja, dat staat u natuurlijk vrij.

    Vooralsnog zie ik echter in ’t geheel geen argument waarom mijn interpretatie niet klopt en die van u wel; heeft u het artikel van Oostveen überhaupt gelezen? Het is onmiskenbaar een ‘hatchet job’ zoals ze dat op z’n Engels zeggen.

  11. 18

    Giel Beelen’s actie was een simpele wraakactie voor dat akkefietje met Maan. Die mislukte, waarna hij Knol probeerde te framen als de humorloze social justice warrior. Die weigerde daarin mee te gaan, waarop Beelen rechtstreeks begon te dreigen. Het probleem voor Giel Beelen zit hem ten eerste in dat hokje van social justice warrior. Dat hokje vereist dat Knol zich als een easily triggered sneeuwvlokje gedraagt, wat hij niet deed, omdat hij gewoon op een kinderachtige onderbreking van zijn act reageerde. De wraakpoging van Beelen was zelf juist een gevalletje van kleinzielige verontwaardiging. Beelen was zelf het sneeuwvlokje met een oversized ego, niet de taboedoorbrekende shockjock die hij volgens zijn script moest zijn. Dus dat frame werkte niet. Als je daarna ook nog eens rechtstreeks gaat dreigen, wat Beelen deed, dan is het allemaal helemaal niet meer geloofwaardig. Gaslighting gevolgd door directe machtsuitoefening, da’s een beetje te manipulatief allemaal, daar trappen de mensen niet in.

  12. 19

    Met Beelen dien je hetzelfde om te gaan als een schreeuwend kind wat om aandacht vraagt: die negeer je. Elke letter meer is hem de aandacht geven die die zielepoot zo graag wil, dus bij deze.

  13. 21

    Giel Beelen begrijpt de huidige tijdgeest gewoon niet. De generatie van nu is metamodern, het zijn kinderen van David Foster Wallace. Als die Tim Knol Heart of Gold horen spelen, dan verlangen ze naar dat hart van goud. Ze zitten helemaal niet te wachten op zo’n Giel Beelen die daar dan doorheen gaat zitten tetteren.

  14. 22

    @21 Volgens mij doe je veel te moeilijk. Om te beginnen heeft Beelen een publiek dat hem bewust beluistert. Een fors deel daarvan zal zijn ‘humor’ kunnen waarderen, anders zouden ze niet op hem inschakelen.

    Voor het overige: het gaat er helemaal niet om dat men dat liedje wil horen of dat luisteraars ‘naar dat hart van goud’ verlangen.

    Nogal wat mensen die geërgerd reageren op dit akkefietje, luisteren helemaal niet naar dat programma van Beelen, of hebben niet zo veel op met Knol. Ik vind ‘m maar een zoetgevooisde kweler, bijvoorbeeld.

    En als Knol om deze actie had gelachen, ook goed; was er niks aan de hand geweest. Maar het punt is dat Knol er niet om kan lachen, dat ook van tevoren luid en duidelijk aangeeft; en dat die mediajongens denken alles maar te kunnen flikken ten koste van zo’n studiogast.

    Dat heeft met macht en machtsmisbruik te maken. Dat is alles. Daar gaat dit om, en dat is wat de weerstand oproept.

    Ander voorbeeld: Jordan B. Peterson was een tijdje terug in een interviewprogramma van Channel 4. Net als Peter R. kreeg ook Peterson de ‘Hardball’-interviewmethode. Twee tellen voor uitzending was de presentatrice nog heel hartelijk; het moment dat de camera draaide veranderde ze in een halve inquisiteur.

    Mensen prikken daar steeds meer doorheen. Als jij dat ‘metamodern’ wil noemen, mag dat natuurlijk, maar of je daar nou zoveel mee verheldert, is maar de vraag. Maar drop vooral nog een auteursnaam joh, dat klinkt heel belezen.

  15. 23

    @22: Ik denk ook niet dat de meeste mensen die nu zo boos zijn naar Giel Beelen luisteren, of naar Tim Knol. Er zit een hoop kuddegedrag bij die boosheid. Ik denk ook niet dat veel scholieren Infinite Jest hebben gelezen. Maar ik denk wel dat de afkeer van Giel Beelen’s geouwehoer iets over de huidige tijdgeest zegt. Het meningencircus van nu roept nu eenmaal een verlangen naar echtheid op, iets waar mensen in kunnen verzuipen, al is het maar voor even. Je ziet de hang naar romantiek van links tot rechts, van de kneuterige tiny houses tot aan de heldenverering van Jordan Peterson. Metamodernisme is misschien een wat vage en modieuze term, maar het slaagt erin om dat verlangen naar echtheid en integerheid te vangen, zonder dat het in de politieke tegenstellingen tussen links en rechts, of liberaal en conservatief verloren gaat.

  16. 24

    @13

    Ook al luister ik nooit naar Beelen, zijn flauwe grappen zijn wijd en zijd bekend. Naar mijn mening moet je sowieso niet met zo’n man in zee gaan. Als je op alle vlakken geen zaken doet met dubieuze figuren, dan gaat je leven er heel anders uit zien. De bedoeling van Beelen kan alleen maar zijn: aandacht voor zichzelf en zijn programma. En dat is uitstekend gelukt. Zeker in aanmerking genomen dat we het hier over een uitgerangeerd figuur hebben.

    Tim Knol is niks minder dan Adèle, althans, dat zou hij zelf moeten vinden. Nu is hij gebruikt door Beelen. Laat alle artiesten er notie van nemen.

  17. 25

    Hmm.. ik luister geen radio maar 1. is Beelen niet zo populair als hij is omdat hij “dit” doet? en 2. is Knol niet enkel bij Beelen vanwege zijn grote bereik? En werkt dit dan niet gewoon zoals het zou moeten: ik kende die hele Knol eerst niet, nu wel. No such thing as bad publicity.

  18. 26

    @22: De neiging om alles in elke situatie te verklaren vanuit tot machtsverschillen is overigens net wat metamodernisme bekritiseert. Die analyse is te eenzijdig. Bekijk de reacties op dat filmpje van Beelen eens. Mensen ergeren zich aan zijn machtsmisbruik, maar ze nemen het ook op voor de artiest die zijn vak oprecht doet. Daar kan je overheen kijken, maar waarom zou je dat doen? De voorkeur voor de artiest boven de clown past in een trend die al een tijdje aan de gang is. De hang naar authenticiteit verklaart waarom de hipsterbandjes die hey ho roepen zoveel succes hebben. Die waren of zijn weliswaar niet authentiek, maar wel oprecht, ze hebben geen dubbele bodem, en dat telt in het metamodernisme. Het verklaart ook waarom de platte volksmuziek is geherwaardeerd, en waarom een rapper als Ali B, zonder enige ironie, een duet met Ronnie Tober kan doen. Dat komt omdat Ali B met een naieve, of een faux-naieve blik naar de muziekwereld kijkt. Hij laat zich niet door een kwalificatie als ‘kwezeligheid’ leiden en kan daardoor makkelijk verbindingen leggen. De hang naar authenticiteit verklaart mede waarom Giel Beelen massaal door links en rechts wordt uitgepoept. Mensen kiezen partij voor de artiest. Jij kan die artiest kwezelig noemen, maar die kwezeligheid is een deel van zijn appeal, want het maakt hem oprechter, of wekt in ieder geval die suggestie.

    Wat Jordan Peterson betreft, ook bij Peterson speelt het mee. Niet bij dat interview misschien, maar wel bij zijn opkomst. Een groot deel van Peterson’s appeal is dat hij bloedserieus is, en geen enkel gevoel voor ironie heeft. Ironie is postmodern, en de postmodernen zijn de vijand, want postmodernisme haalt alle kleur en betekenis uit het leven. De hang naar authenticiteit staat weliswaar haaks op de troll mentaliteit van een boel van zijn fans, maar dat maakt het verlangen naar authenticiteit in die kringen niet minder groot. Angela Nagle weet in Kill All Normies een mooi beeld van die gespleten houding te schetsen. Haar analyse is vele malen rijker dan alleen de oude analyse over macht.

  19. 27

    Een groot deel van Peterson’s appeal is dat hij bloedserieus is, en geen enkel gevoel voor ironie heeft. Ironie is postmodern, en de postmodernen zijn de vijand, want postmodernisme haalt alle kleur en betekenis uit het leven.

    @26 Nou heb ik de boeken van Robin van den Akker en Timotheus Vermeulen over ‘metamodernisme’ niet ingezien, maar ik begrijp uit deze bespreking in Vrij Nederland dat representanten van deze socioculturele stroming niet enkel geëngageerd zijn, maar de ironische blik juist niet verloren hebben.

    Metamodernistische cultuur wíl of pretendeert inclusief, geëngageerd en democratisch te zijn, maar dat lukt maar ten dele. (…) Het metamodernisme is het verlangen naar iets beters met in het achterhoofd steeds een stemmetje dat zegt: ‘laat je niet te gauw weer verleiden’

    En:

    Met Lucky Fonz III sprak ik over het protestlied dat hij schreef over de vluchtelingencrisis, ‘Lampedusa’, en hij vertelde over de moeilijkheden die hij had om er een goede vorm voor te vinden. Hij wilde iets dóén, maar niet in het dogmatisme van de jaren tachtig vervallen, waarin je de punk had die zich buiten de – natuurlijk – gecorrumpeerde samenleving plaatste en het zelf bij het juiste eind had. (…)

    Nogal wat van Peterson’s fans lijken mij bepaald niet aan het trollen – dat zou betekenen dat ze heus wel beseffen dat wat hij beweert niet houdbaar is, maar ‘m enkel op het schild heffen om feministen en SJW’s te treiteren – maar geloven echt wat hij zegt.

    Peterson is hun goeroe, net zoals Richard Dawkins, Sam Harris of Michael Jackson de goeroe is van hun respectievelijke fans. Waag het eens iets onaardigs over hun held te zeggen.

    Dat lijkt toch te schuren met de houding die hierboven beschreven wordt.

  20. 28

    Klopt, Jordan Peterson is geen metamodernist, zijn verhaal overlapt er alleen maar mee. In de eerste plaats wat betreft de vermoeidheid over het postmodernisme. De ennui is bij Peterson’s fans volgens mij nog veel groter dan bij de linksige hipsters. Dat hangt samen met het verlangen naar authenticiteit dat daaruit voortkomt, een verlangen dat Peterson’s fans delen met de metamodernisten. Peterson’s fans waarderen het dat hij geen dubbele bodem heeft, hij is bloedserieus. Met trollen bedoel ik dan ook niet dat ze Peterson of zijn denken trollen, maar hun ideologische tegenstanders. Trollen is voor de alt-right/alt-light brigade niet meer dan een methode. Peterson daarentegen wordt juist heel serieus genomen. Maps of meaning is de bijbel, al vraag ik me af hoeveel van die jongens dat boek daadwerkelijk hebben uitgelezen. Maar goed, dat kan je je ook afvragen van christenen en de echte bijbel. De derde plaats waar het overlapt is dat zowel Peterson als metamodernisten in een (morele) hierarchie geloven.

    Maar Peterson scheidt zich af van het metamodernisme als het gaat om de houding tegenover het postmodernisme. Metamodernisten verwerpen het postmodernisme niet, ze zien zichzelf in het verlengde ervan. Het wantrouwen tegenover great narratives blijft bestaan, net als bij de postmodernisten. Het betekent alleen niet dat elke vorm van hierarchisch denken overboord moet. Peterson verwerpt het postmodernisme wel, hij ziet het als een historische vergissing. Postmodernisme is de ideologische vijand in combinatie met cultuurmarxisme, die twee zijn volgens Peterson op onbegrijpelijke wijze aan elkaar gekoppeld. Peterson heeft geen surrogaatversie van het christendom, met bijbehorende universele claims, zoals het liberalisme. Peterson identificeert zich volledig als christen. Authentieker dan dat wordt het niet.

    Metamodernisten hebben dan ook een volstrekt andere visie over hoe hoe meerderheden met minderheden moeten omgaan, en vice versa, of welke superioriteitsclaims het westen kan maken. Wat eruit die twee visies rolt is dan ook volkomen verschillend. Maar ik denk dat het wel belangrijk is om te herkennen dat ze verweven zijn.

  21. 29

    Gaan mensen zich druk maken over een radio dj ? Lachen toch. Luister liever naar radio 4. Jammer genoeg teveel gekakel in de vroege ochtend. Dat is voor mij een veel grotere ergernis.

  22. 31

    @17: Vooralsnog zie ik echter in ’t geheel geen argument waarom mijn interpretatie niet klopt en die van u wel; heeft u het artikel van Oostveen überhaupt gelezen?

    Dat is het punt helemaal niet. Je legt haar woorden in de mond en je negeert de andere elementen van het verhaal. En wel insinueren dat Oostveen snode bedoelingen heeft maar het verband met Turkije niet snappen.

    Van jou wil ik in elk geval nooit meer het woord “stropop” of “fallacy” zien gebruiken.

  23. 32

    Jeetje, ik kan Giel ook slecht lijen hoor, maar een beetje zelf-verdiend relletje met Tim Knol en plotseling gaat het over Wilders? Ik ben geen psycholoog, maar volgens mij is dit een indicatie van obsessief gedrag.

  24. 33

    @31 Ik snap inderdaad ‘het verband met Turkije’ niet in de context van dit interview. Maar misschien kun jij het even uitleggen.

    Verder is me duidelijk dat je niet snapt wat een ‘stropop’ behelst. Bij een stropop geef je de positie van je tegenstander onjuist en onheus weer. ‘O, je zegt dus eigenlijk…’ of ‘Die-en-die zegt dat…’

    Wat ik doe is Oostveens motieven ter discussie stellen. Als je daar al een drogreden in zou willen zien, zou je dat als een ad hominem moeten kwalificeren. Namelijk dat ik op de persoon speel ipv op de bal.

    Maar het stuk van Oostveen bevat geen bal. Het gaat er alleen maar over dat Odaci niet meewerkt aan dat ‘interview’ en dat zij dat maar niet begrijpt, en dat dan aan de lezer presenteert alsof Odaci wegduikt voor kritiek.

    Terwijl uit haar vraagstelling klip en klaar blijkt hoe vooringenomen ze de man benaderd heeft. Ja, heel gek dat hij daar dan voor bedankt, en haar niet bij het handje neemt om haar door haar eigen vooringenomenheid heen te leiden naar een meer open benadering.

    Beetje zoals ik jou nu bij het handje neem, zeg maar. Ook zinloos, want je zult iedere keer terugvallen op je bevooroordeeldheid. Net als KJH #32, die al helemaal niet kan lezen.

  25. 34

    @33: Tut tut, Predikertje. Ik heb geen kritiek op de inhoud van delen van het artikel, ik laak de schizofrene opbouw. Er is werkelijk geen enkele overeenkomst tussen Beelen en Oostveen in deze, noch met de hypothetische interviewers van de evil twins Wilders en Baudet, en het ‘hippe’ introotje in wat een algemeen culturele bespiegeling zou hebben moeten worden, past dit artikel dan ook niet. Het zijn drie stukken, en de lijm ertussen is slecht en laat los.

  26. 35

    @34 Dat jij de overeenkomst niet ziet, is jouw probleem en komt vooral omdat je het verband niet wílt zien.

    Ik zal het nog eens voor je uitspellen, ook al is dat vrij zinloos.

    In beide gevallen hebben we te maken met iemand die in de positie verkeert om zich een poortwachtersfunctie voor de media aan te meten; in beide gevallen benadert de persoon in kwestie hun doelwit met dédain; in beide gevallen doet men het voorkomen alsof een normaal vraaggesprek het oogmerk is, maar blijkt men er op uit om de studiogast/geïnterviewde de les te lezen en te ontmaskeren en/of in diens hemd te zetten.

    In beide gevallen snapt de mediamaker niet dat het gesprek vervolgens niet loopt en/of de geïnterviewde niet gewoon leuk meedoet, en laat men blijken nog verontwaardigd te zijn ook dat de persoon in kwestie wegloopt of niet meewerkt aan het demasqué.

    Dat roept (bij mij althans) vervolgens een vraag op: waarom flinkt een Giel dat wel bij een Tim Knol, maar zal ‘ie dat nooit doen bij een echte superster als Adele of Sia? Waarom zie ik journalisten dit wel doen bij iemand die voor toegang tot de media van hen afhankelijk is, maar pakt men politici die racisme salonfähig maken, zoals Wilders en Baudet met fluwelen handschoenen aan?

    Antwoord: nou dat dus, het draait in deze allemaal om toegang en afhankelijkheid.

    Buitenlandse journalisten bijvoorbeeld durven Wilders wel hard aan te pakken. Deze Australische journalist heeft er geen enkel probleem mee Wilders een aantal stevige vragen en kritieken voor te leggen. Logisch ook, want hij is voor zijn toegang tot politici die er in Australië toe doen niet afhankelijk van Wilders. Die gaat weer weg, en dan zien z’n over een jaar of wat wel weer een keer verschijnen.

    Andersom zie je dat Nederlandse journalisten de Amerikaanse ambassadeur weer hard aan durven pakken, terwijl Amerikaanse politieke verslaggevers dat nooit zouden doen, omdat ze dan mogelijk hun toegang tot de mensen van belang kwijt zijn.

    Begint je al te dagen wat het verband is? Waarschijnlijk nog steeds niet (vooringenomenheid maakt blind); maar voor de overige lezers is het zo hopelijk wel duidelijk.