Recensie ‘Het aanzien van de politiek’

Cover Het aanzien van de politiek (Beeld: Uitgever Bert Bakker)

Het aanzien van de politiek is een hot issue. Of het nou minister-president Balkenende is die het ‘grimmige klimaat‘ hekelt of Wilders die de nationale vergaderzaal verlaat, het imago van de politiek en politici staat ter discussie. Recentelijk stipte ook Marc Chavannes dit thema nog aan. De Nijmeegse hoogleraar Politieke Geschiedenis Remieg Aerts doet ook een duit in het zakje met het het essay Het aanzien van de politek.

Remieg Aerts wil volgens het laatste hoofdstuk vooral een lans breken voor een nieuwe benadering van de politieke geschiedenis. Een benadering die veel meer dan voorheen rekening houdt met het imago van de politiek en met de zienswijze van de burgers, met de receptie door anderen van van politici en machthebbers. Wetenschappelijk gezien een interessante invalshoek. Het essay laat zich echter net zo goed lezen als een commentaar op de huidige politieke situatie in Nederland en op ‘de kloof tussen burgers en politiek’. Wat is het aanzien van de politiek anno 2009?

De historicus doet op de eerste plaats heel erg goed wat een historicus behoort te doen. Debunken. Laten zien dat geklaag over de politiek niets nieuws is. In geschiedkundigentaal: hij laat de continuïteit zien van kritiek op politici en ‘de politiek’, waardoor de vaak veronderstelde discontinuïteit een stuk minder sterk komt te staan. Hij laat zien dat al sinds de invoering van het parlementaire stelsel in Nederland er altijd angst was voor verloedering van de politiek, van vergroving van het taalgebruik. Tegelijkertijd haalt hij onderzoek aan dat het vertrouwen van de politiek al vanaf begin jaren ’80 ongeveer gelijk blijft.

Hij zet dus kanttekeningen bij de stelling dat de kloof tussen burgers en politiek nu heel erg groot is. Tegelijkertijd, en daar gaat hij minder uitgebreid op in, vindt hij wel duidelijk dat er wat moet veranderen. Hij ziet namelijk het ‘afdalen’ van de politiek in de grote gelijkheidsbeweging van de jaren ’70 als een iets slechts. Terwijl juist de politiek heel erg gebaat is bij een aanzien. Middeleeuwse vorstenhuizen, het ancien regime deden er immers alles aan de machthebbende klasse veel aanzien te geven. Dat is noodzakelijk om goed te functioneren. Sinds politici hun best doen gewone mensen te zijn, zou de politiek minder aanzien hebben en dat zou slecht zijn voor de democratie. Aerts roept dan ook op tot een herwaardering van het politieke ambt en hij keert zich tegen het ‘gewoon’ zijn van politici.

“In een democratie moeten regering en volksvertegenwoordiging soms het superego van de samenleving willen zijn. Dat betekent dat zij bij tijd en wijle de publieke opinie durven trotseren en respect weten te krijgen voor de beperkingen die rechtsstatelijkheid en humanitaire verdragen opleggen, voor het procedure aspect van de politieke besluitvorming, voor het compromis als kenmerk van bestuur in een pluriforme samenleving, en voor het eigen metier van de politiek, kortom: voor al die eigenschappen die de politiek vaak zwak, traag of onecht laten lijken.”

Een prachtige oproep van Aerts. Het is goed om te laten zien dat politiek soms moeilijk is, dat niet iedereen de besluiten even leuk kan vinden, dat de politiek besluiten dúrft te nemen. Dat is alleen maar te prijzen en een waardig antwoord op allen die in de toeschouwersdemocratie doen alsof de hoge heren in Den Haag alleen maar zakkenvullers zijn of dat antwoorden op maatschappelijke problemen zwart of wit horen te zijn. Een uitstekende conclusie ook naar aanleiding van het essay dat op weliswaar breedsprakige, maar vermakelijke wijze de geschiedenis van ‘het aanzien van de politiek’ beschrijft. Helaas mist hij één aspect.

Nu, net als vroeger, zijn burgers, pers en politici zelf kritisch op het politieke bedrijf. Die continuïteit kan alleen maar verklaard worden uit een diepgeworteld geloof in de politiek. Als de burger niet zou geloven in een politiek die iets kan betekenen, zou de burger of de journalist ook niet kritisch zijn. Geklaag over de politiek betekent dus eigenlijk dat de burger heel veel vertrouwen heeft in de politiek. Want als je ergens niets van verwacht, ga je er ook niet over klagen. Het aanzien van de politiek is dus best in orde, ook nu.

Remieg Aerts, Het aanzien van de politiek (Amsterdam 2009) ISBN: 9789035134553

  1. 1

    Verbazingwekkend dat Balkenende al 8 jaar premier is en het politieke klimaat onder zijn *kuch* leiding is verhard. Ook verbzaingwekkend dat hij met zijn speech doelt op de partij van Wilders, maar juist de voorman van deze partij continu beveiligd moet worden, maar Balkenende dat schijnbaar niet grimmig vindt.
    Altijd lachen met die hypocriet Bakellende.

  2. 2

    @Huub: (met dank voor deze tip)”Geklaag over de politiek betekent dus eigenlijk dat de burger heel veel vertrouwen heeft in de politiek”.

    Hm, eerder ‘gezond’ wantrouwen? Zelf zie ik het in ieder geval als een vorm van betrokkenheid en ben het daarom vaak niet eesn met die vreselijke ‘kloof”.
    Overigens kun je ook stellen dat politici die alsmaar klagen over ‘de kloof’, eigenlijk bezig zijn zich zodoende te onderscheiden van de burger.

    Verder ben ik het niet zo eens met de stelling dat politici het superego van de samenleving moeten zijn. Zeker, politici moeten hun beslissingen goed weten te verkopen en niet altijd hun oren laten hangen naar ieders individuele wensen.

    Met ferm, kordaat optreden alleen krijg je impopulaire maatregelen niet door de strot gedouwd. Wel als je ten alle tijde correct, betrouwbaar en vooral integer bent.
    Dat kun je ook zijn zonder je een superego aan te meten. Dat heb je of je hebt het niet. Logisch dat er enig wantrouwen is als er een mannetjesmaker aan te pas moet komen om een politicus enige statuur te geven.

  3. 3

    De argumentatie ‘als er over x wordt geklaagd door y, dan houdt dit in dat y vertrouwen heeft in x’ rammelt aan alle kanten.
    Bijvoorbeeld, Pietje wordt gepest door Jantje. Pietje klaagt bij zijn moeder over Jantje en uit zich kritisch over Jantje. De conclusie van moeders is Pietje heeft (heel veel) vertrouwen in Jantje?!

  4. 5

    Van dit artikel verwachtte ik niets. Het feit dat ik er nu over klaag betekent volgens de redenatie van de auteur echter dat het een uitstekend artikel is.

    Wat een briljante vondst !

    (Maar het slaat natuurlijk nergens op)