Publieke opinie over schaliegas onduidelijk

ACHTERGROND - Wat vinden mensen van schaliegaswinning? Al die publieksonderzoeken maken het er niet duidelijker op, signaleren Arnoud van Waes en Annick de Vries.

Schaliegas houdt de gemoederen in Nederland al enige tijd bezig. Wie net inspringt in dit levendige debat belandt tussen de voor- en tegenstanders die niet tot elkaar lijken te komen. De economische en geopolitieke argumenten staan lijnrecht tegenover de mogelijke risico’s voor mens en milieu en de belemmering voor een transitie naar een duurzamere energievoorziening.

Het blijkt lastig om een evenwichtig beeld te krijgen. Jezelf verdiepen in de materie lijkt de enige mogelijkheid om tot een eigen oordeel te komen. Gelukkig zijn hiertoe genoeg mogelijkheden. Internet geeft toegang tot tal van documentaires, nieuwsreportages of onderzoeken. Er gaat vrijwel geen dag voorbij of er staat wel een artikel over schaliegas in de krant (In de Nederlandse kranten zijn de afgelopen twee jaar bijna 900 artikelen of opiniestukken over schaliegas verschenen). Genoeg informatie dus.

Peilingen

Maar wie geen zin heeft in deze exercitie kan ook gewoon kijken naar wat de rest vindt; het afgaan op emoties en kennis van anderen gebeurt namelijk ook in de huidige discussie over schaliegas. Opiniepeilingen geven een inzicht in wat anderen van schaliegaswinning vinden. Zo laat een peiling in De Telegraaf van 22 februari dit jaar zien dat ruim tweederde van de 4790 deelnemers geen bezwaar heeft tegen proefboringen. De meerderheid vindt dat we schaliegas moeten winnen. Zelfs het not in my backyard (NIMBY)-effect lijkt geen rol te spelen: 64%  van de respondenten heeft geen bezwaar tegen schaliegaswinning in zijn of haar achtertuin (31% heeft wel bezwaar, 4% heeft geen mening). Redenen die worden aangehaald zijn een lagere energieprijs, concurrentievoordelen en meer onafhankelijkheid van energie-importen uit Rusland en het Midden-Oosten. Deze economische en geopolitieke voordelen winnen het van de mogelijke effecten voor het milieu.

Ook opiniepeiler Maurice de Hond heeft de houding in Nederland ten aanzien van proefboringen naar schaliegas gemeten. De resultaten van zijn peiling staan in contrast met die van De Telegraaf. Op de vraag: Bent u voor of tegen proefboringen naar schaliegas in Nederland? antwoordde 35% van de deelnemers met ‘voor’, 44% met ‘tegen’ en 22% wist het niet. Onder de respondenten van De Hond zijn dus de helft minder voorstanders dan in de eerdergenoemde peiling. Een opiniepeiling van energiebedrijf Eneco laat zien dat een kwart van de 1003 deelnemers het er zelfs over eens is dat schaliegaswinning in Nederland bij wet verboden zou moeten worden. 16% is wel voorstander van schaliegasboringen in Nederland.

Polen zijn voor

Ook vanuit de Europese Commissie (DG Environment) is onderzoek gedaan naar de publieke opinie over schaliegas. Van december 2012 tot maart 2013 kon men online een vragenlijst invullen. In deze maanden hebben in totaal 22.875 respondenten uit de Europese lidstaten (en een aantal andere landen) de vragenlijst ingevuld. De houdingen ten aanzien van schaliegas konden worden verdeeld in een drietal groepen die ongeveer even groot zijn: tegenstanders van schaliegasontwikkeling in Europa (37%), voorstanders (32%), en een groep die vindt dat schaliegas alleen ontwikkeld kan worden mits adequate milieu- en veiligheidsvoorzorgsmaatregelen worden genomen (29%) (2% heeft geen mening). Ook in Europa lijkt het algemene sentiment op eerste gezicht dus positief.

Maar echt representatief is deze peiling niet. Het wordt pas interessant wanneer we kijken naar de afkomst van de verschillende groepen. Het overgrote deel (51%) van de 22.875 respondenten komt uit Polen (14% uit Frankrijk, 14% uit Roemenië, 11% uit Spanje; 4% uit Duitsland en de overige 6% uit overige landen). Van deze Polen is maar 3% negatief gekant tegen schaliegaswinning. Niet geheel toevallig is Polen het land in Europa waar schaliegas beloftevol lijkt. De grote voorraden, relatief weinig maatschappelijke weerstand en de drang om minder afhankelijk te worden van gasimport uit Rusland leiden tot hoge verwachtingen. Polen zou hét schaliegasland van Europa kunnen worden. Tegenvallende resultaten van proefboringen hebben inmiddels de verwachtingen weliswaar wat getemperd. Uit deze peiling blijkt verder dat meer dan de helft (58%) voorstander is van schaliegasontwikkeling in Europa en dat het overige deel (39%) schaliegas ziet zitten mits de juiste maatregelen worden genomen. De positieve Poolse houding ten aanzien van schaliegas bepaalt dus grotendeels het Europese sentiment.

Toch niet zo’n goed idee

Wat leren we van deze uiteenlopende bevindingen? Een belangrijke les is wellicht dat het op dit moment  toch niet zo’n goed idee is om naar dergelijke peilingen te kijken. Mensen, meningen en emoties zijn veranderlijk, zeker als het gaat om een controversieel onderwerp waarover veel onduidelijkheid is en waarmee veel belangen gemoeid zijn. Duidelijk is in elk geval dat deze peilingen ons achterlaten met meer vragen (zijn de respondenten volledig geïnformeerd? hoe zijn de vragen gesteld?) dan dat ze een consistent beeld geven van de daadwerkelijke publieke opinie.

Arnoud van Waes en Annick de Vries zijn onderzoekers bij de afdeling Technology Assessment van het Rathenau Instituut en werken aan onderzoek dat beoogt het schaliegasdebat te verbreden.

  1. 1

    “Zo laat een peiling in De Telegraaf van 22 februari dit jaar zien dat ruim tweederde van de 4790 deelnemers geen bezwaar heeft tegen proefboringen.”

    Dat was natuurlijk een peiling onder de lezers van de Telegraaf.

  2. 2

    Bij Eneco is 16% voor, bij De Hond 35%, beide degelijke peilingen?
    Bekende onderzoeken, die mensen vragen naar een mening die ze niet hebben. Wat te doen met ja mits, of nee tenzij?

    “Duidelijk is dat deze peilingen ons achterlaten met meer vragen”
    Tja, komt vaker (bijna altijd) bij dergelijk onderzoek.
    Zijn de resultaten van proefboringen niet juist bedoeld om de keuze voor winning te onderbouwen?

  3. 3

    @2: Ja, natuurlijk: ze boren een gaatje, roepen hoera en nu hebben we er al 100 miljoen aan uitgegeven en vervolgens vinden veel zunige Nederlanders het dan zonde als het allemaal weggegooid geld zou zijn.

    En bij de tiende boring gaat het mis (wet van Murphy).

  4. 6

    en vervolgens vinden veel zunige Nederlanders het dan zonde als het allemaal weggegooid geld zou zijn.

    Die fallacy zou op school aan bod moeten komen.

  5. 7

    Die fallacy wordt ook steeds gebruikt bij de eenzijdige militaire interventies door het westerse rijk.
    “Ja er waren geen WMD, maar we zitten er nu, dus we moeten doorgaan”
    Libie, syrie etc