Promovendi moeten ook buiten universiteit werken

OPINIE - Afgelopen zaterdag stelde Koen Beumer in de Volkskrant de vraag wat een promovendus nu eigenlijk voor nuttigs leert. Innovatiewetenschapper Frank van Rijsnoever denkt het antwoord te hebben. Promovendi moeten de ivoren toren uit en hun hersenen ter beschikking stellen aan het bedrijfsleven.

Koen Beumer stelt terecht aan de orde dat een promotie vaak slecht aansluit op de niet-academische arbeidsmarkt. Dit is niet alleen een probleem voor de promovendi zelf, maar ook voor de samenleving. Veel wetenschappelijke inzichten die tijdens een promotietraject ontwikkeld worden verschijnen enkel in wetenschappelijke tijdschriften die gelezen worden door andere wetenschappers. Hierdoor blijft de maatschappelijke investering in kennis (zo’n twee tot drie ton per promotietraject) onderbenut. De oplossing voor beide problemen ligt zeer voor de hand. Laat promovendi naast hun werk aan de universiteit ook één of twee dagen per week bij een bedrijf of maatschappelijke organisatie aan de slag gaan.

Voordelen

Deze oplossing kent voordelen voor iedereen. Ten eerste hebben promovendi baat bij het werken buiten de universiteit. Universiteiten zijn heel goed in het creëren van menselijk kapitaal door masteropleidingen en promotietrajecten. Het ontbreekt echter vaak aan belangrijke vaardigheden en aan een goed netwerk. Beiden zijn nodig om succesvol te zijn op de arbeidsmarkt. Universiteiten proberen deze gebreken te ondervangen door ad-hoc trainingen en workshops aan te bieden. Dit werkt alleen als je die vaardigheden ook toepast. Dat toepassen kan het beste in een omgeving waar die vaardigheden relevant zijn, en dat is buiten de universiteit.

Ten tweede zijn er maatschappelijke baten. De beste overdracht van kennis tussen universiteit en samenleving vindt plaats via menselijk kapitaal. Mensen zijn een veel efficiënter medium om kennis over te dragen dan geschreven artikelen of rapporten. Dit komt omdat veel kennis zich niet laat opschrijven, maar verborgen zit in handelingen. Ook kan iemand die wetenschappelijk opgeleid is nieuwe problemen oplossen door analytisch te denken. Daarmee is menselijk kapitaal een betere methode voor kennisbenutting dan alle valorisatiepanels en beleidsworkshops waar ik als wetenschapper voor wordt uitgenodigd.

Deze oplossing is ook interessant voor universiteiten. Innovatieonderzoek laat consistent zien dat samenwerking met andersoortige organisaties betere, nieuwere en originelere ideeën oplevert. De contacten die de promovendus opdoet buiten de universiteit kunnen aangewend worden om het onderzoek inhoudelijk te versterken, maar ook om toegang te krijgen tot extra faciliteiten, financiering of data.  Hiermee kunnen universiteiten hun eigen onderzoeksagenda en onderwijsprogramma’s versterken.

Ten slotte hebben bedrijven baat bij deze oplossing. Niet alleen zitten zij structureel op de eerste rij bij het vergaren van nieuwe wetenschappelijke kennis. Ook hebben zij toegang tot het menselijk kapitaal dat nodig is om de onderneming succesvol te houden. Dit is een belangrijke reden voor grote bedrijven om mee te doen met publiek-private onderzoeksprogramma’s.

Mogelijke problemen

Natuurlijk kent deze oplossing ook mogelijke problemen, maar deze zijn te overzien. Een eerste probleem is dat het onderzoek wetenschappelijk minder relevant kan worden. Deze klacht is slechts ten dele waar, omdat er ook nieuwe inzichten ontstaan. Het probleem is veel meer dat een universitaire onderzoeker op zoek naar geld niet altijd het onderzoek kan uitvoeren dat hij of zij relevant vindt, maar dat kan nu ook vaak niet meer. Het is wel belangrijk om ook onderzoek te blijven uitvoeren waarin deze vrijheid wel bestaat (het zogenaamde fundamentele onderzoek). Daarom is het verstandig om niet alle promovendi naar buiten te sturen. Hoeveel hangt sterk af van het vakgebied en het type onderzoek dat men uitvoert.

Een tweede probleem is tijdsdruk. Promovendi hebben maar vier jaar de tijd om tot een proefschrift te komen; beknibbelen op tijd zou leiden tot minder kwaliteit. Dit argument is slechts ten dele waar. Het blijkt vaak dat het weinig efficiënt is om promovendi vier jaar op een probleem te laten  broeden. Vaak weet men niet welke richting. Door taken meer af te wisselen leren promovendi beter om te gaan met hun tijd. Dit effect wordt versterkt door vaardigheden als timemanagement die buiten de universiteit worden opgedaan en door de interactie met andere partijen. Ook heeft men toegang tot hulpbronnen die het onderzoek kunnen bespoedigen, zoals goede data. Ik beweer zeker niet er geen  extra tijdsdruk is, maar ik denk dat het probleem meevalt.

Ten slotte bestaat het gevaar dat universitair onderzoek niet meer als onafhankelijk wordt gezien. Dit probleem ligt op de loer bij iedere onderzoeker die interacteert met de samenleving. Het is nu ook lang niet altijd helder wanneer wetenschappers feiten of meningen presenteren (dit stuk is een mening gebaseerd op wetenschappelijke inzichten) of welke (financiële) belangen achter een uitspraak zitten (ik word door NWO en de EU gefinancierd). De oplossing ligt bij wetenschappelijke integriteit vanuit de universiteit.

Hoe dit te doen?

Het laten werken van promovendi buiten de universiteit sluit aan bij het Topsectorenbeleid van de overheid. Hierbij wordt gezocht naar aansluiting met het bedrijfsleven. Echter, de tijd die nu geïnvesteerd wordt in valorisatieworkshops,  kennisbenuttingscongressen, schrijven van rapporten etc. kan beter worden besteed aan de uitwisseling van menselijk kapitaal. Dan heeft de promovendus er ook wat aan en komt de interactie tussen universiteit en samenleving past echt op gang.

Frank van Rijnsoever is innovatiewetenschapper aan de Universiteit Utrecht. Hij doet onderzoek naar de interactie tussen universiteit en samenleving.  

  1. 1

    Laat promovendi naast hun werk aan de universiteit ook één of twee dagen per week bij een bedrijf of maatschappelijke organisatie aan de slag gaan.

    Wat een onbeschrijfelijke onzin. Dit doet me wel heel erg denken aan die gratis artsen uit de bijstand of die straatveger die terug mocht op zijn baan om ervaring op te doen.

    Als iemand 20 – 40% van zijn tijd vanuit de wetenschappelijke wereld in de godverlaten commerciële onzinnigheid van de bedrijven moet gaan stoethaspelen dan gaat de wetenschap in eerste instantie en vervolgens de universiteit als instituut door het riool.

    Oh, de wereld vergaat niet en de promovendus leeft gewoon door hoor. En iedereen krijgt ruim de ruimte om te roepen dat het dus allemaal niet zo erg is. Maar allejezus wat een gotspe : promovendi die verplicht in de samenleving mee moeten spelen.

    Eikels! De bedoeling is juist dat de crème de la crème van het intellect dat NL rijk is de ruimte krijgt om los van de samenleving ideeën te genereren en innovatief te zijn. Maar nee, men dient onderhorig te worden aan de marketing van de vrije jongens. Dan pas tel je mee.

    En dat wordt dan geroepen door een wetenschapper. Dat houdt in dat het pleit door de markting-guys eigenlijk al gewonnen is. Waar heeft die knaap zijn opleiding gehad. In Utrecht? Sluit die Universiteit dan maar.

    En als je toch wil besparen kan heel NL wel met een universiteit en aanzienlijk minder studenten toe. De rest van de bevolking kan de reet van Rutte likken en de straat vegen.

    Tering.
    Prettige kerst.

  2. 2

    Nope. Nope. Nope.

    Veel wetenschappelijke inzichten die tijdens een promotietraject ontwikkeld worden verschijnen enkel in wetenschappelijke tijdschriften die gelezen worden door andere wetenschappers. Hierdoor blijft de maatschappelijke investering in kennis (zo’n twee tot drie ton per promotietraject) onderbenut.

    Oftewel: we zien het niet, dus het is er niet.

    Universiteiten zijn heel goed in het creëren van menselijk kapitaal door masteropleidingen en promotietrajecten. Het ontbreekt echter vaak aan belangrijke vaardigheden en aan een goed netwerk. Beiden [sic] zijn nodig om succesvol te zijn op de arbeidsmarkt.

    Want universiteiten leiden op voor de arbeidsmarkt, niet? Dus in plaats van zich bezig te houden met onderzoek, moeten onderzoekers vaardigheden, competenties en al dat soort dingen opdoen.

    De beste overdracht van kennis tussen universiteit en samenleving vindt plaats via menselijk kapitaal. Mensen zijn een veel efficiënter medium om kennis over te dragen dan geschreven artikelen of rapporten.

    Nou zag ik hier al bijna een betoog in om alle boeken dan maar te verbranden ‘want geschreven bronnen zijn niet zo efficiënt’, dat zou echter onterecht zijn. Wel wil ik hier de zeer belangrijke noot maken: geschreven kennis is een stuk betrouwbaarder, want consistenter en te raadplegen. Overigens kun je prima mensen met een universitaire graad in dienst nemen, die wél analytisch aangelegd zijn en geen promovendi zijn: het gros heeft namelijk een Bachelor of Mastergraad. Het zou beter schikken een promovendus te zien als iemand die écht ervoor heeft gekozen (universitair) onderzoeker te zijn. Van iemand die uitermate vaardig is in (ik noem maar wat) de metaalindustrie, verwachten we ook niet dat die ‘kennis moet maken’ met de grote vaart, ‘omdat dat maatschappelijke baten heeft’. Ik zie niet in waarom dat wel zou gelden voor de specialisatie ‘onderzoeker’.

    Innovatieonderzoek laat consistent zien dat samenwerking [van universiteiten] met andersoortige organisaties betere, nieuwere en originelere ideeën oplevert. De contacten die de promovendus opdoet buiten de universiteit kunnen aangewend worden om het onderzoek inhoudelijk te versterken, maar ook om toegang te krijgen tot extra faciliteiten, financiering of data.

    Beter, nieuwe, origineler zijn natuurlijk puur objectieve inschattingen. Hoe de promovendus, door contacten alleen, een inhoudelijk beter onderzoek maakt, is voor mij een raadsel. Dat dat kan gebeuren door toegang tot extra faciliteiten, financiering en data, kan ik wél begrijpen. Maar zet dat dan niet als afzonderlijke dingen neer. Tenzij je een groot bedrijf hebt, heb je echter niet aparte onderzoeksfaciliteiten. Dat financiering door bedrijven belangrijker is geworden heeft dezelfde oorsprong als het beschreven fenomeen (en is dus niet gevolg van dat fenomeen). Die oorsprong is: bezuinigingen op onderwijs.

    Ten slotte hebben bedrijven baat bij deze oplossing. Niet alleen zitten zij structureel op de eerste rij bij het vergaren van nieuwe wetenschappelijke kennis. Ook hebben zij toegang tot het menselijk kapitaal dat nodig is om de onderneming succesvol te houden. Dit is een belangrijke reden voor grote bedrijven om mee te doen met publiek-private onderzoeksprogramma’s.

    Ten eerste zitten bedrijven op de tweede rang bij het vergaren van kennis (wetenschapsinstellingen zitten op de eerste rang). Voor de rest zie ik voornamelijk alleen maar baat voor bedrijven.

    De auteur schijnt ook een nogal luchtig begrip te hebben van ‘te overzien’. Zo’n beetje als: ‘Als Nederland onder water staat, is dat een probleem, maar dat valt te overzien. We weten namelijk precies wat er aan de hand is als Nederland onder water staat. Het water staat dan 2 meter hoger dan normaal. En dan is iedereen en alles nat.’

    Wetenschappelijk onderzoek wordt minder relevant, maar er ontstaan wel nieuwe inzichten. Wat die inzichten zijn, wordt niet verteld, maar ik heb wel een idee: $$$. Geldgedreven onderzoek gaat om uitbuiting, kennisgedreven onderzoek niet per se.

    Tijdsdruk: Het ziet ernaar uit dat deze man al leerling is van de leerschool van Rutte: ga maar meer doen in dezelfde tijd, voor hetzelfde geld, en *magisch* weten mensen dan hoe ze beter om moeten springen met hun tijd.

    Voor zijn laatste probleem (en het eerste trouwens ook), zegt de auteur: maar dat is nu eigenlijk ook al zo, dus [sic] dan is het geen probleem. Onafhankelijk onderzoek? Tja, dat is nu ook al de vraag, dus dat gaat geen probleem worden. Minder wordend relevant onderzoek? Ook dat is nu al zo, dus dat gaat geen probleem worden. Zou het, misschien, heel misschien, dat dat nu ook al een probleem is, dan? Dat het alleen nog erger wordt?

    En ja eigenlijk klopt dit natuurlijk wel:

    De oplossing ligt bij wetenschappelijke integriteit vanuit de universiteit.

    Maar wie gaat die integriteit verifiëren, als, ik zeg maar wat, er een miljard per jaar in de VS wordt besteed aan het ‘onderbouwen met wetenschappelijk bewijs’ van iets dat apert anti-wetenschappelijk is?

    De handelingen van sommige Openbaar Groenwerkers in gemeentedienst doen mij ook wel eens afvragen: hoe draag jij bij aan ‘de maatschappij’, en dan is het goed om te weten hoe ze daaraan bijdragen. Dat geldt evenzo voor onderzoek. Maar dat betekent niet dat ik tegen promovendi of schoffelaars zou zeggen: je moet het zus, of zus, of zo doen, anders draag je niet genoeg bij.

  3. 3

    Een bizar artikel, als ik zo vrij mag zijn. Als ik echt serieus moet nemen wat er staat, begrijp ik:
    – promotie-onderzoek is vier jaar lang richtingloos op een onderwerp broeden is. Ik dacht toch echt dat daar de afgelopen decennia wel wat meer structuur in was gebracht
    – bij onderzoek geen data-verzamelen hoort: “Ook heeft men (in het bedrijfsleven) toegang tot hulpbronnen die het onderzoek kunnen bespoedigen, zoals goede data.”
    – een proefschrift bevat alleen bijzaken: “Mensen zijn een veel efficiënter medium om kennis over te dragen dan geschreven artikelen of rapporten. Dit komt omdat veel kennis zich niet laat opschrijven, maar verborgen zit in handelingen.”
    – contacten met het bedrijfsleven zijn zeer afhankelijk van contacten tijdens het onderzoek. Er zijn toch genoeg bedrijven die studenten al weten te vinden voor of kort na hun afstuderen?
    – in het bedrijfsleven kan men geen relevante wetenschappelijke artikelen lezen. (“Veel wetenschappelijke inzichten die tijdens een promotietraject ontwikkeld worden verschijnen enkel in wetenschappelijke tijdschriften die gelezen worden door andere wetenschappers.”) Verliezen de eerdere promovendi die er zijn gaan werken zo snel hun vaardigheid op dit gebied? Dan is werken bij het bedrijfsleven dus afstompend werk?
    – samenleving is hetzelfde als bedrijfsleven

  4. 4

    @2:

    ‘Als Nederland onder water staat, is dat een probleem, maar dat valt te overzien. We weten namelijk precies wat er aan de hand is als Nederland onder water staat. Het water staat dan 2 meter hoger dan normaal. En dan is iedereen en alles nat.’

    Moet je inlijsten.

  5. 5

    We zijn overgeleverd aan de kapitalistische libertariërs die de godvergeten slavernij via hun marketingtechnieken weer in willen voeren. We dachten dat het communisme overwonnen was maar 25 jaar na dato komt de aap uit de mouw : er is geen verschil, er is nooit een verschil. Professoren en artsen die in de DDR en de USSR enz. mee moesten doen met straatvegen om te tonen dat ze burger waren zijn een inspiratiebron gebleken voor de nieuwe kapitalisten van vandaag. Hetgeen maar aantoont dat kapitalisme en communisme gewoon twee woorden voor hetzelfde begrip zijn : stupiditeit.

    Ging het hier onlangs niet over Robespierre? Misschien moeten we hem toch nader bestuderen. Promotieonderzoekje? Kunnen we daarna de guillotine weer van stal halen en oefenen op degenen die de idee verkondig(d)en om promovendi te werk te stellen bij bedrijven.

  6. 6

    Promovendi moeten helegaar helemaal niets, behalve gedegen wetenschapelijk onderzoek doen EN presenteren.

    En als ze dat goed doen, doen ze er het beste aan als een speer naar het buitenland te vertrekken, want in dit land valt er geen z.. voor ze te verdienen.

  7. 7

    Ik hou van niet van Adje Hominem, maar godsamme wat doet deze innovatiewetenschapper op de universiteit? De oplossing van zijn zogenaamde problemen hebben we allang, dat heet HBO. Wat een onzin allemaal, man, man, man……….

  8. 8

    Oh ja, van den Rijnsoever schijnt te vergeten dat promovendi geacht worden ongeveer 25% van hun tijd aan onderwijsactiviteiten te besteden. Ik kan mijn ogen niet geloven wat een volkomen misplaatst stuk dit is, tering inderdaad.

  9. 10

    @5: In de DDR en de USSR werden dat soort dingen van je verwacht, omdat van je werd verwacht (tenminste in theorie) dat je een bijdrage leverde aan de gemeenschap. Nu wordt het van je verwacht om de winsten van de bedrijven en de salarissen en bonussen van de CEO’s op peil te houden.

    Daar zit -bij alle stupiditeit- toch best groot een verschil in.

  10. 11

    @10: Nu wordt het van je verwacht om de winsten van de bedrijven en de salarissen en bonussen van de CEO’s op peil te houden.

    Dat is in de kapitalistische visie een bijdrage aan de gemeenschap.

    Je hebt nog heel wat te leren beste Andy.
    Je moet je newspeak nog wat bijspijkeren.

  11. 12

    Het kan aan mij liggen hoor, maar beiden, zowel die Koen Beumer als wel de schrijver van dit artikel (Frank van Rijnsoever) laten bij mij niet de indruk na dat ze zelf veel kennis en ervaring hebben in de (exacte) wetenschappen. Ik ben dus maar eens op zoek gegaan naar de achtergronden van de eerste. Gekker kan het nauwelijks worden, lijkt me:

    (Over Koen Beumer): “Tijdens zijn studie cultuurwetenschappen in Maastricht richtte hij zijn aandacht echter op ‘dingen’. Binnen de technieksociologie vond men het helemaal niet vreemd dat hij zich tegelijkertijd bezig hield met littekens, fictieve ratten, rijstbouw, nanotechnologie en ontwikkelingslanden. Na zijn studie onderzocht hij voor de overheid de rol van dingen in ontwikkelingssamenwerking en in 2010 keerde hij terug naar Maastricht om te onderzoeken hoe ontwikkelingslanden omgaan met de gevolgen van hele kleine dingen“.

    Ik geloof dat ik hierna niet veel argumenten meer nodig heb om andere mensen ervan de overtuigen dat die meneer waarschijnlijk helemaal geen echte (wetenschappelijke) specialisatie heeft.

    Over het artikel hier: er staat onder andere: “ Veel wetenschappelijke inzichten die tijdens een promotietraject ontwikkeld worden verschijnen enkel in wetenschappelijke tijdschriften die gelezen worden door andere wetenschappers.”

    Ja, vind je het gek? Waarom zou dit trouwens een probleem zijn? Afgezien dan van het feit dat het iedere promovendus vrij staat om zijn proefschrift op het internet te zetten (iets dat redelijk vaak gebeurt) en afgezien van het feit dat het misschien een goed idee zou zijn om dit verplicht te stellen (ook voor elk ander onderzoek trouwens dat met overheidsgeld betaald wordt), lijkt het me heel normaal dat de meeste mensen niet al teveel tijd besteden aan wetenschappen die de hunne niet zijn: het ontbreekt hen namelijk aan kennis om het meeste te kunnen volgen. Persoonlijk moet ik zelfs al vaak passen bij figuren als Euler en Gauss waar het de wiskunde betreft (terwijl die twee nota bene al tamelijk lang geleden overleden zijn), waarom zou dat voor andere mensen (en eventueel bij andere wetenschappen/ wetenschappers) anders liggen? Zou het werkelijk zo zijn dat het gesignaleerde “probleem” werkelijk bestaat? Ik geloof er niets van. Ik kan me werkelijk niet voorstellen dat vroeger een proefschrift met als titel “Differentiaalvarianten van twee covariante-vectorvelden met vier veranderlijken” (dit is toevallig het proefschrift van Max-Euwe) veel gelezen zou zijn (door niet-vakbroeders) en dat dit alleen maar vandaag de dag niet meer zou gebeuren. En om als “oplossing” voor dit “probleem” voor te stellen dat wetenschappers maar op stage bij het bedrijfsleven moeten gaan, is ronduit idioot.

  12. 13

    Het zal ongetwijfeld verschillen per vakgebied, maar zeker in economie, technologie en bedrijfskunde weten academici pas wat er daadwerkelijk speelt na 10 jaar, of nooit zelfs in het geval van waarde bepaling van technologie startups, de financiele crisis en de reactie van de banken en advocatuur daarop, financiele innovatie bijvoorbeeld, daar hebben academici echt geen benul van. Bovendien, lijkt me dat academici veel kunnen leren van de commerciele sector qua schrijfstijl, publiceren, marketing etc van hun werk. Het is bizar dat veel ‘belangrijk’ werk door slechts een handvol mensen wordt gelezen. Wat dat betreft is wetenschappelijk onderzoek echt de opera van het onderwijs. Tegelijkertijd geloof ik wel in het nut van volkomen nutteloos en geisoleerd onderzoek met zijn willekeurige onvoorspelbare uitkomsten.

  13. 14

    @11: “Dat is in de kapitalistische visie een bijdrage aan de gemeenschap.”

    NOT! Als je de kapitalistische visie serieus neemt, dan gaat het om verstoring van de marktwerking.

    Het is veel erger: hier is het punt dat het neo-conservatisme overgaat in neo-fascisme, omdat slechts wordt toegegeven aan de onlustgevoelens van sommige “hardwerkende burgers”, en met name dat deel dat onvoldoende opleiding heeft genoten om de grotere verbanden te herkennen.

    Het begrip “newspeak” heb je daarentegen in dit verband volstrekt juist toegepast. Het gaat om een versimpeling van het taalgebruik, dat lekker in het gehoor ligt, maar slechts ten doel heeft de werkelijkheid te versluieren of zelfs op zijn kop te zetten.

  14. 16

    @13: “Het is bizar dat veel ‘belangrijk’ werk door slechts een handvol mensen wordt gelezen. Wat dat betreft is wetenschappelijk onderzoek echt de opera van het onderwijs.”

    Nee, het is hoogstens een teken dat de “vertrossing” van het onderwijs al veel te ver is voortgeschreden.

  15. 17

    @15, wetenschappers die een baan hebben hoeven niet zomaar naar de voedselbank. Jij doelde er in #8 op dat ze te weinig verdienen als wetenschapper. Vermoedelijk omdat je van mening bent dat wetenschappers recht hebben op veel meer inkomen dan mensen die minder elitair werk hebben?

  16. 18

    @17:
    Jumping to conclusions?
    Nee dat is niet mijn mening.
    Het is domweg een feit dat een wetenschapper in dienst van een groot bedrijf meer, zelfs beduidend meer verdient dan een wetenschapper in dienst van een universiteit of ander onderwijs.
    En als onderzoeker aan een instituut verdien je gewoon erg weinig, in verhouding tot wat iemand in diezelfde functie in het buitenland verdient.
    Ik heb al heel wat mensen na afronding van hun studie en na hun promotie richting VS zien vertrekken….
    Dat is doodzonde van het geld dat door de gemeenschap in hun opleiding is gestoken, maar het hemd is nader dan de rok en wanneer je je t.b.v. je studie dik in de schulden hebt gestoken wil je nu eenmaal graag zo snel mogelijk van die schuld af…. een studieschuld die mensen met minder opleiding NIET op hun bult meedragen…

  17. 19

    @18, jij schreef echter niet dat je had geconstateerd dat veel mensen naar het buitenland verdwenen, maar jij raadde het aan. Omdat jij het blijkbaar belangrijk vindt dat mensen die gestudeerd hebben veel verdienen.

    Wat betreft de studieschuld: helemaal mee eens. Dat is een verkeerd idee, en we zouden daar heel snel mee op moeten houden. Mensen moeten gewoon weer in staat zijn te studeren zonder dan met een schuld te beginnen, dan hoeven we ook geen belachelijke salarissen uit te keren als compensatie (/excuus). Ik hoop dan ook dat het onzalige plan van de studielening heel gauw echt helemaal dood is.

    Misschien kunnen we nadenken over manieren om het aantrekkelijk te maken voor mensen zonder dat dat allemaal in geld vertaald moet worden. Wordt de maatschappij een stuk gezonder van.

    Overigens is het zeker niet zo dat mensen met minder opleiding automatisch ook minder schuld meedragen. Zo is een hbo-opleiding + master net zo duur voor de student als een wo-opleiding, en als je mbo3-mbo4-hbo wilt volgen (en dan werk je er toch hard voor) loopt het ook behoorlijk in de papieren.

    Veel argumenten over wo zijn toch behoorlijk elitaristisch.

  18. 20

    Prachtige oplossing!
    Zo kan het bedrijfsleven, naast juniors, ook mediors voor een stagevergoeding laten werken. Personeelskosten waren nog nooit zo makkelijk omlaag gebracht.

  19. 21

    Ot van dit domme plan:
    @20 juniors werken voor stagevergoeding. Heb je de laatste jaren wel eens een stagiair begeleid? Over het algemeen doen ze een onderzoek, en staan vrijwel alle werkzaamheden in het teken van dit onderzoek. Geen reguliere werkzaamheden dus. De school doet geen begeleiding (laat het afweten) en de werkgever doet die wel. Mijn ervaring beperkt zich tot hbo en universitaire stagiairs moet ik erbij zeggen.