Portugese socialisten aan zet

ELDERS - Na de verkiezingen van 4 oktober wordt de vorming van een nieuwe regering in Portugal een lastige klus.

De Portugese kiezers hebben het er niet makkelijker op gemaakt. De regerende rechtse coalitie van premier Pedro Passos Coelho verloor 24 zetels, maar blijft de grootste. Een eerste poging om samen met de socialisten een regering te vormen mislukte. Een rechtse minderheidsregering wordt overwogen. Maar de socialisten werken intussen aan een linkse coalitie met de Democratische Eenheid (een samenwerkingsverband van communisten en groenen) en het Linkse Blok, een aan het Griekse Syriza verwante nieuwe partij die elf zetels winst boekte. Tezamen beschikken de linkse partijen over een meerderheid van 121 van de 230 zetels. Op de verkiezingsavond zei de socialistische leider Antonio Costa nog dat hij niets zag in een ‘negatieve coalitie’ met links. Zijn partij is op de EU georiënteerd en lid van de Europese sociaaldemocraten. Hij is nu echter van zijn afkeer van links teruggekomen. In de verkiezingscampagne heeft hij beloofd een einde te maken aan de rechtse bezuinigingspolitiek. Op dat punt vindt hij de andere linkse partijen zeker aan zijn zijde. Mocht hij ondanks alle verschillen er toch in slagen een nieuwe regering te vormen, dan krijgt Portugal ongetwijfeld de veel gevreesde trojka (EU, ECB en IMF) weer op bezoek om het land binnen de perken van de neo-liberale crisisbestrijding te houden.

Naast Griekenland hebben ook Ierland en Portugal zwaar te lijden gehad onder de financieel-economische crisis in Europa. De rechtse regering in Portugal heeft zich echter vanaf 2011 gedragen als het ‘beste jongetje in de bezuinigingsklas’ om tegemoet te komen aan de voorwaarden voor een lening van 78 miljard euro die het land er weer bovenop moest helpen . De gevolgen daarvan zijn dramatisch. Geen ander land sneed zo in zijn overheidsdiensten, gezondheidszorg en onderwijs, schrijft De Volkskrant. Belastingen en btw-tarieven schoten de lucht in. Het overheidstekort werd teruggedrongen, er is nu weer wat groei en de werkloosheid daalt. Het effect was een algemene verarming van het land. Een miljoen Portugezen verdient 500 euro per maand, een kwart van de bevolking leeft rond de armoedegrens. Direct na zijn aantreden toonde Coelho dat hij totaal geen medelijden had met mensen die het slachtoffer werden van de bezuinigingen. Werklozen moeten maar emigreren, zei hij begin 2012. Veel Portugezen hebben zijn advies sindsdien toch opgevolgd.  Tussen 2011 en 1014 emigreerden 485.00 mensen onder meer naar de voormalige Portugese kolonie Angola. Rijke Angolezen komen nu het verarmde moederland te hulp.

Coelho verloor aanzienlijk bij de verkiezingen, maar zijn coalitie kreeg toch nog 38% van de stemmen en kan daardoor niet eenvoudig buiten de regeringsvorming gehouden worden. De kans dat hij terugkeert blijft aanzienlijk. Het is nu aan de socialisten (32% van de stemmen) om dat te voorkomen in de onderhandelingen met het Linkse Blok (11 % van de stemmen) en de CDU (communisten en groenen, 8%). Beide partijen hebben zich positief uitgelaten over samenwerking met de socialisten. Maar er zijn nogal wat tegenstellingen te overwinnen, met name op het punt hoe Portugal moet omgaan met de EU, de euro en de trojka. Voor Catarina Martins, voorvrouw van het Linkse Blok, wordt de verhoging van het inkomen het belangrijkste punt. Dat zal volgens haar ook bijdragen aan de opleving van de economie omdat het een stijging van de consumptie bevordert. De socialistische leider Costa heeft de EU beloofd het herstel van de economie voorop te zetten. Voorlopig wijst hij een toenadering van Coelho van de hand. Maar als zijn linkse partners in de onderhandelingen zich te weinig buigzaam tonen en de voormalige regeringspartijen bereid zijn hem op wat meer punten tegemoet te komen moeten we niet verbaasd zijn dat er uiteindelijk toch nog een grote coalitie tot stand komt die het door de trojka gedicteerde beleid verder gaat uitvoeren. Het is al sinds mensenheugenis een gegeven in heel Europa dat sociaaldemocraten zich maar moeilijk verbinden met linkse concurrenten.

Intussen wordt in Spanje, dat in december naar de stembus gaat, met belangstelling uitgekeken naar de afloop van de regeringsvorming. Succes voor links in Portugal zou voor het buurland een aanmoediging kunnen zijn voor een soortgelijke political shake-up.

 

 

 

  1. 1

    De opkomst bij de verkiezingen was ook heel laag: 57%. Bij alle verhalen die ik in de kranten lees over ‘rechts niet afgestraft voor bezuinigingen’ (zoiets stond in het FD) vergeet men altijd dat mensen met de voeten stemmen. In dit geval zelfs heel letterlijk: bijna een 1/2 miljoen hebben het land verlaten.

    Dat is democratie in Europa.