Plundering, heling en vandalisme

ACHTERGROND - Napoleon plunderde het Vaticaan en versleepte alle kunstvoorwerpen naar het Louvre. Hitler vorderde kunstwerken voor het Führermuseum in Linz. In Bagdad zaten kunsthandelaren te wachten op de Amerikaanse troepen, zodat ze in de chaos van de bevrijding het museum konden plunderen.

Het was allemaal kinderspel vergeleken bij wat er momenteel gebeurt in het Midden-Oosten. Het plunderen begon tijdens de Arabische Lente in Egypte en Libië. De grote nationale musea in Caïro en Tripoli bleven weliswaar vrijwel onaangeroerd, maar elders zijn in deze landen massaal oudheden geroofd.

Eerst Egypte. Kijk hier voor de schade aan het museum in Malawi. Of lees dit. Ik heb me laten vertellen dat in dit land Russische verzamelaars de grootste afnemers zijn, maar ze zijn niet de enigen. Ook zijn Egyptenaren niet de enige vandalen. Hier is een filmpje waarin een glimlachend heerschap u uitlegt hoe u een mummiemasker moet kapotmaken om te kijken of er Griekse teksten in zitten. Dit is, zoals u ziet, geen ongeletterde Egyptische boer die niet beter weet, en geen Russische oligarch die de beschaving mist om de wetenschappelijke waarde van een mummie te begrijpen, maar een Amerikaan die willens en wetens egyptologische data vernietigt.

Het patroon in Libië lijkt anders, al is de schade niet minder. Het museum van Bani Walid is geplunderd, waar een collectie stond die – anders dan de mooie maar ietwat voorspelbare kunstwerken in Tripoli – onvervangbaar was. Het is onbekend wie hier de helers zijn, maar vermoedelijk zijn die er in Libië niet. Dieper landinwaarts wordt namelijk prehistorische kunst in de woestijn kapotgemaakt, en daar is het geen vandalisme door arme mensen op zoek naar wat inkomsten. Daar is het ingegeven door blinde haat voor alles uit een andere cultuur.

Dan is er Syrië. Apamea was een oude stad op de vlakte van de Orontes, die nu volledig is verwoest. De Google Earth-foto’s zijn schokkend. Het museum van Deir ez-Zor werd eerst geplunderd door de troepen van Assad en daarna door ISIS. De helers zijn vooral verzamelaars: toen een USB-stick werd gevonden met een deel van de administratie, bleek dat ISIS alleen al met de verkoop van vondsten uit Al-Nabk (halverwege Damascus en Homs) zesendertig miljoen dollar had binnengehaald. Daar koop je ruim negenhonderd Stingers voor.

Een woord nog over Irak, dat al een ronde plunderingen achter de rug had (2003-2006) toen ISIS kwam verwoesten wat nog overeind stond. Dat is inmiddels wat minder omdat ISIS is “running out of famous sites to destroy”.

Vandalisme en zwarte handel zijn niet mogelijk zonder helers. Over een mogelijke kandidaat leest u hier: een collectie van 40.000 stuks, aangelegd in slechts vijf jaar, waarover al vragen worden gesteld. Mijn vriend en collega Theo Toebosch wil enkele antwoorden geven in een stuk in het NRC Handelsblad, dus ik zal hier stoppen met het uitgieten van de fiolen van mijn toorn.

Waar het om gaat is dit. Wat hier verloren gaat is niet slechts het nationale erfgoed van vier Arabische landen. Het gaat om werelderfgoed. Het gaat om uw eigen verleden.

  1. 1

    Iedereen die dat spul willens en wetens gekocht heeft vervolgen en helemaal – maar dan ook helemaal – kaalplukken. Dat zou mooi zijn.

  2. 3

    Waar overigens maar weer uit blijkt dat elk willekeurig museum geen garantie is van behoud. Het museum in Caïro niet, maar waarschijnlijk het Louvre ook niet. Al zie ik in Frankrijk niet zo gauw weer een revolutie uitbreken, uitsluiten kun je het ook niet. De voorsteden hebben al in brand gestaan.