Partij en burger

Het is een zin die in mijn hoofd blijft stuiteren: “De wereld is ingrijpend veranderd, dus we moeten de mensen geen verhalen vertellen.” De kandidaat-leiders van de PvdA knikken er instemmend bij. Maar wat betekent het? Wat is er veranderd en welke verhalen gaan ze ons dan wel vertellen? Lutz Jacobi zwaait met een oud boek en roept dat er een nieuw “Plan van de arbeid” moet komen. Ik geloof het graag, maar waarom en wat staat daar dan in?

In hoeverre doen politieke partijen nieuwe dingen en vertellen zij nieuwe verhalen? De PvdA zoekt via de leden een nieuwe fractieleider. Jan Pronk moppert dat het ongrondwettig amateurisme is, waar hij gelijk in heeft: maar elke week trekt de PvdA in de peilingen voor twee Kamerzetels steun aan! Zou het waar zijn dat de politiek de mensen niet interesseert en dat het alleen gaat om de vorm en niet om de inhoud? Je zou het niet zeggen. Mensen verwachten drama van de politiek, zei Willem Breedveld. Maar wat is er veranderd in de wereld en welke invloed heeft het op de verhalen die verteld moeten worden? Gaan politieke partijen anders om met die veranderingen?

Gravend in mijn Amsterdamse herinnering kom ik de personen tegen: Han Lammers, toen hij nog een relaxte journalist van de Groene was, en nog niet de arrogante bestuurder van later, Hans Gruyters, het scherpste brein dat ik ooit tegenkwam, uitbundig uit het hoofd delen van koningsdrama’s opzeggend tot genoegen van de bierdrinkende omstanders bij Hoppe, Marcel van Dam, voor wie ik werkte, machtspoliticus, maar met een betrouwbaar proletarisch sentiment. Van de soort waren er meer: Jan Schaefer, Frans van der Ven, Peter Lankhorst. Politiek gaat niet zonder personen en sympathie voor elkaar.

Nog verder gravend: ik vond het manifest van D’66, in 1966 in de boekwinkel en dat sprak me wel aan. Wat later ook “Tien over Rood”, een sociaaleconomische confrontatie van de politieke gezapigheid, voortkomend uit dezelfde impulsen als bij de democraten. Het gepraat over een linkse samenwerking liep spaak, het tweede kabinet Den Uyl kwam er nooit, wel de restauratie van Lubbers en twee periodes Paars. Internationaal: de eerste Golfoorlog werd niet gevoerd om de kwaliteit van de Koeweitse tuinboontjes, Nederland verloor zijn onschuld op de Balkan (Srebrenica), de aanslagen op de Twin Towers(9/II) leidden tot militaire avonturen in Irak en Afghanistan. En de dood van Fortuyn en van Gogh.

Maar hoe veranderde dat alles de relatie tussen de partij en de burger? D’66 experimenteerde met stemkastjes, maar het bleek manipuleerbaar en gebrekkig te werken. Sinds de ICT-revolutie hebben partijen websites en verloopt de communicatie met de achterban, die op veel wijzen te segmenteren valt, gemakkelijker en goedkoper. Die communicatie met de achterban is toch wel tamelijk essentieel voor politiek binnen partijen. Toch: toen het er om spande liet het CDA 5000 mensen naar Arnhem komen, om elkaar in 60 seconden mee te delen hoe goed of verderfelijk het gedogen van Wilders was van het houtje-touwtje-kabinet Rutte.

De politicoloog Lijphart schreef in de jaren zestig zijn boek over pacificatie en verzuiling. Zijn stelling luidde dat de verzuiling tot een soort vreedzame co-existentie leidde van volstrekt gescheiden gemeenschappen. Die scheiding kon blijven bestaan door de wijze waarop de communicatie verliep: de achterban werd heel ideologisch toegesproken, maar de ‘vijand’ waarmee en coalitie moest worden aangegaan juist heel zakelijk. Daardoor heb je het als machthebber wat lastig met openheid: je kunt je plooien en schikken moeilijk tonen, als je net het verschil met de anderen zo hebt aangezet. Dus: achterkamertjes zijn noodzakelijk.

Met D66 heb ik weinig. Ik vond de partij aardig, de mensen open en vriendelijk, maar het onideologische te weinig leiden tot een berekenbaar resultaat. Maar nu ligt er een dikke bundel met teksten van Hans van Mierlo. Daarin lezend komen deze bespiegelingen op.

In 1968 schreef hij: “Als je die crisis in een paar woorden wilt samenvatten, dan is het dat de machthebbers in de samenleving steeds meer macht krijgen, en dat er een steeds hoger en steeds ondoordringbaarder muur groeit tussen die machthebbers aan de ene kant en de gewone mensen aan de andere.” Tegenwoordig zouden we een uitspraak als deze populisme noemen. Maar Hans van Mierlo was te intellectueel en te erudiet voor dit etiket.

In de Thorbeckelezing uit 2000 waarschuwt Van Mierlo voor een te innige omhelzing van machten. “Het is de uiterste consequentie van het parlementaire stelsel: dualisme dat vrijwel onherroepelijk leidt tot monistische toepassing. De belangen van macht en controle verstrengelen zozeer dat beide functies gevaar lopen. Omhelzing kan leiden tot verstikking–. Er komen impasses uit voort die weer ruimte creëren voor bureaucratie. Deze is nog moeilijker te controleren.” Het is alsof Van Mierlo de regering Rutte voorzag.

In de bundel staat ook de Coornhertrede uit 1992. Van Mierlo vertelt dat hij in een taxi zit in New York, waar het vochtig is en snikheet. De airco in de taxi is defect en de chauffeur begint ineens te schelden op een president van vroeger, die Jefferson blijkt te zijn, van twee eeuwen terug. Die is zo stom geweest deze plek te kiezen voor de stad, terwijl er zo veel betere mogelijkheden waren. Van Mierlo is geimponeerd: hoe is zo veel directe identificatie mogelijk, zoveel emotie naar de gekozen vertegenwoordigers?

Het is een boeiende vraag. Is het daarvoor nodig dat de politici hun staatrechtelijke ruimte zo definiëren of invullen dat de burgers daar meer vat op krijgen? Van Mierlo vindt dat die route gevolgd moet worden; “van een partijdemocratie naar een kiezersdemocratie”. (p.344) Nu lijkt me de receptuur van het oude D66 gedateerd; van de kroonjuwelen is niets terecht gekomen. Maar wie kan zich wat voorstellen bij de overgang van een partijdemocratie naar een kiezersdemocratie? Ik zie de verkiezing van een nieuwe PvdA voorman/vrouw. Ik zie hoe de Franse socialisten voor een euro stembiljetten verkochten, waarmee iedereen in Frankrijk een kandidaat premier vermocht aan te wijzen. Ik zie de positieve effecten van het massacongres van het CDA, op de pacificatie binnen de eigen gelederen. Misschien zit de sleutel toch hier: hoe organiseren politieke partijen hun achterbannen? Wat doen zij met de burgers?

De uitdaging van de populistische instabiliteit moet gekeerd worden door een nieuwe verhouding tussen politiek en burgerij. Die verhouding moet door de politieke partijen worden vormgegeven. Overigens had Van Mierlo een relativerend valluik tot slot: “God verhoede dat het ooit nog eens echt helemaal goed komt tussen politiek en burgerij. Als alles klopt en de politieke structuren gezond zijn, wie moeten we dan nog de schuld geven van ons persoonlijk falen? De burger moet blijven knarsetanden als hij aan de politiek denkt. Maar het kan een paar knarsen minder.” (p.344)

Hans van Mierlo, “Een krankzinnig avontuur”, Amsterdam, 2012

Arend Lijphart, “Verzuiling, pacificatie en kentering in de Nederlandse politiek””, Amsterdam, 1968

Foto: zilverbat.

  1. 2

    Mooi Tom. Ik vind ook dat D66 weer ideologisch moet worden. Waar van Mierlo D66 als een breekijzer zag voor een tijdelijk probleem, zag Jan Terlouw in D66 de zgn. vierde stroming. Naast socialism, christen-politiek en rechts-liberalen, zijn D66-ers de links-liberalen. Daar hoort een verhaal bij. Maar welk?

  2. 4

    “De uitdaging van de populistische instabiliteit moet gekeerd worden door een nieuwe verhouding tussen politiek en burgerij. Die verhouding moet door de politieke partijen worden vormgegeven.”

    En wat nu als de burgerij dat doet?

    Het doet me een beetje denken aan het gezever van de kerken: veel mensen geloven nog wel aan “iets”, maar de kerken zijn al lang leeg.

    En raken nooit meer vol.

  3. 5

    De wereld is helemaal niet ingrijpend veranderd.
    En nieuwe generaties kennen als vanouds hun geschiedenislessen niet.
    Voornaam is dat volksvertegenwoordigers hun geschiedenislessen wel hebben bijgewoond.
    Voornaam is dat volksvertegenwoordigers gebruik maken van hun mandaat en niet bang zijn voor iedere poll of iedere hype volgen.
    En dan gaat het niet om een oplossing te zoeken in sterk leiderschap.
    Het gaat om karaktervolle en gloedvolle mensen die voor hun keuzes staan.

  4. 6

    Tja, Harm, sprookjes zijn prima. Maar doe nu eens mee. Ik probeer na te denken over de organisatie van politiek handelen en invloeden daarop. Ik vind het geweldig als het volk dat zelf doet.
    Maar dat is slechts mondjesmaat het geval. Die vergelijking met de kerken vind ik wel to the point, maar hij beangstigt me: als er geen politieke expressie meer plaats vindt in enige vorm van ordening, leg je de wereld open voor horden gedrag: of bruin, of zwart, of rood.
    Dan heb ik liever de burgerij.
    @5: ik heb ook niet zoveel met leiderschap. Ik weet zelfs niet of ik zo dol ben op karakters, die hun geschiedenis kennen en die gloedvol voor hun keuzen staan. Het parlement zit er vol mee.
    Ik denk dat het gaat om verbindingen tussen de ingehuurde politici en de wereld. En welke rol hebben de oude en de nieuwere media daarin? Dat puzzelt me.

  5. 7

    Dat het beangstigend is wat er gebeurt, dat ben ik wel met je eens.

    Maar laat ik nu eens de VS als voorbeeld nemen: in mijn perceptie gaat het om een neo-fascistische staat waarin een criminele elite de macht heeft gegrepen. Ik schrijf dit niet me de bedoeling om daarover met jou in disussie te gaan, ik leg uit wat mijn perceptie is.

    En nou wil je dat ik mee doe? Aan de ene of aan de andere kant?

    Sorry, maar ik geef er de voorkeur aan te behoren tot de “horden”, tot de 99%, boven welke vorm van participatie dan ook aan een crimineel systeem.

    Nu weet ik wel dat de verhoudingen in Nederland niet zo scherp liggen en dat er goedbedoelende politici zijn zonder criminele intenties.

    Maar ook degenen die onvoldoende afstand nemen maken zich schuldig aan een vorm van medeplichtigheid. En toen de PvdA de ideologische veren afschudde werd daarmee een formeel een grens doorbroken die informeel al geruime tijd niet meer bestond.

    Gravend in jouw Amsterdamse herinneringen kom je allemaal belangrijke mensen tegen; de veldheren van de Nederlandse politiek. Maar ik ben van de guerilla van de buitenparlementaire oppositie; een van die jongens die zijn nek uitstak om in de praktijk te brengen wat jullie predikten.

    Ik heb wel een voorstel voor je: begin nu eerst maar eens om Wijnand Duyvendak te rehabiliteren. Mijn geloof in het Nederlandse politieke systeem was nog een stuk minder dan het zijne.

    Ik heb dan ook veel vroeger afscheid genomen; ik had het niet nodig om een boek te schrijven om op die manier geconfronteerd te worden met de “nieuwe realiteit”, ik had hem reeds voorspeld. Jouw oproep om mee te doen is dan ook aan de verkeerde gericht.

    Ik wil daar overigens nog wel een voorspelling aan vastknopen. De “burgerij” waar jij het over hebt, dat deel dat zich nog organiseert in politieke partijen en belangenorganisaties, dat is het deel van de bevolking dat in de toekomst zal leven in de “brave new world”, binnen hoge hekken en muren, beschermd door hun prive-legertjes tegen “de wilden”. Dat patroon tekent zich nu al af in Noord- en Zuid-amerika.

    Jij bent zo’n veldheer die zich voorbereid op een oorlog zoals die gevoerd werd in het verleden.

    En ik, ik ben met pensioen.

  6. 8

    Harm, je bent een lieve oude man. Ook ik ben met pensioen, wees gerust. Ook ik had contacten met de Rode Jeugd en deed vroeger nogal wat dingen die niet mochten, tot het heil van de mensheid.
    Ook ik zie verschrikkelijke verhoudingen in Amerika, waar alle enge adjectieven op van toepassing zijn.
    Tegelijk, dat bedoelde ik met meedoen, heeft het geen zin je te wentelen in het gelijk, maar gaat het er om de werkelijkheid zo te beïnvloeden dat het onheil van de horden, die wij vrezen, wordt bezworen. Oude mannen hoeven zich niet over een “brave new world” zorgen te maken, want dat is na ons.
    Maar ik maak me druk over de kwaliteit van de samenleving voor mijn kinderen en kleinkinderen; heb jij er geen?
    Overigens: ik heb de praktische politiek om een aantal principiële redenen die hiermee samenhangen, na een conflict verlaten. Dat moet toch een opluchting voor je zijn. Het wil alleen niet zeggen dat ik me niet meer inzet voor wat ik goed en nastrevenswaardig acht. Want dat heb ik wel overgehouden uit mijn activistentijd, dat ik dat niet kan laten.

  7. 12

    Dat ze de mensen geen verhalen meer zouden moeten vertellen, is de vulgaire vertaling van het idee dat ze boven ‘De Grote Vertellingen’ zouden staan. Maar dat er dus nog wel degelijk grote vertellingen bestaan, merkten we echter, enige tijd geleden toen Mark Rutte zich 50 miljard vertelde.

    Lutz Jacobi, als arbeids(waarde)fetisjist, met haar zwaaien met een oud boek, en roepen dat er een nieuw “Plan van de arbeid” zou moeten komen, is de mediagenieke farce, waar je op kon wachten. Daar zal dan wel instaan, dat de miljoenen inactieven in NL in brigades geformeerd en geordend zullen moeten worden, om sloten te graven en sleuven te trekken—zoals ook Mao de mensen van een schep voorzag, om arbeidswaarde te creëren; wat, zoals bekend mag zijn, volgens links dus de enige vorm van waardecreatie kan zijn, aangezien alleen menselijke arbeid uit te buiten valt. In het zweet des aanschijns van Adam Smith, Karl Marx en Max Weber dus, dat hele stelletje protestanten.

    Doormaal: “In hoeverre doen politieke partijen nieuwe dingen en vertellen zij nieuwe verhalen?”

    – Het einde van ‘De Grote Verhalen’ wilde zeggen, dat nieuwe verhalen gewoon niet meer mogelijk zijn.

    Doormaal: “Zou het waar zijn dat de politiek de mensen niet interesseert en dat het alleen gaat om de vorm en niet om de inhoud?”

    – Ja. En dat had je ook allang kunnen weten.

    Doormaal: “Mensen verwachten drama van de politiek, zei Willem Breedveld. Maar wat is er veranderd in de wereld en welke invloed heeft het op de verhalen die verteld moeten worden?”

    – De kern van de dramaturgie, is de retoriek.

    Doormaal: “Gaan politieke partijen anders om met die veranderingen?”

    – Vast. Maar ons moet het natuurlijk om inhoud gaan.

    Doormaal: “Nederland verloor zijn onschuld op de Balkan (Srebrenica), ”

    – Bullshit. Mocht NL ooit onschuld beweerd hebben te bezitten, dan was ze dat in de negentiende eeuw al kwijt, op Atjeh, of gedurende de politionele genocides in de jaren veertig. Je gelooft daar dus echt in, in Nederlandse ‘onschuld’? Ongelooflijk. Elke natie ontstaat uit bloedvergieten, waarna het poogt voortaan elders het bloed te vergieten—uit staatsraison. Al eeuwenlang vergiet deze roofstaat overal in de wereld al andermans bloed, al is het alleen al in de vorm van het zijn van een offshore taxhaven.

    Doormaal: “de aanslagen op de Twin Towers(9/II) leidden tot militaire avonturen in Irak en Afghanistan”

    – Ja vooruit, laten we het vrij onschuldig tot avonturieren bestempelen.

    Doormaal: “Maar hoe veranderde dat alles de relatie tussen de partij en de burger?”

    – De partijen bestaan om de burger te foppen met een vals bewustzijn, hetzelfde valse bewustzijn waarin degenen die in de partij de betaalde functies verdelen, dus zelf ook gaan leven.

    Doormaal: “Die scheiding kon blijven bestaan door de wijze waarop de communicatie verliep: de achterban werd heel ideologisch toegesproken, maar de ‘vijand’ waarmee en coalitie moest worden aangegaan juist heel zakelijk.”

    – Elites wheelen en dealen, het vulgus wordt tegenmekaar opgezet en gefopt.

    Doormaal: “De uitdaging van de populistische instabiliteit moet gekeerd worden door een nieuwe verhouding tussen politiek en burgerij. Die verhouding moet door de politieke partijen worden vormgegeven.”

    – De burgerij had vroeger helemaal geen partijen, de burgerij had louter individuele vertegenwoordigers. Politieke partijvorming is welbewuste samenscholing van welbepaalde belangen om de individuele burger staatsgewijs met haar geweldsmonopolie een poot uit te draaien. Opnieuw: vals bewustzijn.

  8. 13

    Tom van Doormaal: “Overigens: ik heb de praktische politiek om een aantal principiële redenen die hiermee samenhangen, na een conflict verlaten. Dat moet toch een opluchting voor je zijn.”

    “De PvdA in Overbetuwe is fractievolger Tom van Doormaal uit Elst kwijtgeraakt. Oorzaak is naar verluidt een verschil van mening over het omstreden bouwplan voor het gemeentehuis naast station Elst.”
    http://www.gelderlander.nl/voorpagina/betuwe/10674905/Van-Doormaal-weg-bij-PvdA-Overbetuwe.ece

    Voor zo’n principiele kwestie moet je natuurlijk na 40 jaar PvdA wel de consequenties trekken. Je zou willen dat Obama ook zo moedig was.
    Wat een opluchting zeg.

  9. 15

    @9: leuk he, die Benzakour. Ik heb een hele bundel van zijn teksten, de een nog mooier dan de ander. Ik zou ook een beetje nerveus worden als Sikbock mij een lieve oude man zou vinden, maar dat is me tot dusver bespaard gebleven. Het conflict in de lokale politiek leg ik nog wel eens uit.
    @12: waar heb je gelezen over dat “valse bewustzijn”? Ik vraag het maar even omdat je mijn naam niet eens goed kunt spellen.
    Vind jij echt dat mensen niet geboeid zijn door de politiek en alleen nog in vorm geinteresseerd zijn?
    Vroeger waren er geen partijen, maar alleen individuele vertegenwoordigers. Jaja, de kasteelheer, die de helft van de opbrengst van het land moest hebben. En moordadig huishield als de arme boer die niet afstond. Dat was het arbeiders en boerenparadijs van voor de politieke partijvorming: over vals bewustzijn gesproken.

  10. 16

    Nog maar eens de vraag: waarom is ondanks de sociale media en de mogelijkheden van internet, het verschijnsel politiek congres niet uitgestorven? Waarom reizen 5000 man naar een provinciehoofdstad, om elkaar in 60 seconden spreektijd een boodschap te brengen?
    Ik snap dat niet. Maar ondanks de reacties krijg ik niet de indruk dat er iemand is die dat wel begrijpt.

  11. 18

    Tja, waarom gaan mensen naar Vitesse, terwijl op TV op hetzelfde moment een veel betere wedstrijd veel beter in beeld gebracht wordt?

    Ik snap het wel, maar ik blijf toch thuis.

  12. 19

    Een paar honderd man mee laten kijken zonder participatie is al een opgaaf voor organisaties die niet de middelen hebben vergelijkbaar met de omroepen, laat staan een paar duizend man interactief laten deelnemen aan een virtuele congres. Verder denk ik dat de wettelijke bepalingen rond een ALV een barriere vormen om zoiets internet-only te maken. Hoe garandeer je bijvoorbeeld dat digibeten hun stemrecht niet verliezen?

  13. 20

    Hoezo verliezen? De term digibeten suggereert toch dat ze te dom zijn om dat stemrecht waar te nemen?

    En zo’n congres is toch ook maar een symbolische gebeurtenis, waar een paar duizend man mogen klappen -of niet- over de punten van een agenda waar ze geen enkele invloed op konden uitoefenen?

    En hoe stemmen ze eigenlijk? Schriftelijk en worden de stemmen dan geteld, of drukken ze alleen maar op een knopje?

    Geen idee, en eerlijk gezegd interesseert het me ook de ballen. Ik denk dat het formele deel uiteindelijk wel te vervangen zou zijn,

    maar de lijfelijke ervaring niet.

  14. 21

    De invloed van de media is is groot, om niet te zeggen enorm. En toch wordt ze in zekere zin overschat.

    Want de Pravda en de Telegraaf kunnen drukken wat ze willen, maar als wij onder elkaar uitmaken dat je alles wat daar geschreven staat maar beter met een korreltje zout kunt nemen, dan is dat de overheersende opvatting.

    De meningsvorming vindt plaats op straat en in de wandelgangen, als onderdeel van de lijfelijke ervaring. Als schijnbaar bijproduct van het officiele gedeelte.

    Maar dat is slechts schijnbaar.

  15. 22

    Hoezo verliezen? De term digibeten suggereert toch dat ze te dom zijn om dat stemrecht waar te nemen?

    Stemrecht is niet gekoppeld aan computervaardigheid, net zoals het in vele landen niet gekoppeld is aan leesvaardigheid.

    Verder lijkt mij de symbolische waarde van een congres sterk afhankelijk van de vereniging zelf. Heb in ieder geval minstens één ALV meegemaakt die de partij opblies.