Palawan in actie voor biodiversiteit

Palawanneushoornvogel op Palawan, Filippijnen (Foto: Wikimedia Commons/Llimchiu)Milieubewuste Europeanen maken zich wel eens zorgen over de manier waarop men in ontwikkelingslanden met de kostbare natuur omgaat. Dat ook daar aandacht is voor biodiversiteit is inmiddels wel bewezen door milieuactivisten als Chico Mendes, de vermoorde leider van Braziliaanse rubbertappers die streden tegen de aantasting van het regenwoud, en zijn collega Marina Silva, vorig jaar presidentskandidate voor De Groenen in Brazilië. 

Een vergelijkbare beweging zien we nu op het Filippijnse eiland Palawan. Op dit 2000 km lange, meest westelijke eiland van de Filippijnen dreigt mijnbouw de biodiversiteit ernstig te schaden. Het eiland heeft veertig procent van de mangrovebossen die er nog in het land zijn, dertig procent van de koraalriffen, acht beschermde natuurgebieden, en twee gebieden op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Sinds de regering vorig jaar toestemming gaf voor mijnbouw (nikkel, olie) is de bevolking in actie gekomen om de natuur op hun eiland te beschermen.

Het gaat de bewoners van Palawan niet alleen om de biodiversiteit. Net als in Brazilië raakt de mijnbouw ook aan hun bestaan. Boeren zien hun oogsten verminderen door de ontregeling van de natuur die de mijnbouw veroorzaakt. Overstromingen en vervuild water hebben een enorme daling van de rijstproductie veroorzaakt. En omdat Palawan een belangrijke leverancier is van rijst voor de andere delen van de Filippijnen, zullen ook daar de gevolgen voor de economie merkbaar zijn. Hoe zwakker de economie, hoe groter de druk om te emigreren. Inmiddels kom je overal op de wereld arbeiders uit de Filippijnen tegen. De ‘brain drain’ groeit.

De boeren van Palawan strijden niet alleen tegen de buitenlandse maatschappijen die hun land leegroven, maar ook tegen corrupte autoriteiten en rijke grootgrondbezitters. En die deinzen, net als in Brazilië, niet terug voor het gebruik van geweld. Op 24 januari werd op Palawan de milieu-activist en radiojournalist Gerry Ortega vermoord. Deze moord heeft een enorme reactie teweeg gebracht zowel in het land als daarbuiten. De vorig jaar gekozen president Aquino voelde zich gedwongen tot maatregelen en trok 300 mijnbouwconcessies in. De actie gaat nu door met een petitie om alle mijnbouw te stoppen.

De bewoners van Palawan kunnen een sprankje hoop putten uit de koerswijziging die de nieuwe president Aquino heeft ingezet na de jarenlange dictatuur van Arroyo. Aquino heeft beloofd de corruptie aan te pakken. Het eerste slachtoffer is al gevallen. Voormalig hoofd van het leger en uitvoerend secretaris onder Arroyo, Angelo Reyes, heeft na de onthulling van zijn betrokkenheid bij grootschalige corruptie in het leger, zelfmoord gepleegd. Het onderzoek gaat echter voort en er lijken verschillende andere generaals miljoenen te hebben verduisterd.

Een ander teken dat het politieke klimaat in de Filippijnen verandert is het vredesoverleg met communistische rebellen dat onlangs weer is opgestart in Oslo. De communisten zetten onder andere in op landhervorming en het terugdringen van de macht van rijke grootgrondbezitters. Hun leider in ballingschap, José Maria Sison, die sinds 1987 in Nederland verblijft, is gematigd positief. “De sfeer in Oslo was vriendschappelijk”, zegt hij in de NRC van vrijdag jl. Ooit zat hij met de vader van de huidige president gevangen onder het regiem van de vroegere dictator Marcos.

De politieke veranderingen op de Filippijnen verdienen steun uit Europa. Net als in de Arabische wereld is er jarenlang zonder veel kritiek samengewerkt met dictatoriale regimes. Er ligt nu een kans om het tij te keren en zowel voor de Filippijnse bevolking als voor de natuur betere condities te scheppen.

Reacties zijn uitgeschakeld