Pak naast inkomensongelijkheid ook corruptie aan

ACHTERGROND - Toenemende politieke onvrede houdt verband met inkomensongelijkheid, maar nog meer met corruptie. Om onvrede te verminderen, moet corruptie aangepakt worden, schrijft Matthijs Rooduijn.

Door de economische crisis en de politieke reacties daarop is de kans op sociale onrust in West-Europa groter dan ooit, zo meldde NRC Handelsblad deze week naar aanleiding van een rapport van de International Labour Organization. Met name de toegenomen inkomensongelijkheid zou de boosdoener zijn. Het achterliggende idee: hoe groter de ongelijkheid, hoe groter de onvrede met de politiek, en hoe groter de kans op protesten en uiteindelijk eventueel rellen. Dit roept de vraag op of het verkleinen van de inkomensongelijkheid verdere sociale onrust zal voorkomen.

Verschillende onderzoeken tonen aan dat er inderdaad een relatie bestaat tussen inkomensongelijkheid en onvrede met de politiek. Mensen in landen met meer inkomensongelijkheid zijn minder tevreden met de politiek. Politieke systemen die inkomensongelijkheid bevorderen worden namelijk kritisch beoordeeld door de bevolking, aangezien economische ongelijkheid niet goed verenigbaar is met de democratische principes van gelijkheid en rechtvaardigheid.

In de figuur hieronder (gebaseerd op data uit de European Election Studies 2009 en gegevens van de Wereldbank) vind je op de horizontale as de inkomensongelijkheid, die is gemeten met de GINI-coëfficiënt (hoe hoger hoe meer ongelijkheid), en op de verticale as de tevredenheid met de democratie (hoe hoger hoe meer onvrede). De figuur laat zien dat er een behoorlijk sterke samenhang is tussen inkomensongelijkheid en politieke onvrede op landniveau (de correlatie is 0.48); hoe hoger de inkomensongelijkheid, hoe groter de politieke onvrede en vice versa. De landen met veel ongelijkheid en veel onvrede zijn voornamelijk Oost- en Zuid-Europese landen en de landen met weinig ongelijkheid en weinig onvrede zijn vooral landen uit het noorden en westen van Europa. Zoals je ziet doet ons eigen landje het op beide vlakken behoorlijk goed.

Figuur 1

Ongelijkheid oorzaak van onvrede?

Maar betekent deze samenhang tussen ongelijkheid en onvrede op landniveau nu ook dat de ongelijkheid de oorzaak van de onvrede is? Nee. Er zouden andere factoren een rol kunnen spelen. Uit onderzoek van onder andere collega-bloggers Tom van der Meer en Armen Hakhverdian (zie hier en hier) blijkt bijvoorbeeld dat de mate van corruptie in een land van grote invloed is op de politieke tevredenheid. In landen met meer corruptie zou je kunnen verwachten dat mensen ontevredener zijn omdat het politieke proces minder eerlijk verloopt dan in landen waar nauwelijks corruptie heerst. En inderdaad, zoals de grafiek hieronder laat zien is er een zeer sterke samenhang tussen politieke onvrede en corruptie (de correlatie is maar liefst 0.79): hoe corrupter een land, hoe minder tevreden met de democratie men gemiddeld is. De mate van corruptie in een land is hier gemeten aan de hand van de Corruption Perception Index van Transparency International. Deze index geeft de door experts waargenomen mate van corruptie in een land aan. De figuur laat ook weer een onderscheid zien tussen het oosten en zuiden van Europa aan de ene kant en het noorden en westen aan de andere kant.

Figuur 2

Wanneer rekening wordt gehouden met de mate van corruptie in een land valt de inkomensongelijkheid als verklarende factor van politieke onvrede geheel weg. Dit suggereert dat het niet zozeer de economische omstandigheden zijn die bepalen of mensen tevreden zijn met de democratie, maar de mate waarin het politieke proces eerlijk verloopt.

Rol van inkomensongelijkheid

Wat is dan de rol die inkomensongelijkheid speelt? Verschillende studies tonen aan dat er een sterk effect is van inkomensongelijkheid op corruptie (zie bijvoorbeeld hier). Het idee is dat wanneer de ongelijkheid in een land toeneemt, rijkeren steeds meer te verliezen zullen hebben van een eerlijk verlopend democratisch proces. Tegelijkertijd hebben zij ook vaak de financiële en politieke middelen om op een illegale manier het democratische proces te beïnvloeden. Bovendien versterkt corruptie ook weer de ongelijkheid (zie bijvoorbeeld hier). Wanneer de rijken zichzelf verrijken en het democratische proces naar hun hand zetten, zullen de armeren armer worden en verder aan invloed inboeten. De kloof tussen arm en rijk zal zo verder groeien. De figuur hieronder laat zien dat er inderdaad een sterke samenhang is tussen inkomensongelijkheid en corruptie (correlatie is 0.47). Het beeld is weer hetzelfde: Oost- en Zuid-Europa rechtsboven en Noord- en West-Europa linksonder.

Figuur 3

Wat kunnen we hier nu uit concluderen? Inkomensongelijkheid en tevredenheid met de politiek hangen met elkaar samen. Maar het is voor een groot gedeelte niet zozeer die inkomensongelijkheid zelf die de politieke onvrede veroorzaakt, maar de mate van corruptie in een land. Inkomensongelijkheid vergroot de corruptie en meer corruptie leidt weer tot meer politieke onvrede.

De toegenomen sociale onrust in Europa en de vergrote kans op nog meer onrust in de nabije toekomst worden voor een groot gedeelte veroorzaakt door de economische crisis. Maar om de heersende onvrede terug te dringen is een eenzijdige focus op economische factoren zoals inkomensongelijkheid niet voldoende. Het is vooral ook de corruptie die hier een centrale rol speelt en die moet worden aangepakt wil de tevredenheid met de politiek weer groeien.

Via Stuk Rood Vlees.

  1. 1

    Interessant artikel. Maar als inkomensongelijkheid een oorzaak is van corruptie, dan is dat toch juist een extra reden om die inkomensverschillen aan te pakken?

  2. 3

    @1: Inderdaad. Gezien het artikel is de kop dan ook een beetje self defeating: Door inkomensongelijkheid aan te pakken, pak je naast inkomensongelijkheid ook corruptie aan.

  3. 4

    Als in een land wettelijk iedereen hetzelfde zou verdienen zou je er alleen maar op illegale wijze op vooruit kunnen gaan. Ergo: inkomensgelijkheid werkt corruptie in de hand.

  4. 6

    Ik zie het niet helemaal. Nu ben ik sowieso niet zo van deze statistische truukjes om een rechte lijn door een aantal punten te trekken waarbij het vervolgens duidelijk moet zijn dat er een verband is. Dat verband is wel redelijk duidelijk te zien bij grafiek 2, grafiek 1 vind ik zo-zo, maar om een rechte lijn door de punten van grafiek 3 te krijgen -en daar conclusies aan te verbinden- is shaky.

    Over grafiek 1 kan ik zeggen: je kunt alleen met zekerheid iets zeggen over het interval 27-33, daarbuiten schijnt de ontevredenheid op te lopen.

    Over grafiek 3 kan ik zeggen: je kunt alleen iets zeggen over het kwadrant rechtsonder: lage corruptie en hoge Gini-coëfficiënten gaan niet goed samen. Over relatief lage Gini-coëfficiënten kun je niks zeggen, noch over relatief hoge corruptiecijfers.

    De conclusie (en het verband) volgt indirect uit de eerste 2 grafieken (en data) maar niet direct.

    Dus: leuke poging, toch heb ik nog genoeg kritiek. De eenheden zijn gegeven (Gini-coëfficiënt, CPI) maar die van de politieke onvrede niet. De eenheden zouden langs de assen in de grafieken moeten staan (en niet de grootheden (als je die al daadwerkelijk meet)), zoals hier in de grafieken staan. Ook zou ik niet met deze afkortingen werken, maar met de ‘normale’ afkortingen (Hongarije wordt dan HU, niet HO), die overigens genormeerd zijn volgens de ISO-3166. Dat zou verwarringen moeten voorkomen (ES is in ISO Spanje, in deze grafieken staat SP voor Spanje en ES voor Estland, terwijl die in ISO EE is). Ook vraag ik me af hoe geldig deze gegevens zijn, gezien de relatief kleine gegevensset. Meer gegevens (meer landen, of over een langere tijd) zouden betere resultaten leveren, die -dat denk ik wel- de conclusies overtuigender zouden staven.

  5. 7

    Inkomensongelijkheid zorgt inderdaad voor ontevredenheid, dat is een beetje het intrappen van een open deur, maar het is de corruptie die, als die aan het licht komt de lont in het kruitvat steekt.

    Dat een ander meer, véél meer, onredelijk veel meer zelfs verdient dan jij is vervelend en je wordt er sjagrijnig van, maar als die ander aan dat geld komt door o.a. jou of de gemeenschap te belazeren is dat niet te verteren.

    Het is dus zaak, vooral ook voor deze regering, die corruptie, die schaamteloze zelfverrijking vanuit de gemeenschappelijke kas, de absurde beloningen in sectoren waar het moeilijk loopt (o.a. de zorg, dus) snoeihard aan te pakken.

    De beginnen bij de overheid en semi-overheid, maar ook in sectoren die met gemeenschapsgeld worden gesponsord, zoals zorg en bouw.

  6. 8

    @4: Nee, want in dat geval zou je omgeving merken dat jij meer geld te besteden hebt dan anderen en DUS corrupt bent geweest.

  7. 9

    @8 En dan weten die anderen dat er via jou blijkbaar iets te regelen valt. Want corruptie ontstaat ook als de bureaucratie zo groot wordt dat het sneller en goedkoper wordt om met een ambtenaar een dealtje te sluiten. Het grafiekje over de mate van bureaucratie ontbreekt.

  8. 10

    Dergelijke onderzoeken geven slechts een beperkt beeld omdat er alleen wordt gekeken naar letterlijke corruptie, en niet naar zaken als lobbyisme, die strikt volgens de wet legitiem zijn maar door een groot deel van het volk als “valsspelen” worden gezien.

    Ik ben niet zo thuis in dit onderzoeksgebied, maar misschien dat de auteur (of andere welingelichte reageerders) referenties hebben naar onderzoeken als hierboven waar bijvoorbeeld de grootte van de lobbysector is meegenomen?

  9. 11

    En worden geheel legale uitwassen van ongelijkheid ook meegeteld als corruptie ?
    Bijbetalen en u hoeft niet meer in de rij te staan.
    Op schiphol, bij walibi, in de zorg …..
    geïnstitutionaliseerde corruptie in mijn ogen.

  10. 13

    @5 Dat is ook weer zo. Ik heb even naar dit onderzoek gegeken: http://asr.sagepub.com/content/70/1/136.short. De auteurs stellen dat herverdeling de vicieuze cirkel van ongelijkheid en corruptie zou kunnen doorbreken. Aan de andere kant, Matthijs Rooduijn begint bovenstaande analyse met sociale onrust als aanleiding voor de politiek om iets te doen aan ongelijkheid en/of corruptie. Misschien moeten we gewoon meer protesteren (zeg ik dan maar even als leunstoelactivist).

  11. 15

    Indien iemand een eigen bedrijf opzet en de werknemers goed behandeld/betaald zal een inkomensverschil niet erg veel weerstand oproepen.

    Anders wordt het natuurlijk indien (zet)baas en management van een publieke instelling, stompzinnige Bank of ASO-bedrijf riante salarisssen/bonussen opstrijken en de werkgevers slecht betaalt; vervangt zoor stagiares; vervangt door al dan niet illegale zwaar onderbetaalde werknemers,die aangetrokken zijn via louche “constucties” of idem uitzendbureaux.
    Indien dit soort toestanden op den duur niet tot oproer leiden, komen er nooit meer opstanden ;-)