Moskou weigert opening archief Wallenberg

ELDERS - Het is nog steeds niet duidelijk wat er met de Zweedse diplomaat Wallenberg na de oorlog in de Sovjet-Unie is gebeurd.

Nabestaanden van Wallenberg proberen al decennia lang opening van zaken te krijgen in Rusland. Vorig jaar verloren ze een rechtszaak tegen de FSB, de Russische geheime dienst. Deze week werd hun beroep afgewezen. De dienst zou de familie toegang tot de archieven weigeren met een beroep op de privacy van de nabestaanden van Wallenberg’s medegevangenen.

In de Tweede Wereldoorlog heeft de Zweedse diplomaat Raoul Wallenberg, eerste secretaris van de Zweedse ambassade in Boedapest, duizenden Hongaarse Joden gered door te voorkomen dat het grootste Jodengetto werd uitgemoord en door talrijke Joden een quasi tijdelijk paspoort te verstrekken voor het neutrale Zweden. Hij werd in januari 1945 na de bevrijding van Boedapest door het Rode Leger meegenomen naar Moskou. Daarna is niets meer van hem vernomen.

Pas in 2016 is hij door de Zweedse overheid officieel dood verklaard.

Na de beëindiging van het Sovjet-regime in 1991 is een poging gedaan de lotgevallen van Wallenberg te achterhalen door archiefonderzoek en interviews met nog levende medewerkers van de geheime dienst. Maar dat leverde onvoldoende duidelijkheid op. Sommigen geloofden zelfs dat Wallenberg nog in leven was. De onzekerheid over zijn lot werd gestimuleerd door twee elkaar tegensprekende documenten: een overlijdensakte (wegens hartfalen) van 17 juli 1947 en een rapport van zijn verhoor in de Loebjanka-gevangenis op 23 juli 1947.

In 2016 vond de kleindochter van de voormalige KGB-directeur Ivan Serov bij de renovatie van het huis van haar grootvader diens dagboek achter het behang. Daarin schreef Serov dat hij er niet aan twijfelde dat Wallenberg in 1947 om het leven is gebracht. De Zweed zou op verdenking van spionage naar Moskou zijn overgebracht. Dat Zweden direct na de oorlog niet is ingegaan op een ruil van Wallenberg tegen Russische ovelopers zou te maken hebben met de overtuiging van de toenmalige Zweedse minister van Buitenlandse Zaken Söderblom dat Wallenberg al dood was.

In 2013 onthulde de Zweeds-Hongaarse schrijver Gellért Kovács dat Wallenberg door de Sovjets gevangen is genomen vanwege steun aan het niet-communistische gewapende verzet in Boedapest. Volgens de in Kovács’ boek aangehaalde historicus József Gazsi gaf de diplomaat handgranaten, pistolen en machine geweren aan het verzet. De Zweedse historicus Bengt Jangfeldt heeft de arrestatie van Wallenberg in verband gebracht met goud, juwelen en geld, dat verborgen in zijn auto is aangetroffen, mogelijk in bewaring gegeven door de Joden die hij heeft geholpen.

Mythevorming

De ontoegankelijkheid van archieven van de geheime dienst, de politie en verwante overheidsorganisaties stimuleert nog steeds de mythevorming rond zaken zoals die van Raoul Wallenberg. In Rusland zijn overheidsarchieven vlak na de omwenteling in de jaren negentig korte tijd toegankelijk geweest. Gevoelig materiaal is in de openbaarheid gebracht met toestemming van Boris Jeltsin die er na de coup van 1991 belang bij had de communistische partij op afstand te houden. Met een voormalig KGB functionaris als president is de kans inmiddels een stuk kleiner om nog eens een blik te werpen op de geschiedenis van deze organisatie.

De aard van de geheime  dienst verklaart veel. Geheimhouding zit de diensten in het bloed. De Nederlandse onderzoeker Constant Hijzen: ‘Voor geheime diensten is het ontzettend ingewikkeld om openheid te betrachten. Dat zie je niet alleen bij de archieven, maar ook bijvoorbeeld in hun pr-beleid. Ze zijn vaak heel bang dat als ze een klein beetje informatie geven, er een wedervraag volgt waarop ze weer geen antwoord kunnen geven. Dus zeggen ze maar liever helemaal niets.’ Maar ze worden daartoe ook niet snel gestimuleerd door de politiek. Er is, zegt Hijzen, nu eenmaal ‘weinig politiek gewin’ te halen uit deze kwestie. Bovendien is het risico op ‘lijken in de kast’ niet ondenkbeeldig. Volledige openheid over het verleden van diensten die jarenlang als ‘staat in de staat’ hebben gewerkt, zonder veel politieke controle, kan zaken aan het licht brengen die ook tegenwoordige regeringen liever vergeten. Dat geldt waarschijnlijk voor alle landen.

  1. 1

    De onzekerheid over zijn lot werd gestimuleerd door twee elkaar tegensprekende documenten: een overlijdensakte (wegens hartfalen) van 17 juli 1947 en een rapport van zijn verhoor in de Loebjanka-gevangenis van 23 juli 1947.

    Stond er dan in dat rapport dat hij blaakte van gezondheid? Datum opgemaakt is nog niet datum vastgesteld.
    Onder Stalin was alles mogelijk. “Snel, Iwan, die Zweed die we nog steeds niet verhoord hebben is intussen dood. Als we niet snel wat fabriceren zitten wij in straks in zijn cel.”

    Wat betreft de laatste alinea: ‘Gladio’ is ook zo’n leuke zoekterm. Het is alleen de kunst waarheid van fantasie te onderscheiden.

  2. 4

    @3: En dat kan zelfs zonder boze opzet zijn geweest. Een stel ongeïnteresseerde en langs elkaar heen werkende klerken is al voldoende: Een arts stelt een overlijdensakte op, al dan niet naar eer en geweten geantedateerd naar het door hem geschatte tijdstip van overlijden en elders dicteert een officier uit zijn herinnering het verloop van een verhoor aan een ondergeschikte, maar bekommert zich niet om bureaucratische futiliteiten als dossiernummer of plaats en tijd, zodat de typist daarvoor als altijd op zijn horloge en de krant van die dag kijkt. Kan het hem wat schelen, als er maar wat staat.