Moet de journalistiek richting wetenschap?

Julian Assange is betrokken bij Wikileaks, een site die informatie die beschikbaar is gemaakt door klokkenluiders openbaar maakt. Hij is al tijden erg kritisch op de media. Logisch, want Wikileaks bestaat bij de gratie van het falen van de main stream media. Volgens hem zijn de media gemakzuchtig en lui.

Hij pleit voor een wetenschappelijker journalistiek. In de wetenschap kan je geen paper publiceren zonder een uitgebreide en door iedereen te verifiëren bronnenlijst. Waarom niet dezelfde eisen stellen aan journalistieke publicaties?

Het klassieke – en valide – argument is altijd geweest dat er geen ruimte was en is in de krant. Je kan moeilijk onder elk krantenartikel een lijstje met bronnen, en indien nodig de complete tekst van de bron toevoegen. Maar sinds het internet mainstream is geworden, nu toch alweer een jaartje of tien, gaat dat argument niet meer op: dataverkeer en opslagruimte kosten zo goed als niets meer en zijn in grote hoeveelheden voorhanden.

Op dat vlak houdt niets de vooruitgang tegen, maar de journalistieke mores is nog niet aangepast aan dit nieuwe tijdperk. En of dat gaat gebeuren is nog maar de vraag. De oplages lopen terug en vooral de kranten zijn nog druk zoekende nieuwe inkomstenbronnen aan te boren, want de opbrengsten van het internet compenseren dit niet. Het laatste waar de kranten op zitten te wachten is dat het het schrijven van een stuk lastiger gaat worden en langer gaat duren.

Nog een groot obstakel is bronbescherming. Als er geëist wordt dat de bronnen openbaar zijn, dan droogt de anonieme aanvoer van informatie snel op. Het is namelijk vaak belachelijk makkelijk om geanonimiseerde informatie te herleiden naar personen.

Dit maakt het onwaarschijnlijk dat de visie van Assange snel realiteit zal worden. Maar het kan geen kwaad om er eens naar te kijken en te bepalen of het mogelijk is een werkzaam model te ontwikkelen.

  1. 1

    Het grootste obstakel lijkt me toch het journalistieke cultuurtje en de moderne definitie van nieuws: ’t moet leuk zijn, op het gevoel werken, een snaar raken. En dan eindeloos op een eenmaal geraakte snaar doorborduren. Ook denk ik wel eens dat veel journalisten in praktijk brengen wat Kinderen voor kinderen in hun kleutertijd zongen: Als ik de baas zou zijn van het journaal, dan werd het nieuws beslist wat positiever…Of zeur ik nu te veel ;)?

  2. 2

    @1: Dat “het moet leuk zijn”, etc. geldt ook voor de wetenschap. Er zijn discussies binnen de wetenshcap gaande over hoe het ‘grote publiek’ te bereiken. Naar dat terzijde.

    Ik zie hier endaar bij de internetedities van kranten al wel het fenomeen van ‘linken’ steeds meer toegepast. Iets wat bij weblogs al gemeengoed is. Dat is al een stapje voorwaarts.

    Verder hieft in de journalistiek oude stijl heus geen ellenlange bronnenlijst onder een artikel. De meeste artikelen zijn niet zo uitgebreid van stof, dat zoiets nodig is.
    Wel kan men in het artikel mensen (bronnen) met naam noemen en citeren. Een gebruikleijke gang van zaken en de lezer die meer wil weten kan de aangehaalde deskundige natuurlijk op internet opzoeken en verder spitten.

    Ik zou dan ook op dit moment niet meteen weten wat wel een beter en werkbaar model zou zijn. Gewoon de link-methode op de digitale versies gebruiken en in de papieren edities wat vaker ‘fact-checking’ in het artikel en quotes citeren.