Met Gewoon Jos door Gewoon NL, slot: ’t Lolbroekje

Waarin Max Molovich met de charismatische politicus Jos Kuintjes op verkiezingscampagne door gewoon Nederland trekt. Aflevering 8: peuterspeelzaal ’t Lolbroekje. Gewoon Jos komt erachter dat Max op de Piraten heeft gestemd. Er knapt iets in hem.

Als ik rond de klok van 20.45 uur het schoolpleintje van peuterspeelzaal ‘t Lolbroekje betreed, zie ik Jos meteen zitten. Voor de deur. In het schijnsel van het ganglicht. Op z’n hurken. Handen in het haar. Naast hem een tas van de Aldi. Voor hem een reeks flyers met de bekende mintgroene kleur. Jos staat erop met zijn duim omhoog. De tekst: “Stem wijzer: stem gewoon Jos voor een Gewoon NL.” Vreemde kriebels in mijn buik.

Ik loop naar ‘m toe en vraag wat er is. Hij kijkt me aan. In tranen. “Ik dacht dat je een grapje maakte”, zegt hij. Moedeloos schuddend laat hij zijn hoofd weer in zijn handen zakken. Ik ruik een vreemde geur. “Wat bedoel je”, vraag ik. Hij kijkt omhoog. Door de tranen heen zie ik nu ineens zijn woede. “De piraten?”, zegt hij, nauwelijks hoorbaar. “Je hebt op de Piraten gestemd? Wat is dit voor apenland?” 

Een half uur geleden belde ik Jos op om te vragen of ik langs kon komen. Hij vroeg me of ik al gestemd had. Ik vertelde hem dat ik op de Piraten had gestemd. Hij moest lachen. Een vrouw zet haar fiets in het fietsenrek, stapt af en loopt het gebouw binnen. “Ik dacht dat je een grapje maakte, Max. Ik dacht gewoon dat je een grapje maakte. De Piraten? En weet je wie er niet op stond, Max, weet je wie ze gewoon vergeten hadden om op die lijst te zetten? Mij, Max. Gewoon NL was nergens te bekennen. Ik stond gewoon niet op de lijst. Ze hebben me godverdomme gewoon genegeerd. Heb ik gewoon voor niks al die weken mijn stinkende best gedaan. Heb ik gewoon voor niks al die mensen gemobiliseerd. Geen Gewoon NL te bekennen. Maar wel een zooitje Piraten. Ik zeg het je: hier zit Camiel achter. Die vuile hufter.”

Er stopt een politieauto. Ik vraag ‘m wat ie gedaan heeft. “Ik heb gewoon m’n ongenoegen geuit, Max. Wat meer kon ik doen?” De vrouw van net komt kokhalzend naar buiten buitelen. Mijn hart klopt in mijn keel. Ik loop voorzichtig naar binnen. De grond ligt bezaaid met flyers van Gewoon NL. Ik kijk om en zie een politieagent behoedzaam op Jos Kuintjes toegesneld. Ik volg het spoor van de flyers. Ik loop een klaslokaal binnen. Van de stemhokjes is weinig meer over. In elkaar gebeukt. Het stinkt hier enorm. Achter een drietal aan elkaar geschoven tafels zitten één man en drie vrouwen voor zich uit te staren. Achter hen, op de muur, staat in bruine letters geschreven: “ZAK GEWOON IN DE STRONT MET JE KUT NL!” Overal verspreid op de vloer liggen uitgevouwen strontluiers. Drie luieremmers liggen op hun kop. De stank is niet te harden. Mijn maag krimpt ineen. Het vocht trekt uit mijn mond weg. Er komt wat gal naar boven en ik ren naar buiten.

De politieagent helpt een geboeide Jos Kuintjes naar binnen door zijn hoofd een beetje naar beneden te drukken. De agent gaat achter het stuur zitten en start de motor. Hij laat ‘m hard loeien. Alsof hij doof is. Gewoon Jos kijkt me vernietigend aan. Hij mompelt iets. Ik geef aan dat ik ‘m niet kan horen. Hij articuleert. De ogen kil. Ik lees lip. Rot. Gewoon. Op. En weg rijden ze.