Media en migratie

ACHTERGROND - Het is belangrijk dat journalisten zich goed bewust zijn van de impact van hun berichtgeving, schrijft Matthijs Rooduijn op Stuk Rood Vlees naar aanleiding van een survey door sociologen Christian Czymara en Stephan Dochow.

Immigratie. Het is al jaren één van de meest besproken thema’s in het publieke debat. En we raken er maar niet over uitgepraat. Veel discussies zijn uiteindelijk op het thema terug te voeren. Klein voorbeeld: NRC schreef afgelopen weekend terecht dat het debat over onderzoek naar de groeiprognoses van de bevolking in Nederland eigenlijk helemaal niet over de bevolkingsomvang an sich gaat.

“Niemand maakt zich zorgen over de ontembare voortplantingsdrift van Nederlanders – eerder over het gebrek eraan. Het onderzoek gaat dus over de vraag hoeveel migranten Nederland aankan. Willen we wel of niet dat migranten hier komen om aan de vraag naar arbeid te voldoen? En krijgen ‘ze’ niet te veel kinderen in vergelijking met ‘ons’?”

Immigratie wat de klok slaat dus. Wat zijn nu de gevolgen van de grote media-aandacht voor dit onderwerp?

Media-impact

Afgelopen zomer verscheen er een interessant artikel dat precies op deze vraag ingaat. De sociologen Christian Czymara en Stephan Dochow koppelen een tekstanalyse van artikelen in Duitse kranten en tijdschriften aan een grootschalige panelstudie waarin Duitse respondenten over een periode van 15 jaar gevolgd worden. De kracht van dit survey is dat dezelfde mensen over een lange tijd gevolgd worden en dus vastgesteld kan worden of en hoe hun opvattingen over immigratie veranderen.

In de survey wordt onder andere de vraag gesteld hoe bezorgd mensen zijn over immigratie. Omdat de onderzoekers precies weten op welke dag deze vraag gesteld is, kunnen ze de antwoorden die respondenten gegeven hebben koppelen aan informatie over het mediadebat in de weken daarvoor. Hun verwachting was dat wanneer er veel media-aandacht is voor immigratie, dit zal leiden tot een grotere bezorgdheid over het thema. Hun redenatie: hoe meer media over immigratie schrijven, hoe meer mensen erover gaan nadenken, en hoe meer ze zich zorgen zullen gaan maken.

En dit is precies wat de resultaten suggereren. Maar wat precies het mechanisme is aan de hand waarvan mediaberichtgeving invloed uitoefent op ideeën over immigratie kunnen de onderzoekers niet met zekerheid zeggen. Het kán komen doordat mensen daadwerkelijk de artikelen over immigratie hebben gelezen. Maar het is ook waarschijnlijk dat de aandacht in de media op allerlei manieren doorsijpelt richting publieke opinie. Als er in de media veel wordt geschreven over immigratie, zal men in bijvoorbeeld de voetbalkantine óók meer over immigratie praten. Mensen die geen kranten en tijdschriften lezen komen zo ook met het thema in aanraking.

Niet altijd en voor iedereen

Czymara en Dochow laten ook zien dat het effect van media-aandacht op immigratie-opvattingen niet altijd en voor iedereen even sterk is. Het effect is sterker in buurten waar relatief weinig immigranten wonen. De auteurs van het artikel vermoeden dat dit komt doordat mensen in gemengde buurten meer gewend zijn aan de aanwezigheid van immigranten en zich daardoor minder sterk zullen laten beïnvloeden door mediaberichtgeving over immigratie. Het effect lijkt bovendien minder sterk te zijn voor mensen die op linkse partijen stemmen (met name de Groenen) en mensen die hoger zijn opgeleid – waarschijnlijk omdat deze mensen überhaupt al minder geneigd zijn om negatieve opvattingen over immigranten te hebben.

Natuurlijk is dit onderzoek niet perfect. Het kijkt alleen naar berichtgeving in kranten en tijdschriften en laat radio, televisie, online nieuws en sociale media volledig buiten beschouwing. Bovendien houden de onderzoekers helemaal geen rekening met de toon (positief of negatief) van het nieuws, en weten ze niet of de respondenten die ze onderzoeken daadwerkelijk (direct of indirect) met nieuwsberichten over immigratie in aanraking zijn gekomen. Bovendien kijken ze naar de mate waarin mensen bezorgd zijn over immigratie. Het is onduidelijk wat dat precies betekent; het hoeft niet noodzakelijkerwijs zo te zijn dat bezorgde mensen ook negatief zijn over immigratie.

Maar al met al is dit een belangrijke studie. Hoewel er nog flink wat vragen openblijven, laten de resultaten zien dat media een grote impact hebben. (Dat blijkt telkens weer. Zie bijvoorbeeld deze blog vorige maand van Rens Vliegenthart.) Het is belangrijk dat journalisten zich daar goed bewust van zijn.

  1. 1

    Hun verwachting was dat wanneer er veel media-aandacht is voor immigratie, dit zal leiden tot een grotere bezorgdheid over het thema. Hun redenatie: hoe meer media over immigratie schrijven, hoe meer mensen erover gaan nadenken, en hoe meer ze zich zorgen zullen gaan maken.

    En dit is precies wat de resultaten suggereren. Maar wat precies het mechanisme is aan de hand waarvan mediaberichtgeving invloed uitoefent op ideeën over immigratie kunnen de onderzoekers niet met zekerheid zeggen. Het kán komen doordat mensen daadwerkelijk de artikelen over immigratie hebben gelezen. Maar het is ook waarschijnlijk dat de aandacht in de media op allerlei manieren doorsijpelt richting publieke opinie.

    tsja. het kan natuurlijk ook zo zijn dat je last hebt van “omitted variable bias”: een derde, niet gemodeleerde variable leidt tot *en* meer media-aandacht *en* meer bezorgdheid. in een niet-experimentele opzet als deze kan je moeilijk de causaliteitsvraag beantwoorden. wat je wel ziet is dat niet alle media aandacht (bijvoorbeeld voor klimaatverandering of inkomensongelijkheid) tot dezelfde mate van “bezorgdheid” leidt.

    Het is belangrijk dat journalisten zich daar goed bewust van zijn.

    Ah je hebt de column van Ozturk op Joop gelezen.

  2. 2

    De invloed van de traditionele media worden hier flink overschat, in de PVV wijken lezen de mensen nog amper een krant en ze kijken ook niet naar de politieke discussie programma’s.

    De negatieve houding tegen immigratie wordt bij hen grotendeels bepaald door het beeld van religieuze aanslagen, zaken als de “Mocro wars” en militante groepen als Kick Zwarte Piet. Je kan proberen dat politiek correct uit de media te houden maar het nieuws verspreid zich tegenwoordig razendsnel over de digitale snelweg en vele van die groepen gaan zelf bewust voor maximale publiciteit. Als de traditionele media dat nieuws dan bewust gaan verzwijgen of verdraaien wordt het wantrouwen van de lager opgeleiden naar de “elite” alleen maar groter.

  3. 3

    @2: “De negatieve houding tegen immigratie wordt bij hen grotendeels bepaald door het beeld van religieuze aanslagen, zaken als de “Mocro wars” en militante groepen als Kick Zwarte Piet.”
    Die zullen ze toch echt via bepaalde media moeten binnenkrijgen, want Mocro Wars noch religieuze aanslagen noch Kick Zwarte Piet spelen zich af in de PVV wijkendorpen. Om zoiets op te pikken in Facebook heb je toch echt eerst media nodig die met nieuws en beelden komen.

  4. 4

    Al die jaren stond er ook van alles over voetbal in de kranten. Maakt men zich daar ook zorgen over?

    Als je de sturing van de publieke opinie door persberichten wilt analyseren weet ik nog wel een interessant onderwerp: De energietransitie. Gelekt op de frequentie waarin berichten over gaslekken in lokale media verschijnen, ben je geneigd te denken dat er iemand is gebaat bij een publiek dat gas met onveiligheid en evacuaties associeert.
    Al zijn veel leidingen in dat gebied intussen vijftig jaar oud en werken onderaannemers niet altijd met het meest gekwalificeerde personeel.

  5. 5

    Het is ook niet ondenkbaar dat migranten een welkome bijdrage kunnen leveren in geval van bevolkingskrimp.

    Dat is al de praktijk. Autochtone Nederlanders (en andere Europeanen!) verwekken niet genoeg kinderen uit zichzelf. Vandaar ook dat we met een vergrijzingsgolf zitten. In de naoorlogse jaren deden autochtonen nog goed hun best, daarna is het ingezakt. Niks nieuws, dat weet iedereen.

    Zo vrezen sommige complottheoretici voor ‘omvolking’ – het idee dat het Nederlandse volk geleidelijk aan vervangen wordt door immigranten.

    Strikt genomen is dit ook zo. Surinamers kwamen in de jaren 70/80 naar ons land en zijn inmiddels in het volk opgegaan. De vraag is of dat een probleem is. Dat is alleen voor een klein deel van het volk een probleem, zij missen aanpassingsvermogen. (PVV, FVD) Nu doet zich het leuke feit zich voor dat de PVV/FVD aanhang niet geïntegreerd is. Maar ook dat lost zichzelf op: ze sterven vanzelf uit.

  6. 6

    Czymara en Dochow laten ook zien dat het effect van media-aandacht op immigratie-opvattingen niet altijd en voor iedereen even sterk is. Het effect is sterker in buurten waar relatief weinig immigranten wonen.

    Hier moest ik even aan Volendam denken. Hier stemde verleden jaar 28% PVV of FVD bij de TK verkiezingen. Wie daar wel eens geweest is, die weet dat je er meer toeristen ziet dan Voldendammers. Maar toeristen zijn geen probleem voor de Volendammer, toeristen zijn voor de Volendammer wat koeien voor een boer zijn.

    Maar wat het werkelijke probleem in Volendam is, dat zij van oudsher de mensheid verdelen in ‘jassen’ en ‘eigen volk’. (Goed volk zou Dijkhoff zeggen) De stelling dat alles de schuld van de media is gaat dan ook een brug te ver. Volendam bewijst dat in een gemeenschap een diepgeworteld wantrouwen kan bestaan jegens de vreemdeling (jassen). Volendam is een achterlijke (of om met Fortuyn te spreken, achterlopende) samenleving. Maar dan generaliseer ik al weer, want er zijn natuurlijk ook nog 72% goedwillende, geïntegreerde Volendammers. Maar die wonen in Edam om het ingewikkeld te maken;-)

    (Edammers zijn al ‘jassen’ in de ogen van echte Volendammers. Maar ze vormen wel één gemeente.)

  7. 8

    Zo vrezen sommige complottheoretici voor ‘omvolking’ – het idee dat het Nederlandse volk geleidelijk aan vervangen wordt door immigranten

    Moet dat niet zijn ‘vervangen wordt door niet-blanke immigranten’? Voor de rest lijkt het ze geen ruk te interesseren.