Kunst op Zondag | Wasserette

Wasserette – ‘bedrijf, waar de huisvrouwen met behulp van zich aldaar bevindende wasmachines tegen betaling hun was (-) kunnen doen’.

Wij verklaren hiermede, dat uit de bovenstaande vermelding niet mag worden geconcludeerd, dat op deze naam en dit merk geen eigendomsrechten bestaan. De rechten behoren uitsluitend toe aan de N.V. Wasserette te Amsterdam.

Als de geschiedenis even anders had gelopen, had Sargasso een advocaat aan de deur gehad wegens het gebruik van de wasserette. Dat wil zeggen: van het woord. Het citaat hierboven komt uit een advertentie in drie landelijke dagbladen die uitgeverij Wolters-Noordhoff in 1967 plaatste nadat de eigenaar van N.V. De Wasserette eiste dat het woord uit het woordenboek werd geschrapt of dat er bij werd vermeld dat wasserette een beschermde merknaam was (bron: NRC, artikel van Ewoud Sanders, 1996). .

Wasserette is niet de enige merknaam die als soortnaam gangbaar is geworden in het dagelijks taalgebruik. Maar is de wasserette inmiddels zo zeldzaam geworden dat ze museumwaardig is geworden?

Nee, de wasserette in museum Boijmans van Beuningen is een staaltje ‘social design’ van Manon van Hoeckel, één van de finalisten in VPRO’s Toekomstbouwers op de Dutch Design Week. In museum Boijmans neemt ze deel aan de tentoonstelling ‘Change the System’.

Onder social design valt zo’n beetje alles wat groen, duurzaam, humaan en sociaal is. Is een wasserette dat ook? Van oudsher hing de was doen nauw samen met milieuvervuiling, sociale ongelijkheid en beroerde arbeidsomstandigheden.

Abram Arkhipov – De wasvrouwen, 1901.
cc commons.wikimedia.org Abram Jefimowitsch Archipow the Washer women

Maar dan de wasserette! Bevrijding van de huisvrouw? Godsgeschenk voor alle werkenden die tijd over willen houden om zichzelf te ontplooien? Mwah, zolang een wasmachine niet binnen ieders bereik was, bleven collectieve voorzieningen noodzakelijk. De wasserette was de commerciële variant van wat vroeger de wasplaats langs de rivier was.

Het kan mensen wel bij elkaar brengen. Noodgedwongen, kun je zeggen. In museum Boijmans geldt dat niet en ineens is de was doen razend populair. Dikke rijen voor het museum. Omdat een wasje draaien gratis toegang tot kunst geeft? Of omdat je fijn met anderen kan ouwebeppen, zoals de kunstenares dat heeft bedoeld?

Gek eigenlijk dat de wasserette tot een verbeelding spreekt die voorbij gaat aan een toch tamelijk miserable voorgeschiedenis. Je zou bijna geloven dat de wasserette een utiem communicatiecentrum is. Een bloeiplaats van sociabiliteit.

New York kent sinds 1999 het door Risë Wilson geïnitieerde Laundromat Project:

We amplify the creativity that already exists within communities by using arts and culture to build community networks, solve problems, and enhance our sense of ownership in the places where we live, work, and grow.

In wasserettes door heel de stad tracht men hun ‘Theory of Change’ in praktijk te brengen. The Laundromat Project is social design in zichzelf.

‘Every fold matters’ was een live performance en filmproject over de mensen die in een Brooklyn wasserette werken:

Based on interviews with New York City laundry workers, the project combines narrative and documentary elements as it explores personal stories of immigration, identity, money, stains and dirt.

De performance Laundry of Sorrows 1982 van Lucy en Jorge Orta ging over de Vuile Oorlog in Argentinië (1976 – 1983):

History repeats itself with the millions of refugees struggling along the routes of exile, over walls and borders provoked by more wars and dictatorships, as well as famine, humanitarian and natural disasters. Infinite personal lives are waiting to wipe clean and re-cleanse their realities, in the hope of a new future. Personal stories so hard to bear, are washed and washed again, again and again, until they finally discolour. A purification of the past to reveal a new identity.

Die symboliek zien we ook terug bij Ai Weiwei’s ‘Laundromat’ wast kleding schoon die vluchtelingen achter lieten toen ze weer gedwongen verder moesten trekken.

Afgelopen donderdag stond een nieuwe lichting ´social designers´ op het bordes naast de koning. Ik vrees dat ze net niet dat talent hebben om van Nederland de leukste wassalon van de wereld te maken. Laten ze eens serieus te rade gaan bij de echte ´social designers´.

  1. 1

    Verrassende aflevering.
    Leuk project van van Hoeckel.

    Ik werd even op het verkeerde been gezet maar achteraf denk ik, misschien toch ook niet. Ik dacht meteen aan alle lavoirs in Frankrijk. Wie wel eens rustig door Frankrijk heeft gereisd moet ze gezien hebben: de lavoirs. Meestal op een markante plek in het dorp. Een ontmoetingsplek, een rustpunt. Dat laatste zal vroeger anders zijn geweest: het sociale centrum van het dorp, de stad, de regio. De plek waar de vrouwen van Frankrijk het land bestierden. Precies het sociale aspect waar de werken die hierboven worden genoemd aan refereren, mee werken. Overigens zijn de meeste lavoirs bouwwerken uit de 19e eeuw [op plekken waar wellicht al veel langer de was werd gedaan]. Opzettelijke constructies om het sociale experiment van de Franse revolutie te sturen en vorm te geven.

    Nog steeds zijn het prachtige plekken van sociaal en industrieel erfgoed.

    Iedereen moet de lavoirs/wasserettes en hun sociale functie kennen, centrum van de samenleving. Prachtig dus, die projecten, die je hier noemt.

    De mooiste die ik ken, is de Fosse-Dionne. Maar het kunstproject erbij moet je zelf bedenken ;)

    NB: Overigens hebben Franse steden en grote dorpen nog steeds echte wasserettes. Zo waar je je was in stopt en na twee uur terug komt. Niks meer sociaal, voorwaarts!

  2. 3

    Het sociale contact dat ik me van de wasserette uit mijn studentenjaren herinner, bestond toch vooral uit gedrang en een gevecht om de machines. Ik was dan ook blij dat ik een eind buiten de route een iets duurdere wasserette vond waar ik ’s ochtends in alle rust de boel in de machine kon doen en ’s ergens in de middag vond ik het in een mand terug. Ik ben er in al die jaren nog geen sok kwijtgeraakt.

  3. 6

    @1: Wat zou het mooi zijn geweest als wasplaatsen, lavoirs of wasserettes, de broedplaatsen van menig rechtvaardige revolutie waren geweest. Dat is dus niet zo. Ik kan er althans gen enkel bewijs voor vinden.

    Maar wie weet, was dat wel zo. Ik durf dan de complottheorie wel aan dat de wasmachine is uitgevonden om revoluties in de kiem te smoren.

    Het is verder natuurlijk van de idiote dat we vandaag de dag ‘social designers’ nodig zouden hebben om onze meer basale functies te laten herleven. Als u begrijpt wat ik bedoel….

  4. 8

    @7: Mooi, bijna kunst. In Amerika is er een waslijnbeweging. De ‘right-to-dry’-beweging propageert waslijndrogen boven de energieverslindende droogmachines, maar in een aantal staten is het toegestaan dat verhuurders de waslijnen verbieden. De ‘right-tot-dry’-beweging is sinds 2010 redelijk succesvol. Steeds meer staten hebben wetten aangenomen waardoor het verbieden van waslijndrogen niet langer is toegestaan. Maar tot op vandaag zijn er nog plaatsen waar het waslijndrogen bevochten moet worden.

  5. 10

    @8: Niet alleen verhuurders. Ook Home Owners Associations kunnen -in hun streven de onroerend goedwaarde op peil te houden- een regime hanteren waar de paapse bemoeizucht in het leven van de mijnwerkers van een eeuw geleden bijna bij verbleekt.

  6. 11

    @10: Klopt. Gaat zover dat d’r HOA’s zijn die het verboden hebben om te roken in je eigen appartement — die luchtjes zouden via het ventilatiesysteem kunnen doorlekken en dat kan toch niet.

  7. 14

    @6: Ik reageer hem toch maar hier en niet bij de KOZ van 5/11 hoewel ik wel deels daardoor weer even hier keek.

    Wat zou het mooi zijn geweest als wasplaatsen, lavoirs of wasserettes, de broedplaatsen van menig rechtvaardige revolutie waren geweest. Dat is dus niet zo. Ik kan er althans gen enkel bewijs voor vinden.

    Even voor de duidelijkheid, de lavoirs, zoals we die vinden, zie ik als een gevolg van de revolutie en niet als een oorzaak.

    En ik weet niet waarom je daarna met dat complotidee komt, ik geloof niet dat ik daar aanleiding voor geef. Wel staat vast, dat de bouw van al die overdekte wasplaatsen in de 19e eeuw plaats vindt. Dat geeft toch wel regelgeving en sturing aan. Gewoon, zonder complot maar wel met sociale (en ja, DUS goede) bedoelingen.

    Jammer dat je die complotrichting neemt.

  8. 15

    @14: Ah, mooi dat je dit draadje even oppikt.
    Dat van die complottheorie was gekscherend bedoeld. Ik associeerde, nee pardon, ik fantaseerde even door op dat “het sociale centrum van het dorp, de stad, de regio. De plek waar de vrouwen van Frankrijk het land bestierden“.

    Ik zag de wasvrouwen ineens snode plannen smeden om het patriarchaat een loer te draaien.

    Maar wat interessant is: “Opzettelijke constructies om het sociale experiment van de Franse revolutie te sturen en vorm te geven“.
    Het is zo maar een gedachtespin: als lavoirs zo’n functie kunnen hebben, waarom zouden wasmachines dan niet ook (een heel andere) sociale functie kunnen hebben? En wat is de impact daarvan? Een vraag die je bij elke technologische uitvinding kunt stellen en waar zeker geen complotten achter gezocht moeten worden. Wel kan de vraag gesteld worden of de designers/uitvinders/patenteigenaars nu wel of niet nagedacht hebben over de maatschappelijke consequenties van hun uitvinding.

    De social designers doen dat zeker en zien blijkbaar mogelijkheden in de wasserette. Zoals de “beheerders” van de Franse revolutie dat dus in die lavoirs zagen?

  9. 16

    @15: OK.

    …waarom zouden wasmachines dan niet ook (een heel andere) sociale functie kunnen hebben?

    Die zullen ze ongetwijfeld hebben, alleen is dat in mijn visie de inverse functie van de lavoirs. Je stopt je was er in, gaat weg om twee uur te social networken op je computer, komt terug om op te halen en zegt alleen goede dag tegen de toevallige aanwezigen op dat moment.

    De wasmachine als katalysator van de individualisering. En als kunstenaars dat anders vorm geven – claimen dat een wasstraat een groepsmechanische sociale functie heeft – is dat het equivalent van de schilders, die de pastorale schilderen ten tijde van de industriële revolutie.