Kunst op Zondag | Kunstontkenners

Alle schilderijen zijn nep. Althans, de figuratieve doeken. Wat je ziet is niet de werkelijkheid, maar verf. Het wil niet zeggen dat kunst niets voorstelt. Dat doet het in tal van opzichten.

Eén van die opzichten is geld. En, zoals ook in de ongeverfde werkelijkheid, daar wil het nog wel eens mis gaan. Peter Doig’s schilderijen doen het in de kunsthandel erg goed. Nu wordt hij aangeklaagd omdat hij zegt dat een schilderij niet van hem is.

Een gevangenisbewaarder in Canada eist een schadevergoeding van 5 miljoen dollar omdat hij meer miljoenen misloopt door Doigt’s ontkenning. De bewaarder stelt dat hij een schilderij van Doigt ooit voor 100 dollar heeft gekocht toen Doigt in de gevangenis zat.

Doigt ontkent dat hij in de gevangenis heeft gezeten en ontkent nog harder dat hij het schilderij heeft gemaakt. Dat wordt een lastige rechtszaak, want hoe kan Doigt bewijzen dat hij iets niet heeft gemaakt?

Dit schilderij schijnt wel van hem te zijn.
cc Flickr Kent Baldner Peter Doig Gasthof zur Muldentalsperre

Een zeldzame rechtszaak. Het komt vaker voor dat kunstenaars ontkennen een bepaald werk gemaakt te hebben, maar ze zijn er nog nooit voor de rechter gesleept.

Picasso heeft ontkend een erotisch werkje gemaakt te hebben. Het Metropolitan Museum is er echter van overtuigd dat het wel degelijk een Picasso is. Het museum schrijft:

When shown a photograph of this painting in the 1960s, Picasso denied that he had made it and dismissed it as a “bad joke by friends.” Recent research has shown, to the contrary, that it was one of two paintings purchased in Barcelona in 1912 by Picasso’s dealer, Daniel-Henry Kahnweiler, from Benet Soler, whose clothing shop Picasso frequented. Hence it is quite likely that Picasso had exchanged the painting for clothes about 1903. After it was sold in the 1923 Kahnweiler auction in Paris, it was purchased by the American publisher and collector Scofield Thayer for his collection of erotica.

Picasso (?) – La douleur
cc Flickr Gautier Poupeau Scène érotique connu sous La douleur, Pablo Picasso, automne 1902

In het Witte Huis hangt al jaren een portret van Amerika’s eerste president, George Washington. Geschilderd door Gilbert Stuart. Nietes, heeft Stuart gezegd. Welles, houdt het Witte Huis vol.

Gilbert Stuart (?) – George Washington (the Lansdowne portrait).
cc Flickr Cliff George Washington Lansdowne portrait, First President 1789-1797

Deze kunstenaars zijn dood en kunnen er verder niets meer over zeggen.

Cady Noland leeft nog en vrijwel continu in ontkennende staat, waarvoor ook zij voor de rechter is gedaagd. Een kunsthandelaar die een installatie van haar kocht en het ding wilde restaureren, kreeg een razende Noland over zich heen. Een restauratie zonder haar inmenging en toestemming, leidt er toe dat het geen kunst van haar meer is, zo stelt ze.

Ze beroept zich op de Visual Artists Rights Act, waarin staat dat de naam van een kunstenaar niet verbonden mag worden aan een kunstwerk dat verminkt of veranderd is.

Zou het niet voor alle kunst moeten gelden dat de kunstenaar het enige ne laatste woord heeft over de echtheid van zijn of haar kunst? Is de kunstenaar dood, jammer dan, maar geen jaren slepende kwesties over de echtheid van verfvoorstellingen. Dat is doodzonde.

Hieronymus Bosch (?) – De zeven hoofdzonden.
cc Flickr Gandalf’s Gallery Hieronymus Bosch – Table of the Mortal Sins Late 15th century