Kunst op Zondag | De esoterische oorsprong van abstracte kunst

Matthew Collins is een abstract beeldend kunstenaar. Hij begrijpt heel goed dat veel mensen maar weinig snappen van abstracte kunst.

Een veelgehoorde kreet is: ‘Dit kan mijn zusje van vier ook!’ Wel, da’s dus niet helemaal waar, want er zitten wel degelijk complexe ideeën achter abstracte kunst.

Wist u bijvoorbeeld dat de abstracte kunstbeweging hevig beïnvloed is door Mme Blavatsky’s theosofische beweging? Piet Mondriaan was een levenslang aanhanger van de theosofische school.

Frieda Harris

Ik moest bij het bekijken van bovenstaande documentaire in enen aan het werk van Frieda Harris denken, die in de jaren veertig Aleister Crowley’s tarot voor hem schilderde.

Hieronder treft u enkele voorbeelden van haar werk, die naast een abstracte ook een surrealistische inslag hebben.

friedaharrisabstract

Frieda Harris abstract 2

friedaharrishermit

Dat abstracte kunst nogal esoterisch kan lijken, berust kennelijk niet op toeval, maar ís – in tweeërlei zin – ook gewoon zo.

  1. 1

    Dat abstracte kunst nogal esoterisch kan lijken…

    Inderdaad: kan lijken.

    Abstractie is iets anders dan wat figuratieve symbolen op een geometrie plaatsen met wat ‘would be’ spirituele filosofie (theosofie om het beestje een naam te geven). En dat is toch wat ik zie als ik naar het werk van Frieda Harris kijk (op die site van Coulthart).

    Sterker, Harris komt dicht bij het werk van bv iets als Sulamith Wulfing, alleen ontbreken daar de geometrische lijnen dan weer.

    Abstractie kan wellicht bij de kijker associëren naar allerlei filosofieën, die de kijker aanhangt dan wel ontwikkelt, het is nooit een afbeelding daarvan. En daarbij zijn dit soort geprononceerde deïstische afbeeldingen juist geen abstracte kunst meer. De lijntjes en vlakken er omheen zijn geen definitie van abstractie.

    Het (de relatie met esoterie dus) berust dus kennelijk wel op toeval, en ís – in tweeërlei zin – ook gewoon niet zo.

  2. 2

    @1 Bekijk nou eerst die documentaire maar – en dan vooral deel 1 & 2 – voordat je je vooraf bepaalde oordeeltjes trekt, Hans.

    Het is duidelijk dat je volstrekt geen sjoege hebt van de historische achtergronden van abstracte kunst en meteen een grote scheur opentrekt wanneer feiten niet in overeenstemming zijn met jouw kijk op de zaak.

    Het tekent je vooringenomenheid.

  3. 4

    @3 De subtekst van #1 luidt: dit stuk is volstrekte nonsens, foutief en onwaar. Met andere woorden: HansR pist doodgemoedereerd over mijn stukje heen.

    Vermoedelijk zit daar ook nog persoonlijke animositeit bij, want het is niet de eerste keer dat HansR dat doet; sinds ik de draak met ‘m heb gestoken omdat hij de ijzeren greep van het Vaticaan zag in de Poolse regering van reactionair katholieke nationalisten zonder dat ‘ie ook maar iets hard maakte, probeert ‘ie me wel vaker terug te pakken.

    Punt is alleen: in de documentaire die ik opvoer – en waar ik mijn zijbruggetje op baseer – doet Matthew Collins uitvoerig uit de doeken hoe de eerste abstracte kunstenaars (a) volledig theosofisch en antroposofisch geïnspireerd waren en (b) nu juist wél hun esoterische theorieën vertaalden naar het doek.

    De eerste abstracte kunstenares, Hilma Af Klimt, maakte schilderijen die functioneerden als diagrammen die theosofische ideeën verbeelden, diagrammen die haar volgens eigen zeggen werden overgeleverd door de ‘Hoge Meesters’ (geleidegeesten). Volgens de theosofie symboliseren kleuren en vormen de reis van de ziel.

    Vergelijk ook Prismes électriques (1914) van Sonia Delaunay, eveneens een pionier van de abstracte kunst, waarin ze kleuren en vormen volgens wetmatigheden samenstelt om de emotionele verheffing van het licht op te roepen…

    … met de tekening op de achterkant van de Toth-tarot, waar eveneens kleuren en vormen volgens (esoterische) wetmatigheden zijn samengesteld om de ziel te verheffen.

    Kortom, HansR heeft overduidelijk niet eens de moeite genomen die documentaire te bekijken voordat ‘ie begon te tikken om te verkondigen dat ik onzin verkoop.

    Ik hoef dat niet te pikken, want ik heb verdomme behoorlijk wat tijd gestoken om een onderhoudende en informatieve documentaire op te snorren en ook nog een pregnante illustratie van uit te werken van iets wezenlijks dat die docu voor het voetlicht brengt over de oorsprong van de abstracte kunst.

    Waarom zou ik aardig en vriendelijk reageren als iemand daar uit rancune en betweterij over heen pist, zonder überhaupt de moeite te doen om kennis te nemen van de argumentatie achter mijn stukje?

    Het is alsof je je best doet een fijne maaltijd te bereiden, en iemand deze zonder er op te kauwen van tafel smijt en roept: ‘Bah! Zouteloze en ongare prak! Prutswerk!’

    Stel dat iemand dat bij jou zou flikken, zou jij dan aardig blijven?

  4. 5

    @2: Bekijk nou eerst die documentaire maar…

    Wow, voor iemand die elders te beroerd is om documentatie (dat was een openbarend draadje trouwens, heb ik met interesse gelezen en opgeslagen) te lezen in de argumentatielijn en met onverstand een discussie induikt, claim je behoorlijk wat kijktijd van je discussiepartners, op een zondagochtend, om je punt te maken mbt abstracte kunst.

    Misschien moet je wat betreft de grote scheur eerst maar eens wat gaan navelstaren. Dat past wel bij wat theosofische abstractie. En als de rook om je hoofd dan is verdwenen kunnen we verder.

    Maar verder prima hoor, videootje, statement, je sluit gewoon de discussie, klaar. En ach, vooringenomenheid? Je keek zeker in de spiegel terwijl je dit schreef?

    (en NB: deel 1 heb ik wel bekeken)

    En @3, ach, prediker heeft al heel lang een hekel aan me. Heeft ie nooit duidelijk gemaakt waarom.

    -edit-
    @4 Het gaat blijkbaar heel diep. Ik stop hier.

  5. 6

    @5 Dank voor het onderstrepen van mijn bewering dat #1 gedreven wordt door persoonlijke rancune jegens mijn persoontje, Hans. Ik wist wel dat ik op je kon rekenen!

    Je vergist je trouwens dat ik een hekel aan je heb. Ik vind jouw hekel aan de vervloekte paapse kerk gewoon teveel doorschieten, en je onderbouwing van de verborgen hand van het Vaticaan daarbij nog wel eens te mager; dat is alles.

    Nou, en dan steek ik daar de draak mee. Vond jij niet zo leuk. Zit je blijkbaar nog steeds dwars.

    Hoe lang is dat akkefietje nou geleden? Tjongejonge.

  6. 9

    Ik hoor vooral geclaim. Geclaim door de lala-mensen van deze wereld, waar die eigenlijk geen claim hebben. Dat Mondriaan ook een beetje in esoterie dabblede, soit. Die vent doormaakte wel meer rare transformaties in zijn leven, en bovendien: is zijn kunst abstract? Abstract zoals Pollock? Dat geloof ik niet, zeker als je kijkt naar zijn achtergrond.

    De abstracte kunst is *ook*, en misschien wel *vooral* een reactie op de industriële revolutie, het socialisme en de uitvinding van de fotografie.

  7. 13

    Dank voor de bijdrage. Mooie documentaire. In de vijfde minuut zegt Matthew Collins: “Opening up to abstract art is an adventure, and you start by willing to look.” Daar wordt ik eerder blij dan boos van :)

  8. 14

    @12: abstracte mandala’s vormden een inspiratiebron voor de esoterische bewegingen in het begin van de 20e eeuw en het is niet toevallig dat de afbeeldingen die Prediker hierboven laat zien daar veel van weg hebben.

    Mandala’s in het zand zijn welbekend uit Tibet en India, en wellicht vergelijkbaar met de oer-oude kunst van ab-originals in Australië – ook in het zand en als rotstekeningen. Tegenwoordig ook als schilderij – maar dat is een recente ontwikkeling.

    Maar ik doelde natuurlijk op Islamitische kunst.

    @0:

    Kandinsky schreef in zijn 1911 zijn “Über das Geistige in der Kunst” (hier te lezen: http://digi.ub.uni-heidelberg.de/diglit/kandinsky1912/0020/scroll?sid=77c5ce0d7ddabac17788225a1ad21ef2) weliswaar welwillend over de theosofen maar positioneerde zich uitdrukkelijk niet als volger. Dat hij er aandacht aan besteed is omdat hij de staat en de religies dood verklaart en de theosofie aan mensen nog enige hoop ziet geven – ook al beantwoordt die leer geen van de grote vragen volgens hem (smalend noemt hij dat de theosofische neiging theorieën te verzinnen – waarna hij zijn eigen theorie verzint).

    Dus Kandinsky – één van de pioniers van de abstracte kunst – kunnen we zeker niet als sterk door theosofie geïnspireerd beschouwen. Hetgeen dit betoog flink verzwakt.

  9. 16

    @14 Hé, dat is interessant, bedankt!

    Maar mijn interpretatie van dat essay is anders.

    Kandinsky betoogt namelijk dat in de wetenschap inmiddels alles in flux is, niets meer vaststaat (20-23), dat zelfs gestaalde positivisten moeten erkennen dat paranormale fenomenen reëel zijn, ook al kunnen ze die niet verklaren (23-24; zie ook vooral de voetnoot); dat men aldus het niet-materiële begint te ontdekken, ook in de kunst, waar men zich laat inspireren door primitieve (bijv. Afrikaanse) kunst, en dat volken waarop Europeanen neerkeken, zoals de de Indiërs, al veel langer begrepen hadden dat er een niet-materiële werkelijkheid is (24-25).

    Vervolgens komt ‘ie met een pagina positief gestemde uitleg over Blavatzky’s beweging en hoe die door haar intensieve reizen naar India als eerste een band heeft weten te smeden tussen de Oosterse en de Europese cultuur (25-26). Hij besluit dan met:

    En hoe dan ook, wanneer die neiging van de Theosofen om een theorie te construeren en de ietwat voorbarige vreugde, weldra antwoord te kunnen geven op de plek van het eeuwige, immense vraagteken de waarnemer ook gemakkelijk ietwat sceptisch stemmen kan, zo blijft toch die grote, maar geestelijke beweging daar, die in de geestelijke atmosfeer een sterke agens is en die ook in deze vorm als verlossingsklank aan menige vertwijfelde, in duisternis en nacht gehulde harten zal bereiken; toch verschijnt daarmee een hand die wijst en hulp biedt. (26)

    Dat klinkt dus al met al alsof ‘ie juist behoorlijk beïnvloed is door de ideeën van de theosofie, ook als ‘ie zich niet kan vinden in hun nadere uitwerking van die ideeën en beginselen. Vandaar ook dat hij er zijn eigen draai aan geeft. Zijn waardering voor de theosofische beweging is echter overwegend positief.

    Maar dat onderstreept toch enkel wat Collins aanvoert, namelijk dat de eerste abstracte kunstenaars doordrenkt waren in theosofisch denken en esoterisch gedachtengoed tot uiting brachten in hun kunstwerken?