Kroegpraat

Guinness yum! (Foto: Roel/Flickr)Er is de afgelopen jaren veel veranderd in het publieke debat. Meningen en uitlatingen die als “not done” werden gezien beheersen tegenwoordig de media en politiek. Populisten houden het publieke debat stevig gegijzeld, iemand als Wilders is misschien wel het duidelijkste voorbeeld. Als kapingen nog populair zouden zijn geweest bij terroristen denk ik dat ze massaal met jaloezie zouden toezien. Een politicus als Wilders (maar ook Verdonk) is, naar mijn immer bescheiden mening, echter de bron, noch de continuering van deze gijzelname.

Een populist als Wilders leidt niet, die volgt. Gehoorzaam als een puppie die met grote puppieoogjes kijkt naar wat het baasje van hem verwacht. Ja, ik weet het. Het mentale beeld van Wilders met schattige puppieoogjes is even schrikken! Maar als er geen verWildering is, wat is het dan?

Is het misschien terug te voeren op het grote voorbeeld Pim Fortuyn? Niet alleen politici als Wilders en Verdonk zijn overgestapt op populistische uitspraken à la Fortuyn. Op “de taal van het volk spreken”. Is Pim Fortuyn de big bang geweest van het populisme in Nederland? Zijn bijdrage om de politiek te infecteren met het populisme is zeker aanzienlijk geweest. Maar ook hier geldt: een populist is nooit iemand die leidt, maar iemand die volgt. Waar Wilders, Verdonk en in hun kielzog inmiddels vele andere politici en opiniemakers Fortuyn hebben gevolgd moet ook Pimmetje ergens een geheime bron hebben gevonden.

De bron

In mijn nog immer bescheiden, maar niet altijd even genuanceerde mening ligt de bron meer voor de hand dan je op het eerste gezicht misschien denkt. De bron is niet zo geheim. Het is kroegpraat! De uitspraken van de populistische politicus en grote delen van de media zijn eigenlijk niet meer dan ongefundeerde kroegpraat. Meningen die je uit onder het genot van een biertje. Waar je even lekker met je vrienden, ontdaan van elke nuance, wetenschappelijk inzicht of weldenkendheid, kankert op de wereld om je heen. Deze meningen zijn het publieke debat ingeslopen. Politici als Fortuyn, Wilders en Verdonk vertegenwoordigen elk hun eigen type kroegpraat. Niets meer en niets minder. En de rest van politiek Den Haag springt uit geestelijke armoede en gebrek aan een goed antwoord vrolijk mee de sloot in.

Waar kroegpraat vroeger beperkt bleef tot waar het zijn naam vandaan heeft, lekt deze kroegpraat inmiddels op allerlei plekken de rest van de samenleving in. Een van de grote schuldigen hieraan is onder anderen het Internet. Met alle reactiemogelijkheden die het Internet biedt wordt ineens elke mening, hoe waardeloos ook, wereldkundig gemaakt. Zie dit artikel ter illustratie! Een website als geenstijl is er zelfs groot mee geworden; het is een virtuele kroeg.

Virtuele kroegpraat is een fenomeen dat ons overspoeld heeft en waar zowel politici als de oude media eigenlijk geen antwoord op hebben, behalve eraan meedoen. Daarnaast is de moderne mens van tegenwoordig ook gewoon mondiger anoniemer geworden en zijn er vele manieren om met elkaar te communiceren bijgekomen. Een groot goed, maar ook iets waar men toch maar met moeite mee kan omgaan. Zeker als er ook een grote mate van anonimiteit geboden wordt.

Met kroegpraat bestuur je geen land

Het probleem echter met kroegpraat is niet alleen dat deze vaak ontdaan is van elke kennis van zaken, maar ook dat degene met de grootste bek de meerderheid vaak overschreeuwt. De schreeuwlelijk beheerst vaak het debat, terwijl de rest denkt “ach laat hem maar, morgen is hij weer nuchter”. Buiten de kroeg lijken we echter maar met moeite nuchter te worden. Erger nog, we beginnen te luisteren naar de schreeuwlelijkerds en gaan volgzaam mee in hun mening. De media beginnen serieus een onderzoek naar haar “vermeende linksheid”, iemand die wat van de dronken schreeuwlijk wil zeggen wordt tot bedaren gebracht door anderen, en zijn dronken vrienden? Die vinden het geweldig en moedigen hem verder aan.

Het is een psychologisch verschijnsel dat veel mensen hun mening aanpassen aan de wil van de meerderheid. Door de nieuwe vormen van communicatie is het echter moeilijk inzichtelijk of een mening voortkomt uit een meerderheid. De schreeuwlelijkerds lijken al snel de meerderheid te vertegenwoordigen. Dit veroorzaakt vervolgens een sneeuwbaleffect. Maar als puntje bij paaltje komt, willen we dan echt een samenleving waar slechts ruimte is voor een enkel geluid? Is dat überhaubt wel mogelijk? Daar zit hem namelijk de crux; regeren is niet gelijk aan schreeuwen.

Regeren en politiek zijn vele malen complexer dan kroegpraat. Zelfs een kikkerlandje als Nederland is vele malen groter dan de doorsnee kroeg. Je kunt wel landen, beschermd door uitsmijters, gaan indelen naar voorkeur, smaak en overtuiging, maar er zijn simpelweg teveel meningen om dit ooit haalbaar te maken. Of eigenlijk wensbaar!

De moderne manieren van communicatie, het internet met fenomenen als blogging zijn zeker niet de bron van het kwaad in mijn ogen. Ik doe ook geen gooi naar de Wanda Perez-Prijs. Maar het is wel belangrijk dat opinieleiders, politici, de media, maar ook zeker wij -de burger- een onderscheid kunnen maken tussen wat niet meer is dan kroegpraat (hint) en wat niet.

Misschien is het ook belangrijk ons in kroegpraat boos te maken over zaken die ons wel direct aangaan. Zaken zoals het kapot maken van de zorg, het falende onderwijs, pensioenverstrekkers die hun klanten bestelen, een ontspoorde jeugd die opgevoed zijn door kinderdagverblijven in plaats van hun ouders (omdat je als eenverdiener eigenlijk niet meer een gezin kunt onderhouden), etc. etc. U roept en de populist draait. Waar we vooral voor moeten waken is dat de kroegpraat, of deze nu racistisch van aard is of door geloofsovertuiging (moslim, christen, etc.) gedreven is nooit de boventoon voert.

  1. 2

    @1, Daar verdenk ik er ook zeker een aantal van. Gek genoeg echter misschien Verdonk meer dan Wilders. Die laatste is denk ik namelijk te hard bezig in zijn eigen “boodschap” te gaan geloven.

  2. 3

    Adam Curtis (van The Power of Nightmares) zegt dat het de schuld van het internet is:

    It’s a wider thing than the internet, but the internet sums it up. It’s that on the surface it says that “the internet is a new form of democracy”. So what you’re seeing is a new pluralism, a new collage, a new mosaic of all sorts of different ideas that’s genuinely representative.

    But if you analyse what happens, it simplifies things.

    First of all, the people who do blogging, for example, are self-selecting. Quite frankly it’s quite clear that what bloggers are is bullies. The internet has removed a lot of constraints on them. You know what they’re like: they’re deeply emotional, they’re bullies, and they often don’t get out enough. And they are parasitic upon already existing sources of information – they do little research of their own.

    What then happens is this idea of the ‘hive mind’, instead of leading to a new plurality or a new richness, leads to a growing simplicity.

    The bloggers from one side act to try to force mainstream media one way, the others try to force it the other way. So what the mainstream media ends up doing is it nervously tries to steer a course between these polarised extremes.

    So you end up with a rigid, simplified view of the world, which is negotiated by mainstream media in response to the bullying extremities.

    Far from being “the wisdom of crowds”, it’s the stupidity of crowds. Collectively what we are doing is creating a more simplified world.

    Opheffen dus maar, dat Geen Commentaar?

    [Edit door Ab: linkje iets leesbaarder gemaakt]

  3. 5

    @3, Dat denk ik is te makkelijk. En een beetje van het Wanda Perez gehalte. Teveel focus op een bepaalde groep weblogs. Ik denk juist -stukje zelfbevlekking- dat iets als GC eerder daar een tegengeluid tegen vormt.

    Het is te makkelijk alles over een kam te scheren. Ook denk ik niet zozeer dat je bijv. Blogs kan aanwijzen als de “hoofdschuldige”. Er is iets aan de hand dat communiceren naar een wijder publiek gemakkelijker en anoniemer is gemaakt. Dan doel ik ook simpelweg op reactie mogelijkheden. Dit soort dingen zag je voorheen ook al op de fora, maar daar moest je je nog registeren, is vaak doelgroep gericht en gemoderate. Als je kijkt naar de vrije vormen van reacties zoals op bepaalde blogs, maar ook op dingen als nujij is dat weer een stapje verder.

    Ik zie het ook absoluut niet als het nieuwe kwaad. Ik denk meer dat het iets is wat nog een correcte plaats in de samenleving moet krijgen. Het Internet lijkt inmiddels heel gewoon, maar het is een relatief nieuw fenomeen. Ook voor de generatie(s) die inmiddels met snel elkaar opvolgende veranderingen hebben leren leven is het toch soms nog even aanpassen. Vaak gaan zaken sneller dan dat we ze echt in de samenleving goed kunnen plaatsen. En dan worden er fouten gemaakt.

    Eigenlijk is het bijv. heel raar dat als een klein groepje mensen ineens zonder bewijs iets roept over een wethouder die gepijpt is in een fietsenhok dat dit inmiddels de landelijke media haalt en raadsvergaderingen. Terwijl er misschien in totaal iets van 200 mensen even snel een zeik postje over gedaan hebben, iets dat vroeger gewoon even de snear in het cafe was. Nu zet je dat echter vast “op papier”. (Je ziet ook wel eens dat het je bijt in je leef omgeving -> mensen die ontslagen worden omdat ze het afzeiken van de baas op een blog gedaan hebben, waar dezelfde uitspraak in de kroeg vluchtig zou zijn geweest en nooit een probleem zou zijn geweest in die context).

    Ik denk dan ook dat niet zozeer bloggen, het internet, etc. het kwaad is. Ik vind zulke meningen getuigen van niet verder kijken dan je neus lang is. Het is complexer dan dat EN ik denk dat het voor een groot gedeelte is dat het een nieuw medium is wat zijn juiste plekje nog in de wereld moet veroveren. Het is geen journalistiek opzich, het is ook weer niet zo vluchtig als kroegpraat… het is iets totaal nieuws en men heeft er nog zeer veel moeite mee om er goed mee om te gaan en het juist te plaatsen. Waarschijnlijk ook omdat de verschillen zo groot zijn; zie verschil tussen GC en GS bijvoorbeeld.

  4. 6

    Nieuwe media komen op en winnen aan invloed, oude media verliezen terrein en dat doet pijn.

    Maar nu naar de oorzaak. Als je jaren lang kroegpraat aanhoort en er mee instemt, dan is dat plezierig om een soortgenoten te herkennen.

    Als er dan een Pim Fortuyn opstaat dan treed die herkenning op en dat werkt in zekere zin verslavend. Je wilt niet meer terug naar een samenleving waarin “jouw”
    geluid een geluid in de marge van de kroeg was.