Toekomstig Nederlands: Kep koup appel

Kun je de toekomst van het Nederlands voorspellen? Natuurlijk niet. Om te weten wat er met onze taal gaat gebeuren in de komende 500 jaar, moet je weten wat er met de Nederlanders gaat gebeuren — en wie kan dat weten?

Het is wel leuk om het te proberen. Het onvolprezen Vlaamse tv-programma Man over woord had vorig jaar een item waarin ze een simpel dialoogje in de taal van 1000 jaar geleden probeerden te reconstrueren. Het gesprekje luidde:

Pieter: Ik heb hier donderdag vijf pond zoete appels gekocht. Die waren rot!
Reinhilde: Dat kan gebeuren. In plaats daarvan krijgt u een potje met verse honing.

De onvolprezen Leidse taalkundige Michiel de Vaan maakte daar de volgende Oudnederlandse versie van (voor het jaar 500):

P: Thunres dagō ik kaupōdǣ hēr fīf pundu swōtjērō applō. Thē wǣrun rutanē
R: Swa mag gaskehana. Anǣ thērō stadai skuluth jī habēna puttakīna mith friskō hunangō

Zou het ook mogelijk zijn om juist een toekomstige versie te maken? Daarover zat ik gisteren tijdens de lunchpauze te puzzelen met een paar collega’s. Uiteindelijk ik hierop uit, voor in het onvolprezen jaar 2500:

P: Kep koup twei kelou soot appel sjinkse. Hep sain rot!
R: Kan buir. Je kraig in plaats vaarfan ’n fers bilem pot.

Hier is wat er de komende 500 jaar moet gebeuren om daar te komen:

  • – Er zijn geen verbuiging en geen vervoeging meer. De verleden tijd van een werkwoord wordt gemaakt met ‘ep’ (heb).
  • – De woordvolgorde wordt regelmatiger (zoals het Frans, het Engels en het Chinees): altijd onderwerp-werkwoord-lijdend voorwerp
  • – De wrijfklanken worden definitief stemloos: v werd f, z werd s.
  • – De tweeklanken en de lange klinkers worden allemaal een stapje verlaagd (ie wordt ee, ee wordt ei, ei wordt ai)
  • – Het woord voor donderdag is sjinkse, een vervorming van het Chinese woord. We zijn honderden jaren in zakelijk contact geweest met de Chinezen en hebben hun woorden voor de dagen van de week overgenomen.
  • Bileme is het Azeri woord voor honing.
    Alle bijen in onze streken zijn al eeuwenlang uitgestorven door de bijenziekte. Honing is een luxe-product uit verre streken.
  • – Dankzij dit alles weten we na 2500 jaar dat P en R in hun dialogen altijd op elkaar rijmen.

Hoe zal de taal er nog vijfhonderd jaar later uitzien? Daarover zijn we nog aan het puzzelen. Het probleem is dat we nog niet helemaal zeker of Nederland dan onder water staat en welk effect dat op onze taal zal hebben.

  1. 2

    Als het aan mij lag, dan zou het fonetischer moeten worden. Je moet schrijven wat je hoort. En als je het leest, moet je weten hoe je het uitspreekt. Daarna moeten alle uitzonderingen verdwijnen. Alle werkwoorden moeten dezelfde verbuigingen krijgen.

    En als ik een voorspelling moet doen, dan zeg ik dat er over 500 jaar een über-sms-taal ontstaat. Binnen 160 tekens kan je de Oorlog en Vrede pingen.

  2. 5

    Een groot verschil met vroeger is dat we nu taal opschrijven en bijhouden. Tevens hebben we een standaardtaal, die was er vroeger niet. Daardoor veranderen de taalregels minder snel dan vroeger en zijn ze ook makkelijker bij te houden.