Journalistieke code?!

Journalist (Foto: Wikimedia Commons)‘Nieuwsconsumenten zien internet als een betrouwbaarder nieuwsmedium dan de krant,’ Henk Blanken, adjunct hoofdredacteur van Dagblad van het Noorden, is bezorgd. Want mensen kiezen zelf waar ze hun nieuws vandaan halen: van het web. En dus moet er een gedragscode komen voor internetjournalisten.

Tijdens een bijeenkomst van journalistenvakbond NVJ afgelopen dinsdag betoogde Blanken dat het hoog tijd is voor zo?n code.

In 2007 kwam er een Leidraad voor de Journalistiek (waar ik toen ook al over heb geschreven). Maar deze is volgens het Genootschap van Hoofdredacteuren niet toereikend voor internet, en dus kwam het initiatief voor iets nieuws.

Wie schetst de verbazing als je de concepttekst leest? Het is een gewone gedragscode, vergelijkbaar met die Leidraad van 2007, maar dan met woorden erin als ?hyperlinks? en ?websites? en er staat iets over de betrouwbaarheid van Wikipedia.

En passant staat er ook een definitie voor journalist in: het zijn mensen zijn die zichzelf journalist noemen én de code aanvaarden. Ah, de tijd van dat elke boerenkinkel zich maar journalist mag noemen, is dus in zicht? Gelukkig. Want journalistiek is een vak. Pardon, ambacht. En ambachten behoren een code te hebben.

Laten we wel zijn, deze code is gewoon weer een stapeltje regeltjes waarvan het Genootschap van Hoofdredacteuren hoopt dat journalisten zich aan houden. Dat is natuurlijk onzin: een echte journalist laat zich helemaal niet in regels vangen. Journalisten zijn daar te eigenwijs voor (jawel, ik ben goed gequoot).

Als er al codes zijn waar een internetjournalist zich aan houdt, dan zijn het wel inlogcodes (en zelfs dat valt nog niet mee).

  1. 1

    De code van het genootschap – vooralsnog een concept – is helemaal niet in het bijzonder bedoeld voor internetjournalisten, zoals hierboven te lezen valt. Dat wil zeggen: hij is bedoeld voor alle journalisten, zowel bij nieuwe als bij oude media, zowel professionele als niet-professionele.
    Nog minder is het de bedoeling journalisten in regeltjes te vangen. De code is geen dwangbuis, zoals ik in Amsterdam heb betoogd, integendeel. Het is niet meer dan een moderne verzameling ethische uitgangspunten zoals die al jaren, in wat verouderde vorm bestond en wordt onderwezen op scholen voor de journalistiek.

  2. 2

    Hoewel ik begrijp wat je met deze code wil, was het die avond erg duidelijk dat je dat niet echt over kon brengen aan je gehoor.

    De algemene opvatting die ik proefde is dat men het liefst de oude code afschaft en er niets voor in de plaats zet, met als argument dat het a priori al een dode letter is.

  3. 3

    @1 – Als die code niet in het bijzonder was bedoeld voor internetjournalisten, waarom werd ‘ie dan gepresenteerd tijdens een bijeenkomst speciaal voor internetjournalisten?

    En idd, ik weet wat je hebt gezegd :-) dat die code geen dwangbuis is. Waarop ik heb geantwoord dat, als er toch niets wordt gedaan met zo’n code (een journalist hoeft zich er niet aan te houden, en kan er niet op worden afgerekend), waarom moet ‘ie dan überhaupt bestaan?
    Voor mensen die met journalisten te maken hebben – om uit te leggen wat je als journalist doet? Maar als journalisten zich toch niet ‘storen’ aan een code, dan heb je toch ook niets uit te leggen?

  4. 4

    @Annoesjka: Die avond was georganiseerd door de NVJ, sectie internet. Ik was door Peter Olsthoorn gevraagd een toelichting te komen geven op de code.
    Je vergist als je denkt dat journalisten zich niets gelegen laten liggen aan journalistieke codes. Integendeel. Elke goede journalist weet dat ie hoor en wederhoor moet toepassen, fair moet zijn, onafhankelijk en dat ie bijvoorbeeld respect moet hebben voor privacy (met uitzonderingen).
    Al dat soort waarden – dat zijn het eerder dan regels – is opgeschreven in de Code van Bordeaux en voor de Nederlandse situatie uitgewerkt in de Code van het Genootschap van 1995. Scholen voor de journalistiek en universitaire opleidingen kunnen die codes gebruiken om het vak te onderwijzen. Specifieke media kunnen ze gebruiken om hun eigen huisregels te formuleren.
    De nieuwe, gemoderniseerde NGH-code vervangt de vorige. Dat is vooral nodig, vind ik, omdat beroepsjournalisten van de oude media zich niet langer kunnen veroorloven dat ze met hun rug naar internet en jonge mediaconsumenten staan. Ons vak, de journalistiek, moet zich iets aantrekken van het feit dat jonge mensen steeds vaker zeggen dat ze oude media niet vertrouwen en het best zonder journalisten kunnen.

  5. 5

    @4 – Henk, we moeten ons eerder iets aantrekken van de slechte journalisten die niet de beschaving hebben om een goede journalistieke productie naar buiten brengen (dus waarop hoor- en wederhoor is toegepast, met meerdere bronnen is gewerkt e.d.).
    Ik geloof simpelweg niet dat goede journalistiek is ‘af te dwingen’ met een code (ik weet wel dat je het meer genuanceerd bedoelt).

    Overigens heb ik zelf nooit gehoord dat mensen zeggen dat ze zonder journalisten kunnen. Wél zonder kranten – wat m.i. eerder iets zegt over de rol van de krant, maar dat is weer een hele andere discussie.

  6. 6

    @5 zouden we de meerwaarde van zo’n code dan niet moeten zoeken in het feit dat het een formulering is van hoe een goede journalist zich zou moeten gedragen? Meer als referentie dan als ‘opgelegde set regels’ dus. Je kunt goede journalistiek niet afdwingen met een code, maar je kunt wel beargumenteerd laten zien op welke punten slechte journalistiek slecht is.

    Mijn (misschien naïeve) antwoord op je eerdere vraag waarom hij überhaupt zou moeten bestaan zou dan ook zijn dat het op zich nuttig is om een referentiepunt te hebben.

  7. 7

    @6 – Okee, daar kan ik me op zich wel in vinden; beargumenteerd laten zien op welke punten slechte journalistiek slecht is.
    Zolang de journalistiek maar niet elitair gaat ruiken, hoor je mij niet. Zolang de Raad voor de Journalistiek (of een andere instantie) maar niet gaat bepalen wie het stempel Goede Journalist mag voeren en wie niet.

  8. 8

    Zijspoor: een formele code voor wetenschappers zou ook geen overbodige luxe zijn. Je artikelen gepubliceerd krijgen in peer reviewed vakliteratuur lijkt immers geen enkele rol te spelen in het klimaatdebat van de laatste jaren. Of is dat dan weer terug te voeren op gebreken in de journalistieke code, waardoor het publieke en journalistieke debat daarover voor ongeveer de helft beheerst wordt door wetenschappers, die in de wetenschappelijke wereld geen enkele rol van betekenis spelen? Dat als er 97 ooggetuigen zijn, die verklaren iets gezien te hebben, en er 3 getuigen zijn, die gehoord hebben, dat er niets te zien valt, de laatste 3 evenveel aandacht in de pers krijgen als de eerste 97?

  9. 9

    Ik ben eigenlijk wel benieuwd wat deze code dan precies voor GC zou betekenen. Overtreden we de code door onder pseudoniem te bloggen? Zijn we fair en balanced genoeg? etc.