Integratie

RECENSIE - Momenteel ben ik De Gouden Eeuwen van Andalusië aan het lezen van Maria Rosa Menocal (uitgegeven bij de leukste uitgeverij van Nederland: Bulaaq). Het is een populair boek zonder wetenschappelijke pretenties dat in de vorm van een reeks biografische schetsen een aantal vensters opent op de geschiedenis van al-Andalus, islamitisch Spanje. Het boek is met enthousiasme geschreven en leest als een trein. De schrijfster beperkt zich in haar boek niet tot de grenzen van haar onderwerp: Spanje, maar laat de lezer ook kennismaken met de invloed die islamitisch Spanje tot in Parijs en Londen heeft gehad. Daarmee maakt Menocal de reikwijdte van de netwerken die er in het middeleeuwse Europa lagen mooi inzichtelijk. Dat laatste maakt het boek toch tot een aanrader.

Want het enthousiasme waarmee het boek geschreven is, geeft het ook een keerzijde: het beeld van islamitisch Spanje, vooral onder de Umayyaden, is soms wel héél erg roze. De veelgeroemde tolerantie en vrijheid van godsdienst in al-Andalus was er wel degelijk, maar was er alleen verhoudingsgewijs.  Van de werkelijke invulling van die tolerantie en vrijheid in de Andalusische praktijk zouden we tegenwoordig behoorlijk schrikken. Was al-Andalus nu een bestaande staat, dan zou zelfs Nederland daar graag vluchtelingen uit opnemen.

Menocals aanpak maskeert dat behoorlijk en dat komt voornamelijk omdat ze voor haar biografische schetsen – ze kon ook haast niet anders natuurlijk – mensen genomen heeft die de geschiedenis van al-Andalus mede hebben bepaald. Uitschieters dus, zoals Hasdai ibn Shaprut en Samuel de Nagid bijvoorbeeld: joden die het in islamitisch Spanje bijzonder ver schopten. De een was vizier van de kalief, de ander de generaal van een islamitisch heerser.

Dat zette me aan het denken. Stel dat over duizend jaar de positie van moslims in Nederland wordt beschreven aan de hand van een aantal biografische schetsen. Dan zal het vrijwel onvermijdelijk zijn te melden dat de burgemeester van Rotterdam Aboutaleb heette, dat het op één na beste Nederlandse boek geschreven werd door ene Kader Abdollah, dat de hoogste Nederlandse filmprijs in 2011 in handen viel van Nasrdin Dchar en dat het Nederlandse culturele leven werd verrijkt door schrijvers als Hafid Bouazza en Abdelkader Benali; door acteurs als Mimoun Oaissa en Mariam Hassouni; door filmmakers als Karim Traidia en theatermakers als Sabri Saad el Hamus. Ik noem slechts de paar namen die ik zo uit mijn hoofd kan opdiepen. Er zijn er veel meer.

Dat zou de waarheid zijn en niets dan de waarheid, maar niet de hele waarheid. De hele waarheid zou ook melden dat je als ‘noordafrikaans type’ sneller werd aangehouden door de politie en veel minder kans had op betaald werk. De hele waarheid zou ook melden dat er best wel met enige regelmaat moskeeën werden beklad en in brand gestoken.

Dat zijn echter maatschappelijke tendenzen die zich uitsluitend uiten in kleine voorvallen, die zelfs nu niet snel in de krant zullen komen, en in de levens van heel veel mensen, die er echter elk persoonlijk niet heel veel toe doen als het op de loop van de geschiedenis aankomt. Alleen het bestaan van politieke partijen die het fenomeen islam tot hun politieke hoofdpunt hebben gemaakt zou enige indicatie kunnen geven over een maatschappelijke ontwikkeling die wijst op een tegenpool van al die succesvolle allochtonen.

Menocals boek blijft een aanrader, maar wie het leest, moet in het achterhoofd houden dat hier ‘grote-mannen-geschiedenis’ wordt bedreven. Dat is de geschiedenis die er toe doet en het is de geschiedenis die mede heeft bepaald hoe Europa er nu uitziet. Menocals boek biedt een prima inleiding in de enorme rol die al-Andalus heeft gespeeld in de wereld waarin we nu leven en het biedt die inleiding op een bijzonder prettige manier. Maar het is niet de hele geschiedenis.

  1. 1

    het beeld van islamitisch Spanje, vooral onder de Umayyaden, is soms wel héél erg roze

    Waar deze bewering op gebaseerd is staat er helaas niet.
    Richard Fletcher, ‘Moorish Spain’, Berkeley 1992 geeft ook een beeld van een tolerant en ontwikkeld land.
    Hoe Andalusië na de verdrijving van de Moslims een woestijn werd staat zelfs in Gerald Brenan, ´The Spanish Labyrinth, an Account of the Social and Political Background of the Spanish Civil War’, Cambridge, 1960.
    Vrijwel alle kennis die wij hebben van oude schrijvers, Griekse, kwam tot ons in vertalingen uit het Arabisch vanuit Islamitisch Spanje.
    Christenen hadden de grote heidense bibliotheek van Alexandrië opgestookt.
    En zo duurde het tot 1600 voor er weer wat vooruitgang kwam in het christendom.

  2. 2

    Dat [de ‘grote-mannen-geschiedenis’ ] is de geschiedenis die er toe doet en het is de geschiedenis die mede heeft bepaald hoe Europa er nu uitziet.

    Nee. De geschiedenis die er toe doet en die het heden bepaalt is die van de anonieme massa’s waarbinnen die ‘grote mannen’ leefden. De massa’s die produceerden zodat die ‘grote mannen’ zich toe konden spitsen op hun expertise en niet elke dag bezig waren met hun levensonderhoud. De massa’s die wilden sterven voor een veldheer of generaal. De massa’s die wel of niet ontvankelijk waren voor nieuwe ideeën of technieken die een geniaal iemand voorstelde.

    Als Adolf Hitler een succesvolle schilder was geworden in Wenen en zich had afgewend van de politiek was er wel iemand anders met revanchistische ideeën opgestaan in het Duitsland van na Versailles. En Hitler kon zijn expansie- en genocideplannen alleen uitvoeren omdat er een deels gewillige bevolking was.

  3. 3

    @2:
    genocideplannen alleen uitvoeren omdat er een deels gewillige bevolking was.

    Uit het gepubliceerde tweede wereldoorlog dagboek van de Duitse jood Klemperer blijkt dat hij niet op de hoogte was van genocide.
    Victor Klemperer, ‘I will bear witness, A diary of the Nazi years, 1942-1945’, New York 1999.

    Interessant is ook dat Klemperer begrip opbrengt voor de jodenvervolgingen.
    Weizmann had geschreven ‘dat als de geallieerden Duitsland aanvielen dat dan elke jood een geallieerd agent zou zijn’.

    Hitler’s ‘expansie’ plannen gingen overigens nooit verder dan de Duits sprekende gebieden, volgens ook Kennan.
    Dus niet meer dan terugdraaien van Versailles.

    Waarom overigens Hitler bij Andalusië van stal wordt gehaald ontgaat me.
    In hoeverre ‘grote’ mannen wel of niet geschiedenis bepalen is onder historici een controversieel onderwerp.
    Mijn mening is dat in bepaalde omstandigheden individuen wel degelijk de geschiedenis kunnen bepalen.
    Zou er zonder een Roosevelt een tweede wereldoorlog geweest zijn ?

  4. 4

    Maar het is niet de hele geschiedenis.

    Geen enkele geschiedschrijving is compleet. Vanuit geen enkele invalshoek. Iedereen die geschiedenis leest, bedrijft, onderzoekt of daar anderszins mee bezig is moet zich dat realiseren. Als je je dat niet realiseert is het verspilde moeite. Een historicus die zich niet relativeert – kan relativeren – is de moeite niet waard, is zelfs niet te vertrouwen.

    Ik zou er aan toe kunnen voegen, dat voor de teloorgang van die -betrekkelijke – verdraagzaamheid de christelijkheid verantwoordelijk was.

    Een link naar wat nu Al-Andalus was, was aardig geweest.

    Ook het gegeven dat de landbouw daar op een hoger plan stond is niet te verwaarlozen.

  5. 5

    @4:
    Geschiedenis bestaat niet, wordt gemaakt door geschiedkundigen.
    Vandaar dat geschiedenisboeken meer zeggen over de periode waarin ze zijn geschreven dan over de periode waarover ze gaan.
    Een andere uitdrukking daarvoor is ‘geschiedenis wordt voortdurend herschreven’.

  6. 6

    @5: 3 uit 5! Het onderwerp gaat je blijkbaar aan het hart.

    Maar jouw Geschiedenis bestaat niet, wordt gemaakt door geschiedkundigen is toch echt absolute flauwekul.

    Er gebeuren dingen dus is er geschiedenis. Echte geschiedenis. Die wordt beschreven door historici. Dat zijn mensen en die zien dingen op hun eigen wijze. Soms breed, soms eng, soms eendimensionaal, soms zo veeldimensionaal dat niemand het meer kan volgen.

    Het is niet de geschiedenis die niet bestaat, het is de zuivere beschrijving ervan die niet bestaat.

    En ja, geschiedenis wordt continu herschreven. Revisionisme is – los van de soms negatieve connotatie van dat woord – een heel gewoon deel van de geschiedwetenschap. Van het onderzoeksproces.

  7. 7

    Van de werkelijke invulling van die tolerantie en vrijheid in de Andalusische praktijk zouden we tegenwoordig behoorlijk schrikken.

    Mwah. We noemen Nederland ten tijde van de 17e (Gouden!) eeuw toch ook een baken van tolerantie en vrijheid? Dat zou naar huidige maatstaven ongetwijfeld ook tegenvallen. Beetje vreemde opmerking van iemand die een geschiedkundig boek recenceert: het is volgens mij juist *niet* de bedoeling dat je de inhoud van het boek toetst aan de hedendaagse normen en waarden.

  8. 8

    @3: Hitler’s ‘expansie’ plannen gingen overigens nooit verder dan de Duits sprekende gebieden,

    Nadat ie klaar met het gebied was heb je gelijk. Walgelijk figuur.

  9. 9

    @6:
    ” Er gebeuren dingen dus is er geschiedenis. Echte geschiedenis. Die wordt beschreven door historici. Dat zijn mensen en die zien dingen op hun eigen wijze. Soms breed, soms eng, soms eendimensionaal, soms zo veeldimensionaal dat niemand het meer kan volgen.

    Het is niet de geschiedenis die niet bestaat, het is de zuivere beschrijving ervan die niet bestaat. ”

    Wat hierboven staat kan volgens mij worden samengevat als ‘geschiedenis bestaat niet, wordt gemaakt door geschiedkundigen’.
    Ik heb dat overigens niet zelf bedacht, de geschiedkundige Thomas L Thompson schrijft het.
    Het punt is dat er heel veel dingen gebeuren, en dat geschiedkundigen daar later wat dingen uithalen die naar hun mening belangrijk zijn, en daar een verband in aanbrengen.
    Of zij de belangrijke dingen selecteren, en de juiste verbanden zien, dat zijn de problemen.
    Om maar weer even op de tweede wereldoorlog terug te komen, er is de gangbare visie dat Hitler die veroorzaakte, er zijn ook visies, gepubliceerd, dat Britten, Roosevelt en Stalin die veroorzaakten.

    @3
    Het idee dat Hitler’s plannen niet verder gingen dan de Duits sprekende gebieden komt van Kennan, geestelijke vader van de Marshall hulp.
    Waarom hij een walgelijk figuur zou zijn, mij ontgaat het.