Ik tweet, dus ik ben

Ik ben niet zo van de social media, omdat ik ten eerste zelf niet zo sociaal ben en ten tweede omdat er eigenlijk weinig sociaals aan die media is. Facebook en Instagram en dergelijke gaan en gingen dus fijn aan mij voorbij. Maar ik zit wel op Twitter. Inconsequent? Zeker. Maar je hoort mij ook niet zeggen dat ik altijd consequent ben.

In elk geval ben ik vermoedelijk geen typische Twitteraar. Ik volg slechts een gering aantal mensen, 24 op dit moment, en dat zijn voornamelijk journalisten en wetenschappers. Die wijzen me de weg naar interessante artikelen en blogs. Zodra ze teveel over zichzelf tweeten, prietpraat en – godbewaarme – poezenplaatjes, dan haak ik weer af. Van sommigen ontvang ik inmiddels een nieuwsbrief per mail, dus die schrap ik dan ook. Hoe iemand 1000 mensen kan volgen was mij altijd een raadsel, maar inmiddels begrijp ik dat ze gewoon lang niet alle tweets zien. Dat snap ik niet. Als ik iemand interessant genoeg vind om te volgen wil ik alles van hem/haar/het lezen en ook de retweets zien.

Al mijn zorgvuldigheid ten spijt moet ik mij dagelijks evengoed nog door veel onzin heen werken. Dat komt omdat sommigen nogal lukraak retweeten. En ook wat iemand ‘leuk’ vindt verschijnt vaak in mijn tijdlijn. De meest interessante mensen vinden de raarste dingen ‘leuk’. Maar zoals ik al zei, ik ben ook niet altijd consequent. Verder is Twitter zelf nogal scheutig met ‘uitgelichte’ tweets, die doorgaans gewoon ordinaire reclame bevatten. En zelf ben ik ook schuldig aan het genereren van flauwekul, want ter verstrooiing volg ik @DingemanAnton en @Heinvandebuis en @FenS_fans. Maar zo zit er tenminste nog wát grappigs tussen al het leed dat dagelijks binnenstroomt. De enige die ik volg om persoonlijke redenen is mijn zoon.

Inmiddels word ik zelf gevolgd door zo’n 150 mensen. Van 140 daarvan heb ik geen idee wie dat zijn. Van de meeste bio’s word je niet veel wijzer. Waarom ze mij volgen weet ik ook niet, hoewel ik natuurlijk een ontzettend boeiend persoon ben, hetgeen weer de vraag oproept waarom ik eigenlijk niet door 140k mensen gevolgd word. Of 140 miljoen. Anderzijds is me opgevallen dat hoe meer volgers iemand heeft, hoe fouter hij/zij/het blijkt te zijn. Zo bezien zouden slechts 150 volgers eerder een indicatie zijn van mijn geestelijke gezondheid. Als u dat naar een alternatief feit vindt ruiken, kan ik u geen ongelijk geven.

Eigenlijk zal het aantal volgers me worst wezen. Alleen is een groter bereik een goede manier om lezers naar dit blog te krijgen. Dat meer mensen deze stukjes lezen zou ik namelijk weer wel leuk vinden.

Vier van mijn volgers heb ik ook werkelijk ontmoet. Met twee ben ik nu bevriend. Dat is uiteindelijk de mooiste oogst van Twitter, want beiden verrijken mijn leven, elk op hun eigen manier. Een heel klein beetje sociaal is dit medium dan misschien toch wel.

[Oorspronkelijk op Beter Leesvoer]