Hulspas weet het | Op weg naar Jeruzalem

COLUMN - Them that’s got shall get
Them that’s not shall lose
So the Bible said and it still is news

Langzaam, loom, zingt Billy Holliday. Zo langzaam en loom als de weg waarover we rijden, naar Augues Mortes, in het diepe Zuiden van Frankrijk. Een vierkante vestingstad, nu een drukbezochte toeristenfuik omgeven door maïs, compleet met minitrein die door de stadspoorten en nauwe straatjes tuft, maar ooit was het een vesting vlakbij de zee, purpose built, als haven  voor de bevoorrading van de Franse kruisvaarders. Ze ligt er nog steeds imposant bij, daar in de verte.

Wie heeft, zal krijgen, wie niets heeft, ‘hem zal zelfs wat hij heeft worden ontnomen’ (Lucas 19:26). Het is een van de meest raadselachtige verzen uit het Nieuwe Testament. Het blijft nieuws. Het vers volgt direct op die merkwaardige parabel over de koning die, na in het buitenland gekroond te zijn , terugkeert naar zijn drie dienaren, aan wie hij drie zakken geld had toevertrouwd. De eerste had het geld in de tussentijd vertienvoudigd, en wordt geprezen. De tweede had het vervijfvoudigd, en wordt geprezen. De derde had het geld, uit vrees voor zijn meester, alleen maar goed bewaard en er niks mee gedaan. Zelfs niet op de bank gezet, zodat het rente had opgeleverd. De derde wordt gestraft. Daarna volgt dus dat raadselachtige vers. En dan de mededeling: ‘En die vijanden van mij die niet wilden dat ik koning over hen werd, breng hen hier en dood ze voor mijn ogen.’

Kijk, zo kennen we Jezus niet echt meer.

Maar dat duistere hoofdstuk 19 is eigenlijk de culminatie van het Lucasevangelie. De kern van de boodschap van de evangelist. Bij hem staat namelijk Jeruzalem (het Jodendom aldaar) centraal. In zijn evangelie is Jezus eigenlijk van begin af op weg naar Jeruzalem. En vlak voor de intocht is er die parabel van de koning die elders gekroond wordt, maar bij terugkomst naast twee goede dienaren ook zijn bange, apathische dienaar ontmoet. Iets verder in datzelfde hoofdstuk 19 huilt Jezus over de stad die, zo voorspelt hij, verwoest zal worden.

De strekking van het verhaal is duidelijk. Lucas geeft een samenvatting van de geschiedenis van het vroegste christendom. De parabel komt niet ‘van Jezus’, ze verhaalt over de eerste verspreiding van het christendom. Het was in de Joodse diaspora dat Jezus ‘gekroond’ werd, en als koning keerde hij naar Jeruzalem terug. Dat wil zeggen: hij vormde voor de Joden in die stad een steeds grotere uitdaging. De eerste twee dienaren, dat zijn de Joodse gemeenschappen buiten Jeruzalem, waar men wel oren had naar de nieuwe leer; de derde, dat zijn de Joden in Jeruzalem, de joden die Jezus (in het evangelie) steeds dichter nadert. Juist zij, zo ‘voorspelt’ hij, moeten niets van hem hebben. En omdat ze hem afwijzen, zullen ze gedood worden, en zal de stad verwoest worden. Zij hadden immers niks met het geld van hun koning (de boodschap van Jezus) gedaan, en daarom zou hen uiteindelijk alles worden afgenomen. Niet alleen Jezus’ boodschap, maar zelfs hun oorspronkelijke geloof.

Op weg naar Aigues Mortes luisterden we naar de straf die de Joden in Jeruzalem over zichzelf hadden afgeroepen.

Die totale nederlaag zou uiteindelijk gebeuren na de Joodse opstand van 69-70 na Christus. De ‘voorspelling’ van Jezus is duidelijk gebaseerd op de val van Jeruzalem en de verwoesting van de tempel door de Romeinen. In de eeuwen daarna echter lijkt dat gruwelijke woord: ‘En die vijanden van mij die niet wilden dat ik koning over hen werd, breng hen hier en dood ze voor mijn ogen’, aan kracht te hebben verloren. Toen het Romeinse Rijk eenmaal christelijk werd, liet men de joden met rust. De christenen accepteerden de Romeinse traditie, die het Jodendom een zekere bescherming bood. Joden werden verguisd en gehaat, vernederd en gediscrimineerd, maar tot een systematische fysieke vervolging (zoals Lucas had aanbevolen) kwam het niet.

Dat gebeurde eigenlijk pas eeuwen later, ten tijde van de Kruistochten. Het waren de kruisridders die er een gewoonte van maakten joodse getto’s te plunderen en uit te moorden. Wellicht geïnspireerd door het Lucasevangelie – want waren niet ook zij op weg naar Jeruzalem? Naar de ultieme confrontatie met de vijanden van Christus en de dood? Waarom zouden zij het kwaad in eigen land dan in leven laten? En zo gingen in die tijd overal de Joodse wijken in vlammen op. Eerst vooral in het Rijnland, later door heel Europa. Stad na stad, totdat het tijd werd om in te schepen.

Bijvoorbeeld in Aigues Mortes.

  1. 1

    Grappig in Calvinistisch Nederland en de VS is die vers alleen maar meer bewijs van: God haat armen, heeft ze voorbestemd om arm te zijn, en zal ze alles afnemen en ook naar de hel sturen. Anders waren ze wel rijk :P.

    Zelfs de Katholieken in Nederland gedragen zich er naar :P. De machtige word doodgeknuffeld, want die is lief in het calvinisme :P.

    Dus de uitleg van “het gaat over geloof en verspreiding van geloof” is te cryptisch voor de Calvinist. Het gaat om centjes en de gierige roof kapitalist moet geprezen worden, de trouwe arbeider moet je straffen! Bah vies, zo’n trouwheid… getver.. ewww. Nou ja hij mag mijn toilet wel schoonmaken.. maar niet meer hoor :P.

    Sorry, ik moet calvinisten niet zo. :P.

  2. 2

    Ik was bij Utrecht al uit de auto gestapt, kudmuziek,eindeloos gezever en is er geen bruggetje dan schrijft hij er wel een.
    Met zo’n iemand op vakantie gaan is geen vakantie maar zelfkastijding.

    Het waren de kruisridders die er een gewoonte van maakten joodse getto’s te plunderen en uit te moorden.
    Stoute Christenen. tjonge tjonge,sorry hoor.
    Er zal ongetwijfeld een aanleiding voor zijn geweest want wij mensen zijn vredelievend en barmhartig van nature.

    De tijden kunnen veranderen..
    De meeste christenen uit mijn kerkje willen en gaan niet eens meer naar het Heilig Land voor hun hadj en zijn van mening dat het aldaar foute boel is.
    Wat die pionistische Palestijn denkt,ach irrelevant toch,micromanagement.

  3. 5

    @1

    Laat ik voorop stellen dat ik noch christen noch bijbeldeskundige ben. Maar de diepere betekenis lijkt me duidelijk. En die is exact contra aan die van de godvrezende calvinist. De diepere betekenis is dat arm zijn pas ware rijkdom is. Immers, om onze hebzucht te bevredigen is er geen geld en goed genoeg.

    De zakken geld stellen je talenten voor. Wie niets doet met zijn talent(en) die verprutst zijn leven.

    Kijk, zo kennen we Jezus weer;-)

  4. 6

    Bij vers 27 schrijven Huub Oosterhuis en Alex van Heusden in hun boek ‘Het evangelie van Lukas’: “In een gangbare uitleg wordt dit parabelverhaal allegorisch gelezen. De ‘mens van hoge geboorte’ is dan Jezus, wiens koningschap niet wordt erkend door ‘zijn landgenoten’, de Joden dus. Hun verwerping van Jezus loopt volgens deze exegese vooruit op het lijdensverhaal, diens tocht naar een ‘verre landstreek’ op de hemelvaart en diens terugkeer op zijn wederkomst, waarna met de ongelovige Joden wordt afgerekend in het laatste oordeel: ‘breng ze hier en slacht ze af, voor mijn aangezicht.’ Deze uitleg maakt van het parabelverhaal een karikatuur.”

    Als je voor de ‘mens van hoge geboorte’ niet Jezus invult, maar Archelaus, de zoon van Herodes, die na diens dood aanspraak maakt op het koningschap van Judea, wordt het weer een ‘echte’ parabel, zoals ook Bram Grandia mooi laat zien:
    http://ekklesia-amsterdam.nl/upload/multimedia/cms_files_SLASH_MediaGalerij_SLASH_Other_SLASH_otherfiles1649_00.pdf