Hulspas weet het | Ze weten alles van u, allang

COLUMN - Zo, dus het Kabinet gaat de ‘sleepwet’ aanpassen. Het ‘slepen’ zal gerichter gebeuren (maar dat was al toegezegd), en ook belooft men dat de gegevens van de inlichtingendiensten alleen maar uitgewisseld met democratische bondgenoten. Dit laatste omdat sommigen vreesden dat de inlichtingendiensten het regime van Erdogan ter wille zouden willen zijn. Alles bij elkaar te weinig om tegenstanders tevreden te stellen, natuurlijk. Maar helaas, de strijd is gestreden.

Ik had het moeilijk met het referendum. Niet omdat de keuze tussen ‘veiligheid’ en ‘privacy’ zo moeilijk was. Zo werd het referendum wel gepresenteerd, maar dat is natuurlijk niet waar het om gaat. Het was van meet af aan een absurd referendum. Het wekte de indruk dat wij, burgers, de grenzen mogen vaststellen van wat de inlichtingendiensten gaan doen. En dat is natuurlijk een illusie. De inlichtingendiensten bepalen sinds jaar en dag hun eigen grenzen. En als daar iets van naar buiten lekt, moet de politiek het mediabrandje blussen met ‘wetgeving’. Nu ook weer.

De wereld van de inlichtingendiensten kent een dynamiek die zich aan alle controle onttrekt. Vijandige inlichtingendiensten jagen elkaar voortdurend op om de technologische en wettelijke grenzen te verleggen. En bevriende veiligheidsdiensten, die bereid zijn om gegevens uit te wisselen, doen niet veel anders. Uitwisselen heeft alleen zin als je hetzelfde onderzoekt, op dezelfde manier.

En aan alle geheime informatie hangt een prijskaartje. Want waarom zou je als CIA kostbare, met moeite vergaarde informatie gratis overdragen aan een dienst die dat niet kan? Wat kun je dan aan nuttige informatie terugverwachten?

Omgekeerd doen de ‘achterlopers’ hun best om mee te draaien met de grote jongens, om niet volledig afhankelijk van te worden van wat die vergaren en weten, want als je niet meekomt dan weet je zeker dat je al snel geen gelijkwaardige partner meer bent en dat je gebruikt zal worden. Je dienst wordt een pion in het internationale spel. Dus moet je mee, het schimmige water in. De wettelijke kaders komen later wel. Die moet Den Haag maar verzinnen, als er iets uitlekt.

In ons geval zijn natuurlijk de Verenigde Staten de ‘democratische bondgenoot’ waar we mee moeten samenwerken, wil je meetellen. Alleen is daar niks democratisch aan. Amerikaanse volksvertegenwoordigers hebben geen flauw benul wat de zeventien verschillende inlichtingendiensten die het land rijk is, allemaal doen.

Zeventien aparte organisaties, met elk vaak tienduizenden werknemers, die hun geheime operaties betalen uit het zogenoemde black budget. Slechts een zeer klein clubje mensen krijgt die plannen te zien, en tekent voor de financiering. Waarschijnlijk behoort de president daartoe – waarschijnlijk, want hij is afhankelijk van wat hem wordt verteld. (En het huidige Witte Huis is een ernstig veiligheidsrisico.) Verder behoort tot dat gezelschap geen enkele politicus.

Sinds enige jaren (sinds enkele recente onthullingen) is het zo dat de projecten beoordeeld moeten worden door een eigen ‘rechtbank’, de Foreign Intelligence Surveillance Court. Dat heeft het Congres afgedwongen. Maar de samenstelling en de uitspraken van de FISC zijn uiteraard geheim. Eigenlijk heeft het Congres daarmee aan geheime schaduwregering in het leven geroepen.

Het black budget bedraagt inmiddels rond de 50 miljard dollar. Dit onderdeel van de begroting is zó geheim dat de wereld pas sinds een paar jaar (sinds Edward Snowden) enige bedragen kent – bijvoorbeeld dat het sinds 9/11 verdubbeld is. De president moet (alweer, sinds Snowden) de totale omvang van het bedrag in de begroting bekendmaken – maar verder, wie of wat: niks. Geen politicus die meer mag weten.

Dankzij Snowden weten we ook dat pakweg twee derde van die 50 miljard gaat naar drie diensten: de CIA de NSA en de NRO. Vooral die laatste instantie, het National Reconnaissance Office, groeit als kool. Ze is verantwoordelijk voor de verwerking van de gegevens verzameld door alle spionagesatellieten. Ze is het brein achter de inzet van drones, waar ook ter wereld, om de VS onwelgevallige burgers met één klap uit de weg te ruimen. (Onder Obama is dat geheime programma sterk uitgebreid.) En voor de goede orde, die satellieten zweven ook over ons land, en ons gsm-netwerk.

Voor de inlichtingendiensten zijn de social media uiteraard een ongekende bron van informatie. Geen wonder, want de inlichtingendiensten stonden aan de wieg van de Big Five in Silicon Valley, en er zijn nog steeds nauwe banden tussen de Big Five en de militaire en inlichtingendiensten. Bedrijven als Facebook, Google en Microsoft (de andere twee van de vijf zijn Amazon en Apple) maken de wereld verslaafd aan steeds weer nieuwe technologieën waarmee al onze gangen kunnen volgen, en waarvan de inlichtingendiensten alle zwakheden kennen en benutten.

Grootverbruiker van het zwarte budget is de CIA (14 van de 50 miljard) en de verwachting is dat deze dienst het afluisteren van burgers, zoals onthuld door Wikileaks in maart vorig jaar, met volle kracht zal voortzetten. Wikileaks laat zich gebruiken door de Russen, zeker. Ik zei het al, de grote jongens jagen elkaar op. Steeds verder, steeds ingrijpender, steeds geheimer.

  1. 1

    Hoe meer geheim, hoe ernstiger de lekkages, hoe groter the cyberwar, hoe groter de onveiligheid. Zou het helpen?
    Iedereen is een spion geworden (al of niet bewust). Dat zal de wereldbevolking steeds duidelijker worden en de cultuur gaan beïnvloeden. Digitale vrienden zijn dan ook eigenlijk verraders geworden die ongeremd vanalles over zichzelf en jouw loslaten. Verder zal iedere beweging van ieder individu getrackt worden middels mobiele telefonie, bankaire transacties, OV-abonnementen en gezichtsherkening. De laatste stap om het laatste gat te vullen zal zijn ieder individu te chippen….

  2. 4

    Je kunt, enerzijds terecht, opmerken dat een referendum over de “sleepwet” een belachelijke zaak is. Natuurlijk had iedereen vooraf kunnen weten dat het weer een “inlegvelletje” zou worden dat in de fik gaat als het kabinet in het fietsenhok een shaggie gaat staan paffen.. Anderzijds blijft zo’n referendum wel een duidelijk signaal vanuit de bevolking aan de politiek dat er anders gedacht wordt op een aantal punten en dat daarmee ook rekening gehouden dient te worden.

    Helaas verbindt de kiezer aan dit soort situatie zelden de consequentie dat hij als gevolg daarvan bij de volgende verkiezingen op een partij gaat stemmen die een andere lijn voorstaat. Het regenteske karakter van een aantal partijen blijft daardoor onaangetast.