Hoe pleeg ik een coup in het Oude Nabije Oosten?

COLUMN - Stel je woont in het Oude Nabije Oosten en je bent ontevreden over de huidige machthebbers. De alleenheerser van dienst doodt en martelt naar willekeur en legt zijn volk zware arbeid en hoge belastingen op. Als sociaal geëngageerd persoon wil je hier graag verandering in brengen. Nu is het mogelijk om met een legertje gelijkgestemden de huidige koning af te zetten, maar daar begint de ellende pas. Als je niet op dezelfde manier aan je einde wil komen als je voorganger, moet je met een aantal zaken rekening houden.

Hang niet de revolutionair uit
Dit is de kern van mijn advies. De beschavingen van het Oude Nabije Oosten, met de daarbij behorende machtsstructuren, behoren tot de oudste ter wereld. Deze zijn in de loop der eeuwen tot stand gekomen en functioneren ook al eeuwenlang prima. De meeste mensen willen daarom niet van de monarchie of de geestelijkheid af. Men kent wel samenlevingen zonder erfopvolging of georganiseerde religie, maar dat zijn evident barbaarse samenlevingen die veel minder geordend, vreedzaam en welvarend zijn. Een beschaafde samenleving wordt geregeerd door een koning die het mandaat van de goden heeft en door hen gestuurd wordt. 

Gebruik ‘rebel’ niet als geuzennaam
Het woord ‘rebel’ heeft in het Oude Nabije Oosten geen positieve connotaties. Natuurlijk zijn er mensen die in opstand komen tegen de machthebbers, maar zij zullen zichzelf nooit rebellen noemen. Een opstandeling die erin slaagt zijn voorganger af te zetten (Cyrus, Darius) is geen rebel, maar niemand minder dan de rechtmatige koning. De echte rebel is de vorige koning (Nabonidus, Smerdis), die tegen de goden in opstand is gekomen en daarom door hen in de steek is gelaten. 

Demoniseer je voorganger
Aangezien je voorganger door de goden in de steek is gelaten, mag hem genadeloos te demoniseren. En met demoniseren bedoel ik iemand letterlijk als demon afschilderen. Natuurlijk is het mogelijk om je voorganger op de inhoud van zijn beleid te pakken (niemand houdt immers van zware arbeid en hoge belastingen), maar belangrijker is dat je aannemelijk maakt dat hij zijn goddelijke mandaat verloren heeft. Schilder je voorganger af als een dwaas. Iemand die de gebruiken van het land niet respecteert (Nabonidus, Cambyses), die uit paranoia onschuldige mensen uit de weg ruimt (Saul, Cambyses, Smerdis) en die de goden lastert. Als een koning zijn ceremoniële plichten niet nakomt (Nabonidus) en zelfs goden disrespecteert (Nabonidus, Cambyses), is hij duidelijk de weg kwijt. Het opleggen van zware arbeid en hoge belastingen is dan slechts een symptoom van zijn goddeloosheid. 

Bedenk een mythe
Elke usurpator heeft een mythe nodig om zijn staatsgreep te rechtvaardigen. Deze mythe begint met een indrukwekkende geboortelegende. Uiteraard ben je van koninklijken bloede, maar omdat je als zuigeling al met de dood werd bedreigd (liefst door de voormalige koning) hebben je ouders je in de steek gelaten en ben je opgevoed door gewoon volk, bijvoorbeeld een herder (Cyrus) of een tuinman (Sargon). Toch onderscheidt jij je van dit gewone volk door je koninklijke bloed. Hierdoor ben je gezegend met wijsheid en bovenmenselijke fysieke vermogens die al op jonge leeftijd aan het licht komen (Sargon, David, Cyrus). Uiteindelijk wordt je ontdekt en breng je enige tijd door aan het hof van je voorganger (Ur-Zababa, Saul, Astyages), die je ondanks al zijn grillen trouw dient. Het idee om tegen hem in opstand te komen komt niet in je op, totdat hij jou dreigt te doden.

Beroep je op traditie
Hoewel men in het Oude Nabije Oosten sterk hecht aan het systeem, is hervorming wel degelijk mogelijk. De kunst is alleen om je hervormingen te presenteren als een terugkeer naar vergeten of verwaarloosde tradities. Was je voorganger een godslasteraar (Nabonidus)? Dan kan jij (Cyrus) je hervormingen presenteren als een herstel van de goddelijke orde. Wil je nieuwe wetten invoeren? Zeg dan dat deze direct afkomstig zijn van de goden (Hammurabi, Mozes). Voor meer ingrijpende religieuze hervormingen is het van belang deze toe te schrijven aan gerespecteerde profeten uit vroegere tijden. Misschien vind je wel een perkamentrol met daarop een vergeten toespraak van de stichter van je religie (Josia). Je kan ook beweren dat jouw hervormingen in lijn zijn met de oorspronkelijke boodschap van de profeten, die in de loop der eeuwen gecorrumpeerd is (Mani, Mohammed). Het is een beproefd concept.

Conclusie
Kortom: hang niet de revolutionair uit, maar presenteer jezelf als hersteller van de goddelijke orde. Leer het systeem kennen en probeer het van binnenuit te veranderen. Hieronder enkele voorbeelden om inspiratie op te doen.

De legende van Sargon
De wetten van Hammurabi
Openbaring van de Tora aan Mozes (Exodus 19).
Het verhaal van David en Saul (1 Samuel 15 – 2 Samuel 2).
De hervormingen van Josia (2 Koningen 22:8 – 23:20).
De legende van Cyrus (Herodotus 1.107-130).
De Cyrus Cylinder
De verstandsverbijstering van Cambyses (Herodotus 3.1-60).
De Bisotun-inscriptie van Darius
De boodschap van Mani
De Koran

  1. 1

    Ah, geschiedenisles nieuwe stijl. Leuk!

    Of is het een advies aan derden, een les van de geschiedenis? Dan toch een kleine correctie.

    Je zegt: Leer het systeem kennen en probeer het van binnenuit te veranderen.

    Systemen kunnen niet van binnenuit veranderen, wel evolutionair natuurlijk, maar niet fundamenteel. Er zullen altijd systeemschokken zijn. Verandering van goden zeg maar.

  2. 2

    Tegen de tijd dat je in staat bent het systeem van binnenuit te veranderen heeft het systeem jou veranderd. Daar sta je dan met je mooie idealen, goed van snit hoewel ze uit de mode zijn.
    En dan is er nog een ander risico. Neem bijvoorbeeld Gorbatsjov, Jaruzelski etc. Dat waren overgangsfiguren die nog uit het oude regime stamden, maar wel het raam openden voor een nieuwe wind. Hoewel de verandering zonder hun voorwerk niet mogelijk zou zijn geweest, was dankbaarheid niet hun deel. De ambteloos burger Gorbatsjov genoot zijn roem in de satellietstaten en in het westen, maar niet in zijn thuisland waar drankorgel Jeltsin de dienst uitmaakte.