Hoe internet mijn brein verwoestte

Wetenschapsjournalist Amanda Verdonk betreurt het verlies van haar concentratievermogen, met dank aan het internet. Zij is met deze blogpost één van de winnaars van de blogwedstrijd Intieme technologie van het Rathenau Instituut.

Zomer, 2011. Het was zonnig en warm, en ik zat in de tuin het boek ‘Hoe verandert internet je manier van denken?‘ te lezen. Een verontrustend, maar vooral ook herkenbaar boek over de invloed van internet en smartphones op ons leven en denkpatroon. Een computer, zo lees ik, “is erop ingericht om je aandacht te verstrooien. Het schermt je niet af tegen afleidingen uit de omgeving – het zorgt juist voor extra afleiding. Woorden op een computerscherm zitten in een lawine van concurrerende pixels.”

Wat een mooie quotes, denk ik als journalist meteen. En wat doe ik? Ik grijp mijn smartphone erbij om die quotes gelijk via Twitter met de wereld te delen. Waardoor ik mijn aandacht niet meer bij het boek kan houden en de boodschap van het boek dus gelijk kracht wordt bijgezet: voor mij is het al te laat. Internet heeft mijn hersenen al zodanig beschadigd dat het lezen van een vlotgeschreven boek van kaft tot kaft er niet meer in zit. Dat bleek ook inderdaad, want ik heb het maar voor de helft gelezen. Ik voel me steeds dommer worden.

Onthaastplek

De tuin was altijd mijn perfecte onthaastplek om vakliteratuur te lezen en ideeën te bedenken. Maar met de Blackberry naast me is ook die plek niet heilig meer. In de trein dan? Nee, want het voelt zo fijn om een failtweet over de NS bij vertraging de wereld in te sturen. Het vliegtuig? Nee, want daar kun je ook de nieuwste films kijken. In bed? Nee, want daar staat een tv waar ik nog lekker even die film kan afkijken. Op een tropisch strand? Nee, want dan vind ik weer dat vakliteratuur zich hooguit tot Quest magazine – een aaneenrijging van korte, intense prikkels –  dient te beperken.

Het afbraakproces van mijn concentratievermogen is al jaren aan de gang. Ooit bedacht ik dat ik wetenschapper wilde worden. Me jarenlang vastbijten in een en hetzelfde onderwerp, dagenlang alleen maar lezend doorbrengen, het leek me wel wat. Maar mijn hang naar avontuur en  dynamiek en mijn behoefte aan prikkels won het van een stoffig bestaan in de ivoren toren. Ik wilde de wijde wereld in, mensen spreken, ervaringen op doen en daar mooie verhalen over schrijven. Nu noem ik mezelf wetenschapsjournalist en schrijf ik over een breed allegaartje aan onderwerpen; van olietankers tot elektrische planten. Het ene moment ben ik helemaal gefascineerd van duurzame gebouwen, een volgend moment wil ik weer alles weten van oesterriffen. Zou ik me niet meer moeten specialiseren, en me bijvoorbeeld tot deskundige van elektrische planten moeten ontwikkelen? Daarvoor is al teveel schade aangericht. Ik heb het typische nieuwsjunk-brein met een zeer korte aandachtsspanne en ik twijfel of ik er ooit van af kom. Dat is de prijs die ik betaal voor de hedendaagse technologie.

Giftige kennis

In september 2011 publiceert nrc.next het volledige 5659(!) woorden tellende essay van de Zwitserse publicist Rolf Dobelli. “Het moderne nieuwsbombardement verwart ons denken, het smoort onze creativiteit en het verpest ons concentratievermogen”,  vindt Dobelli. Hij noemt nieuws niet minder dan een ‘giftige vorm van kennis’. Ik heb het gelezen, dat dan weer wel. Van het eerste tot het 5659e woord. Dobelli volgt het nieuws zelf totaal niet, en leest alleen Science en Nature. Hij heeft het gevoel dat hij er niks aan mist, want het is toch geen kennis die beklijft, die je nieuwe inzichten oplevert of helpt betere beslissingen te nemen.  “Hoe meer ‘news factoids’ je verwerkt, hoe minder je snapt van het grote verhaal.” Technologie zoals (tabloid) computers en smartphones zijn steeds meer de middelen waarmee we deze giftige kennis tot ons nemen.

Dobelli zegt: lees liever eens een goed boek. Er ligt nog een hele stapel ongelezen vakliteratuur op me te wachten. Maar het is me nog niet gelukt een boek van die stapel open te slaan. Misschien moet ik daarvoor maar op werkvakantie naar een tropisch strand.

Amanda Verdonk is freelance wetenschapsjournalist. Zij schrijft over wetenschap, technologie, innovatie en duurzaamheid voor onder andere technologietijdschrift De Ingenieur en TNO. Zie ook haar website: www.amandaschrijft.nl.

Amanda Verdonk schreef één van de winnende weblogs voor de blogwedstrijd Intieme technologie. Dit is de eerste blogpost in een serie van zes.

foto skippy

  1. 1

    Uit dit verhaal maak op uit dat niet internet de schuldige is voor de afleiding, maar de gebrekkige discipline van Verdonk zelf. Ga in de tuin zitten maar leg de telefoon gewoon binnen neer. Weg afleiding. Moet je natuurlijk wel de discipline hebben om in de tuin te blijven en niet alsnog binnen de telefoon te gaan ophalen.

  2. 3

    Misschien moet ik daarvoor maar op werkvakantie naar een tropisch strand.

    Of misschien moet je de smartphone inruilen voor een ouderwetsch toestel waarmee je nog alleen kunt doen waar hij ooit voor bedoeld was: bellen. Of je mobiel helemaal wegdoen. Ik loop zelf nu sinds een half jaar mobielloos rond en het bevalt prima.

  3. 5

    Schuur: een ouderwetsch toestel waarmee je nog alleen kunt doen waar hij ooit voor bedoeld was: bellen.

    Te koop voor minder dan 30 euro bij Kijkshop, Mediamarkt of dergelijke shops. Als ze toevallig een aanbieding hebben. De mijne (een Alcatel) kan ook nog FM-radiostations ontvangen. Een feature die ik eerst eigenlijk ook overbodig vond, maar die heel af en toe toch handig is gebleken.

  4. 10

    Toevallig heb ik net een aanvraag van een klant die hier 3 maanden wil verblijven om haar doctoraal te schrijven. Geen gek idee, want je zet zo echt “de rest van de wereld” op een afstand.

    Alleen was wel de eis dat we internet hebben natuurlijk.

  5. 11

    ik waardeer dat bombardement van informatie wel. Vooral het feit dat er geen informatie opgedrongen wordt, zoals bij TV. Kijkjes kan nemen in ‘de krochten van het net’ zoals Stormfront en AdamPost, ik voel me wel thuis in cyberspace.
    Nou moet ik toegeven dat ik ADHD ben (na m’n 50e vastgesteld, kon er mee leven, maar achteraf snap ik het wel, ik werd al van de kleuterschool afgestuurd want te druk), en internet is natuurlijk het ultieme ADHD-medium. Voor generalisten. Wil je niet afgeleid worden van je uitgestippelde padje is het misschien minder.
    Of dat met hersenverweking/plumpudding te maken heeft betwijfel ik.
    Overigens snap ik precies wat Amanda bedoelt, en dat dat z’n nadelen heeft, maar als je met die nadelen behept ben kan je er ook de voordelen in zoeken. Zoiets.

  6. 12

    Ik geef het eerlijk toe: Ik ben notoir snel afgeleid. Dat ligt niet aan het internet, maar aan mezelf. Ik was het toen ik 12 was, en ben het nu nog. En nee, het internet was toen voor mij nog niet beschikbaar.

    Misschien moet Amanda Verdonk dat ook maar eens toegeven.

    Overigens bestaat het internet volgens mij voor 98% uit de gevolgen van andermans afgeleidheid.