Gedoneerde studieboeken rotten weg in Ambon

REPORTAGE - De Universiteit van Wageningen doneerde 40.000 studieboeken aan de Christelijke Universiteit Ambon. Maar ze worden zelden gebruikt. ‘Wat hebben we nou aan boeken die we niet kunnen gebruiken, we kunnen ze toch niet eten?’

‘Soms is het niet goed om spullen zoals eten en schoolboeken aan andere landen te schenken,’ zegt Lieuwe Anema (62). ‘Óf er wordt gevochten om de spullen, wat eindigt in oorlog, óf de spullen worden niet gebruikt omdat ze niet weten hoe ermee om te gaan.’ Hij begon in 2007 aan een plan om 40.000 studieboeken vanuit Nederland naar Ambon te brengen. Niet alleen blijken de meeste studenten de Engelstalige boeken niet te kunnen lezen, de studieboeken gaan over opleidingen die ze op Ambon achteraf niet hebben. ‘Ik had niet verwacht dat het zo’n rompslomp met zich mee zou brengen. Als ik dit van te voren geweten had was ik er nooit aan begonnen. Al krijg ik geld toe, ik doe het nooit meer. Het heeft me jaren van mijn leven gekost,’ aldus Anema.

In 2007 werden alle deelbibliotheken van de universiteit Wageningen opgeheven. Veel studieboeken werden overbodig en werden ter beschikking gesteld aan andere universiteiten. Anema pikte dit nieuws op en kwam met een idee. Anema, die meer dan de helft van het jaar op Ambon woont, stelde voor een groot deel van de studieboeken over te plaatsen naar Ambon. ‘Door ruzies tussen moslims en christenen zijn er afgelopen jaren veel bibliotheken afgebrand en zijn studieboeken hard nodig,’ dacht hij. Hij ging om tafel met Edwin Kisman, directeur van de Deventer-Maasstichting, om te onderhandelen over het verschepen van de boeken. De stichting geeft beurzen en subsidies op het gebied van onderwijs in Indonesië.

Het trage Indonesië

Het proces voor het regelen, inpakken, verschepen en brengen van de boeken naar Ambon heeft in totaal 5,5 jaar geduurd. Niet alleen de corruptie in Indonesië heeft het proces zwaar vertraagd, ook de cultuur van handelen in Indonesië heeft er aan bijgedragen. ‘Bij elkaar ben ik zo’n vier tot vijf keer naar Ambon geweest voor dit project. Nergens anders vind je een land dat er zo lang over doet om tot een afspraak te komen. Ze lieten nooit wat van zich horen wanneer er plannen gemaakt moesten worden.’

De boeken waren oorspronkelijk bedoeld voor de openbare universiteit op Ambon, maar deze heeft op het allerlaatste moment de afspraak afgezegd. ‘Ik had de mooiste boeken uitgekozen, state of the art. Nederland wilde de boeken niet meer terug, omdat we inmiddels al vier jaar verder waren.’ Veel geld is er verloren gegaan door de vertraging en de onduidelijkheid vanuit Indonesië. ‘Ik moest steeds beginnen met de hele procedure van een universiteit zoeken en opnieuw berichten dat ze geïnteresseerd waren en dat Nederland weer akkoord moest geven. Ik ben naar vier verschillende universiteiten geweest in Yogyakarta, Selebes, Jakarta en Ambon.’ De christelijke universiteit op Ambon bleek interesse te hebben, maar had onlangs een grote rekening gekregen voor invoerrechten van andere ‘gratis’ studieboeken. Zij durfden de stap niet meer te zetten.

Geduld, geduld en nog eens geduld

De mensen van de Deventer-Maasstichting en het verhuisbedrijf in Nederland werden inmiddels ongeduldig. Constant moesten ze alles voor Indonesië oplossen en opnieuw allerlei brieven opstellen. ‘Rechters in Indonesië reageerden niet en ook leidinggevenden van de school reageerden niet meer. Het was één grote ellende. Daarnaast weigerde Nederland ook om te betalen voor het vervoer van Jakarta naar Ambon.’ Anema ging wanhopig op zoek naar een andere universiteit en vond er een in Jakarta die geïnteresseerd was. Maar hier was de Deventer-Maasstichting het niet mee eens, zij wilden alleen universiteiten in Oost-Indonesië helpen.

Intussen was de aanvraag voor de boeken alweer verlopen. Nederland weigerde om weer een brief te maken voor de universiteit in Indonesië. Maar ondertussen waren al wel alle boeken klaar voor vertrek en compleet ingepakt. ‘De kosten liepen maar door, de inpakkosten moest ik allemaal betalen en er werd gedreigd door de universiteit Wageningen dat als ik die boeken nu niet wegbracht ze de container in werden gegooid.’ Er zijn uiteindelijk tonnen aan boeken weggegooid die Anema niet op kon bergen en mee kon nemen. ‘Ze wilden er vanaf en hebben de boeken weggegooid. De 40.000 boeken op Ambon kon ik nog redden. Ik word dan ook boos van het idee dat ze de boeken nog steeds niet gebruiken.’

Tot overmaat van ramp belde de directeur van de Deventer-Maasstichting met het nieuws dat zij de rekening voor de inpakkosten niet meer wilden betalen, maar alleen het transport van Nederland naar Jakarta. Vervolgens heeft het nog twee jaar geduurd voordat Anema iemand vond die de overtocht naar Ambon en de inpakkosten wilde betalen: een senator uit Ambon.

Even later kwam Anema erachter dat boeken die van universiteit naar universiteit worden overgebracht, vrij zijn van invoerrechten. Plots gaf rector Agus Batlejery van de christelijke universiteit, Universitas Kristen Indonesia Maluku (UKIM), aan toch interesse te hebben in de studieboeken. De minister van onderwijs zei dat het hen geen geld zou kosten. ‘Toen we hiervan op de hoogte waren wilden we de boeken wel hebben,’ aldus rector Agus Batlajery. ‘We waren eerst wat afwachtend bij het eerste aanbod, omdat we al eerder alsnog veel geld moesten betalen. Gelukkig was dit nu niet het geval.’

Eindelijk gearriveerd op plaats van bestemming

De boeken zijn uiteindelijk in de zomer van 2012 in Jakarta aangekomen. Op dat moment wilde Anema zijn handen er vanaf trekken, hij had er genoeg van. ‘In Jakarta botsten we tegen het volgende probleem op: We werden gevraagd invoerrechten te betalen, terwijl dit officieel helemaal niet hoefde. Maar goed, Indonesië is zo corrupt als de pest, dus ik moest er iemand bijhalen die veel aanzien had en die het voor me kon oplossen: een vriend van me uit de Eerste Kamer.’ Anema was er toen helemaal klaar mee. Nadat de boeken op Ambon waren aangekomen, heeft hij er geen werk meer aan gehad. De universiteit regelde via vriendjes en connecties zelf het vervoer.

In december 2012 kwam Anema kijken waar de boeken terecht waren gekomen en vond ze – tot zijn grote verbazing- in een afgesloten kamer in de bibliotheek, waar ze lagen weg te rotten. ‘Ik heb de rector helemaal rot gescholden. Hij en de bibliotheekmedewerkers kwamen met het excuus dat ze de boeken niet konden gebruiken omdat de meeste boeken landbouwboeken zijn en zij geen landbouwkundige faculteit hebben. Ook hebben ze geen ruimte en daarom zijn de boeken “tijdelijk” opgeslagen in een aparte kamer.’ In Indonesië word je nooit boos, iedereen was dus erg geschrokken van de woede-uitbarsting van Anema. Ze hadden nog nooit meegemaakt dat een blanke zo boos kon worden. ‘Ze zeiden dat ze nog geen tijd hadden gehad om die boeken te registeren. Ze waren wel bezig geweest met registeren, maar toen de computers allemaal crashten, was er geen back up gemaakt. Ze moesten weer helemaal opnieuw beginnen.’

Geen verandering

In het voorjaar van 2013 blijkt er nog niet veel veranderd. Het registreren van de boeken moet nog beginnen en ondertussen liggen ze in een hoek opgestapeld in dozen. Lex Relmasira, leidinggevende van de bibliotheek, is van mening dat de boeken wel heel nuttig zijn voor Ambon. ‘Ook al hebben wij de opleidingen niet waar deze studieboeken over gaan, de andere bewoners van Ambon willen de boeken misschien wel lenen. Ik denk dat we binnen een half jaar alle boeken verwerkt en geregistreerd hebben in de computer, vanaf dan kunnen de studenten de boeken gaan lenen. Ook nu al lezen de studenten de boeken uit Nederland, ze pakken dan een boek uit de doos en lezen het in de bibliotheek.’

Dat is helaas een te positieve gedachte, meent Anema. Hij heeft geen vertrouwen meer in de samenwerking met Ambon. Ook denkt hij niet dat de bewoners van Ambon de boeken kunnen gebruiken, omdat de meeste Ambonezen geen Engels kunnen lezen. Bovendien zaten de dozen nog potdicht, er was geen boek uitgehaald. Rector Agus Batlejery zet inmiddels ook vraagtekens bij het project. Hij weet net zo goed als Anema dat de gemeenschap op Ambon geen Engels kan. In de toekomst zal hij eerst kijken of de boeken geschikt zijn voor de bewoners op Ambon voordat hij ze aanneemt.

De bibliotheekmedewerkers blijven hopen dat de 40.000 studieboeken in de toekomst gebruikt kunnen worden. Maar dat zal nog wel even duren, gezien het werktempo op Ambon. Afgelopen april zijn er vanuit Amsterdam weer nieuwe studieboeken gearriveerd op Ambon, van de Stichting Library Development of Indonesia (DI) –UKIM. Deze staan nu op een stapel achter de boeken van Anema in een vochtig gebouw hun waarde te verliezen.

Dit artikel van Margaretha van der Wal verscheen eerder op Join Magazine NL.

  1. 1

    “Óf er wordt gevochten om de spullen, wat eindigt in oorlog, óf de spullen worden niet gebruikt omdat ze niet weten hoe ermee om te gaan.”

    Optie 3: Óf ze zitten niet op 40.000 boeken te wachten waar ze niets mee kunnen en doen daarom of ze Oost-Indisch doof zijn.

    “Niet alleen blijken de meeste studenten de Engelstalige boeken niet te kunnen lezen, de studieboeken gaan over opleidingen die ze op Ambon achteraf niet hebben.”

  2. 2

    Optie 4 : ze zitten helemaal niet te wachten op (ontwikkelings)hulp van hun oude overheerser. Wageningen had veel te doen met die tropische richtingen. Van oudsher. Misschien zit daar de pijn.

    Zeggen zullen ze het niet, meewerken ook niet.

  3. 4

    Dat had ik haar in 2007 ook kunnen vertellen. Het is hetzelfde als een ziekenhuis bouwen en dan verwachten, dat dat decennialang blijft draaien. Het belangrijkste is de organisatie van je bedrijf of instelling. Je kunt de mooiste spullen neerzetten, als de kennis om ze te gebruiken er niet is, of de behoefte niet, dan verstoft het ziekenhuis en je boekenverzameling. En hoe wil en universiteit een boekenfonds opzetten met een vrij willekeurige verzameling boeken? Kan iedere student van de juiste boeken voorzien worden? Schrijven de docenten en professoren deze boeken voor? Dat zijn allemaal vragen, die je eerst beantwoord moet hebben.

    Nu doet ze dit op eigen titel (alhoewel ze Nederland wilde laten opdraaien voor het vervoer), maar bedenk eens hoeveel geld we weggooien om onder het mom van ‘ontwikkelingshulp’ dit soort figuren hun helpersyndroom te laten uitleven.

  4. 5

    Het doet me ook wel denken aan hoe gewone, ongevraagde hulp in Nederland wordt ontvangen. Alleen is dat wijselijk geformaliseerd tot: “De client moet zelf de hulpvraag formuleren”. En op behulpzaamheid op het werk zitten collega’s ook zelden te wachten als het niet binnen het formele werkproces en hun eigen plannen past.

  5. 10

    Sorry hoor… maar een beetje een gek verhaal.
    Citaat: ‘Ook denkt hij niet dat de bewoners van Ambon de boeken kunnen gebruiken, omdat de meeste Ambonezen geen Engels kunnen lezen’. En landbouwboeken naar een universiteit zonder landbouwfaculteit?
    Waarom al die moeite als niemand op die boeken zit te wachten?

  6. 11

    grappig maar ergens toch ook inspirerend.

    ben benieuwd wie eigenlijk die reizen naar Ambon betaalde en het totaal die ‘stichting’ aan subsidie opslurpt.

    toch jammer dat daar niet echt het mes in lijkt te gaan….