EN

Vandaag plaatsen wij een gastbijdrage van Sargasso lezer ALO. Deze gastbijdrage waarin het karakter “de burgemeester” de hoofdrol heeft staat in verband met een eerder verhaal van ALO dat hier in oktober verscheen.

De burgemeester keek goedkeurend om hem heen. Hij liep over de grachten van de grote stad en bewonderde de prachtige panden. ‘Was ik maar de burgervader van zo’n grote plaats’, dacht hij jaloers. Maar ja, lang geleden had hij er zich al bij neergelegd dat ook onder zijn vakgenoten er baas boven baas was. Hij was geen Opstelten. Hij lette goed op de huisnummers en toen hij was aangekomen op de plaats van bestemming, belde hij aan. Tijd om na te denken over wat hij verwachtte maar niet zag, had hij niet. Een man van zijn leeftijd deed open. ‘Kom erin’, zei hij.

‘Jongen, wat goed je weer eens te zien’, zei zijn oude vriend, ‘nog geen steek veranderd, nou ja, wat minder haar en helemaal grijs, maar ik herken je nog wel.’ ‘Het is inderdaad lang gelden’, sprak de burgervader. Hij trok zijn jas uit, hing hem op de kapstok en volgde zijn vriend naar een zitje in de grote kamer, die blijkbaar dienst deed als kantoor. Hij stak zijn lepel in de hem aangeboden kopje koffie, begon te roeren en stelde maar meteen de vragen die hem op de lippen brandden sinds hij de uitnodiging had ontvangen: ‘Hoe gaat het met je, waarom heb je nooit iets van je laten horen, wat doe jij tegenwoordig en waar ben ik?’.

Zijn vriend lachte: ‘4 vragen en eigenlijk maar 1 antwoord. Jij hebt toch bestuurskunde gestudeerd?. Dan heb je ook geleerd dat in iedere organisatie, politiek, sportvereniging, bedrijfsleven, padvinderij er automatisch een bovenlaag ontstaat’. De burgemeester kende de theorie van de elitevorming, ‘Michels’, knikte hij, ‘maar ga verder.’ ‘De elite van Nederland, in alle soorten, heeft zich verenigd in een soort denktank, die continue waakt over de status van haar leden. Welkom dus bij Elite Nederland. Wij doen ons werk in stilte, daarom ontbreekt hier ook het naambordje bij de deur. Het was niet moeilijk je te vinden, maar ik kon geen contact met je opnemen. Wij van EN blijven liever op de achtergrond.’

‘Vraag 5 dan maar’, zei de burgemeester lachend, blij zijn oude vriend weer te zien. Opvallend dat je mensen na lange tijd weer spreekt, je onmiddellijk weer in de oude verstandhouding terug valt, een gewenningsperiode is niet nodig. ‘En waarom dan nu wel een uitnodiging?’ ‘Het gaat niet goed met de elite’, zei zijn vriend bezorgd. ‘Elite kan alleen maar bovenlaag blijven als het politieke spectrum breed is vertegenwoordigd. Dat houdt de maatschappij in evenwicht. En dat is niet meer zo. Er wordt weliswaar smalend gesproken over een linkse elite, maar dat dit komt omdat de rechtse in het defensief is gedrongen, wordt te weinig beseft. We hebben gefaald om het te zien aankomen terwijl het onder onze ogen gebeurde. Daarom hebben wij besloten wat actiever te worden en kreeg ik toestemming om eens met jou te praten.’

Terwijl zijn vriend door ging met zijn verhaal werd het hem wat duidelijker. ‘Het is allemaal begonnen aan het eind van de jaren 70. Plotseling veranderde de maatschappij dramatisch snel. De middenstand, opgekomen in economisch bloei van het decennium daarvoor, raakte in verval. Voornamelijk door de auto die de komst van zelfbediening-supermarkten mogelijk maakte.’ De burgemeester herkende het beeld uit zijn jeugd van zijn dorp waarvan de meer dan 40 winkeltjes er nu nog slechts 1 over was. Hij hoorde weer de dominee die vanaf de kansel de gemeente opriep te blijven komen naar de kruidenierszaak van de 3 gezusters aan de overkant. Het heeft niet mogen baten. ‘En al die middenstanders’, ging de vriend verder, ‘hadden niet de notie dat de vrije markt weliswaar winnaars voortbrengt, maar dus ook verliezers. Ze zochten naar een zondebok en vonden die onder leiding van Wiegel. Het was de schuld van den Uyl’. En zo groeide de VVD tot zogenaamde volkspartij met ontevreden ondernemers.

De burgemeester vond het steeds interessanter worden. Dat ook kon komen omdat de koffie was vervangen door cognac. Speciaal voor hem aangeschaft, dat had zijn vriend goed onthouden. ‘Het is lang goed gegaan, met de rechtse elite die dank zij Wiegel en later Bolkestein, goed was ingebed in de politiek. Maar eerst met Fortuyn, en toen Verdonk en nu Wilders is de VVD leeggelopen. Op zich niet zo erg, maar ook de invloed van de elite op de maatschappij is er mee verdwenen.’

‘Ja, dat herken ik wel. Ik zou gezien mijn inkomen ook best VVD willen stemmen, maar nu eerst de liberalen en daarna het intellect is weggelopen, zie ik daarvan af. Je zou nu toch een Kamerlid steunen die eigenlijk Brekestijn zou moeten heten.’ Zijn vriend lachte wel maar werd snel weer ernstig. ‘Je kunt er wel grappig over doen, maar de rechtse elite beziet deze ontwikkeling met zorg. Die kant van de samenleving praat alleen maar over de islam, verwart dit met integratieproblematiek, maar mist de kracht van argumenten. ‘Je kent het incident op de Brunssummerheide?’ Natuurlijk kende hij dat, een burgemeester moest nu eenmaal op de hoogte zijn van wat er in de regio speelde. Hij meende te weten wat zijn vriend bedoelde. ‘En nu wil je toe naar wat het meisje op de dam zei?’. Ze barsten samen in lachen uit. Begrip zonder veel uitleg, dat kan alleen met oude vrienden. En met een glas gedestilleerd natuurlijk.

En zo keuvelden ze nog genoeglijk verder. En het werd de burgemeester steeds duidelijker dat een elite baat heeft bij een stevige stroming in de maatschappij, die zich niet inhield met discussies die ze nooit zouden winnen. Eenvoudig gezegd, omdat altijd de tijdgeest zorgde voor nuances, en dat harde stellingen niet beklijven.

Het werd al schemerig toen ze afscheid namen. ‘Je bent hierbij uitgenodigd bij mij op het gemeentehuis.’ Hij liep terug naar het station en bij de kiosk kocht hij een krant. In de trein las hij het verhaal van de bevroren frikadel en begreep dat zijn vriend gelijk had.

  1. 1

    Allemaal mooi en aardig, maar het eind van het liedje is vandaag toch nog steeds glas, plas, was ? Ugimme die liberale intellecte herintreders.