Don’t mention the war

De verbazing over de irrationele Brexit is nog niet verdwenen. De Britse kiezers doen zichzelf op korte en lange termijn schade, zo menen wij. Is het waar? Joris Luyendijk vindt dat de Britten niet zo nodig hoefden te blijven en noemt de uitslag nu een zegen voor de rest van de EU.

Maar hij is vooralsnog niet in talrijk gezelschap. Dat roept vragen op: zijn de markante tegenstellingen tussen oud en jong, goed opgeleid en slecht opgeleid, platteland en stedelijk van betekenis? Ik poog een verkenning te doen.

De geschiedenis

Moet je voor een standpunt over Brexit of Remain de oorlog hebben meegemaakt? En maakt dat verschil in Engeland en op het continent?

Luyendijk oordeelt hard: “bad faith and delusional thinking” waren de oorzaak, zegt hij in the Guardian: “the country has not come to terms with its own global irrelevance – hence its refusal to pool sovereignty.”

Als de oorlog tegen het Derde Rijk van Adolf Hitler het einde van Groot Brittannië als wereldmacht inhield, dan is dat oordeel begrijpelijk als een soort nostalgie van de oudere generatie naar een overzichtelijker wereld, waarin hun land een markante rol had. John Cleese laat het prachtig zien als Basil Falwty in Fawlty Towers.

Maar je zou willen dat Luyendijk dan ook de positie van de ouderen in Europa verklaarde: Henk Hofland, Jan Blokker, Boebie Brugsma en Harry Mulisch kwamen nooit meer los van de ervaring die ze als pubers opdeden in de oorlog. Het was bepalend voor de manier waarop zij de werkelijkheid zagen en daarin kozen. Zoals Harry het zei: “Ik ben de tweede wereldoorlog.”

Ik vind het verschil tussen de Britse oordelen over Europa en de oordelen van de continentale Europeanen nogal groot. De babyboomer in de EU snapt dat het Europese integratieproject van alles te maken heeft met de twee wereldoorlogen. Zo ontstaat tussen de oudere Britten en de ouderen op het continent een vreemde tegenstelling: bij de eersten is het verleden een reden uit te stappen, bij de laatsten juist een reden voor steun aan de EU.

De ziel van Europa

Een andere blik is die van een diepere binding. De Britten hebben een lange en dubbele verhouding met Europa gehad. Het eilandgevoel zegt dat we wel orde scheppen indien nodig, maar verder een beetje afstand moeten houden.

Jacques Delors zei ooit:

If… we do not succeed in giving Europe its soul: a spiritual dimension, true significance, then we will have been wasting our time. Europe cannot live by legal argument and economic know-how alone.

Het lijkt een moderne opmerking van de Fransman, die ooit een leidende rol had in Brussel. Maar de vraag is natuurlijk hoe we van de EU een waardengemeenschap kunnen maken, als de regimes in bijvoorbeeld Hongarije, Polen of Roemenië zo afwijken van wat wij politiek gangbaar vinden. Over een toekomst met Le Pen in Frankrijk spreek ik dan maar niet.

De vraag is voorts hoe te transformeren? In Brussel heeft zich een markt regulerende bureaucratie gevormd, die moeilijk valt te sturen, te trimmen, of op te heffen. Dat zal met digitale referenda vragen zeker niet lukken. Maar stel dat we een oordeel van de bevolkingen hebben, die ons een richting wijst naar een beperkte supranationale macht en gedecentraliseerde markten, hoe kom je in een transformatieproces dat in die richting gaat? Kan het Europees Parlement daarin helpen?

Economische ideologie

De gemeenschappelijke markt gaat ons rijk maken, zo geloven we. Maar dat is een geloof vol ideologie: met grootschalige productieprocessen valt meer te verdienen, denken wij. Grote markten maken dat mogelijk. Maar als die voordelen niet binnen te halen zijn, lossen we dat op met tarieven en heffingen.

Een man als Joseph Stiglitz ziet geen theoretische rechtvaardiging voor de gedachte dat markten in principe tot efficiënte resultaten leiden. Hij noemt het een gouden dwangbuis van ons denken, waardoor de globalisering ook niet de verwachtingen beantwoordt. Het is maar een van de hoofstroom gedachten van economen, die de wereld grote schade doen. (Jeff Madrick, “Seven bad Ideas”, New York 2014)

Luyendijk heeft het daarover ook, als hij de “Remain” argumenten onder vuur neemt. De EU is niet alleen maar een markt. “Markets are never neutral arrangements but always political constructs.” Robert Reich heeft in zijn boek Saving Capitalism aangegeven wat de staat allemaal doet om het gedrag van en op de markt te reguleren en te beheersen.

Hier zit veel van het probleem: de EU heeft politiek en economie uit elkaar getrokken, de economie leidend gemaakt en de politieke sturing weggedrukt. Dat is decennia redelijk verborgen gebleven. Maar nu de ongelijkheid blijft groeien en de sociale spanningen door de crisis snel verder zijn toegenomen, gaat het opvallen.

Lotgenoten

Heeft Europa een gezamenlijke lotsbestemming? Op 24 oktober 2011 hield Claude Trichet, toen nog president van de ECB, een verhaal voor de Humboldt Universiteit in Berlijn. De titel: “Tomorrow and the day after tomorrow: a vision for Europe.” Die eindigde zo:

Above all, people will understand the call: that Europe, for us today, is a community with a common destiny. It’s up to us to shape that destiny.

Het is te snappen dat Trichet dat zo zegt, maar veel inhoud heeft het niet. Hij kreeg ook forse kritiek van studenten in zijn gehoor. Want hoe gaan we dat doen? In 2011 had de crisis behoorlijk huisgehouden, was het Griekse probleem al tamelijk manifest en de euro geen simpel probleem.

Mooie ironie wel: dat een Fransman in Berlijn, in gutturaal Engels, een gemeenschappelijke lotsbestemming aanwijst, waar aan gewerkt moet worden. Brugsma schrijft: “Alleen de Duitsers en vooral de Berlijners begrijpen Europa als het hele Europa.” ( W.L. Brugsma, “Lotgenoten”, 1987) Zij zijn bescheidener, voorzichtiger, sceptischer maar vooral verstandiger geworden. Ze marcheren niet naar nieuwe toekomsten, maar schuifelen er met kleine stapjes naar toe. “De wereldwijze Berlijners hebben dat trouwens altijd gedaan.” Je ziet Angela Merkel voor je.

Artikel 50

The Times heeft mooie karakterschetsen over Boris Johnson, die ineens kansloos lijkt voor het opvolgen van Cameron. Misschien is Theresa May niet zo gek idee.

Jack Straw, ooit minister, noemt het bericht op basis van artikel 50 een valstrik. Daarin staat beschreven hoe een EU-lid kan uittreden. In het derde lid staat dat de verdragen zullen stoppen, twee jaar na de formele notificatie van het verlaten van de EU.

Dat betekent dat de blijvende lidstaten alle kaarten in handen hebben. Ze kunnen achterover leunen en hoeven geen voortgang te boeken in de onderhandelingen. Het is logisch en vast zo bedoeld. Maar wie gaat nu artikel 50 activeren? Zal Cameron dat toch doen, of zijn opvolger? Johnson, ongeschikt voor een rol aan de top, snapte dat hij niets moest met artikel 50, want dan tikt de klok.

Ook merkwaardig: “Mark Rutte, the prime minister of the Netherlands and once Mr. Cameron closest ally, was the most damning of all. ‘England has collapsed politically, monetarily, constitutionally and economically.’ (The Times, 30 juni, p.10) Dat is harder en minder genuanceerd dan het bij ons wordt verkocht. Is het overdreven? De economische schok herstelt zich wel wat. Maar dan nog staat er nogal veel. Rutte, most damning of all.

Ik deel een beetje in de verbazing van Varoufakis: mensen die er voor zijn ingehuurd weten toch wat zij doen? Dat is schrikken: het lijkt er niet op.

  1. 1

    Ik vind het artikel van Bolkestein vandaag in de VK wel aardig. Hij is commissaris geweest interne markt, daarin had hij de Britten wel mee. Maar hij vertelde wel dat zijn collega’s grote problemen hadden met de Britten. Dus kon hij wel begrijpen dat die ontzettend blij zijn dat ze eruit willen.

    Aan de andere kant is Bolkestein natuurlijk wel weer voor hervormen, er is geen andere optie meer staat er dan ook met grote letters. Hoe en wat wordt niet uigelegd. Ik denk in de trant van Bolkestein: meer markt, en minder politieke samenweking. En verafschuwd hij de Zuid-Europeanen. Of ze nu links of rechts zijn.

    Want die houden niet van concurrentie, de Fransen al voor Rousseau leefde. En de Duitsers vinden de staat ook nog wel belangrijk. Bij Barosso staat ‘uit Portugal’. Dus dat moet genoeg zeggen.

  2. 2

    @0: De eerste alinea presenteert een schijntegenstelling. Een Brexit kan heel goed slecht uitpakken voor de Britten en goed voor de (rest van de) EU. Dat lijkt mij zelfs een waarschijnlijke uitkomst.

  3. 3

    Er staan wel heel veel opmerkingen in dit stuk die de nodige relativering behoeven.

    Bijv. Grootschalige productie. Dat associeer ik helemaal niet met de EU. De Europese productie is veel kleinschaliger vergeleken met de US. Europa heeft grootschaligheid ook helemaal niet als focus. De focus is vrije toegang tot een gemeenschappelijke markt voor de aangesloten landen. Dat kan leiden tot grootschaliger productie omdat de productnormen in alle landen van die markt identiek zijn, maar grootschaligheid is niet het doel.

    Bijv. het laatste zinnetje: “mensen die er voor zijn ingehuurd weten toch wat zij doen?” – Dat slaat op de actie-voerders voor of tegen in een referendum. Maar die mensen zijn helemaal niet daarvoor ingehuurd. Was Farage daarvoor door de kiezers ingehuurd met UKIP? Die hebben geloof ik een zetel, en dan nog in het Europees Parlement. Waren Roos cs ingehuurd voor het referendum hier?

    IK heb er nog veel meer, maar helaas, verder geen tijd.

  4. 4

    @1: ik heb Bolkestein nog niet gelezen, maar het probleem is nu net dat mensen zich benadeeld voelen door de stagnatie van hun inkomen, de ruimte voor de bankiers, die too big to fail zijn. Dus ik betwijfel of Frits ons nog een route kan wijzen. Misschien voor het transformatieprobleem?
    @2: ik ben het daarmee eens. Ik zet alleen de gangbare opvattingen even naast elkaar; het irrationele lijkt mij dat de Britten zichzelf schade doen, op korte en lange termijn, maar Luyendijk heeft gelijk: zulke lidstaten zijn lastig.
    @3: wij zijn het niet erg eens, geloof ik. Ik heb het idee dat de gemeenschappelijke markt een droom van grootschaligheid is, die grotere rijkdom moet opleveren. Het ideologische geloof in de voordelen van groot staat m.i. voorop.
    Ander verschil komt voort uit formuleringen: mensen die ingehuurd zijn, zie ik als gezagsdragers, Cameron, Tusk, Rutte, Merkel. Zij tonen zich totaal verrast door de populistische overval en hebben geen plan B. Dat vonden Varoufakis en ik verrassend en verontrustend.

  5. 5

    Luyendijk stelt vooral dat de Brexit goed is voor ons (de EU), omdat de Britten de EU jarenlang in gijzeling hielden en iedere poging de bestuursstructuur aan te passen per definitie torpedeerden. Als er geen Brexit was geweest, was dat gewoon door gegaan.

    Het tweede positieve punt (volgens Luyendijk) is dat nu de rechts-populistische partijen binnen Europa met eigen ogen kunnen zien hoe dat verloopt, zo’n exit. Dus dan kunnen ze niet meer net doen alsof dat zo’n zegen is.

  6. 6

    Maar de vraag is natuurlijk hoe we van de EU een waardengemeenschap kunnen maken, als de regimes in bijvoorbeeld Hongarije, Polen of Roemenië zo afwijken van wat wij politiek gangbaar vinden. Over een toekomst met Le Pen in Frankrijk spreek ik dan maar niet.

    Die waardengemeenschap is er feitelijk al. Natuurlijk zijn er landen die daar van afwijken. De landen die je noemt zijn voormalige dictatoriale landen. We dienen hen de kans te geven om een democratisch bestel uit te bouwen.

    Hetzelfde gaat natuurlijk ook voor de voormalige dictaturen Spanje, Portugal en Griekenland op.

    Ondertussen wordt de oorspronkelijke kernlanden bedreigd door FN, PVV, AfD. Kortom de populistische dreiging welke haaks staat op onze waarden.

    In dit kruitvat leven we dus zo’ n beetje. Ik las al ergens dat Slowakije zat te kwaken dat de traditionele lidstaten een toontje lager moeten zingen. Dat moeten we dus niet! (ik zou bijna zeggen, tijd voor een grondwet)

    De gemeenschappelijke markt gaat ons rijk maken, zo geloven we.

    Dat zou niet onze intentie moeten zijn. De gemeenschappelijke markt kan voor welvaart zorgen in achtergebleven gebieden. We dienen eens hardop te zeggen dat Nederland niet rijker gaat worden van de EU. De creatie van een welvarend, vredig en sociale EU zou voorop moeten staan. Het gemeenschappelijk Europees belang! Voor de landen die er voor open staan natuurlijk. Landen die dan niet zien, zoals GB kennelijk, kunnen we beter kwijt dan rijk zijn.

    Beter een goede EU van 10 landen dan een slechte van 27 of 28.

    Ik deel een beetje in de verbazing van Varoufakis: mensen die er voor zijn ingehuurd weten toch wat zij doen? Dat is schrikken: het lijkt er niet op.

    Beetje naïef. Zijn politici goden of zo? Boven ons gestelde? Zolang we stemmen op mensen die mooi praten maar niks doen krijgen we ook mensen die mooi praten en niks (of zomaar wat) doen.

  7. 7

    @4: Ik denk dat je het teveel ideologisch ziet. Er zijn een paar hele praktische redenen waarom een gemeenschappelijke markt voordelen biedt.

    Een mooi voobeeld is Hyves. Hyves bestond voordat Facebook bestond; je zou zelfs kunnen stellen, dat sociale netwerken in Europa zijn uitgevonden (net als uberhaupt het WWW). Echter, de VS is met de eer gaan strijken. En dat is niet zo raar; de markt van Hyves was 17 miljoen Nederlanders, de markt van Facebook 400 miljoen Amerikanen. In het algemeen gesproken maakt een grote markt het makkelijker om een wereldstandaard neer te zetten. Dat zie je nu gebeuren: een heleboel Europese innovaties met commercieel potentieel eindigen in handen van Amerikaanse bedrijven.

    Een ander voorbeeld zijn handelsconflicten. Ik kan me Henk Bleker herinneren, die bij een praatprogramma zat op te scheppen over zijn bezoek aan Rusland. Die hadden toen weer eens wat agrarische producten geboycot, maar hij zou daar als Echte Nederlander wel even naartoe en dat regelen. Behalve wat wodkaverhalen hoorde je er niets meer van. Toen er een EU vertegenwoordiger op bezoek ging, was die boycot echter snel verdwenen. Als je 500 miljoen klanten vertegenwoordigd, dan heb je meer te zeggen dan als je 17 miljoen klanten vertegenwoordigd.

    Grootschaligheid is niet zozeer het doel, het is meer een middel. Door grootschaligheid op bepaalde terreinen kan je jezelf onafhankelijk houden.

    Dat staat eigenlijk los van een echte markt ideologie. Ook als je vind dat markten in principe niet tot efficiente resultaten leiden, dan heb je nog steeds deze voordelen. Je kan, mijns insziens, prima pleiten voor een gemeenschappelijke markt, die niettemin streng gereguleerd is. Dat is in ieder geval wat Luyendijk doet.

  8. 8

    @6: Er is een verschil tussen de uitkomst niet kennen en gewoon niet weten waar je aan begint. Dat verschil leren kennen, dat is waarom bij Duitse politici een doctoraat behalen altijd nog een grote eer is.

  9. 9

    @5: Het tweede positieve punt (volgens Luyendijk) is dat nu de rechts-populistische partijen binnen Europa met eigen ogen kunnen zien hoe dat verloopt, zo’n exit. Dus dan kunnen ze niet meer net doen alsof dat zo’n zegen is.

    Als de sociale media een indicatie zijn voor die rechts-populistische stemmers, dan is men nog niet terugkomen van het exit-idee. Het idee ‘ja, het doet even pijn, maar straks wordt alles beter’ is veel gehoord.

  10. 10

    Logisch dat Luyendijk nog weinig gezelschap heeft. Zijn argumenten zijn net zo vergezocht als die van het brexit-kamp. Er zijn hier geen winnaars. Er zouden ongeacht de uitslag van het referendum überhaupt geen winnaars zijn. De helft van de UK krijgt nu immers niet wat hij wil. En Europa blijft wat het is: een halfslachtige overhaaste nepdemocratie voor multinationals die op geen enkele manier bezig is of ook maar de handvatten heeft om de extreme concentratie van rijkdom en toenemende ongelijkheid die deels een direct gevolg van die vrije markt zijn de kop in te drukken, laat staan op de lange termijn op te lossen.

    Het voornaamste wat Europa ons brengt is economische voorspoed. Maar alleen als je op de goeie plek woont, aandelen in een multinational hebt en/of op de een of andere manier profiteert van het interen op de schatkist. Anders brengt Europa u vooral Meer Mensen Die Rijkerder Zijn Dan U.

  11. 11

    Allen, het probleem lijkt mij te schuilen in het denken over de markt en de voordelen van groot.
    Natuurlijk heeft groot voordelen: vraag het bij Apple, Facebook en Google maar even na.
    Maar het punt zit in de regulering van de markt: waarom zijn bij genoemde bedrijven zulke machtsconcentraties ontstaan? Het was toch de V.S. waar zulke mooie anti-kartèl regels waren? Toch moest onze eigen Neelie Microsoft in de EU tot de orde roepen.
    Kortom@7, ik geloof niet dat ik het te ideologisch zie. Ik was ooit in de V.S. om systemen voor smart houses te bekijken; voor een naïeve provinciaal een hele ontdekking om te merken dat het niet om comfortabeler wonen ging, maar om standaarden te bepalen voor alle consumentengoederen die je in het wonen nodig hebt. De verdeling van die standaarden ging tussen een Amerikaanse producent, Philips in Europa en Sony in het verre oosten. Dus de smarthouse norm was eigenlijk de verdeling van een wereldconsumentenmarkt.
    De bedrijven Apple en Google zijn ook wereldstandaarden aan het vastleggen. Dat is winstgevend.
    Maar moet het ook en wat zijn de kwade kanten aan dit soort monopolies?
    Wij trekken het economische en politieke denken uit elkaar, terwijl de markt natuurlijk een politieke constructie bij uitstek is. Wat verkocht mag worden, hoe het verkocht wordt, welke regels gelden, het wordt allemaal bepaald door de politieke baas van die markt. Daarom is er in de EU bevoegd gezag en onafhankelijk rechtspraak nodig.
    Natuurlijk ben ik op veel punten een domoor: maar de Brexit stond drie jaar geleden op de agenda. Dus ik verwacht dat bestuurders en ambtelijke organisaties hun werk doen en denken over de eventualiteiten. Dat ze dat niet gedaan hebben, vind ik verbluffend.
    Het voorbeeld van artikel 50 vind ik fantastisch: Cameron wil wel zaken doen, maar heeft geen haast en artikel 50 is voor zijn opvolger, een ex-minister schrijft in een ingezonden brief in The Times dat lid 3 een valstrik is, omdat de blijvende lidstaten niets hoeven en de vertrekker binnen twee jaar alles moet regelen.
    Dat had drie jaar kunnen worden bedacht.
    Om over het koningsdrama en het mes in de rug van Boris Johnson maar te zwijgen.

  12. 12

    “de verbazing over een irrationele brexit is nog niet verdwenen”

    Ten eerste is de toevoeging “irrationele” een directe belediging aan het adres van al die mensen die gestemd hebben wat jij liever niet wilde horen. Lekker makkelijk wegzetten als irrationeel. Ten tweede is de “verbazing” een getuigenis van geestelijke armoede; het idee dat stemmers anders kunnen denken dan jij, hoe durfen ze? Had je daadwerkelijk niet genoeg denkcapciteit om te kunnen bedenken dat het anders zou aflopen dan jij had gewild of gedacht?

    De situatie beschouwd: er is een referendum geweest en de uitslag is bekend. Meneer Cameron heeft nog niet de juiste papieren ondertekend en ingestuurd om de unie te verlaten. Sterker nog, hij heeft hardop gezegd dat daar een andere “leider”/”acteur” voor nodig is. Tegelijkertijd is drankorgel Juncker alvast bezig om bedreigingen te uiten en partijen tegen elkaar op te zetten. Mevrouw merkel en meneer hollande proberen ondertussen om het idee van een europese superstaat (naar voorbeeld van adolf) zo snel mogelijk te realiseren.

    Het getuigt van goed fatsoen om buitenlandse aangelegenheden te laten zijn voor wat ze zijn; buitenlandse aangelegenheden. Je hebt er verder niets mee te maken. Over dingen waar je wel wat mee te maken hebt: kijk nog eens naar dat “oekraine referendum” en de reactie van rutte c.s.. Of kijk nog eens naar dat andere referendum aangaande het verdrag van Lissabon.

  13. 13

    Als rutten zich iets van het referendum over oekrainië had aangetrokken ,dan was de kans op een brexit kleiner geweest .Ik denk dat de EU nu moet veranderen , ze hebben eigenlijk geen andere keus .

  14. 14

    Meneer luyenduk heeft helemaal voor 1000 procent gelijk in alles wat hij in zijn boeken en als journalist verkondigd .Ik heb respect voor zijn objectieve inzicht en als hij iets ergens plaatst dan leest ik meteen .

  15. 16

    @12: Het getuigt van goed fatsoen om buitenlandse aangelegenheden te laten zijn voor wat ze zijn; buitenlandse aangelegenheden. Je hebt er verder niets mee te maken.

    Is dit serieus bedoeld?

  16. 17

    @11 Leuke zin:

    ” Daarom is er in de EU bevoegd gezag en onafhankelijke rechtspraak nodig.”

    Laat ik nu toch een jaar of 8, 9 lang hebben gedacht dat … ALTIJD AL … de grondlagen … EU … waren of moesten hebben wezen wezen.

  17. 18

    @11: Volgens mij zie je het wel ideologisch, want je beschouwt de gemeenschappelijke markt niet als een middel tot welvaart, maar als een abstract doel. Een positie, waarin mensen de markt vooral als praktisch instrument zien, lijkt in jouw visie niet mogelijk te zijn. Misschien begrijp ik je helemaal verkeerd, maar het lijkt wel, alsof pro-EU bij jouw gelijk is aan neo-liberaal. Iets dat ik vaker zie, trouwens.

    Het huidige peil van de technologie vereist nu eenmaal, dat we met standaarden werken. Het is handig, dat er 220V/50Hz uit elk stopcontact komt, want dan kan je voor iedereen apparaten gaan maken. Als elk stopcontact een ander voltage levert, dan zul je nooit een electronica-industrie van de grond krijgen. Voor apparatuur voor smarthouses geldt hetzelfde; dat soort apparatuur is alleen zinvol als het kan interacteren met andere apparaten. Je moet met je telefoon je thermostaat kunnen bedienen, dat soort zaken. Voordat je uberhaupt nieuwe producten kunt ontwikkelen, moet je dus eigenlijk al een standaard hebben. Wat jij hebt ervaren is het prille begin van een nieuwe industrietak. Een tak die zijn beloftes mijns insziens niet waar gaat maken, maar dat is een ander verhaal. In ieder geval, het lijkt me ongewenst dat onze standaarden bepaald worden door private bedrijven in buitenlandse handen.

    Er is in de EU al bevoegd gezag en onafhankelijke rechtsspraak. Het is allemaal niet perfect, maar het is er wel degelijk, en het kan ook gebruikt worden om markten streng te reguleren. De gemeenschappelijke markt is inderdaad, zoals je zegt, een politiek construct. Dat betekent ook, dat je hem via de politiek kunt beinvloeden. Waarom zou je die invloed niet gebruiken om de EU minder neo-liberaal te maken ?

  18. 19

    @4: een referendum omzeilt de parlementaire democratie met zijn hele systeem van “checks and balances”. Inderdaad zijn in de parlementaire democratie de vertegenwoordigers gekozen om een plan B te hebben, maar deze “verkiezing” van een Brexit heeft zich volledig buiten het stelsel geplaatst. Niets was afgesproken, over minimaal aantal stemmen, over meerderheid plus 1, of 2/3, geen plannen waren bekend, dus de Brexit van Farage en de Brexit van BoJo werden op één hoop gegooid, etc. Om een koersverandering die ingrijpender is dan een grondwetswijziging op deze manier door te drukken is volstrekt onverantwoord. Het einde van de parlementaire democratie dreigt. Of zoals vandaag in de Financial Times staat: het nazisme loert hier om de hoek. https://next.ft.com/content/7877a0a6-3e11-11e6-9f2c-36b487ebd80a

    Je schrijft: “Ik heb het idee dat de gemeenschappelijke markt een droom van grootschaligheid is, die grotere rijkdom moet opleveren.” Dan heb je het op twee vlakken mis. Die grootschaligheid is niet de droom, maar een gevolg van de globalisering waarin vooral het Amerikaanse model dominant is geworden (de share holders value vraagt immers om meer, meer, groter, groter). Het neo-liberalisme dat in de jaren ’80 bijna alle Europese landen in zijn greep kreeg heeft het neo-liberalisme van de EU gevormd, niet andersom. Niet de EU heeft de electriciteitsmarkt geliberaliseerd, dat heeft Nederland zelf gedaan. Etc. Etc.

    Maar niettemin, de EU heeft grotere rijkdom opgeleverd in de lidstaten. Ruim 60% van de Nederlandse export is binnen de EU zonder enige export-restricties. Als het in het land van oorsprong mag worden geleverd, dan ook in de rest van de EU. Iedereen is geneigd op termijn dit soort voordelen te vergeten, en een beetje lacherig te gaan doen als iemand even probeert voor te rekenen wat het verschil zou zijn. Maar deze Brexit, als hij doorgaat, zal één ding aantonen: dat het VK zich daarmee in een diepe economische crisis heeft gestort.

    PS ook ik ben van mening dat de EU een stapje terug zou moeten doen, maar ik vind ook dat het waanzin is om dan ook maar alle voordelen weg te gooien.

  19. 20

    @18: [ Het is handig, dat er 220V/50Hz uit elk stopcontact komt, ]

    Het is nog veel handiger dat er sinds 2004 al 230 volt uit europese stopcontacten komt en niet zoals voorheen 220 op het continent en 240 in de UK.

  20. 22

    @19: ons probleem zit een beetje in de formuleringen, maar ik betwijfel of we het echt oneens zijn.
    Ik zie ook niks in referenda, niet omdat ik het volk niet vertrouw, maar omdat de combinatie van directe en representatieve democratie een probleem is.
    Iets dergelijks zie ik ook met de droom van grootschaligheid en het geloof dat het ons rijk maakt. Ik heb niet zo’n oordeel over de vraag waar dat vandaan komt. Natuurlijk, we zijn een kolonie van de V.S., dus de globalisering als geloof is import.
    Maar kijk naar de dominantie van het koopmansdenken: onze autoriteiten zien maar een ding meer, dat is het geld, onze handelsbelangen. De dominee is verdwenen.
    Zij maken zich het marktgerichte taaltje eigen en verklaren zich gelovig in het heil dat de gemeenschappelijke markt ons gaat brengen. Kijk de groeiscenario’s die het CPB hanteerde in de jaren negentig er nog maar eens op na. Daar zie je een ideologisch geladen geloof in de gemeenschappelijke markt.
    Zo komen we ook aan de euro, denk ik.
    Met je conclusie stem ik in: een beetje minder EU en gemeenschappelijke markt moet kunnen, zonder de grote voordelen weg te gooien. Dat is mijn onrust: heeft de EU de kracht om zich zelf te transformeren, tot een samenwerking waarin die tsunami van onvrede effectief wordt beteugeld?

  21. 23

    We zijn het niet echt oneens, maar ik denk dat ik wat gedetailleerder naar de achterliggende concepten kijk. Dat een gemeenschappelijke markt allemaal voordelen biedt is geen ideologisch geloof, maar vooral een praktische instelling. Natuurlijk, er zin veel mensen die geloven in een gemeenschappelijke markt, en die sowieso geloven in de heilzaamheid van marktwerking, maar dat zijn twee verschillende dingen. Kijk maar naar Boris Johnson en consorten, wat dat betreft; zeer fanatiek aanhangers van de Vrije Markt, maar wel tegenstander van de gemeenschappelijke markt. Omgekeerd heb je mensen als Varoufakis, die zeker niet geloven in marktwerking, maar wel degelijk in een gemeenschappelijke markt.

    De CPB modellen blinken inderdaad niet uit in voorspellend vermogen, maar dat ligt volgens mij aan het type model dat gebruikt wordt. Ik weet niet in hoeverre schaalvoordelen in dat model een rol spelen.

    Zoals de EU nu is, zie ik haar nog niet zo snel veranderen. Aan de andere kant, de regeringsleiders hebben overdreven veel invloed. Die regeringsleiders zijn nu overwegend neo-liberaal, zeg maar. Maar er komen een hoop verkiezingen aan; als de regeringen veranderen, dan kunnen de standpunten ook opschuiven, zonder dat daarvoor de verdragen opengebroken hoeven te worden. Het zwarte scenario is natuurlijk Le Pen in Frankrijk en de Afd in Duitsland aan de macht, dan is het einde oefening voor de EU. Maar als je een paar redelijk progressieve regeringen krijgt die wat goede veranderingen willen doorvoeren, dan is er ook heel veel mogelijk. Het is alleen de vraag wie dat soort regeringen zouden moeten vormen, want heel veel kandidaten zie ik niet.

  22. 24

    @23: misschien is het probleem mijn opleiding als politicoloog. Maar ik zie het denken over de markt als ideologie. Je kunt dat een praktische instelling noemen, dat deel ik ook nog, maar dan in de zin dat het vooral zinnig is verhoudingen tussen mensen te laten gebeuren zonder interventie.
    Maar kijk nu eens echt goed. Ik ben als eerste jaars geconfronteerd met Leon Walras en het spinnewebtheorema: de beweging rond het snijpunt van de vraag en aanbodcurves. Een nederlandse econoom zou later beweren dat wij die curves op onze brillenglazen geëtst hebben, zodat we alleen de wereld nog als vraag en aanbod beschouwen.
    Ook de “invisible hand” komt dan voorbij. Maar bij Adam Smith was dat helemaal geen centraal begrip in zijn denken.
    Nog meer: de Bijlmermeer kreeg woningen van hoge kwaliteit, want die konden de “merendeels valide arbeiders” die daar zouden gaan wonen wel betalen, gezien de verwachtingen over de stijgende welvaart door de Europese integratie. Zo stond het in de stukken.
    En het CPB: die scenario’s hadden Europa als centraal element in de groeiverwachtingen.
    Dat zijn de dingen waarom ik zeg dat het ideologie is, geloof over hoe de wereld werkt: lees Jeff Madrick er maar eens over.
    Over de capaciteit van de EU om zich te transformeren ben ik somber. Dat delen wij zeer.

  23. 25

    @24: Ik denk, dat je het concept marktideologie veel te breed ziet. Natuurlijk zijn er mensen die alle heil van de markt verwachten, maar dan heb je het over libertariers en economen van de Oostenrijkse school; die zien de markt inderdaad het liefst compleet gevrijwaard van intenventie. Maar als je naar, bijvoorbeeld, de sociaal-democraten kijkt, dan zie je al een heel ander marktgeloof; zij vinden, dat er juist forse interventies nodig zijn om marktfalen te corrigeren.

    Er zijn tegenwoordig niet veel stromingen meer die marktwerking resoluut afwijzen; ik ken er in ieder geval niet zoveel. Een opdeling in pro- en anti-markt doet mijns insziens geen recht aan de huidige, politieke realiteit. Ik zie het meer als een continuum; de partijen verschillen vooral in de mate van marktinterventie die wenselijk wordt geacht.
    Maar misschien is dat wel juist wat jij bedoelt: vrijwel iedereen gaat er van uit, dat markten in ieder geval af en toe tot goede dingen kunnen leiden. Echter, dat is mijns insziens geen ideologische positie, maar een empirische. Ik denk niet, dat je kunt ontkennen dat een markt soms best een goed idee is. Als dat marktfundamentalisme is, dan is iedereen een marktfundamentalist.

    Dit staat los van de neoklassieke aannames en modellen die in de macro-economie worden gebruikt. Er zijn wel degelijk wetenschappelijke argumenten te geven waarom marktwerking wel tot de beste uitkomsten zou moeten leiden. Je kan die argumenten niet zomaar wegzetten als “ideologie”; we hebben het hier over wetenschap, je zult dus met echte tegenargumenten moeten. Die zijn er ook ruim voldoende, trouwens. Sterker nog, als je een beetje rondkijkt in de economische wetenschap, dan kom je het echte marktfundamentalisme alleen bij de macro-economen tegen. Macro-economie is slechts een klein onderdeel van de economische wetenschap. Als je gaat kijken naar gebieden als gedragseconomie, institutionele economie, experimentele economie, en ontwikkelingseconomie, dan zul je daar echt geen enkel marktfundamentalisme tegenkomen. Integendeel zelfs; deze gebieden komen met steeds meer aanwijzingen voor de fundamentele tekortkomingen van marktfundamentalisme. De desbetreffende onderzoekers zul je zeker niet kunnen betrappen op het aanhangen van een marktideologie …

    Wat ik me trouwens ook bedenk, is dat er nog een hele andere goede reden is voor Europese integratie, namelijk dat waar het ooit mee begonnen was: het garanderen van vrede. Eigenlijk is het echte marktdenken pas bij het verdrag van Maastricht echt verankerd in de Europese Unie. Kijk ook maar eens naar de mensen als Sicco Mansholt; die kan je met de beste wil van de wereld toch niet van marktdenken beschuldigen. Maar goed, dan gaan we een heel ander ideologisch pad bewandelen …