Over die overvolle klassen

OPINIE - Onderwijsvakbonden voeren al een poosje actie tegen de overvolle klassen. De staatssecretaris vind dat de bonden overdrijven en staat dus recht tegenover hen. De discussie is echter niet consequent, vindt Hartger Wassink.

Wat me dwarszit aan de discussie over overvolle klassen, is niet dat ik vind dat klassen nog wel voller kunnen. Integendeel, ik zie en hoor ook dagelijks wat de nadelen en excessen zijn van te veel kinderen in een te kleine ruimte. Ik gun leraren ook de 24 kubieke meter die mij op de HU als gedeelde werkplek is toebemeten en die ik slechts met een of enkele gesprekspartners hoef te delen.

Waar het me om gaat, is dat ik de discussie niet consequent vind. Aan de ene kant willen leraren geen inmenging van de overheid in hun vak. Aan de andere kant wel, zodra het hun beter lijkt uit te komen. Zo blijven we ‘oud denken’ en komen we niet verder. Volgens mij worden er twee vragen door elkaar gehaald:

  • Wat is goed onderwijs?
  • Hoe verbeteren we de werkomstandigheden van leraren?

Beide zijn essentiële, belangrijke vragen, maar we moeten ze niet door elkaar halen. Een deel van de ‘volle klassen’-discussie gaat over werkdruk. Er is veel onderzoek dat laat zien, dat werkdruk bestaat uit twee componenten: de daadwerkelijke werklast én de mogelijkheden om daar mee om te gaan. Hoe minder ‘regelmogelijkheden’ en hoe minder steun leraren (en anderen) ervaren, hoe zwaarder de feitelijke werklast op hun schouders drukt. Leraren zouden dus niet om meer regels moeten vragen, want dat beperkt hun regelmogelijkheden nog verder.

Wat ze in mijn ogen beter kunnen doen, is de eerste vraag aan de orde stellen. Met elkaar, met hun leidinggevenden, met leerlingen en hun ouders. Welk onderwijs willen we met elkaar, en wat zou dat op moeten leveren? Een gebrek aan antwoord op die laatste vraag, werd onlangs door de Onderwijsraad als belangrijkste risico voor het Nederlandse onderwijs aangemerkt.

Het lijkt een open deur: wat vinden we goed onderwijs? Maar in mijn ervaring, zodra je erover gaat praten, blijkt er heel veel aan te zijn, waar we het al heel lang niet meer over hebben met elkaar. Als je dat gesprek aangaat, blijkt dat er heel veel variëteit mogelijk is in wat we goed onderwijs vinden en hoe je dat kunt vormgeven. Van een klassiek gymnasium tot gepersonaliseerd leren.

Kortom: er is niet één beste manier om ‘onderwijs te doen’. Waar we naartoe moeten, is het creëren van ruimte om iedere school, ieder samenwerkingscollectief van leraren, leerlingen en ouders, hun eigen vormen te laten kiezen. Daarvoor moet je met elkaar in gesprek gaan, en niet de staatssecretaris om een regeling tegen overvolle klassen vragen. Dat leidt alleen maar af van waar het werkelijk over gaat.

  1. 1

    Dat zijn weer een boel mooie abstracte termen. Alleen is duidelijk dat de onderwijsmanagers de verantwoordelijkheid niet aankunnen en de vrijheid van de lumpsumfinanciering niet inzetten om de klassen te verkleinen. (En toen er bezuinigd moest worden gebeurde dat eerst op het onderwijsgevend personeel en pas daarna en minder op directie en management.)

    Dus dan maar weer terug naar gewoon goede randvoorwaarden.

  2. 2

    School is voor mij persoonlijk een plek om iets te leren van leraren/leraressen die niet alleen iets over willen maar vooral ook KUNNEN brengen! De enige leraren/leraressen die indruk op mij hebben gemaakt dat waren de leraren/leraressen die het voor elkaar kregen geen enkele leerling de klas uit te sturen tijdens een schooljaar. In 3 HAVO zat ik in een beruchte klas, niet vervelend maar vooral gezellig op onze manier dan. De geschiedenisleraar die we dat jaar hadden was een superkerel. Hij wist het vak zo te brengen dat zelfs de grootste geschiedenishaters het vak leuk vonden. Echt een fantastische leraar met een natuurlijk overwicht zoals ik zelden heb gezien. 8 jaar later op de HBO-B avondschool kwam ik weer zo iemand tegen. Ik vond chemie echt een verschrikkelijk vak, vooral dat gedoe met die orbitalen, hou op schei uit zeg! En toch wist deze leraar het zo te brengen dat ik het vak leuk begon te vinden. Drie avonden in de week naar school van 19.00u-22.30u nà werk is loodzwaar, dus om dat vol te houden zijn gemotiveerde leraren/leraressen erg belangrijk. Van veel leraren/leraressen vraag ik me af hoe ze het in hun botte hoofd gehaald hebben om leerlingen lastig te vallen, ze missen iedere vorm van didactiek of sociale omgang. Kunnen ze daar niet eens wat beter op screenen???

  3. 3

    Het probleem is dat vanuit een bepaalde ideologie alles een ‘bedrijf’ moet zijn, want alleen vanuit bedrijven komt het goede.
    Nu is een school natuurlijk geen bedrijf, dus heeft men gedacht: bedrijven hebben managers, als we van scholen bedrijven willen maken moeten we er gewoon managers neerzetten. Ook al is het verder nergens voor nodig.
    Begrijp me goed, ik heb helemaal niets tegen managers, maar ze horen thuis in bedrijven en niet op scholen. Wat goed onderwijs is kunnen leraren, leerlingen en ouders zelf wel bepalen.

  4. 4

    @1 / @3 nog steeds niet overtuigd van het feit dat managers in het onderwijs per definitie en altijd fout zijn, eens wat verder gaan spitten. (En me natuurlijk bewust van het feit dat er veel slechte managers zijn). De reden is dat mijn ervaring is dat bij een grote organisatie, zoals scholen tegenwoordig zijn, er taken liggen die moeilijk passen bij vakmensen. Zelfs kleine dorpscholen hadden vroeger een schooldirecteur (manager?) die deels managementtaken en deels onderwijstaken had.

    Ik kwam het volgende promotieonderzoek tegen:
    http://dspace.library.uu.nl/bitstream/handle/1874/218590/Loyale_leiders.pdf?sequence=4

    De handzame samenvatting: http://www.poraad.nl/sites/www.poraad.nl/files/book/bestand/podium_jr1_nr4_onderwijsmanagerzeerbetrokken.pdf

    Promotoren:
    http://www.groene.nl/artikel/mirko-noordegraaf
    http://scholar.google.nl/citations?user=yt6i3iwAAAAJ&hl=nl

    Overigens denk ik dat schaalvergroting in onderwijs (en diverse andere branches) schadelijk is. Maar ik redeneer vanuit de situatie zoals die nu is: scholen zijn megagroot en de kleintjes moeten langzaam aan sluiten ( en dus @qwerty en @inca kom ik toch weer terug bij een verkeerde rol van de beleidsbepalers).

    Wat betreft de te grote klassen: ik ben het eens met de schrijver van dit artikel dat het vreemd is enerzijds om minder invloed van de overheid te vragen en anderzijds een afgedwongen vorm voor klasgrootte te vragen. De vraag zou moeten zijn: geef voldoende financiering, en geef geen extra taken aan de school zodat klassen van een acceptabele grootte mogelijk en haalbaar zijn.
    De minister vanochtend op radio 1 gaf aan dat het budget voor scholen sinds 1994 per leerling gestegen zijn en dat scholen zelf keuzen moeten maken over besteding. Wat ze verzuimde toe te voegen was dat door toegenomen administratieve lasten, leerlingvolgsystemen, toetsen en nog meer toetsen, passend onderwijs (2014) en andere maatregelen de taken bovenop de les fors toegenomen zijn.
    Dergelijke maatregelen kan je proberen ‘af te managen’ tot je eens ons weegt, maar met de lobby van ICT leveranciers en foute toetsbedrijven (http://www.didactiefonline.nl/component/content/article/11679-van-arnhem-tot-de-bahamas-powered-by-cito.html) , besluit de minister rechtsaf of linksaf en moet je dus volgen. Eigenwijze scholen (zoals Iederwijs of de vrije school) worden door de inspectie afgestraft, mede, maar niet alleen, om de onderwijskwaliteit.

    Vragen om een maximum aan klasgrootte is een schijngevecht. De vraag moet zijn ruimte voor kleinschaligheid, voldoende financiering en autonomie.

    Het onderwijs lijkt wel erg op de zorg trouwens, waar de budgetten nu wel aan het krimpen zijn. Nog even en ze zitten daar alleen nog te administreren ;)

  5. 5

    @4: “Zelfs kleine dorpscholen hadden vroeger een schooldirecteur (manager?) die deels managementtaken en deels onderwijstaken had”

    Dat is het hem juist, zo’n schooldirecteur of hoofdmeester kwam uit het onderwijs zelf. Een school moet je niet laten managen door iemand die goed kan ‘managen’, maar door iemand die echt ervaring heeft met onderwijs. Net zoals er nu bij voetbalclubs de tendens is om oud voetballers aan te stellen in het management. Is ook nog een leuke doorgroeimogelijkheid voor leraren.

  6. 6

    @4, een beetje management (toen werd het gewoon administratie en directie genoemd) is natuurlijk wel nuttig.

    Maar toen ik op de basisschool zat stond de directeur 4 dagen per week voor de klas. Nu heb je een basisschool van hetzelfde formaat 2 fulltime directieleden. In essentie is het onderwijs niet veranderd, er staat nog steeds een leerkracht voor 30 kinderen. De taken die erbij gekomen zijn, zijn allemaal niet echt heel erg essentieel voor het onderwijs: het gaat om de steeds ingewikkeldere berekeningen over leerlingen, over lumpsumfinanciering, en over een heleboel waarvan ik werkelijk nog steeds niet weet wat er nou gebeurt. (Het extra werk voor lgb-leerlingen kan het in elk geval niet zijn, want dat komt grotendeels neer op de leerkracht, met alle handelingsplannen van dien.)

    Dat wordt als je hoger in het onderwijs komt niet beter. Bij het voortgezet onderwijs bv, had mijn school 3 conrectoren die alledrie ook voor de klas stonden en 1 directeur. Nu zijn scholen van dat formaat opgegaan in bovenschoolse organisaties, die per afdeling 3 conrectoren hebben en 1 directeur, maar die conrectoren en directeur zijn meestal niet meer op school te vinden en er bevindt zich een gehele administratieve laag met diverse schaal-hoog-directeuren nog boven.

    Het onderwijs is ook daar in essentie niet zo ontzettend veel veranderd om een zo gigantische extra overhead te rechtvaardigen. Bovendien schieten er zelfs bij deze overhead kerntaken bij in: het begeleiden van nieuwe docenten of docenten met problemen, het afhandelen van straffen van leerlingen etc.
    We hebben daar ergens een gigantische afslag gemist en het is hoog tijd om dat te herstellen.

    En verder is er enige tijd geleden een onderzoek gedaan hoe scholen omgingen met het korten van middelen. Daaruit bleek dat dit voornamelijk op het personeel werd gekort, maar niet op de managementlaag. En dan ben je toch je kerntaak wat uit het oog verloren.

  7. 7

    @inca

    En dan ben je toch je kerntaak wat uit het oog verloren.

    Zonder meer. Eneen bekend patroon: onder gewone medewerkers vallen ontslagen, directie acht zichzelf onmisbaar. Middel management acht zichzelf ook onmisbaar, en dat zijn ze ook tot het moment dat de ontslagen gerealiseerd zijn. Dan mogen ze onverwachts (hoe naïef) het veld ruimen.

    (Ik kom trouwens nog terug op je post onder scholen en brand, maar wil er even over nadenken)

  8. 8

    het ophouden met opdringen van verouderde taken aan scholieren…..
    er is genoeg interesse in programeren…alleen geen adequaat onderwijs…nee leer ze liever
    archaische dingen zoals frans en latijn….dikke pret…en zeker (soms) zeer nuttig.
    reken die IT mensen daar ook nog ff op af.
    (ze hebben geen taalinteresse, en scoren dus slecht)
    op iedere school zijn 10 leraren archaïsche taal, tegenover 1 leraar moderne dingen

  9. 9

    @8: net zoals er vroegah op iedere school een leraar frans/duits/latijn/nederlands was zou onderhand een speciale leraar itc moeten zijn, maar zoals je hiervoor al ziet 4 talen vier talen->vervangen een vak.

    uiteindelijk…het meest belangrijke vak ter wereld heet momenteel informatica, en wordt afgedaan met 1-2lesuren per week terwijl niet nuttige zaken, zoals duits en frans, diezelfde tijd vragen. Is dat goed?
    VWO leerlingen met een 10 in informatica /natuurkunde en een 2 in duits worden momenteel gedegradeerd naar HAVO/vmbo!!!!!!!

    Dat klopt toch niet… onze samenleving zit te wachten op itc-mensen….maar bestraft elk iniatief in de vooropleiding

  10. 10

    Waar we naartoe moeten, is het creëren van ruimte om iedere school, ieder samenwerkingscollectief van leraren, leerlingen en ouders, hun eigen vormen te laten kiezen.

    Geen zin zegt meer dan deze.
    De totale chaos van het onderwijs in deze toekomstwens/visie.

    Echt, gestoorder kunnen we het niet maken.
    Leuker ook niet.

    Ik geef het op.
    Ik weet niet wat meneer Wassink doet, maar iets zegt me dat hij op het ministerie werkt of teveel ridderromannetjes leest.

  11. 11

    @6: Inca je bent als een bloemblad, dat alles verschuild.
    De waarheid is dat er nu 2 x zoveel mensen nodig zijn voor diezelfde taken……..enne de liefde van de juf ontbreekt .door geldzorgen…
    tja jammer en helaas, en door regelgeving weinig aan te doen!
    (uiteindelijk natuurlijk een niet te betalen toestand…maar dat komt dan uiteindelijk wel)

  12. 12

    @10:
    collectief is inderdaad wel 80’s
    onderhand hebben we een manager en iemand die (wel werkt)…..
    2x zo duur….maar het is wel wat waard?
    tja die manager kost bij ontslag 3.000.000.
    de uitvoerder krijgt 1.000
    collectief? was het woord toch?

  13. 13

    @10: Het zegt misschien ook wel veel dat je zo uitflipt over die zin.
    Wat is je probleem ermee?
    Dat een school een samenwerkingscollectief is van leraren, leerlingen en ouders (eventueel aangevuld met managers) daar lijkt me alvast weinig op af te dingen.
    En waarom zouden ze niet hun eigen vorm kiezen? zolang ze de leerdoelen maar halen.