Den Norske Dråpen

Het is zomerreces op Sargasso, wat dat precies inhoudt weten we zelf ook niet. Maar soms wordt het van bloggers- danwel reaguurderskant opeens erg rustig. Om het handjevol harde doorwerkers dat dwangmatig deze site zit te F5-en toch nog op enigerlei wijze te bevredigen treft u hiernaast een fraai zoekplaatje aan. De poster voor het Noorse paviljoen op de wereldtentoonstelling in Sevilla (1992). Een bespreking van Den Norske Dråpen vindt u op het altijd lezenswaardige Strange Maps waarop u ook een wereldkaart met alle totale zonsverduisteringen voor de periode 2001-2025 aantreft, handig voor het plannen van uw vakantie.

  1. 3

    @Bismarck,

    Ik heb hem al uit.

    De Harry Potter-boeken zijn de enige fictie-boeken waar ik met mijn collega’s over kan praten. Ze lezen of nooit fictie of ze lezen alleen Harry Potter. Coetzee, Rosenboom of Japin zegt ze helemaal niets.

    Harry Potter kan ik in de trein lezen van en naar mijn werk.

  2. 6

    @Peter, doet me denken aan “The Well to hell’ (stond al iets eerder hier maar toen was jij nog niet ter plekke):

    repeat:

    4.5.2 De mantel

    De dikke laag tussen de kern en de dunne korst kunnen we niet met onze blote ogen of instrumenten bekijken, te diep en te heet. Wel zijn er hier en daar plekjes waar toch al aardig diep een kijkje genomen kan worden. In de natuurlijke grotten en gangen in de Kaukasus kan je tot 2 km onder het aardoppervlak afdalen. Het is daar wel altijd onaangenaam warm omdat bij elke kilometer de diepte de temperatuur 15 graden Celsius stijgt. Nog dieper en bijna onmogelijk om daar nog te werken zijn de diepste mijnschachten in Zuid Afrika. Op een diepte van drie kilometer wordt er in ondraaglijke hitte naar Goud gezocht en gevonden.
    Er zijn ook gaten geboord zonder commerciele doeleinden maar puur om nu eens te zien hoe de korst er in doorsnee uitziet. De beste poging was “The well to hell”, een Russische onderneming in Kola vlakbij de Noorse grens. Van 1970 tot 1994 is daar onafgebroken geboord en heeft men een diepte van 12 km kunnen bereiken. De techniek van boren was heel bijzonder, alleen het boorkopje bewoog in plaats van de hele boorschacht te laten draaien. De stille boorkop rust nu in bijna drie miljard jaar oud en 200 graden Celsius heet gesteente.
    Midden 1989 begon de boor onverwacht heel snel te draaien alsof een holle ruimte werd aangeboord op ongeveer 8 km diepte, de weerstand viel weg. De boor werd stilgezet en instrumenten waaronder een gevoelige microfoon werden met lange kabels naar de bewuste plek gebracht. Het geluid wat de microfoon registreerde werd boven in de boortoren gehoord. De boorders, geharde maar eenvoudige lokalen, dachten een klaagzang te horen uit duizenden menselijke kelen, ‘de aarde was hol en daar bevond zich de hell’ en velen namen de benen om nooit meer terug te keren. Er was niet veel veranderd sinds de gedachte dat een schip van de platte Aarde af kon vallen.
    Een opname van de geluiden werd in Amerika uitgezonden en beluisterd door een Noorse onderwijzer die, eenmaal terug in Noorwegen, een brief schreef naar een Finse religieuze krant. Het verhaal verspreidde zich, de details werden steeds heftiger en de legende ‘De Well to Hell’was geboren. In het Engels noemt men een boorgat een well.
    Het geluid bleek, na gedegen onderzoek, uit een unieke met water verzadigde steenlaag te komen. Het water kon daar zijn, wat ongewoon is, omdat de bovenliggende laag steen als een deksel op een kookpan geen water doorliet. De beweging van dit hete water tussen de spleetjes in de steenmassa veroorzaakte het sissende geluid.

    Om een indruk te krijgen van de mantel zijn bovenstaande gaatjes en gat echter niet diep genoeg. Een twaalf kilometer diep gat is een prestatie op zich maar niet diep genoeg om zelfs maar door de ongeveer 30 km dikke aardkorst te prikken.
    We kunnen wel dieper ‘kijken’ zonder er te zijn omdat bijvoorbeeld aan de oppervlakte soms gesteentes te zien zijn die van grote diepte naar boven zijn geduwd, maar die geven alleen maar een inkijkje van de bovenste laag van de mantel. Om de eigenschappen van gehele binnenaarde in beeld te brengen maakt men handig gebruik van aardbevingen.

  3. 10

    Misschien kan op een volgende wereldtentoonstelling het Philipspaviljoen op herhaling maar dan met de spaarlamp en de Nederlandse druppel die altijd wel ergens een emmertje doet overlopen.
    [img]http://www.peterspagina.nl/images/Spaarlamp%202.jpg[/img]