De zon op aarde

Op weg naar duurzaamheidIn onze rubriek Op weg naar duurzaamheid verkennen we oplossingen voor milieuvraagstukken naar aanleiding van de documentaireserie Earthrise van Al Jazeera. Deze week: Rotterdamse afvalarchitecten, een reuzenpad die Australië schrik aanjaagt en fusie-energie.

Bouwafval: een teken van slecht design

In Zuid-Spanje bezocht ik ooit iemand die zijn huis opknapte met dingen die hij op de basura vond. Zoals een oude radiator die hij zwart verfde en op zijn dak legde. De zon leverde hem vervolgens warm water om te douchen. Aan hem moest ik denken toen ik zag wat het Rotterdamse bedrijf 2012architecten doet met constructie-afval. De bouwindustrie is een flinke vervuiler en wereldwijd verantwoordelijk voor een derde van de CO2-uitstoot.

Voor 2012architecten is ontwerpen niet het begin van een lineair proces, maar onderdeel van een continue cirkel van ontwerp en herontwerp, gebruik en hergebruik. Met slim ontwerpen minimaliseren ze het beslag op grondstoffen en besparen ze energie. Oude bouwmaterialen in de naaste omgeving krijgen bij hen nieuwe toepassingen. Hun uithangbord is Villa Welpeloo, bijna volledig gebouwd met hergebruikte materialen. ‘Milieuvriendelijk betekent niet dat je saai moet zijn.’

Dichter bij mijn huis bouwde Arcadis een nieuw kringloopcentrum in Houten. De gevel is bekleed met gebruikt hout van pallets en steigerplanken, in de plinten zijn oude Stelcon platen gebruikt. Zonnepanelen, warmte- en koudeopslag en een uitgekiend systeem om daglicht binnen te laten, maken het een zeer energiezuinig gebouw.

De reuzenpad: de schrik van Australië

De Zuid-Amerikaanse reuzenpad (Bufo marinus) werd een eeuw geleden naar Australië gebracht om de suikerrietkevers aan te pakken. Het leidde tot een regelrechte ramp. In kevers is de reuzenpad niet geïnteresseerd. Wel past hij zich goed aan en plant hij zich erg snel voort. Hij is bovendien heel roofzuchtig erg giftig en overbrenger van besmettelijke ziekten. Hij decimeerde daardoor de Noord-Australische fauna. Een leger van 200 miljoen padden marcheert nu naar de andere delen van Australië. Hij staat zestiende op de wereldranglijst van invasieve soorten.

Niets hielp tot nu toe om zijn opmars te stuiten. Daar zou wel eens verandering in kunnen komen. De door onderzoekers van de James Cook Unversity ontwikkelde paddenversie van Barry White lokt de uitermate vruchtbare vrouwtjes in de val.

Fusie-energie: de zon op aarde

Een nieuw internationaal samenwerkingsverband probeert kernfusie een stap dichterbij te brengen. Twee experimentele reactoren die in Frankrijk en Engeland gebouwd worden, proberen het proces na te bootsen dat zich in de zon afspeelt. Als het lukt hebben we in de toekomst een vrij beschikbare, veilige en onbegrensde energiebron, zonder dat we met grote hoeveelheden radioactief afval zitten.

Kernfusie vindt plaats wanneer twee waterstofisotopen, deuterium en tritium, samen een heliumatoom en een hogesnelheids neutron vormen. De snelheid van de neutronen wordt afgeremd door ze te omringen met materialen van hogere dichtheid. Met de warmte die daarbij vrijkomt, kun je stoom produceren en elektrische turbines aandrijven.

Het lijkt simpel, maar is dat helaas niet. Kun je ervoor zorgen dat de fusiereactie zichzelf in stand houdt? Kernfusie vraagt om een temperatuur van 100 miljoen graden Celsius en een sterk magnetisch veld. Dat vraagt erg veel energie. Het duurt dan ook nog wel even voor de Franse reactor wordt ingeschakeld.

Sargasso is benieuwd naar uw suggesties om onze milieuproblemen aan te pakken. Kent u mooie initiatieven die meer aandacht verdienen, plaats ze dan in de reactieruimte.

  1. 1

    Wat die Kernfusie betreft. Mocht dat op grote schaal toegepast gaan worden, komt er dan niet veel warmte (energie) vrij die in atomen opgeslagen zit; ergo warmt de aarde dan niet verder op?
    (de zon warmt ook behoorlijk op van die fusie energie)

  2. 2

    Over die warmte van kernfusie hoef je je geen zorgen te maken: de instraling van de zon levert veel meer energie (en uiteindelijk warmte) dan alle centrales bij elkaar. Misschien dat er plaatselijk wat maatregelen moeten worden getroffen, zoals koeltorens, maar dat heb je met kolencentrales ook.

  3. 3

    Leuk die 2012architecten. Nieuwigheid – nou ja – in de architectuur. Nu moet het alleen nog opgeschaald worden naar gemeengoed en industriële bouw etc… Dit soort luxe villa’s zet natuurlijk geen zoden aan de dijk. Elitair groen zijn oid.

  4. 4

    Overigens zijn die fusiecentrales nogal dure apparaten, en voorlopig spelen ze in de totale energievoorziening uitsluitend een negatieve rol. Vanwege de complexiteit zullen we er ook niet snel een heleboel zien verschijnen, gesteld dat het ooit zover komt dat ze rendabel worden.

    Maar hoopgevend vind ik de ontwikkeling van polymeerzonnecellen. De grondstoffen voor de productie daarvan zijn niet schaars, en toepassing ervan kan ook decentraal, wat met fusiecentrales duidelijk niet kan.

  5. 5

    Zou je zulke mensen wellicht als sponsors kunnen zien? Dankzij het feit dat ze er geld voor over hebben, kunnen de architecten hun ideeën verder uitwerken. Op hun website vind je trouwens meer voorbeelden, niet alleen van villa’s.

  6. 6

    Kijk ook even met een technische blik naar het realistisch gehalte van ontwikkelingen.
    Gemeentes putten zich uit in flut projectjes om ooit energie neutraal te zijn.

    Maar de dingen die echt nodig zijn, daar beginnen ze niet aan. De fossiele bezetter heeft ze al lang de pas afgesneden met allerlei condities waardoor het best moeilijk is om duurzaam te worden.
    Maar het kan wel, met windparken op het land.

    Deze kernfusie gaat het voorlopig niet worden, juist omdat windenergie al zo goedkoop is. Wereldwijd wordt er al sinds 2009 meer windparkvermogen gebouwd, dan welke andere energie techniek ook.
    Fusie komt te laat om van betekenis te zijn.

  7. 7

    Ja, maar windparken worden het ook niet. Daarmee kunnen we onze energiebehoefte bij lange na niet dekken. Bovendien gaan er veel grondstoffen in zitten, waarvan sommige (neodymium) nogal duur en steeds zeldzamer zijn.

  8. 8

    Windparken ZIJN het al, wereldwijd wordt sinds 2009 meer windpark dan welke andere vorm van energie gebouwd.
    Neodynium is niet essentieel, de grootste windmolen bouwer met direct drive generatoren doet het zonder dat spul.
    Bovendien wat is beter,
    20 jaar recyclebaar ijzer gebruiken in een windmolen of
    20 jaar lang de grondstof steenkool of aardgas omzetten in CO2?

    Stroom uit een windmolen is juist goedkoop, als je het samen met andere burgers doet, 2 tot 5 cent per kWh, 20 jaar vaste prijs.
    http://www.pakdewind.nl

    Hoe hoog is jouw kWh prijs de komende 20 jaar?

  9. 9

    Masten van windmolens zijn tegenwoordig niet meer van staal maar van (heel wat moeilijker te recyclen) beton. En de wieken zijn ook niet van staal maar van vezelversterkte kunststof, die we op dit moment alleen nog maar kunnen ‘recyclen’ door ze op te stoken.

    Ik zie ook wel dat er een hoop windmolens zijn, maar toch zijn die samen goed voor niet meer dan 4% van de elektriciteitsproductie, dat is 0,6% van het totale energieverbruik. Dat dat aandeel zo miniem is is nog een voordeel ook, want dan hebben we er ook weinig last van als het eens een paar weken niet waait.

  10. 10

    Beton is uitstekend te recyclen, gebeurt ook al, gecertificeerd.
    En er zijn ook al windmolens met stalen wieken.

    Maar 20 jaar lang kunststof wieken gebruiken is nog een stuk beter schoner dan 20 jaar lang steenkool stoken.
    De energie in de wieken van een equivalent windpark zou een kolencentrale weken doordraaien.

    Gelukkig denken de meeste mensen niet meer als kolencentrale directeur.
    Daarmee zijn ze ook een stuk goedkoper uit, en hebben ze meer geld over voor leuke dingen en ontwikkeling.

  11. 11

    Windenergie is helemaal niet goedkoper, en vergelijking met een kolencentrale is in alle opzichten appels met peren vergelijken. Het belangrijkste nadeel van windmolens heb ik hierboven al genoemd, en dat is de onbetrouwbaarheid van de levering.

    Vaak genoeg leveren windmolens vrijwel niets, namelijk wanneer het niet of niet hard genoeg waait. Het aandeel dat windmolens hebben in de stroomvoorziening is daardoor sterk variabel, een variabiliteit die door minder frivole centrales moet worden opgevangen. Hoe veel molens we ook plaatsen, door de onbetrouwbaarheid van wind kunnen we niet één ‘gewone’ centrale sluiten. Wat het nog erger maakt is dat thermische centrales niet zomaar even wat meer of minder stroom kunnen leveren, daar gaat wat tijd overheen en met dat geschommel gaat het rendement omlaag. Dat betekent dus méér CO2 voor dezelfde hoeveelheid stroom. Vroeger probeerde men die verschillen te verkleinen door verschillende dag- en nachtstroomtarieven, maar met een groeiend aandeel windenergie kunnen we straks misschien beter overstappen op wind- en luwtetarieven. Jammer alleen dat geen sterveling zich daarop kan instellen.

    De kosten van de toegenomen inefficiëntie van reservecentrales en het überhaupt open houden van die centrales wordt niet doorberekend in de kosten van windenergie, net zo min als het uitbreiden en verzwaren van het hoogspanningsnet om de stroom te kunnen transporteren als het toevallig eens een keer hard waait.

    Maar goed, we kunnen natuurlijk ook bij de buren kijken, die veel meer met wind doen dan wij. In Denemarken, het land met ruimschoots het hoogste aandeel windenergie, is elektriciteit duurder dan waar ook in Europa. Je vraagt je af waar dat voor nodig is, als windenergie zo spotgoedkoop is…