CDA wil kiesdrempel: hypocriete onzin

OPINIE - De CDA-afdeling Zuid-Holland heeft voor het partijcongres afgelopen weekeinde in Alkmaar een resolutie ingediend voor verhoging van de  kiesdrempel bij de Tweede Kamerverkiezingen. Het partijbestuur nam dit voorstel over en het congres nam het aan; het CDA zal het dus in het verkiezingsprogramma voor de Tweede Kamerverkiezingen opnemen. Een onzinvoorstel dat niet helpt, maar vooral een gotspe dat juist het CDA dit voorstel in het programma opneemt.

Congres CDA in Alkmaar 8 november 2014

Foto: CDA Langendijk

Proefballonnetjes

Misschien hadden de christendemocraten niets te doen in de oppositie. Dan komen er wel vaker proefballonnetjes boven voor veranderingen aan het politieke systeem. Deze keer dus de kiesdrempel. Het Zuidhollandse CDA wil politieke avonturiers weren omdat het debat daar minder populistisch van wordt. Bovendien zou de regering er door stabiliseren. De christendemocraten verwijzen naar Duitsland, waar een kiesdrempel van vijf procent de politieke vrede beschermt.

Instabiel

Pardon? Waren het niet de christendemocraten die in 2010 gemene zaak maakten met de populisten van de PVV, en eerder in 2001 met de LPF, en daarmee zelf voor grote instabiliteit zorgden? En wordt de regering de afgelopen tijd niet juist door kleine partijtjes als SGP en de Christenunie gestabiliseerd, terwijl het imploderende CDA met geen enkel akkoord mee wil werken, te pas en te onpas moties van wantrouwen indient en wild om zich heen slaat in het politieke debat?

Klasje

Het CDA heeft het populisme in het debat bovendien zelf omarmd, getuige de klasjes waar het kader geschoold werd in het doen van boude uitspraken, en maakt gretig gebruik van volkse sentimenten. Maxime Verhagen lustte er in ieder geval wel pap van in de aanloop naar de verkiezingen in 2010: liever een oerhollandse kroket dan halal shoarma. De mastodonten morden op de achtergrond over zoveel gesundes Volksempfinden; huisideoloog Anton Zijderveld zegde zelfs zijn partijlidmaatschap op.

Maxime Verhagen als leider van het CDA in 2010

Foto: Apdency

Versplintering tegengaan

Bovendien kan het CDA, als ze de versplintering tegen willen gaan, effectievere maatregelen bedenken dan een kiesdrempel van twee zetels. Dit zet geen zoden aan de dijk. De meeste populistische partijen en politieke avonturiers springen met gemak over zo’n drempeltje heen. Slechts twintig keer haalde een partij na de Tweede Wereldoorlog één zetel bij de Kamerverkiezingen. De PVV kwam in één klap met negen zetels in de Kamer, de SP in 1992 met twee. Stabiliserende partijtjes als het GPV en de RPF zouden juist wel gesneefd zijn.

Duitsland

Ook een hogere kiesdrempel zou niet helpen. In Duitsland, waarnaar de Zuidhollandse christendemocraten in hun voorstel verwijzen, hebben ze een kiesdrempel van maar liefst vijf procent. Toch wordt het debat ook daar sterk beïnvloed door de populisten van Alternative für Deutschland en Die Linke. De bestuurlijke FDP, vaak een betrouwbare coalitiepartner van de Duitse christendemocraten, verdween juist uit beeld. Een kiesdrempel vergemakkelijkt coalitievorming dan ook niet, zo blijkt uit onderzoek.

Minderheden

Principieel is het ook onjuist om een kiesdrempel op te werpen. Als kleinere partijen geweerd worden, is het voor minderheden moeilijker om een vertegenwoordiging in het politieke systeem te krijgen. Daardoor daalt het vertrouwen in het politieke systeem. Bovendien krijgt het systeem minder nieuwkomers die de gevestigde orde uitdagen en de politieke agenda verversen met ideeën en maatschappelijke issues die de gevestigde orde negeert. Denk bijvoorbeeld aan de Piratenpartij.

Kuyper

Ook in dit opzicht is het een gotspe als het CDA dit in het verkiezingsprogramma opneemt. Een van de voorlopers van de partij is opgericht door een raspopulist: Abraham Kuyper. De charismatische gereformeerde leider begaf zich graag onder de ‘kleine luyden’ om hun belang in niet mis te verstande bewoordingen op tafel te leggen bij de hoge heren in Den Haag. Als er toen allerlei belemmeringen opgeworpen waren met het argument dat de politieke stabiliteit geborgd moet worden, was de ARP er nooit geweest, en het CDA ook niet.

Voor de Bühne

Je vraagt je af waarom het CDA zo’n voorstel doet. Misschien voor de Bühne, zoals Sywert van Lienden suggereerde. Dat is ook redelijk effectief, gezien de poll en de reacties op het voorstel bij Powned, maar zou wat populistisch zijn. Misschien denkt het CDA na over het systeem op lange termijn en kijkt het inderdaad richting Duitsland. Daar heeft het Constitutioneel Hof uitgesproken dat een kiesdrempel voor het Europarlement niet mag, maar voor de Bondsverkiezingen wél omdat er een stabiele regeringsbasis nodig is.

Moeilijk

Maar misschien heeft de kiesdrempelwens vooral te maken met de moeilijke verhouding van het CDA tot het populisme. De PVV en de VVD trekken hun kiezers weg, vooral in het zuiden. Zelf rechtse retoriek uitslaan lijkt niet te werken. Samenwerken met populisten gaat ook niet: dat splijt de partij. Misschien ziet de steeds smaller wordende volkspartij een kiesdrempel als een electoraal zelfbeschermingsmechanisme. Als dat inderdaad zo is, dan lijkt me dat helemaal een reden om het niet in het programma op te nemen.

Jasper Klapwijk maakt geen grapjes meer over het CDA dat zelf binnenkort niet meer over de kiesdrempel komt; het is allemaal al erg genoeg. Dit is een bewerkte versie van het commentaar van vrijdag 7 november 2014 op Radio1 bij Dit Is De Dag.

  1. 1

    Ik denk eerlijk gezegd dat het CDA het helemaal niet slecht zal doen de aankomende PS en TK verkiezingen. Op gemeentelijk niveau deden ze het al uitstekend (als in: het beste) eerder dit jaar.

    “Steeds smaller/,marginaliseren”. Nu het Rijk nergens meer verantwoordelijkheid voor neemt, gebeurt het in de gemeente. Laat het CDA daar nu juist de grootste zijn.

  2. 2

    Even kijkend naar de verkiezingen van 2012, dan zou dit betekenen dat de volgende partijen niet in de tweede kamer vertegenwoordigd zouden zijn, die er nu wel in zitten:

    * ChristenUnie
    *GroenLinks
    * SGP
    * Partij voor de Dieren

    Samen goed voor 16 zetels. Wie beweert dat dit allemaal populistische, destabiliserende partijen zijn, is niet goed bij zijn hoofd. De meest populistische en destabiliserende partij (de PVV), waar het CDA zelf nota bene actief mee heeft samengewerkt, scoort ruim boven de drempel.

    De “oplossing” doet dus helemaal niets aan het “probleem”.

  3. 3

    Ik vind niet dat je bij dit voorstel het verleden van het CDA kan oprakelen, immers zijn al die leden al vertrokken en is er een nieuwe kapitein aan het roer.

    Echter zijn splinterpartijen absoluut niet het probleem in het huidige bestel. Populistisch geneuzel wel.

  4. 4

    @3: Het gaat niet alleen om het verleden, maar ook om het heden: het CDA zegt een stabiele regering voor te staan, maar doet daar in feite weinig aan. Om die reden betrek ik het verleden hier ook bij. Natuurlijk heeft het CDA uitgesproken dat ze niet meer met de PVV zullen samenwerken en dat ze tegen het populisme zijn. Maar je kunt je afvragen hoe hard en hoe oprecht die uitspraken nu eigenlijk zijn. Het CDA is vaker van standpunt veranderd. Bovendien zijn gezien het track record van het CDA vraagtekens te zetten bij de ‘oplossingen’ die ze aandragen om te komen tot een stabiel landsbestuur. Het lijkt er verdacht veel op dat de christendemocraten er vooral van overtuigd zijn dat het land gebaat is bij regeringsdeelname van een groot CDA.

  5. 5

    Je kan het ook zien als een nogal dramatische, theatrale manier om -op termijn- de eigen partij op te heffen. Typisch iets voor het soort mensen dat een Christus enkel nog voor de bühne aan het kruis laten hangen.

  6. 6

    Ik heb er (nog steeds, altijd) moeite mee met wat ‘stabiliteit’ voor argument is.

    Ten eerste: hoe meet/merk ik het?
    Ten tweede: wat zijn de implicaties van een hoge/lage stabiliteit?

    Er is een hele school gewijd aan de politiek: politicologie, en alle aanverwante leren. Wat zeggen die over stabiliteit en regeren? Of moeten we maar afgaan op wat politici en meningmakers hebben over ‘wat goed is’?

  7. 7

    Sywert van Lienden merkt op dat een ander deel van het voorstel van het CDA wel hout snijdt: maak een einde aan afsplitsingen door afsplitsers alleen hun zetel mee te laten nemen als ze bij de laatste verkiezingen de voorkeursdrempel gehaald hebben. Dan hadden we momenteel 11 in plaats van 14 fracties in de TK gehad.

  8. 8

    Zo’n voorstel wordt ook gedaan om de aandacht te trekken en dat is dus hier gelukt.
    Met die drempel zou het CDA uit de Amsterdamse gemeenteraad zijn verdwenen. Zou dat een gemis zijn?

  9. 9

    Als het om stabiliteit van de coalities gaat, dan zou je zeker ook andere zaken moeten aanpakken.

    Te beginnen met de geheime sponsors en bedragen die daarbij omgaan.

    De stemmingmakerij door de media in koor. In concert met de diarree van opiniepeilingen. ‘Electioneering’.

    En dan natuurlijk het ‘personeelsbeleid’. De partijen vullen de Kamerzetels met schoolverlaters a.h.w… Het politieke bedrijf is omgeturnd tot een draaideur banen carrousel. Je begínt in de Kamer, weet van toeten nog blazen; en je zit op rozen.

    We zien dagelijks wat de Kamerleden doen en laten om steeds verder omhoog te vallen in het systeem. (‘huilie huilie Timmermans, recent nog een vb. daarvan).

    Dit ideetje van het CDA, Statenfractie Z-Holland. Hoeveel mensen zijn dat nu eigenlijk? En dat haalt dan meteen de voorpagina’s. Opmerkelijk.
    Zegt wel wat over de invloed van de media op de politiek.

    van Duitsgen bloed, de Koning van Hispanje getrouw.

    Met de invoering van het ESM, het horig zijn aan de NATO, de € die in de woorden van Wellink dient als BREEKIJZER om de Europese landen in de dwangbuis van de EU te houden, en de TTIP die de Regering bezig is er doorheen te drukken, doet de nationale politiek er überhaupt nauwelijks meer toe, op alle punten die écht van belang zijn.

    Voor het regentenpartij CDA is vertegenwoordigen van het volk maar bijzaak. Vet betaalde posten bij de NAVO, EU e.d. anti-democratische instellingen is voor CDA-ers wat de bonuscultuur is voor de bankiers.

    Vraag Buma of hij het model zoals in de JoeSA democratischer vind. Stabieler. Beter. Welk van de drie? Of dan net zo de campagnes e.d. door het bedrijfsleven gesponsord moeten gaan worden?

  10. 10

    @7 Ik zie daar wel een probleem in, hoewel ik de redenering erachter zeker snap: Als je in de Kamer komt, omdat je op de kieslijst staat (en dus niet op voorkeur), dan ben je daar ‘uit naam van de partij’, en niet ‘uit naam van de kiezer’ (die niet overtuigend op jou gestemd heeft. Het creëert echter wel het probleem van verschillende ‘gradaties’ van Tweede Kamerleden: ‘afsplitsbaren’ en ‘onafsplitsbaren’, waarbij de ‘afsplitsbaren’ meer invloed in de fractie kunnen hebben dan die ‘onafsplitsbaren’.

    Eerst een theoretisch dilemmaatje: als alle ‘afsplitsbaren’ zich ‘afsplitsen’ van een of andere fractie, wat is dan de legitimiteit van de fractie, die nu enkel en alleen bestaat uit ‘onafsplitsbaren’? Wat als de enige ‘afsplitsbare’ zich afscheidt van de fractie, of erger nog, de Tweede Kamer verlaat?

    Praktijkvoorbeeld: Henk Krol zit voor 50+ in de Kamer. Hij was fractievoorzitter, en is het inmiddels weer. Norbert Klein heeft Baay-Timmerman uit de fractie gezet, maar heeft zichzelf de facto afgescheiden van de fractie. Baay-Timmerman werd voorgegaan én opgevolgd door Krol. Stel, je zou die nieuwe ‘regels’ hebben: zit Henk Krol terecht in de Kamer (hij had immers de Tweede Kamer verlaten)? Zit Norbert Klein terecht in de Kamer?

  11. 11

    Folkward is me voor @7, slecht idee. Een volksvertegenwoordiger wordt op persoonlijke titel gekozen. Onze partijen vinden dat zij het doel van democratie zijn, maar vergeten dat ze een middel zijn om namens ons allen het land te besturen. De partij-arrogantie (was het 99,6% die niet tegen eigen coalitievoorstellen stemde of was het 99,4%)? is voor mij juist onderdeel van de gebrekkige legitimatie van onze huidige politiek. Zoals ik die beleef, want elke keer ben ik verbaasd dat de meeste Nederlanders het allemaal prima vinden.

  12. 13

    @11
    Ik vind het fijn dat je me bijvalt, maar juist de reden waarom volksvertegenwoordigers op persoonlijke titel worden gekozen is juist ook de reden waarom juist de mensen met de voorkeursstemmen hun zetel mee zouden mogen nemen, en zij die dat niet hebben, niet. Ik zeg alleen dat het praktische problemen geeft met de huidige manier van partijdemocratie, zonder dat ik me uitlaat over de wenselijkheid van die partijdemocratie. Ik zou het interessant vinden om te weten waarom jij #7 dan een slecht idee vindt, als hij eigenlijk juist de reden gebruikt waarom jij het een slecht idee vindt.

    Mocht je het willen hebben over partijdemocratie, dan kunnen we misschien ook wel praten. Uit de geschiedenis is wel meermaals naar voren gekomen dat een partijloze democratie (zonder partijen) zich al snel (binnen 50, meestal binnen 30 jaar) ontwikkelt tot een partijdemocratie. In Nederland zagen we dat tussen 1848 en 1880 (’79: ARP). In de VS, waar George Washington juist expliciet zei: geen partijen, ontstonden ook al snel (1791) partijen. Ik zou het zelf moeilijk vinden om te stellen wanneer het VK een democratie werd, maar partijen bestaan daar ook al heel lang (1678, Tories, Whigs). Noch Nederland, noch de VS hebben democratieën die met partijen zijn begonnen, maar het toch zijn geworden, waarbij die partijen -inderdaad- zichzelf als fundamenteel onderdeel van de democratie zien. Partijloze democratie, waarbij de volksvertegenwoordigers het liefst ook nog regionale binding hebben, zou het mooiste zijn, maar het blijkt (meermaals) dat dit -om het wat abstract te zeggen- een onevenwichtige situatie is, die kan ‘vervallen’ in een aantal situaties: oligarchie, aristocratie, maar dus ook particratie.
    Echte, partijloze democratieen lijken mij alleen te werken op kleine schaal (en direct: zoals in kantons in Zwitserland, op zijn hoogst op het niveau Zwitserland zelf, maar ook daar zijn weer partijen), of wanneer het niet ‘echt’ democratisch is: de beginstaten van de democratie van Nederland begon met censuskiesrecht, en niet voor vrouwen, in de VS niet voor slaven of vrouwen (en volgens mij ook censuskiesrecht), zelfs in het Oude Athene, waar er directe democratie was, was de meerderheid van de de bevolking: vrouwen, metoiken, uitgesloten van actief en passief kiesrecht. Ik durf dus best te stellen: particratie (is niet ideaal, maar) is een praktische manier waarop je een democratie kan inrichten.

  13. 14

    Ik heb toch wat problemen met de argumentatie die in dit stuk wordt aangevoerd tegen een kiesdrempel:

    In de eerste plaats heeft het een hoog gehalte ‘kijk eens wie het zegt’ gehalte. Dat mag dan waar zijn dat het CDA een hypocriete club is, zeker als het gaat om de kiesdrempel, dat is geen argument voor of tegen een kiesdrempel.

    Mijn tweede bezwaar is inhoudelijk:

    Principieel is het ook onjuist om een kiesdrempel op te werpen. Als kleinere partijen geweerd worden

    Principes stuiten altijd in de praktijk op praktische bezwaren. De vraag is waar ligt de grens. Als het principe absoluut zou zijn dan zouden er 150 partijen in de Tweede Kamer moeten zitten: dat is namelijk volgens dat principe het meest optimaal: iedereen kan dan een vertegenwoordiger kiezen die het beste zijn standpunten verwoordt – en zelfs dan is het nog niet ideaal.

    De bezwaren tegen de kiesdrempel zijn dat het land onregeerbaar wordt: voor coalities zijn steeds meer partijen noodzakelijk, en dan moet dus met elke partij rekening gehouden worden: de partij van de zondagsrust, de partij van mensen ouder van 65 jaar, de partij van mensen jonger dan 30 jaar, de vegetariers, de katholieken, moslims, … je begrijpt hoop ik wat ik bedoel. Het andere uiterste is natuurlijk het tweepartijensysteem dat ontstaat in landen met een districtenstelsel.

    Wat ik wil zeggen is: er is een optimum. Waar dat ligt daar zou ik graag een discussie over willen zien. Van jij-bakken tegen het CDA wordt ik niets wijzer.

  14. 15

    @14, Het aantal kleine partijen is helemaal het probleem niet.

    De bezwaren tegen de kiesdrempel zijn dat het land onregeerbaar wordt: voor coalities zijn steeds meer partijen noodzakelijk, en dan moet dus met elke partij rekening gehouden worden

    Gewaagd ideetje, maar je zou kunnen denken dat men zich dan wellicht weer wat meer op de inhoud van plannen en minder op koehandel moet richten. Maak de compromissen zichtbaar, en als het een goed voorstel is dan heeft het kans om aangenomen te worden. Onregeerbaarheid wordt als spook boven het land gehouden, maar hoe reeel is het?

    Daarbij is al vaak gezegd: de problemen ontstaan niet door de kleine partijen. De moeilijke coalitievorming is juist omdat er veel middelgrote partijen zijn. De instabiliteit ontstaat verder gewoon vooral door onbehoorlijk bestuur, koehandel of juist niet, niet door partijgrootte.

  15. 17

    Zou het misschien helpen als de politici, zowel in discussie als stemming, hun eigen (individuele) mening zouden verkondigen en daarnaar stemmen… Zoals het nu gaat is “de” mening van de partij doorslaggevend, standpunt is vooraf bepaald en daarmee zijn stemmen bij voorbaat geteld. In verband hiermee: ik hoor niets meer over een mogelijke daling van het aantel tweede kamer leden naar 100 – m.i. een besparing die voor het oprapen ligt.