Broodje (water)aap

Spotprent uit 1871 'A Venerable Orang-Outang' (Afbeelding: Wikimediacommons)

Toen Darwin in 1859 zijn standaardwerk The Origin of Species publiceerde, was het met name de stelling dat de mens van de aap afstamde die bij zijn vele critici de grootste weerzin wekte: “Is het langs grootmoeders- of grootvaderskant dat u beweert van apen af te stammen?” luidde dan ook de vileine spitsvondigheid van bisschop Samuel Wilberforce in zijn legendarische debat in 1860 met Thomas Huxley, bijgenaamd Darwin’s Bulldog.

Vandaag de dag is het aanmerkelijk minder omstreden dat mens en aap een gemeenschappelijke voorouder hebben. Daarbij wordt vrijwel altijd het argument in stelling gebracht dat het DNA van mensen en zijn nauwste verwant de chimpansee voor meer dan 98,5% identiek zijn. Door onderzoek uit 2002 van de Amerikaanse moleculair bioloog Roy J Britten is echter aan het licht gekomen dat dit percentage veel dichter in de buurt ligt van de 95%. Vooral in kringen van creationisten werd dit bericht onthaald als een godsgeschenk. Desondanks gaan wetenschappers er nog steeds vanuit dat mens en mensaap nauw verwant zijn. Omdat de  fysieke verschillen tussen ons en mensapen echter nogal in het oog springen, is er in de loop der tijd kritiek gekomen op het meest gangbare evolutiemodel voor hominiden, het zogenaamde Savannemodel.

In het kort komt dit Savannemodel erop neer dat (een door klimaatverandering veroorzaakte?) verandering van habitat onze voorouders uit de boomkruinen deed neerdalen. Op de Afrikaanse savannes gingen zij, gedwongen door het hoge gras – ‘het kietelde te veel’ – rechtop lopen. Zo kregen zij allengs hun handen vrij voor werktuigen en ontwikkelden zij wapens voor de jacht.

De benodigde oog-hand coördinatie voor succesvol jagen vergde extra hersencapaciteit. Ook taal ontwikkelde zich zo als bijproduct van de jacht, als middel van communicatie waardoor jagers succesvoller werden in het verschalken van prooidieren. En passant verloren we ook nog onze ‘lastige’ beharing. Trek onze vroege voorouder een maatpak aan en druk hem een mobieltje in de hand, en hij onderscheidt zich nauwelijks meer van de moderne mens.

Toch is er sinds de jaren zestig een alternatieve theorie voorhanden over onze vroegste ontwikkeling die op het eerste gezicht een veel betere verklaring biedt voor tal van eigenaardigheden waarin wij radicaal verschillen van apen. Dit is de Wateraaptheorie, of in het Engels de Aquatic Ape Theory, opgesteld door marinebioloog Alister Hardy in 1960 en sindsdien onvermoeibaar gepopulariseerd door de Britse schrijfster en feministe Elaine Morgan, zoals je in onderstaande TED-video kunt zien. De theorie is nogal omstreden en ontmoet dan ook veel scepsis vanuit de hoek van meer traditionele Darwinisten.

De wateraap-hypothese veronderstelt een amfibische fase in onze menselijke evolutie, nadat onze voorouders zich zo’n 5 miljoen jaar geleden afsplitsten van de chimpansee. Zij zouden zich hebben verspreid langs de kusten van tropische meren en zeeën en vandaaruit weer landinwaarts via rivieren. Deze vroege mensen voedden zich primair met schaal- en schelpdieren, vis, waterplanten en fruit.

Ons rechtop lopen zou het logische gevolg zijn van het waden door water. Andere typisch menselijke eigenschappen die pleitten voor deze theorie zijn onze gestroomlijnde vormen, onze (zeker vergeleken met andere primaten) dikke onderhuidse vetlaag die we delen met andere mariene zoogdieren. Ook het grotendeels ontbreken van lichaamsbeharing is bekend van onder meer zeekoeien, walrussen en nijlpaarden. Ons ademhalingsapparaat lijkt met name allerlei slimme aanpassingen te vertonen voor een langdurig leven in en rond water.

Hoes van Nirvana's album Nevermind (1991)

Denk daarbij aan de unieke menselijke ademspier- en stembeheersing, ons afgedaald tongbeen, een verlengde ademweg en vooruitstekende neus en zwak ontwikkelde reukzin. Tot slot kent de mens een relatief sterk ontwikkelde duikreflex.

Tot slot lijken mensenbaby’s ook een aangeboren aanleg te hebben voor zwemmen. Een schriele gorillababy zinkt, mede door het gebrek aan een dikke onderhuidse vetlaag, roemloos naar de bodem. Bij mensenbaby’s treedt echter een reflexmatige draaibeweging van de beentjes op, waardoor het kind op zijn rug draait. Met armpjes en beentjes gespreid en de ademopening veilig boven het wateroppervlak, verdrinkt het pasgeboren naakte wateraapje dan ook niet. Zulke op het eerste gezicht frappante eigenschappen, zijn echter bij lange na niet voldoende om de felle critici  als Jim Moore te overtuigen, die menen dat de Aquatic Ape Theory kansloos kopje onder gaat.

  1. 1

    Fraaie overeenkomsten tussen vis en mens. We blijken wel meer verwantschap met waterdiertje te hebben.
    In 2002 sprak Ronald Plasterk (kent u ‘m nog?): “Een mens is weliswaar geen vis, maar wel een variatie op hetzelfde thema Een zebravis heeft ogen, een hart, een lever, een maag, huid, een zenuwstelsel en een wervelkolom, net als wij mensen. Het is ook het eerste dier in de evolutie dat een immuunsysteem heeft”.
    Het zebravisje dus. In hetzelfde artikel zegt prof.dr. Herman Spaink dat “mens en de zebravis op moleculair niveau zo vreselijk veel op elkaar lijken dat het verschil soms amper te zien is”.

    In 2006 ontdekten Groningse onderzoekers het gen dat de grootte van onze hersens bepaalt. Waar ontdekten ze dat? Bij het zebravisje!

    Eerder dat jaar nunaceerden andere onderzoekers de overeenkomsten tussen mens en vis. “De manteldieren (zakpijpen) en niet de schedellozen (lancetvisjes), vormen de diergroep die het nauwst verwant is aan de gewervelde dieren, waartoe ook de mens behoort”.

    Nou komt een zakpijpje ook uit het water, dus alles bij elkaar kan de Savanntehorie wel de vuilnisbak in, lijkt me.

  2. 3

    @2 At Your SirVis!

    Mooi verhaal over zakpijpen en pijpzakken, maar da’s echt lang geleden. Sindsdien hebben we als ondersoort van de gewervelde dieren nog wel een paar eigen afslagen op de evolutionaire ladder genomen. Het scenario van de wateraap wordt evolutionair gezien veel recenter geacht, hooguit enkele miljoenen jaren geleden tot honderdduizenden jaren geleden.

    Wat vind men hier eigenlijk van het savannemodel. Hoe robuust is dat?

  3. 4

    Dank!
    Ach, ik dacht dat als een zebravisje erg veel overeenkomsten met een mens heeft, dat zulks dus het ontstaan van de wateraap verklaart. Waarmee de discussie gesloten zou kunnen worden.
    Hooguit is het savannemodel dan nog relevant als ooit in savannegebied het fossiel van een of andere vis wordt gevonden uit de tijd nadat de savannen ontstonden.

  4. 5

    @4 Nee, het savannemodel is de theorie over hoe we uit de bomen om laag zijn gekomen en rechtop zijn gaan lopen, waardoor we (letterlijk) de handen vrij kregen om te jagen, waardoor onze hersenen voor de extra coördinatie die nodig is voor het werpen van wapens in grootte toenemen etc.

    De (enigszins verouderde) term savannemodel staat niet echt heel uitgebreid beschreven in wiki, hoewel er een link staat in mijn artikel.
    Tamelijk relevante dingen vind je onder kopje Bipedalism

    Ook interessant: http://en.wikipedia.org/wiki/Human_skeletal_changes_due_to_bipedalism