Boekrecensie | Het universum uitgelegd aan mijn kleinkinderen

Wat was er voor de oerknal? Waarom weten wij zo zeker dat er kernexplosies in de zon plaatsvinden? En wat zijn zwarte gaten nou precies?

Voor filosofisch ingestelde kinderen is er een mooi boekje verschenen over de geschiedenis van het universum. Hubert Reeves behandelt in dialoogvorm een keur aan vragen die ingaan op allerlei aspecten van het heelal. Als grootvader is hij met zijn kleindochter in gesprek over zijn vakgebied: de astronomie. Vanuit hun ligstoelen bekijken zij de nachtelijke sterrenhemel.

Het boek begint met een hoofdstukje over de menselijke voortplanting. Dat lijkt misschien overbodig in een kinderboek over sterrenkunde, maar het heeft toch een functie: Reeves wil zijn kleinkind uit leggen dat wij zelf ook sterrenstof zijn.

Hij gebruikt in het boek vaker huis- en tuinbegrippen om het universum te beschrijven. Bijvoorbeeld: het heelal kun je vergelijken met een rozijnenpudding en ons sterrenstelsel is net een bijenkorf. Dat is de kracht van dit kinderboek: abstracte feiten over het universum worden uitgelegd aan de hand van alledaagse voorbeelden. Hubert Reeves weet ook een brug te slaan tussen astronomische kennis en het klimaatprobleem.

De kleindochter stelt goede vragen. Ze wil bijvoorbeeld weten hoe je de leeftijd van de zon kunt bepalen en waarom er op de aarde wel zuurstof is en op andere planeten niet. Het boeiendste onderwerp vind ik of er in de toekomst op aarde een hogere levensvorm dan de mens te verwachten is. Als wij ons hebben ontwikkeld vanuit eencelligen, dan is het toch niet ondenkbaar dat de mens zal evolueren tot een nog complexer wezen?

In de meeste hoofdstukken is een goed evenwicht tussen vraag- en antwoord gevonden. Soms is opa soms wat te lang aan het woord, dan gaat de tekst op een collegedictaat lijken. De interactie tussen grootvader en kleinkind raakt dan een beetje zoek. Maar over het algemeen is het een zeer interessant en bijzonder goed geschreven boek.

Hubert Reeves heeft bij het schrijven een meisje van bijna veertien jaar voor ogen gehad, maar mijn ervaring is dat een kind van bijna tien het boek ook best aan kan. Zeker als het al veel weet van de sterren en de planeten. Lees het dan wel voor, daarvoor is het zeer geschikt. Twintig interessante hoofdstukjes, elke avond eentje voor het slapen gaan. Mijn zoon vond het erg leuk om het vraag- en antwoordspel met mij na te spelen. Hij las de antwoorden op en ik las de antwoorden van Hubert Reeves voor. Af en toe checkte ik of hij alles begrepen had.

Dit boek onderscheidt zich van andere jeugdboeken over het universum door de manier van redeneren. De feiten zijn niet alleen belangrijk, maar vooral de manier waarop astronomen aan hun informatie komen. Kinderen leren via mooie taal dat wetenschappelijke kennis volgens bepaalde regels wordt verkregen. Zoals Reeves zelf in zijn inleiding formuleert:

Er zal hier sprake zijn van wetenschap, maar dat sluit poëzie niet uit

Ik kan het boek ook aan volwassenen aanbevelen, vooral aan de alfa’s onder ons. Weet je niet precies het verschil tussen big chill en big crunch?  En zijn de quarks niet door jouw natuurkundeleraar behandeld? En zegt de term complexiteitsladder je ook niets? In dat geval is dit boek een absolute must.

Hubert Reeves, Het universum uitgelegd aan mijn kleinkinderen, Uitgeverij Thomas Rap, 144 pagina’s gebonden.