Author Archives: Rathenau Instituut
… dan mij aanvankelijk werd beloofd
Tiziana Nespoli fantaseert over de toekomst van de gezondheidszorg. Zij is de zesde en laatste winnaar van de blogwedstrijd Intieme technologie.
Al jaren trek ik mij niets meer aan van wat ik voel. Wat ik voel doet niet ter zake. Nauwkeurig gedoseerde supplementen en preventieve diagnoses zorgen ervoor dat het met mij behoorlijk goed gaat. Tegen de herfst slik ik een pil om de scherpe kantjes van het leven even wat af te toppen. Tegen de lente schaf ik hem weer af. Ik heb een aardig leven en functioneer in allerlei aspecten naar behoren. Ik heb dito vrienden met dito levens en binnenkort zal ik dito kinderen baren.
Volgens de voorspellingen zullen mijn vriend en ik binnen een aantal jaar piekmomenten hebben in ons vruchtbaar leven. Daar kijken wij enorm naar uit. Omdat blijkt dat het moment aanstaande is, hebben wij maatregelen getroffen. Op basis van onze gematchte persoonlijkheidstests hebben wij een aardige crèche gevonden die aanhaakt bij de persoonlijke ontwikkeling van ons toekomstig kind.
Is intimiteit met techniek wel mogelijk?
Universitair docent Maarten van der Sanden vraagt zich af of je de term ‘intiem’ wel kunt gebruiken als je het over technologie hebt. Hij is één van de winnaars van de blogwedstrijd Intieme technologie van het Rathenau Instituut.
In de communicatie over ‘intieme’ techniek moeten we zuinig zijn met het woord intiem. De veelzijdige betekenis van het begrip intiem bemoeilijkt en vertekent de inhoud van de mogelijke dialoog met het publiek over deze zich ontwikkelende techniek. In de discussie over gentechnologie maakt het nogal uit of je praat over modificatie of manipulatie. Dezelfde subtiliteiten, weliswaar op een ander vlak, spelen ook een rol in het gesprek over ‘intieme’ techniek.
Een intieme relatie tussen mensen gaat volgens sociaalpsychologen over fysiek, emotioneel en spiritueel samen komen of samen zijn. Intimiteit ontstaat uit sociale interactie, wederzijdse verwachtingen en het aanraken. Intiem is een emergent begrip en techniek is hierin faciliterend. De relatie tussen mens machine manifesteert zich, volgens het Holland DOC filmpje op de website van het Rathenau Instituut, in techniek die tussen mensen staat, techniek die over mensen gaat en techniek die als mensen is. Sociale media gaan vooral over de eerste, het Elektronisch Patiënten Dossier over het tweede en humanoids geldt als een uitwerking van de derde.
Geen van deze drie vormen van techniek voldoet op dit moment aan werkelijk intiem contact dat bestaat uit de drie-eenheid van fysieke, emotionele en spirituele nabijheid. (meer…)
Hoe internet mijn brein verwoestte
Wetenschapsjournalist Amanda Verdonk betreurt het verlies van haar concentratievermogen, met dank aan het internet. Zij is met deze blogpost één van de winnaars van de blogwedstrijd Intieme technologie van het Rathenau Instituut.
Zomer, 2011. Het was zonnig en warm, en ik zat in de tuin het boek ‘Hoe verandert internet je manier van denken?‘ te lezen. Een verontrustend, maar vooral ook herkenbaar boek over de invloed van internet en smartphones op ons leven en denkpatroon. Een computer, zo lees ik, “is erop ingericht om je aandacht te verstrooien. Het schermt je niet af tegen afleidingen uit de omgeving – het zorgt juist voor extra afleiding. Woorden op een computerscherm zitten in een lawine van concurrerende pixels.”
Wat een mooie quotes, denk ik als journalist meteen. En wat doe ik? Ik grijp mijn smartphone erbij om die quotes gelijk via Twitter met de wereld te delen. Waardoor ik mijn aandacht niet meer bij het boek kan houden en de boodschap van het boek dus gelijk kracht wordt bijgezet: voor mij is het al te laat. Internet heeft mijn hersenen al zodanig beschadigd dat het lezen van een vlotgeschreven boek van kaft tot kaft er niet meer in zit. Dat bleek ook inderdaad, want ik heb het maar voor de helft gelezen. Ik voel me steeds dommer worden. (meer…)
Mijn iPhone, mijn zelf
Techniekfilosoof Bibi van den Berg denkt dat gepersonaliseerde informatie zal gaan bijdragen aan de vorming van onze identiteit. Een nieuwe aflevering in de serie Intieme Technologie van het Rathenau Instituut.
‘Identiteit’ is een van de meestbesproken thema’s van het afgelopen decennium, in de media, de politiek en in de wetenschap. Wie zijn wij, hoe is dat zo gekomen, en waarom? In welke mate bepaalt onze biologische systeem wie wij zijn, en in hoeverre spelen opvoeding en omgeving een rol? En wat is de impact van grote sociaal-maatschappelijke veranderingen, zoals de opkomst van globalisering, de toenemende individualisering, het afkalven van een traditioneel ankerpunt zoals religie, en het toenemen van persoonlijke vrijheid?
In tijden van technologische hoogspanning dringt zich bovendien de vraag op of onze identiteiten aan veranderingen onderhevig zijn als gevolg van het gebruik van technologie, of in relatie tot technologie. Zijn wij andere mensen geworden door ons intensieve gebruik van het internet, of drukken we andere kanten van onszelf uit nu we allemaal zijn uitgerust met een iPhone of een andere slimme telefoon? En hoe gaat dat verder met onze identiteiten, naarmate onze wereld steeds verder getechnologiseerd wordt, naarmate we steeds ‘intiemer’ met technologie gaan leven? (meer…)
Open source intimiteit
Volgens podiumkunstenaar Jan van den Berg zal technologie in de toekomst zo eigen worden als een orgaan. Een nieuwe aflevering van Intieme Technologie.
Het begrip ‘intieme technologie’ markeert een transitie. Een overgang van een tijdperk waarin er slechts sprake was van eenzijdige intimiteit tussen mens en technologie, naar een periode van wederkerigheid in de relatie. Een wederkerigheid die ik open source intimiteit zou willen noemen.
Ooit was het beroeren van de aan-en-uit-knop zo ongeveer het enige, werkelijk intieme contact tussen mens en technologie. Tegenwoordig zullen weinigen hun omgang met de elektrische tandenborstel, de pacemaker, de dildo of de afstandsbediening nog als intiem ervaren. En terecht. Op grond van één van de (ironische) definities van technologie is zij immers ‘alles wat na mijn geboorte werd ontwikkeld’. Dat sociale media, medische zelftests en knuffelrobots zich in onze privésfeer nestelen, dunkt me eerder een gevolg van het feit dat we allang intiem met (IT-) technologie zíjn, dan dat er nog iets extra’s –meer intimiteit?– aan wordt toegevoegd (afgedaan?). En het gegeven dat er met die zogenoemde intieme technologie ook gevoelige, persoonlijke informatie kan worden uitgewisseld, lijkt me nou juist essentieel voor intimiteit. Evenals het besef dat ze kapot kan! Tussen mensen, tussen technologieën, én tussen technologie en mens. (meer…)
De strijd voor het behoud van gebarentaal
Intieme technologie kan emanciperend werken. Maar lang niet altijd. De opkomst van het cochleair implantaat heeft bijvoorbeeld de verspreiding van gebarentaal geen goed gedaan, volgens socioloog Stuart Blume in deze nieuwe aflevering van Intieme Technologie.
Vanuit technisch oogpunt is een cochleair implantaat een prachtig staaltje van technologie. Het implantaat bestaat uit een elektrode die via een operatie wordt ingebracht in het binnenoor (slakkenhuis of cochlea), een microfoon (die eruitziet als een gehoorapparaat) en een ontvanger. Hiermee kunnen doven bij wie een gewoon gehoorapparaat niet werkt, toch op een bepaalde manier horen. Ik heb geen cochleair implantaat, noch iemand anders in mijn familie. Toch heeft deze technologie twintig jaar geleden een belangrijke rol in mijn leven gekregen. (meer…)
Tietje of flesje drinken: de grenzen van evidence based policy
Kan de wetenschap de controverse over borstvoeding en flesvoeding oplossen? Nee natuurlijk niet, constateert Antoinette Thijssen. Ze is Hoofd Communicatie bij het Rathenau Instituut.
Tot mijn grote genoegen zat ik laatst aan bij een dinerconference gehouden ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van het Rathenau Instituut. In de Ridderzaal spraken ruim 200 hoogwaardigheidsbekleders uit politiek, beleid, wetenschap, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties met elkaar over evidence based policy. Die term slaat op het wenkende perspectief dat beleid rechtstreeks wordt gebaseerd op wetenschappelijke inzichten. Een mooi streven dat in de praktijk nog wel eens lastig blijkt. Denk maar het klimaatdebat. En aan de mislukte vaccinatiecampagne tegen HPV dat baarmoederhalskanker veroorzaakt. Beide cases worden veelvuldig aangehaald in de discussies over evidence based policy.
Eén onderwerp wordt, gek genoeg, nooit in dit verband genoemd. En dat is borstvoeding. Jammer, vind ik dat, want als er één thema is waarbij bij uitstek te zien is hoe ingewikkeld de relatie tussen wetenschap en beleid is dan is het wel bij borstvoeding.
(meer…)
Borstvoedingcultuur
De blogpost over borstvoeding van Sabine Roeser op deze website maakte heel wat los. Rathenau-onderzoeker Floortje Daemen beschrijft haar eigen ervaringen met de Nederlandse ‘borstvoedingscultuur’.
Met de slogan “borstvoeding is het beste voor je baby” werd ook ik om de oren geslagen in mijn eerste kennismaking met borstvoeding. Ik zat hoogzwanger samen met een handjevol andere aanstaande ouders in een morsig zaaltje te luisteren naar een weinig inspirerend verhaal over borstvoeding. Als ik zou twijfelen over borstvoeding, zou deze voorlichting mij niet over de streep hebben getrokken. Inmiddels genieten mijn zoontje en ik al ruim 16 maanden van borstvoeding en dat is voor Nederlandse begrippen uitzonderlijk lang. Toch begint 81% van de kersverse moeders met borstvoeding. Na 6 maanden is daar nog maar 13% van over, aldus een TNO-onderzoek. Dat verbaast mij niet, want één ding is mij duidelijk geworden de afgelopen 16 maanden: we hebben geen borstvoedingscultuur in Nederland. Ik hoor je denken: ‘een borstvoedingscultuur’ wat is dat nou weer? Zeker verzonnen door de ‘borstvoedingsmaffia’? Nee hoor. Het is mij gewoon opgevallen dat Nederland geen borstvoedingsvriendelijk land is. (meer…)
Het risico van normalisatie
Wetenschap wordt steeds meer gebruikt om afwijkingen van de norm op te sporen. Moeten we daar wel blij mee zijn, vraagt Jan Staman zich af. Hij is directeur van het Rathenau Instituut. Een nieuwe aflevering in de serie Intieme Technologie.
We weten steeds meer over de binnenwereld van de mens. Die nieuwe kennis kan worden ingezet om ons gedrag en aard te ‘normaliseren’. De wereld om ons heen ontdekken en begrijpen: dat is wat de wetenschap van oudsher doet. Maar het spannendste onderzoek van dit moment focust niet langer op de buitenwereld.
Wijzelf, onze binnenwereld: dat is de wetenschappelijke frontier. Turend in onze genen en breinen begrijpen wetenschappers steeds beter – beter dan wijzelf – wie we zijn en waarom we doen wat we doen. Hoe meer de wetenschap ons echter doorgrondt en de technologie ons doen en laten registreert, hoe minder blijft er verborgen van ons handelen, denken en voelen. We leven in een verregaande staat van transparantie. Het risico dat daaraan is verbonden, is dat al die nieuwe kennis en technologie ingezet worden om onze aard en ons gedrag eerst te classificeren en vervolgens te normaliseren. Ons te vangen in een klemmend systeem van cijfers en normen die vastleggen wat gezond, normaal en wenselijk is. En wie iets ongezonds, abnormaals of onwenselijks vertoont, heeft ‘hulp’ nodig om alsnog aan de vastgestelde standaard te voldoen. (meer…)
De spionagerobot in ons
Kan met een nanopil ook een spionagerobot worden gemaakt? Mathieu Odijk, werkzaam bij de BIOS Lab-on-a-Chip Group aan de Universiteit van Twente, probeert deze vraag te beantwoorden in deze aflevering van Intieme Technologie van het Rathenau Instituut.
Dit blog gaat over technologie in ons, maar dan op de meest letterlijke manier. Ik werk bij de BIOS Lab-on-a-Chip Group aan de Universiteit van Twente waar een nanopil wordt ontwikkeld. Het doel van de nanopil is het opsporen van de vroege stadia van darmkanker. Deze pil wordt door een patient ingeslikt. In de darmen kan deze pil met behulp van hele gevoelige nanodraadjes de aanwezigheid van bepaalde fragmenten (hypermethylated) DNA detecteren, die op het ontstaan van kanker kunnen wijzen. Als een stukje van dat DNA bindt met een stukje complementair DNA op het nanodraadje verandert de geleidbaarheid van het nanodraadje. Dit is te meten als een verandering in de stroom door het draadje. De elektronische pil kan het resultaat van de meting naar bijvoorbeeld de smartphone van de patient versturen. Een animatie van onze Twentse nanopil is te vinden op onze website. (meer…)





