Author Archives: Jona Lendering
Was will das weib?
Geïnteresseerd als ik ben in het vrouwelijk geslacht (uit zuiver wetenschappelijke motieven, vanzelfsprekend) schafte ik mij deze week de Viva aan, dat de resultaten beloofde van het Grote Relatieonderzoek. Veel wijzer werd ik er niet van. Ik begrijp althans niet waarom de redactie het samenvat als “stiekem blijken we hartstikke conservatief”.
De geënquêteerde Viva-vrouwen zijn gemiddeld negenentwintig. Als ik de gemiddeld-negenentwintigjaren in mijn kennissenkring in één zin zou moeten typeren, dan denk ik dat ze over het algemeen nogal nuchter zijn. Sommigen zijn hoog opgeleid, anderen niet; de een neigt naar romantiek en de ander is stoer; de ene is avontuurlijk en de ander zit liever thuis; de waarde die ze hechten aan hun baan varieert; er zitten wat meer lesbiennes tussen dan het Viva-gemiddelde, maar dat is niet ongebruikelijk in Amsterdam; en behalve leuke vrouwen zijn er ook een paar zeurpieten. Ze zijn dus nogal verschillend en ook de mate van nuchterheid varieert, maar ze is wel degelijk een vrij opvallende trek, die ook buitenlandse vrienden steeds weer opvalt.
Zijn de mij bekende vrouwen “hartstikke conservatief”? (meer…)
Prostitutie kun je niet halveren
Toen het schooltje waarvoor ik werk net was opgericht, gaven we onze cursussen in een leegstaand huis aan de Oudezijds Voorburgwal. Het lag aan de rand van De Wallen, het befaamde/beruchte gebied waar in Amsterdam de prostitutie plaatsvindt. We ondervonden daarvan weinig last, al wist ik nooit goed waar ik moest kijken als ik ’s morgens werd begroet door een schaars geklede buurvrouw die de stoep stond te schrobben.
Schrobben, dat was ook mijn eerste bezigheid, want meestal had er die nacht een junk in het portiek geplast. En als het de junks niet waren die overlast veroorzaakten, dan waren het wel de toeristen, waarvan sommige al om elf uur in de ochtend in kennelijke staat verkeerden. Het was dermate storend dat ik de verleiding mijn emmer met zeepsop over zo’n dronkenlap leeg te gooien, bij één gelegenheid niet heb weerstaan. Van de prostituees had ik weinig last – sterker nog, ik ondervond er nooit overlast van – maar ze trokken een hoop publiek aan dat ik liever zag gaan dan komen. Ik begrijp dus uitstekend wat de Alkmaarse bewonersvereniging beweegt die, zo lees ik, zich sterkt maakt voor het sluiten van het plaatselijke prostitutiegebied. (meer…)
Europees federalisme
Ik ben vermoedelijk de laatste Europese federalist in Nederland. Dat je een bepaalde visie als enige hebt is soms wat vervelend, maar het aardige is dat je in discussies met chauvinisten vroeg of laat altijd gelijk krijgt.
De door hen verdedigde nationale staten zijn namelijk slechts toevallig tot stand gekomen constructies zonder veel historische of bestuurlijke legitimiteit. Je kunt je emotioneel identificeren met je woonplaats of je geboortestreek; cultureel gezien ben je een Europeaan; het niveau daartussen is echter nogal artificieel. In feite is Nederland pas als eenheid ontstaan in de halve eeuw na pakweg 1780. Weinig historische legitimiteit.
Bestuurlijk is er ook weinig legitimiteit. De nationale staten zijn ondingen. Om bestaansrecht te hebben, moet er iets zijn dat op nationaal niveau moet worden geregeld. Maar wat kan dat zijn? Sinds Indië is verloren, is het in elk geval niet langer de economie, die we alleen draaiend kunnen houden door Europees samen te werken. En dat is de afgelopen ruime halve eeuw dan ook steeds gebeurd. (meer…)
Les extrêmes se touchent
In dit stukje speel ik leentjebuur bij enkele andere bloggers, die alle hetzelfde punt maken. De eerste is Peter Breedveld, die in deze blogpost op zijn website Frontaal Naakt vertelt over de hoeveelheden modder die hij over zich heen krijgt gegooid omdat hij een relatie heeft met een moslima. Eén van de reacties was dat men zich afvroeg hoe hij, een ongelovige Nederlander, een relatie kon hebben met een Marokkaanse moslima, aangezien een moslima niet met een niet-moslim zou mogen trouwen. Dus óf Breedvelds geliefde zou een afvallige zijn, óf Breedveld zou moslim zijn geworden.
Breedveld bestrijdt deze argumentatie. Hij en zijn vriendin kunnen hun eigen heerlijke gang gaan, zijn moslim-vriendin is niet verstoten en hij is door haar familie aanvaard. En juist dit, schrijft hij, is wat hem de niet aflatende stroom beledigingen oplevert. Immers, door gewoon van elkaar te houden, ontkracht hij het wereldbeeld van ‘s Neêrlands islamofoben. Breedveld en zijn vriendin leveren het empirisch bewijs dat een gemengd huwelijk mogelijk is en dat de islamofobe sjabloons te simpel zijn.
Het is krek zo. De vraag is: van wie is religie? (meer…)
De eerste bommen op Rotterdam
Het is vandaag tweeënzeventig jaar geleden dat de Duitse luchtmacht Rotterdam bombardeerde. De Duitsers waren de Maas al overgestoken en daarmee was hun voornaamste strategische doel in feite al behaald. Ook de Nederlandse verdediging op de Grebbeberg was bezweken, hoewel de Nederlandse soldaten hadden gevochten als leeuwen – de 420 doden zijn daarvan de getuigen. De Nederlandse weerstand was groter gebleken dan de Duitsers hadden verwacht, en dus werd gekozen voor het drastische middel van een bombardement op een burgerdoel.
De bommen die op 14 mei op Rotterdam vielen, waren echter niet de eerste. Een ooggetuigenverslag van de aanval op 10 mei leest u hier. Het is geschreven door mijn vriend Jaap Velt (1934-2004). Ik heb het hem nooit gevraagd, maar ik vermoed dat hij zijn hele leven elke dag aan de gebeurtenis heeft moeten denken
Foto: Provinciaal Historisch Cuseum Zuid-Holland
Reisleiders
Momenteel leid ik een groep door het noordwesten van Turkije. Ik weet beslist niet alles en ben daarom blij dat ik het samen met een Turkse collega kan doen. En ook samen weten we niet alles. Soms moeten we nog iets opzoeken, zoals de herkomst van de diplomatieke uitdrukking “de verheven porte”. Eigenlijk vind ik dat nog het leukste van mijn bezigheden.
Sommige reisleiders hebben meer zelfvertrouwen. Ik zag vandaag een collega een groep leiden door het fenomenale archeologische museum (een van de allerbeste archeologische musea ter wereld). Bij elk beeld, bij elk voorwerp wist hij iets te vertellen, en het duurde even voor ik ontdekte hoe hij zoveel kon weten: hij werkte met een microfoon die was verbonden met oortelefoontjes, en kon zo even voor de groep uitlopen en de bordjes lezen.
Het is niet zonder gevaar. (meer…)
4 mei 2009
Amsterdam, Kinkerstraat, het verkeerslicht voor de Nassaukade. Het is 4 mei 2009, het is acht uur. Voetgangers en fietsers staan op de trottoirs stil. Een wat oudere dame zet de motor van haar kleine blauwe auto af. Misschien niet op de handigste plaats: voor een stoplicht.
Als het op groen springt, blijft ze stil staan. Dat is niet naar de zin van de chauffeur van de zwarte auto achter haar: de stilte wordt verstoord met luid getoeter. Het licht wordt rood, het licht wordt opnieuw groen, wederom getoeter. Een man uit de zwarte auto gooit zijn portier open en beent op het dametje af.
Wat hij haar toevoegt, valt van de plaats waar ik sta niet te horen, maar zijn driftige gebaren verraden dat hij boos is. De vrouw in de blauwe auto lijkt te gebaren dat ze met rust wil worden gelaten. Juist op het moment dat ik denk dat de man zijn geduld zal verliezen en ik ooggetuige zal zijn van de mishandeling van een bejaarde, begint ergens het Wilhelmus te spelen, springt het licht op groen en trekt de bestuurster van de blauwe auto op.
Kwakgeschiedenis: het Griekse erfgoed
De wetenschappelijke methode, onze vrijheid, de experimentele wetenschap, de democratie, rationaliteit, wiskunde, wijsbegeerte… het wordt allemaal maar toegeschreven aan de oude Grieken en het is bijna allemaal niet waar.
Over het algemeen gaat de drogredenering als volgt: wij hebben X, de Grieken hadden ook X, dus wij hebben het van de Grieken. Dat X ook bij andere volken kan zijn voorgekomen wordt vaak genegeerd (wiskunde is hier een voorbeeld), zoals men ook vaak over het hoofd ziet dat X vergeten kan zijn geraakt en herleefd kan zijn, zonder dat er een direct verband is (democratie).
Verder is maar de vraag of de Grieken X wel echt op hun culturele repertoire hadden, want misschien is ons voorbeeld van een Griekse X wel niet-representatief. (meer…)
De behoefte aan moralisme
Het Nationaal Comité 4 en 5 mei komt op het idee een jongen van vijftien een gedicht te laten voordragen bij de Dodenherdenking, waarin hij erop wijst dat zijn oudoom, als SS-er, een foute en onomkeerbare keuze heeft gemaakt. Ook die oudoom mocht niet worden vergeten. Misschien was het kortzichtig van het genoemde comité om dit gedicht te laten voordragen, want het vervolg was voorspelbaar. Er klonken protesten van het CIDI en het Auschwitzcomité, die vinden dat de Dodenherdenking eigenlijk een slachtofferherdenking moet zijn. Het resultaat is bekend: het gedicht werd teruggenomen.
Het relletje bewijst, om te beginnen, dat we nog steeds onze schouders niet ophalen over de gebeurtenissen, zelfs al liggen ze inmiddels zo’n zeventig jaar achter ons. Het is ook goed dat niemand de jonge dichter ook maar iets kwalijk neemt – de discussie gaat niet over hem of zijn gevoelens, die door alle partijen worden gerespecteerd. Dat is eigenlijk allemaal goed nieuws. (meer…)
De vijfde zuil
Wie een moslim vraagt wat zijn of haar geloof inhoudt, zal al snel vernemen dat het draait om vijf dingen, de ‘vijf zuilen’ van het de islam. De eerste daarvan is het inzicht dat er maar één God is en dat Mohammed Diens profeet is. Deze geloofsbelijdenis zul je in het Midden-Oosten enkele keren per dag horen, want ze vormt ook de oproep tot het gebed. Dat gebed vormt de tweede zuil, en zoals bekend wenden de geloven zich daarbij naar Mekka en maken ze verschillende buigingen. De derde zuil is de vastenmaand ramadan, tijdens welke een moslim zich gedurende de dag moet onthouden van drinken en eten. Ten vierde is er de plicht aalmoezen te geven.
De overgrote meerderheid van de gelovigen zal zich hiertoe beperken en ieder geeft er op zijn eigen wijze vorm aan. Ik heb eens een reis door oostelijk Turkije gemaakt met een chauffeur die bleef vasten (hoewel reizigers dispensatie hebben voor de ramadan en ondanks het feit dat hij vijfentwintig man in zijn bus had), maar ik heb ook meer seculiere mensen ontmoet die weinig deden aan de vasten. Mijn buurjongen krijgt elke dag SMSjes die hem in staat stellen zich tot op de minuut te houden aan de gebedstijden, terwijl een goede vriend in Teheran meteen na het opstaan al zijn gebeden opzegt. Zoveel hoofden, zoveel zinnen. (meer…)





