Author Archives: Felix Rottenberg
Heksentoer
De zaterdagcolumn van Felix Rottenberg uit de papieren editie van het Parool verschijnt iedere zondag, maandag of dinsdag op Sargasso.
Het moet gezegd worden: Mark Rutte was in topvorm bij de Algemene Beschouwingen over de Miljoenennota. Hij sprak voornamelijk uit zijn hoofd, was geestig en deed denken aan de dagen dat hij zich nog een betrekkelijke buitenstaander in de politiek waande.
Naast al het gelazer met Rita Verdonk, dat nog lang niet is afgelopen, krijgt Rutte nu een volgend examen voorgelegd, de kwestie Europees referendum.
Dat referendum komt er, ook wil het kabinet dat niet. Vroeg of laat zal, met steun van de PvdA-fractie, een meerderheid in de Tweede Kamer ontstaan die om uiteenlopende redenen voor een volksraadpleging is. En die kan een griezelig resultaat opleveren, namelijk opnieuw een nee.
Zo’n uitslag zal Nederland in Europa in een benarde positie brengen, die haaks staat op de pioniersrol die het land tientallen jaren heeft vervuld.
Ik moet er eerlijk gezegd niet aan denken dat een negatieve uitslag Nederland in de rol brengt van de grote Europa-remmer.
Vorig jaar las ik de biografie van Sicco Mansholt die, eerst als minister van Landbouw en Voedselvoorziening en later als de eerste Nederlandse Europese Commissaris, een rol van betekenis vervulde in de opbouw van Europa. Dit voortreffelijke boek van Johan van Merriënboer, simpelweg getiteld Mansholt, een biografie, is verplichte lectuur voor iedereen die overvallen wordt door twijfel over Europa.
Ik heb het met één onderbreking voor een korte nachtrust achter elkaar uitgelezen. Want via de belevenissen van Mansholt reist de lezer door het naoorlogse Europa en beseft hoe cruciaal het Europa van Mansholt is geweest voor de wederopbouw en modernisering van Nederland en zijn Europese bondgenoten.
(meer…)
Maskerade
De zaterdagcolumn van Felix Rottenberg uit de papieren editie van het Parool verschijnt iedere zondag, maandag of dinsdag op Sargasso.
De impressies van politiek tekenaar Opland worden node gemist. Als geen ander kon hij voorspellen dat gevaarlijk drama op komst was. Opland – een alias van Rob Wout – maakte shakespeareaanse taferelen van een politieke rel: vechtende ridders in Byzantijnse kostuums, veel bloed, zweet en tranen.
Het werd al weken gefluisterd: Mark Rutte slaat toe als Rita Verdonk in de fout gaat. En nu is er opnieuw Oplands theater. Het is onvermijdelijk, het hoort bij de politiek, het is wat de politiek fascinerend maakt. Maar het is ondraaglijk voor de hoofdrolspelers.
Mark Rutte kan het niet bolwerken; al bijna anderhalf jaar speelt hij dat hij gelukkig is, niemand gelooft het.
De maskerade begon in april vorig jaar, toen Rita Verdonk zich tamelijk onverwacht opwierp als tegenkandidaat in de verkiezing van de leider van de VVD. Rutte reageerde aangeslagen, zijn politieke intuïtie waarschuwde hem: een strijd met Verdonk betekende eindeloos gelazer.
Maar het was te laat om zich terug te trekken en hij kon het zich ook niet permitteren zijn afschuw over een strijd met Verdonk hardop uit te spreken.
Vanaf dat moment was Rutte zijn glans kwijt, omdat hij niet meer zei wat hij dacht. Vreselijk is dat, want Rutte is een originele en geestige man. Maar alles wat hij als partijleider ondernam, was geforceerd, zelfs de manier waarop hij nu Verdonk uit de fractie heeft gezet.
Rutte had nooit partijleider moeten willen worden. Hij is de ideale derde man, degene die het kuddegedrag van politici durft te hekelen en die slimme ideeën bedenkt als anderen zich vastbijten in harde standpunten. Maar het verschrikkelijke bestaan van een politiek leider ligt hem niet; het heeft hem tot een karikatuur van zichzelf gemaakt.
(meer…)
Zoef de Haas
De zaterdagcolumn van Felix Rottenberg uit de papieren editie van het Parool verschijnt iedere zondag, maandag of dinsdag op Sargasso.
Dat was een heerlijk interview, vorige week in PS van de Week, met Geert Dales, de Zoef de Haas van het openbaar bestuur. Langer dan drieënhalf jaar houdt hij het in een functie niet uit, maar in zo’n korte periode maakt hij toch indruk.
Ik ben een fan van Dales, hij is werkelijk een goede politicus. Hij kent zijn zaken, hij durft posities in te nemen en impopulaire standpunten te verdedigen. Zijn drift bevalt me, die maakt hem onberekenbaar. Hij kan zich af en toe geweldig opwinden, Dales is de Nederlandse Nicolas Sarkozy.
Ivo van Hove, de leider van Toneelgroep Amsterdam, kan het interview van Bas Soetenhorst met een paar ingrepen zó laten opvoeren in de grote zaal van de Stadsschouwburg, onder de titel Dales spreekt. Acteur Hein van der Heijden kan een mooie Dales neerzetten. Maar misschien is het een nog beter idee de rol te laten spelen door een steractrice zoals Jacqueline Blom, bekend van haar rol als Puck in Oud Geld. Zij kan die ingehouden Dalesdrift onverwacht tot uitbarsting laten komen.
En dan één keer, aan het einde van zo’n serie, moet Van Hove Dales vragen zichzelf te spelen. Dat dacht ik toen ik het Parool-interview las: Dales speelt permanent een rol. Hij zweept zichzelf op, pakt de interviewer in, maar dat lukt maar half en dus probeert hij met geraffineerde tussenzinnetjes toch zijn gelijk te halen.
(meer…)
Achterbaks
De zaterdagcolumn van Felix Rottenberg uit de papieren editie van het Parool verschijnt iedere zondag, maandag of dinsdag op Sargasso.
Ach, Jan Pronk. Ik hoorde van de kaasboer ‘dat hij het ging doen’. Ik wist niet wat hij bedoelde. “Gaat hij terug naar Darfoer, nu voor een particuliere hulporganisatie? Moedig,” prevelde ik nog. Thuis stond een rits berichten in de mail: ‘U bent niet bereikbaar, wat is uw commentaar op Pronk?’ In Het Parool las ik dat Pronk zijn ambities om PvdA-voorzitter te worden, had bevestigd. Dat vond ik een daad die van weinig wijsheid getuigde, van een man die ik soms als een staatsman beschouw.
Zondag zag ik op televisie een andere staatsman schitteren als Zomergast: Alexander Rinnooy Kan. Wat een allemachtig mooie uitzending was dat. De allemansvriend Rinnooy Kan liet verrassend onbekende kanten van zichzelf zien: zijn nieuwsgierigheid naar de raadselachtigheid van de mens, zijn fascinatie voor tovenaars, wiskundigen en zoekende denkers. Hoogtepunt was ook de sympathieke manier waarop hij de kortzichtige en drammerige onderhandelingskunde van Ed van Thijn en Joop den Uyl fileerde, toen ze het in 1977 finaal aflegden tegen de slimme capriolen van Dries van Agt.
Politieke partijen die bestuursverantwoordelijkheid dragen en vuile handen maken, schieten altijd tekort. Ze moeten meer doen dan de tijdgeest begrijpen, namelijk moedig gedrag vertonen en tegen de mode in lastige, onpopulaire maatregelen treffen. Als de opiniecijfers lange tijd grote winst voorspellen, ondervinden de leiders weinig problemen. Als het dan bij verkiezingen tegenvalt, begint de langzame sloop van de leider. Al honderden jaren wachten bekwame intriganten op het juiste moment om, nooit rechtstreeks, toe te slaan.
(meer…)
De kwestie-Ritzen
De zaterdagcolumn van Felix Rottenberg uit de papieren editie van het Parool verschijnt iedere zondag, maandag of dinsdag op Sargasso.
Minister Ronald Plasterk heeft zijn eerste extra bonus verdiend. Drie maal hulde voor zijn heldere veroordeling van de ladelichter Jo Ritzen. Ongelofelijk dat zo’n verstrooide professor na een avontuurtje bij de Wereldbank de aanvaarding van een topbaan – bestuursvoorzitter van de Universiteit Maastricht – heeft laten afhangen van een eenmalige premie, een startgeld van bijna drie ton.
Inderdaad, er zijn ernstiger zaken die opwinding rechtvaardigen, maar dit mag niet zonder gevolgen blijven. Wie een vaste functie in loondienst ambieert bij een publieke instelling die voor een groot deel met belastinggeld wordt gefinancierd, kan zich niet permitteren te doen alsof hij met een marktorganisatie onderhandelt. (meer…)
Dierbare tegenstander
De zaterdagcolumn van Felix Rottenberg uit de papieren editie van het Parool verschijnt normaal iedere zondag, maandag of dinsdag op Sargasso.
Door omstandigheden presenteren we hier nu pas de column van afgelopen zaterdag, 23 juni.
Eigenlijk was Bart Tromp, zo bedacht ik me vannacht, een SDAP-er. Hij was het best tot zijn recht gekomen tijdens het leiderschap van Pieter Jelles Toelstra. Als nagekomen kleinzoon, als de dertiende apostel, verwant aan de Twaalf Apostelen, de groep mannen rond Troelstra die in 1894 de SDAP oprichtte.
Tromp deed denken aan P.J. Tak, een van de beroemdste criticasters van Troelstra, hoofdredacteur van dagblad Het Volk, literator en, net zoals Tromp, een virtuoze polemist in woord en geschrift.
Ik denk dat Tromp zelf ook een soort heimwee had naar de congressen van de SDAP, waar Troelstra’s geschipper vaak ter discussie stond. Tromp zou dan in een lange rede, met citaten van Marx en Lenin en vooral Karl Kautsky, de leider afgestraft hebben met vileine grappen, waar hij zelf ook gemeen om kon lachen.
De afgelopen tien jaar greep ik op donderdagavond éérst naar Het Parool, naar de column van Bart Tromp. Voor het raam, met het uitzicht op de oude stad, las ik zijn analyses. De laatste jaren waren zijn columns over de Nederlandse politiek een beetje flodderig, soms waren ze wat zuur. Maar altijd leerzaam.
Hij kon in een kwartier een column schrijven. Stilistisch perfect. Meesterlijk waren zijn verkenningen van nieuwe ontwikkelingen in de internationale politiek, want Tromp hield alle vakliteratuur bij. Hij las de artikelen in het Engels, Duits en Frans. Hij deed niet aan name dropping, hij was gewoon een niet modieuze vakman.
Bart Tromp was een kenner van opera, kon goed zeilen, maar had niet zoveel verstand van eten. Ik heb hem een keer uitgenodigd voor een Weense schotel naar het recept van mijn favoriete opa. Natuurlijk reageerde Tromp met een grapje waar hij zelf meteen om moest lachen. “Dat zal wel taaie kost zijn, erwten met doorgekookt vlees of zoiets?” “Nee Bart,” zei ik. “In wodka geflambeerde bloedworst met zachte rijst en gesmoorde paprika.”
(meer…)
PvdA-blues
De zaterdagcolumn van Felix Rottenberg uit de papieren editie van het Parool verschijnt iedere zondag, maandag of dinsdag op Sargasso.
Gisteren vroeg opgestaan. Buiten blies de wind een blues, die gek genoeg wel iets weg had van De Internationale. Beneden in de brievenbus lagen, onder embargo, de bevindingen van de commissie-Vreeman, het zoveelste rapport over de toestand van de PvdA.
Ik had me eigenlijk voorgenomen de Paroollezer niet te vermoeien met nóg een commentaar over de Nederlandse sociaaldemocraten. Bart Tromp heeft donderdag PvdA-fractieleider Jacques Tichelaar al behendig in de houdgreep genomen. Er is meer dan de PvdA, de SP is bijna even groot en virtueel sterker.
In de lift naar boven dacht ik aan het pamflet van Joost Zwagerman, een stekelige, als altijd goed geschreven monoloog, maar met een vreselijk simpele conclusie: een pleidooi voor een fusie van PvdA, SP en Groen Links. Hou toch op met dat gerommel aan structuren en met al die nieuwe partijformules! Het zal niet helpen. Analyseer dieper: partijen zoals de PvdA zijn overlevingsmachines geworden en daar verandert een fusie niets aan. De wetten van de decadentie slepen de partijen mee in de wedloop van de macht; wij burgers zijn er allemaal medeverantwoordelijk voor.
In een uurtje had ik het rapport van Ruud Vreeman uit.
Wat miste ik?
Ik miste An Thomassen-Lind, de grand old lady van de PvdA, een bijzondere vrouw en een invloedrijke moraliste.
In de jaren dertig ontmoette zij, in de natuurjongerenbeweging. Wim Thomassen. Hun generatie vernieuwde de SDAP, met Sicco Mansholt, Marinus van der Goes van Naters, Koos Vorrink en Wiardi Beckman. Beckman was voorbestemd na de oorlog de leider van de nieuwe sociaaldemocratie te worden. Maar hij stierf pal voor de bevrijding in het concentratiekamp, omringd door communisten en andere linksen, die hem tot het eind toe hadden beschermd, want hij móest het redden. Zijn in Dachau vervaardigde dodenmasker is indrukwekkend.
(meer…)
Een tent bij het Catshuis
De zaterdagcolumn van Felix Rottenberg uit de papieren editie van het Parool verschijnt iedere zondag, maandag of dinsdag op Sargasso.
De show van het kabinet maandagavond bij Knevel & Van den Brink deed af en toe denken aan het debuut van de leerlingenraad. Een beetje truttig, vooral omdat mensen tegen wie je eigenlijk wilt opkijken, excellenties, staatsmannen en staatsvrouwen, pr aan het bedrijven waren. Het is ernstig dat de spindoctors en beeldvormingsexperts de macht hebben.
Jack de Vries, de verkiezingstrateeg van het CDA, heeft het allemaal uitgedacht en dit trucje van hem wordt ook nog bejubeld door de voormalige Niet Nix-campaigners, de vrienden van Wouter Bos.
Balkenende en Bos kunnen veel beter. Zij hebben ongetwijfeld de memoires van Bill Clinton gelezen en moeten zich dus dat indrukwekkende initiatief van Clinton herinneren, in december 1992. Clinton was op dat moment ‘elected president’, maar nog niet geinaugureerd. Eigenlijk de mooiste weken in het bestaan van een staatsman. Iedereen is vol verwachting, je slaapt tussen de verhuisdozen met de spullen uit je oude huis, moet wennen aan lijfwachten en het nederige gedrag van zelfs je beste vrienden. Alles is mogelijk.
(meer…)
De overmeesteraar
De zaterdagcolumn van Felix Rottenberg uit de papieren editie van het Parool verschijnt iedere zondag, maandag of dinsdag op Sargasso.
De regeringskamer in het Elysée, het paleis van de Franse president Nicolas Sarkozy, doet denken aan de Trêveszaal op het Binnenhof. Het plafond is veel hoger, er blinkt meer goud en de stilte is sereen.
De ministers staan op als de president binnenkomt. François Mitterrand schroomde niet de tred van de Lodewijk XIV te imiteren, Chirac kwam luid pratend met zijn in jacquet gestoken kamerheren binnenwaggelen, hij nam de poespas niet serieus.
Sarkozy daarentegen marcheert met dezelfde drift als Napoléon Bonaparte. De president leidt de vergadering, zijn premier zit rechts van hem, nederig als een assistentje, met daartegenover de belangrijkste ministers, Hervé Morin van Defensie en, zeer verrassend, op Buitenlandse Zaken de socialist Bernard Kouchner, lieveling van linkse kiezers.
Omringd door zijn vijftien ministers heeft Sarkozy gisteren tijdens zijn eerste vergadering met zijn regering ongetwijfeld gedacht aan de arrogante observaties van Mitterrand over de vrijdagochtendsessies met het kabinet.
Mitterrand vond dat een ‘crime’. Hij bleef nooit langer dan een uurtje. Hij omschreef zichzelf als een notaris die toezicht hield op veel te ijverige, kleine mannetjes. Als de internationale politiek was afgehandeld, wenkte Mitterrand de bode, gebaarde naar de ministers dat ze moesten blijven zitten en schreed naar een van zijn vijf studeersalons om een meloensalade te nuttigen en de memoires van André Gide door zijn handen te laten glijden.
Sarkozy holt nu door de gangen van het Elysée zijn zonen achterna, die zich verstoppen in één van de 307 kamers waar de staf van de president werkt (de privévertrekken bevinden zich in een aparte vleugel).
Dat Sarkozy gekozen is, verbaasde mij niet. Ik volg hem sinds 1993. Toen verraadde hij zijn leermeester Chirac en liep over naar de concurrent, de pompeuze technocraat Édouard Balladur.
Sarkozy bleek bewust vadermoord gepleegd te hebben, het past geheel bij zijn aard om het conflict te zoeken, verwarring te scheppen en zo de strijd om de macht te winnen.
(meer…)
Tony’s houdgreep
De zaterdagcolumn van Felix Rottenberg uit de papieren editie van het Parool verschijnt iedere zondag, maandag of dinsdag op Sargasso.
Gek genoeg bestaat er nog geen top tien van de beste progressieve regeringsleiders. Dat is echt aan de orde nu Tony Blair, de belangrijkste socialistische premier sinds de Tweede Wereldoorlog in Europa, zijn aftreden heeft aangekondigd.
Het zou toch aardig zijn als alle radicale, groene, libertaire, socialistische en sociaaldemocratische Europarlementariërs eenmaal per vijf jaar, op de dag voor de Europese Verkiezingen, zo’n top tien vaststellen.
Willem Drees zou in het voetspoor van de naoorlogse Labourpremier Clement Attlee – de man die in 1945 onverwacht Winston Churchill versloeg – nog redelijk ver komen. Drees dacht als een gematigde marxist en was een zeer kundige strateeg achter de invoering van het recht op bijstand, de invalideitswetgeving en de aow, die later als de kern van de verzorgingsstaat werden beschouwd. Zelf sprak Drees liever van waarborgstaat, en hij pleitte voor streng toezicht op gebruik van al die voorzieningen. Hij voorzag misbruik en vreesde bij slonzig regeringsoptreden een riskant stijging van overheidsuitgaven.
Willy Brandt is door zijn legendarische Kniefall von Warschau met stip de beste regeringsleider. Hij doorbrak de impasse met het Oostblok en legde zo de basis voor de ontspanning, de détente, negentien jaar voor de val van de Muur.
Toen zijn trouwste adviseur ontmaskerd werd als topspion van de Stasi, de Oost-Duitse inlichtingendienst, twijfelde Brandt geen seconde: hij trad meteen af. Maar ook zonder staatsfunctie bleef zijn morele invloed groot op het denken over milieu en ontwapening.
Mijn kandidaat voor de tweede plaats is Tony Blair. Als vertegenwoordiger van de generatie van de babyboomers heeft hij een meesterlijke prestatie geleverd, ook als zijn blunders inzake de oorlog in Irak worden meegewogen.
Sinds 1991 volg ik Blair op de voet. Met John Jansen van Galen zag ik hem debuteren tijdens een debat in de marge van een Labourcongres in hotel The Old Ship in Brighton. Na afloop sprintte hij naar zijn hotelkamer om een spijkerbroek aan te trekken en zijn haar te föhnen. Hij representeerde toen al een nieuwe generatie politici: mooie jongens, die de presentatie even belangrijk vinden als de inhoudelijke analyse.
(meer…)






