Het zooitje van de Tweede Kamer
Je moet het lef maar hebben. Om nog vóór je als (vervangend) Tweede Kamerlid bent geïnstalleerd, al ongezouten kritiek te uiten op de handel en wandel in dit parlementair paradijs. Mathieu Heemelaar, die in de startblokken staat om Naima Azough (met zwangerschapsverlof) tijdelijk als Kamerlid van GroenLinks te vervangen, die flikt het wel.
De huidige fractievoorzitter in de stadsdeelraad Amsterdam-Westerpark – en tevens docent aan de Haagse Hogeschool – mocht onlangs al even als ’stagiaire’ in de Kamerbanken plaatsnemen en wist niet wat hij meemaakte. Op zijn hyves-blog deed Heemelaar, fervent homo-activist, een week geleden al verslag van zijn eerste ervaringen. En die liegen er niet om: “Zelden zag ik zo’n ongedisciplineerd zooitje. Er was een vooraanstaand lid van de PvdA, die gedurende het hele vragenuur onbeschoft met iedereen in de zaal grappen aan het maken was, en vrijwel het volle uur met zijn rug naar de voorzitter en het debat gekeerd stond.” Nee, namen wil hij niet noemen (heel verstandig Mathieu)….
Gekwetter
Wat Heemelaar meemaakte kun je afdoen als gewenning, maar de man heeft helemaal gelijk. Op tv lijkt het allemaal best ordelijk te verlopen in de plenaire zaal, en voor de treurbuis is alles best goed te verstaan. Maar in de zaal zelf is het een gekwetter van jewelste, zo weet ik uit eigen ervaring. Terwijl vooraan een debat gaande is, kan het rustig gebeuren, dat in de Kamerbanken daarachter luidruchtige mini-bijeenkomsten plaatsvinden. Heemelaar: “Voorzitter Gerdi (Verbeet – red) verzuchtte tot twee keer aan toe dat zij gesprekken in de zaal soms woordelijk kon volgen, hetgeen toch niet de bedoeling kon zijn. Op TV hoor je dat geklets niet zo, in de zaal komen de sprekers (versterkt!) nauwelijks boven het geroezemoes uit.”
Een gebrek aan discipline is inderdaad strijk en zet in dat parlementaire paleis. Dat was 30 jaar geleden al zo in de oude Kamerzaal (die veel kleiner was en nóg luidruchtiger) en dat is nu nog steeds het geval. Vooral tijdens het vragenuurtje op de dinsdag is het voor de Kamervoorzitter vrijwel ondoenlijk om enige orde te houden temidden van al die ADHD-politici, die zichzelf het liefst horen praten maar niets te zeggen hebben in de microfoon.
“Ik mag u verklappen, dat ik dergelijke ordeproblemen in een willekeurig eerstejaars hoorcollege in het hbo nooit geaccepteerd heb.”
Terecht, beste Mathieu en kaart – zoals je van plan bent – dit nóg maar eens bij Gerdi Verbeet aan. Ze zal het roerend met je eens zijn, maar ze zal je tevens vertellen dat alle opeenvolgende Kamervoorzitters in de laatste kwart eeuw niet in staat waren, om enige orde aan te houden in deze opgewonden schoolklas van geachte afgevaardigden.




