Brandend Griekenland is nog niet klaar met de jeugd
Hieronder volgt een gastbijdrage van Thomas van Aalten
Athene. Stad waar anarchie en democratie samenkomen. De situatie in Griekenland na de dood van de 15-jarige Alexandros Grigoropoulos is moeilijk te beschrijven. Je lost niets op door ‘de raddraaiers op te pakken en hardhandig aan te pakken’. Het geweld zal nog verder oplaaien en Griekenland naar de status van derderangs land slingeren als er niet snel iets wordt gedaan aan de cultuurclash.
Het is een veelzeggende foto die de wereld over is gegaan: politiemannen houden op straat een vermomde jongen in bedwang. Op zijn trui staat het logo van Anti-Flag, een Amerikaanse (en volgens Wikipedia) ‘anti-militaristische’ punkband. Ik weet zeker dat de jongen slechts zou stamelen en zijn ‘boodschap’ nauwelijks kan verwoorden. Maar plaats het tegenover het andere Griekenland dat wij nauwelijks kennen. Een kwart van de jongeren is werkloos. Het hoger onderwijs biedt nauwelijks kansen; heb je een master van de universiteit, kan je nog voor een paar honderd euro ongeschoolde arbeid verrichten. Tot je dertigste thuis wonen, de mediterrane traditie ten spijt, vergroot niet de bewegingsvrijheid die elk jong mens gegund is. No Future in Griekenland. Onbedoeld ontstaat er het zoveelste pleidooi voor een nieuw Griekenland, in het kielzog van een rampzalig sterfgeval.
Het rommelt er al jaren. Op 14 september 2007 schreef Tijn Sadée in NRC Handelsblad naar aanleiding van de Griekse verkiezingen: ‘De Griekse samenleving moet op de schop – daarover zijn politici in het linkse en het rechtse kamp het eens. Niet alleen het onderwijs, maar ook het almaar uitdijende ambtenarenapparaat en de zwakke gezondheidszorg zijn aan vernieuwing toe. De publieke sector gaat gebukt onder een inefficiënte, geldverslindende bureaucratie die uitnodigt tot corruptie. ‘
Op de website van Elsevier schrijft Chef Buitenland Oene van der Wal vorige week: ‘Maar de Griekse autoriteiten moeten de relschoppers nu hard met de neus op de feiten drukken: in het land waar de democratie is uitgevonden gelden niet de wetten van de straat, maar die van parlement en rechtsstaat.’ Dat getuigt van een eenzijdige benadering. Dit is niet zomaar een clubje stenengooiers. De Griekse situatie is niet te vergelijken met de rellen in de banlieus in Parijs en verschilt ook sterk qua karakter in vergelijking met de ongeregeldheden na de dood van Bilal B in de Amsterdamse wijk Slotervaart; dat waren allemaal gevallen van hoog opgelopen spanningen binnen één – al dan niet heterogene – groep. De verontwaardiging in Griekenland wordt breder gedragen, ook onder hoger opgeleiden. De schrijver en diplomaat Vassilus Vassilikos (70) zegt in de Italiaanse krant La Stampa van 9 december: ‘Het is een spontane revolutie tegen elke vorm van systeem.’
De “revolutionaire” opvattingen van studentenbewegingen en universiteitsbesturen zijn overigens niet altijd even fris. Elke mogelijke vernieuwing binnen het onderwijsstelsel wordt al snel afgedaan met een beschuldiging dat er aan ‘elitevorming’ door de regering wordt gedaan. Wat is hun angst? De post van hun veilige plek in besturen en raden van universiteiten? Zijn juist zij niet de zetelklevers van morgen?
Het is tragisch dat betogers en politie-eenheden elkaar zelfs niet met rust laten, kort na de begrafenis van Grigoropoulus. Het aloude Spartaanse bloed stroomt nog door de aderen. De twee agenten die nu vastzitten zijn dertigers, maar een deel van de huidige generatie politie-agenten is nog ‘grootgebracht’ onder het bewind van de kolonel Georgios Papadopoulos. Daar reageren de “autonomen” weer gefrustreerd op en zo ontstaat een geweldsspiraal, een kat-en-muisspel tussen opstandelingen en politie.
Griekenland is helaas niet alleen het land van de all inclusive discountreizen of de thuishaven van ouzo en Demis Roussos, al zouden we dat graag geloven. Griekenland kent verborgen gebreken: slechte economie, een wankel sociaal stelsel, corruptie. De centrale vraag is: wie luistert er naar de opstand? Waar is dit theater van vandalisme voor nodig? Het is te makkelijk om te roepen dat dat ’schorriemorrie’ achter slot en grendel moet. Wie luistert er naar de boodschap van de archetypische rebel, die zich heeft gestort op een nationale vernielestafette in de Griekse steden? Maar vooral: wat heeft hij ons in godsnaam te vertellen?




