Anatomie van revoluties: over Vaclav Havel

RECENSIE - Doorgaans lees ik geen biografieën, maar het boek ‘Václav Havel, Een leven’ van van Michael Zantovsky is alleen maar aan te duiden als een topper, een ‘must-read’. Dat hangt samen met de kwaliteiten van de auteur, van het boek en van het object Havel. Ook de bijzondere geschiedenis van Havels Fluwelen Revolutie is een terugblik waard.

Schrijver Bruce Chatwin sprak ooit van een revolutie ‘met het gerucht van vallende bladeren’, maar het kan preciezer worden gezegd: het revolutionaire gerucht kwam van rammelende sleutelbossen, op het Wenceslausplein, nadat de menigte nu 25 jaar geleden door Havel was toegesproken.

Waarom is het jaar 1989 nog steeds fascinerend? Een hele generatie heeft de grauwheid niet meer meegemaakt, de angsten tijdens de Koude Oorlog niet meer gevoeld. De gedachte dat je onderdrukkende regimes met vakbondsacties, manifesten en rammelende sleutelbossen kon verdrijven, is voor die generatie niets bijzonders meer. Maar als je een keer bent afgeblaft door een Vopo, of de depressieve achterlijkheid van het arbeiders- en boerenparadijs hebt ervaren, weet je dat het uniek is dat het met zo weinig vechten en bloed kon veranderen.

Michael Zantovsky

Michael Zantovsky was vriend en medewerker van Havel tijdens zijn presidentschap. Bleef Havel te lang zitten? Had hij het gevoel onmisbaar te zijn toch gekregen, zoals veel normale machthebbers?

Het is het enige punt van kritiek, dat misschien mogelijk is op de vriendschap van de biograaf met zijn onderwerp. Zantovsky is psycholoog en boeit als hij spreekt over bijvoorbeeld de vrouwen in Havels leven, maar hij had ook mogen denken over de latere jaren, toen Olga, Havels eerste vrouw, was gestorven en Havel door zijn huwelijk met de veel minder charismatische Dagmar, veel aan populariteit inboette.

Uit die periode stamt ook de verdachtmaking van Petr Cibulka, mede ondertekenaar van Charta 77, die Havel een dubbelrol verwijt en samenwerking met de geheime dienst. Zantovsky vermeldt hem niet eens.

Je kunt ook redeneren dat elke politieke loopbaan in tranen eindigt, doordat de hoofdpersoon zijn of haar eindpunt niet ziet. Veel uitzonderingen zijn daarop niet te vinden. Een andere biograaf, John Keane, schrijver van Václav Havel, a political tragedy in six acts, zag – meer dan Zantovsky – de uiteindelijke tragiek van Havels leven.

Ik ben het eens met Zantovsky, die Havels leven niet als een tragedie beschrijft. Hij gaat het einde niet echt uit de weg, maar over Havels neergang had hij toch wat meer mogen psychologiseren.

Havel en 1989

Waarom boeide het verhaal van Zantovsky van de eerste tot de laatste bladzijde? Ik had Keane al gelezen, een biografie waar Zantovsky waardering voor heeft, al heeft hij ook kritiek. Ik las in de New York Review of Books doorgaans alles dat Havel schreef in die periode, in de vertaling van Paul Wilson.

Havels gedachten zoals uitgedrukt in ‘On Home’ of ‘The Hope for Twilight Europe’ zijn nog volkomen actueel. Zijn brieven aan Olga of de speeches in de bundel Angst voor de Vrijheid evenzeer.

Niettemin slaagt Zantovsky er in nieuwe dimensies op te roepen. Dat heeft te maken met zijn rol als getuige en deelnemer. Hij schetst de woningen waar Havel verbleef en zijn makkers ontving, de kroegen waar werd afgesproken, met andere schrijvers, dissidenten en musici. En vriendinnen.

Ook waardevol vind ik de wijze waarop Zantovsky poogt de druk te vatten, van de grauwheid, de restauratieperiode na de Praagse Lente van 1968, het regime Husak. En hoe Havel daar als schrijver en politicus op reageerde. In zijn open brief aan Husak schrijft hij:

In hun pogingen het leven te verlammen, verlammen de autoriteiten dus zichzelf en ontnemen ze zichzelf op de lange termijn de mogelijkheid om het leven te verlammen.

Het is een mooie vergelijking met de tweede wet van de thermodynamica. Uiteindelijk zal het leven zich met alle kracht opnieuw doen gelden, dus Havel concludeert: ‘Als het leven niet voorgoed kan worden vernietigd, kan ook de geschiedenis niet volledig een halt worden toegeroepen’ (p.126).

The Plastic People of the Universe, een onschuldige band van langharige rockmusici, werd vervolgd door Husak. Havel zag ineens het licht en had een zaak. Intuïtief begreep Havel dat de strijd hier moest beginnen, op de bodem’ (p.135).

Hier spreekt het mechanisme, openlijk verzet tegen de verlamming in de politiek en woede over de repressie van de muziek waar Havel, als fan van Frank Zappa en de Rolling Stones, een zwak voor had. Die verbinding tussen de politieke omstandigheden en de artistieke uitingen van Havel, is de kracht van het boek.

Havel als verbinder

Zantovsky heeft het over de ‘koolstofeigenschap’ van Havel: hij kon zich met iedereen verbinden. Bijzonder was de groep rond Charta 77, met de oude filosoof Jan Patocka, die een ‘vriedelijke, maar meedogenloos consequente’ stijl van redeneren had.

De Nederlandse minister Max van der Stoel ontving Patocka in zijn hotel, op een dienstreis naar Praag. Van der Stoel wist wat hij deed met het gesprek en de oude filosoof ook. Daags na het bezoek werd hij weer opgepakt voor verhoor; na een verhoor van elf uur kreeg Patocka pijn op zijn borst en overleed een dag later in het ziekenhuis. Het werd een behoorlijke internationale rel. Bij zijn begrafenis poogde de politie met ronkende helikopters en motoren de grafredes te overstemmen, maar de populariteit van Charta groeide.

Typerend is ook de ingewikkelde toestand rond de Erasmusprijs: zo fier als Max van der Stoel was gebleven ging het in ons land niet altijd. De rede, die namens Havel moest worden uitgesproken, was ‘te politiek’ voor de Nederlandse autoriteiten. Zo werd bij een bekroning voor zijn strijd om mensenrechten Havel door de Nederlandse regering gecensureerd (p.219-220).

Havel de revolutionair

Havel was de wellevendheid en de vriendelijkheid zelve: ook Zantovsky vindt het niet gemakkelijk te verklaren hoe die vriendelijke man toch ook politicus werd. ‘Iets met fluweel’ heet het hoofdstuk. ‘Eén ding dat blijft verbazen, is dat niemand de omwenteling heeft aan zien komen, terwijl ze achteraf zo onvermijdelijk lijkt te zijn geweest.’

Nog in september 1989 spreekt Havel In een interviewde hoop uit op verandering, maar zegt ook: ‘Die dag zullen wij misschien niet meer mee maken.’ Maar drie maanden later werd hij tot president gekozen.

Misschien is het hart van de revolutie wel de ‘Actiegroep’, ‘die nooit meer dan twaalf personen zou tellen en die de drijvende kracht achter de gebeurtenissen van de volgende weken en maanden zou worden’ (p.243).

De historicus Timothy Garton Ash schreef ooit: ‘During the Velvet Revolution in Prague, in 1989, crucial decisions were taken by a group around Václav Havel, meeting… in the Magican lantarn theatre.’

Er is nog veel te schrijven en te beweren, maar ik laat het bij een mooie van Havel zelf: ‘Het beste idee is een idee dat ruimte laat voor de mogelijkheid dat alles precies andersom is.’ Het werk van Havel moet worden gelezen, maar deze biografie zeker ook.

Michael Zantovsky, Václav Havel, Een leven / ISBN 9789085424420 / 608 pagina’s / hardcover € 39,99

  1. 1

    Een van z’n beste stukjes stapt hij voorbij aan het slachtofferschap van een dictatuur:

    When I talk about the contaminated moral atmosphere, I am not talking just about the gentlemen who eat organic vegetables and do not look out of the plane windows. I am talking about all of us. We had all become used to the totalitarian system and accepted it as an unchangeable fact and thus helped to perpetuate it. In other words, we are all – though naturally to differing extents – responsible for the operation of the totalitarian machinery. None of us is just its victim. We are all also its cocreators.
    […]
    On the contrary, we have to accept this legacy as a sin we committed against ourselves. If we accept it as such, we will understand that it is up to us all, and up to us alone to do something about it. We cannot blame the previous rulers for everything, not only because it would be untrue, but also because it would blunt the duty that each of us faces today: namely, the obligation to act independently, freely, reasonably and quickly.

    bron: https://chnm.gmu.edu/1989/archive/files/havel-speech-1-1-90_0c7cd97e58.pdf