Afschrijvingen | De prijs van de EU

COLUMN - Net als je even inkakt, prikken onze Vaste Gasten je elke werkdag om 15.30 uur weer wakker met hun scherpe pennetjes. Vandaag Paul Teule, over EU en haar begroting. En de prijs van democratie.

Voor een econoom is alles relatief. Een ‘prijs’ is niets anders dan een verhoudingsgetal dat pas betekenis krijgt in perspectief. Het feit dat een net mandarijnen 1 euro kost, betekent pas wat als je weet hoeveel mandarijnen je krijgt, wat je verder nog voor een euro kan kopen en, belangrijk, hoeveel je voor die euro hebt moeten werken. We vinden iets ‘duur’ als de prijs zich niet goed verhoudt tot iets anders – en dat ‘iets anders’ kan van alles zijn.

Neem nou de ‘prijs’ van de EU. De moeizame onderhandelingen over de Europese meerjarenbegroting (2014-2020) gaan over de vraag of de EU meer of minder dan 1000 miljard euro zal kosten, grofweg 140 miljard euro per jaar. Noordelijke lidstaten vinden de EU te duur, zuidelijke lidstaten en de Europese Commissie niet. Beide kampen goochelen met verhoudingen. Een paar voorbeelden:De Commissie zet de EU-begroting graag af tegen ons gezamenlijke Europese inkomen. 140 miljard per jaar is zo bezien slechts 1% van onze welvaart. Peanuts dus, want 1% van iets is altijd weinig. Ook als je de 140 miljard afzet tegen de som van alle nationale begrotingen – 6.300 miljard euro per jaar – en je bedenkt dat van die 140 miljard ook nog eens 94% terugvloeit naar de lidstaten, waar hebben we het dan helemaal over?

We hebben het over 400 miljoen euro per dag die (zonder goede verantwoording) wordt rondgepompt, het grootste gedeelte naar de prioriteiten van de vorige eeuw – landbouw en ‘cohesie’ – in plaats van naar duurzaamheid, energie, innovatie, sectoren waar ook veel meer banen in te scheppen zijn. De landbouwsector kan de concurrentie op de wereldmarkt inmiddels wel aan, en de Britse koningin heeft echt geen 230.000 euro landbouwsubsidie nodig. En als we ‘Straatsburg’ afschaffen levert dat tot 2020 al gauw 1,2 miljard op.

En ook al beslaat de EU administratie misschien maar 6% van de begroting, de verhouding is toch wel zoek. Veel (heel veel?) EU ambtenaren verdienen meer dan Mark Rutte, betalen veel minder belasting en hebben relatief riante pensioenen. En als het aan de ambtenaren zelf ligt stijgen de lonen gewoon door. Zei er iemand austerity?

Ook hier valt wel weer tegen in te relativeren: als je de beste mensen wilt aantrekken zul je ze relatief goed moeten betalen. Een jurist verdient in de private sector al gauw meer. De mensen die ik ken die bij de Commissie werken zijn slim, idealistisch, en werken hard. (En wat betreft Straatsburg zei een Franse europarlementariër een keer tegen mij: ‘Dat is de prijs van democratie.’)

En dan is er altijd die eeuwige 2000 euro per Nederlander per jaar die ‘Europa’ zou opleveren, voor de pietluttige investering van 230 euro. Maar de Europa is geen apparaat waar je een euro ingooit en tien euro uithaalt – wij Europeanen zelf maken die 2000 euro op de interne markt, die, dat wel, door Brussel mogelijk wordt gemaakt.

Of de EU te duur is, is dus zo simpel nog niet.

Wat jammer is, is dat door het gehakketak de echt belangrijke ‘relatieve’ vraag ondersneeuwt: wat kan Europa beter dan nationale (of nog ‘lagere’) overheden? Milieu, criminaliteit en immigratie houden zich ook niet aan nationale grenzen, en defensie en onderzoek kun je veel goedkoper samen doen. Eerst die vraag beantwoorden, dan de rest, zou ik zeggen.

  1. 1

    “We hebben het over 400 miljoen euro per dag die (zonder goede verantwoording) wordt rondgepompt, het grootste gedeelte naar de prioriteiten van de vorige eeuw – landbouw en ‘cohesie’ – in plaats van naar duurzaamheid, energie, innovatie, sectoren waar ook veel meer banen in te scheppen zijn.

    Hier heb je het helemaal niet over de kwantiteit (onderwerp van alles dat voor deze alinea komt), maar over de kwaliteit. Om je metafoor door te voeren: We krijgen een flink net mandarijntjes voor een paar cent (want de EU is belachelijk goedkoop voor een overheid), maar het zijn mandarijntjes die jij niet mooi uit vindt zien, of die jij niet lekker vindt (maar een aantal mensen dat de aankoop samen met je doet wel).

    Zo bezien is er helemaal geen economisch probleem (de EU kost geen drol en levert ondanks alle dubieuze bestedingen veel meer op dan ze kost), maar eerder een politiek probleem (geld wordt volgens jou aan verkeerde dingen uitgegeven). Dat is op zich natuurlijk ook een probleem, maar het is te bizar voor woorden dat er over dit soort kruimels (de EU-begroting) zo moeilijk wordt gedaan, terwijl die energie beter in zaken gestoken kan worden die echt belangrijk zijn (ook in economische zin, zoals bankregulering, vergrijzing, milieu en en hoe om te gaan met de desastreuze gevolgen die de open interne markt voor sommige gebieden in de EU heeft).

  2. 4

    @3 Hoeveel mandarijnen is ook een kwaliteit (i.e. eigenschap) van het net mandarijnen. Hoe lekker ze zijn ook.

    Als jij zegt “de EU is belachelijk goedkoop voor een overheid” dan bedoel je dat er je er relatief veel (kwaliteit) voor krijgt. Kun je zeggen wat?

  3. 5

    Mandarijnen kunnen in deze vergelijking beter vervangen worden met flessen moet & chandon uit een goed jaar. Lekker spul dat de prijs voor een select genootschap zeker waard is.

  4. 6

    @4: Het punt zit hem erin dat de EU niets kost, over kwaliteit heb ik het juist niet (net zo min als jij, tot in de tweede helft). Het zit hem erin dat we het hier hebben over een net mandarijnen, waar de inwoners (en dan vooral die uit Noord Europa) een negatief aantal uren voor moeten werken. Zoals gezegd, er bestaat geen economisch probleem, puur een politiek.

  5. 9

    Ja knal maar op die min mensen, maar als we het over prijsvergelijkingen hebben: Voor het netje EU kun je als alternatief nog niet de landelijke overheid van België kopen. Ja dat leest u goed: Er gaat meer Belgisch geld naar Brussel (landsbestuur) dan Europees geld naar Brussel (Europees bestuur).