7 moderne plagen – 7: deskundologen

weekendlogo123.jpgIk weet niet wanneer het ooit begonnen is, maar op een gegeven moment heeft een hoofdredacteur bedacht dat het veiliger is de grootste onzin door een externe kracht op te laten dissen. Misschien gaat Chriet Titulaar wel met de eer strijken. In de tijd van de eerste maanlandingen (ik zeg eerste want ze schijnen op herhaling te willen, tenzij Obama er een stokje voor steekt) had men bij de NOS ineens behoefte aan een deskundiger uitstraling. Misschien dat de kijker het hele circus niet zou geloven als de toen nog jonge Harmen Siezen het in z’n eentje zou presenteren.

Aldus verscheen de bebaarde sterrenkundige uit de noordelijke spreidingsgebieden in beeld, die de eindeloze aanloop naar de eerste voetstap op de maan aardig vol wist te lullen met nog kleinere feitjes dan we al uit de Panorama hadden opgelepeld. In de VS kende men dit verschijnsel ongetwijfeld al langer, maar hier te lande werd toen nog geen buitenlandse tv gekeken (België en Duitsland kun je geen buitenland noemen). Begrijpelijk want in de context van non-stop televisie is het van belang elk onderwerp zo veel mogelijk uit te melken en zelfs een Amerikaan zou er aanstoot aan nemen als één en dezelfde persoon dat zou doen.

Het verschijnsel waar ik op doel is het overal met de haren bijslepen van zogenaamde deskundigen, beter bekend als deskundologen. Opvallend aan deze deskundologen is dat ze meestal zo’n amateuruitstraling hebben. Bij de eerste golfoorlog had ik sterk het idee dat ik op grond van mijn ervaring met Airfix soldaatjes in mijn kindertijd een zinvoller kijkje in de strategische keuken van de strijdende partijen had kunnen geven dan de opgetrommelde, zelfbenoemde defensiedeskundigen.

Het toppunt van tenenkrommend geouwehoer trof je in juni volop op tv aan: al die voor-, tussen-, en nabeschouwingen over het EK. Het lijkt wel of er elk voetbalkampioenschap meer deskundigen opgetrommeld worden om het onzegbare te zeggen. Het is eenvoudig toch, de bal is rond, de wetten van Newton zijn gewoon van toepassing en er zijn eenvoudige regels. Zelfs ik kan het volgen. Waarom kun je er dan zo lang over door lullen? Dit is het gevoel dat ik vaak krijg bij de deskundigen die aanschuiven op televisie.

Waarom presenteert men niet gewoon het degelijke onderzoekswerk van de redactie met ferme voorleesstem en vol zelfvertrouwen. Die mensen werken er toch niet voor niks. En ga je dan een keertje op je bek, dan heb je meteen weer een item, kan in de komkommertijd zelfs handig zijn. Het begint een beetje op de krantenwereld te lijken waar nu zo veel columns verschijnen dat er voor het nieuws bijna geen plaats meer is.

Geef mij maar een journaal met een zelfverzekerde nieuwslezer die de feitjes, meningen en toelichtingen presenteert alsof hij/zij het zelf heeft uitgevonden. En als er dan persé iets van interactie moet plaatsvinden in de studio, ga dan met twee presentators werken, waarbij de een bijv. het nieuws kan voorlezen en de ander een stukje toelichting kan ophoesten. Maar haal er alsjeblieft geen deskundologen bij, dat haalt de cadans uit het nieuws. Kortom: deskundigen zijn van alle tijden, maar deskundologen zijn een moderne plaag.

Tekenwerk natuurlijk van Crachàt. Ippekrites zou zo onderhand eens terug moeten zijn van vakantie.

[poll=181]

 

  1. 1

    Je hoopt als programmamaker dat je boodschap overkomt. Dat lukt niet met één lange monoloog voor een foto met een polderlandschap.

    Er zijn inderdaad excessen, maar volgens mij heb je het laatste onderwerp er met de haren bij moeten slepen.

  2. 2

    Door de bank genomen ben ik er niet heel ontevreden over. Neem die sterrenkundige onderwerpen. Die worden tegenwoordig door Govert Schilling gedaan. Die heeft meestal wel een goed verhaal met een of ander schaalmodel erbij en ik vind dat hij ook de juiste balans tussen “Jip en Janneke taal” en inhoudelijke verdieping weet te vinden. Ik heb hem als technicus iig nog nooit op technische BS kunnen betrappen.

    Ook Clingendaelers en de meeste hoogleraren die voor de camera komen, kunnen wel door de beugel.

    Meestal is het juist het geknip door het medium waar ze in verschijnen of een media-training die een talking head de das om doet. Kortom: kill the messenger maar voor een keer.

    Voetbal is een verhaal apart. Dat is hoe dan ook overrated en de deskundigen daar zijn daar vooral een symptoom – maar niet de oorzaak – van.

  3. 3

    Ik mag ze vaak wel eigenlijk. Ik heb liever iemand uit de academische wereld die probeert uit te leggen hoe iets werkt dan een politicus die alles zoveel mogelijk in zijn eigen straatje probeert te lullen. Het wordt pas vervelend als de deskundologen uit hun rol vallen en gewoon een beetje gaan zitten opinieren. Dat gebeurt de laatste tijd wel veel.

    Ik vind dat altijd mooi te zien aan Hans Jansen. Die komt dan in zo’n studio en probeert dan de hele tijd in zijn rol van expert en schriftgeleerde te blijven. Maar de vragen die hij voor zijn kiezen krijgt dwingen hem altijd in de hoek van de islambashers. Want Wilders had weer eens geen zin om naar Hilversum te reizen.

  4. 4

    Ik kan de TV-deskundoloog nooit aankijken zonder aan de rol van de media te denken voordat hun moment (van de media) daar was. Daar zit een oceaan van foute kennisoverdracht. Hij(/Zij) zal het nu even rechtzetten.

    Met succes ? Mwah. Zie ook Hans Jansen, idd.

    En Chriet Titulaer was een one and only. Die tijden zijn echt al lang voorbij.

  5. 5

    Tja, het is omgekeerd. Lal lal lal en niemand pikt nog iets van iemand, deskundigen worden door de marketingmensen gedwongen om te gehoorzamen aan de NEPJOURNALISTEN (hallo hoort u mij weer) die vragen om short & snappy & ongenuanceerd. En deskundigen worden net zo goed afgeblaft door het publiek. Beste manier om enige waardigheid te ontnemen aan deskundigheid.

    Long gone. Laat ons het aan de sixties verwijten, shall we, salopards ?

  6. 6

    Want waar ik ECHT WOEST op ben, dat is hoe BIJVOORBEELD de VRT zichzelf reorganiseert, en dan de overtol aan baantjes braaf in evenwicht houdt door een deel journalisten prompt “deskundig” te verklaren. En dan krijg je plots een Tim die een prima interviewer was ten tijde van zijn Terzake, maar sans plus. En hoe die dan ineens wat loos moet gaan qua badineren zonder inhoud. Je zit hier nu toch, ik geloof in je, zegt zo’n Siegfried, en zijn wil geschiede. NEPEXPERTEN, NEPJOURNALISTEN, dat lalt maar weg, komt wat fopspenen aanrijken, heeft z’n eigen economietje te verdedigen en GEEN BEROEPSEER.

    Niemand weet nog wat passie is. Nie-mand. Weggesyntehtiseerd.

  7. 7

    een oceaan van foute kennisoverdracht

    blub blub plopperdeplop

    kaliber Alsteens, Gerard of Van Miert, Karel graag een volgend interview, of uw eigen euh Iets

  8. 8

    Of ook : Sonck, Ivan, bent u blij, nu ?

    Want Zinzen, Walter … al ’s gedacht aan boertig veel bloemen op het graf van De Wilde, Maurice ? Columpjes in De Standaard zonder weerga, ’t is wat bij intenties gebleven, niet ?